Publinova

Verkennend onderzoek naar het eetgedrag van kinderen op de basisschool

redactie

Verkennend onderzoek naar het eetgedrag van kinderen op de basisschool

In 2024 startte Vera van Stokkom, docent-onderzoeker bij Hogeschool Inholland, haar onderzoeksproject 'Succesfactoren voor een gezonde lunch op de basisschool'. In dit onderzoek werkt zij samen met TommyTomato, een maaltijdleverancier voor basisscholen. Haar doel: het in kaart brengen van factoren die bijdragen aan het stimuleren van het eten van gezonde maaltijden.


“Je ziet ook in Nederland al op jonge leeftijd gezondheidsverschillen”, zegt Vera van Stokkom. “Alle kinderen gaan naar school, maar niet alle kinderen krijgen dezelfde lunch mee van hun ouders. Precies de lunch is een eetmoment waar je alle verschillende kinderen bereikt. En het komt steeds vaker voor dat scholen een continue rooster hanteren, wat betekent dat zij ook tussen de middag op school eten. Als een basisschool kinderen dezelfde maaltijd aanbiedt, kan dat een positieve invloed hebben op kinderen die normaal gesproken een minder gezonde maaltijd meekrijgen vanuit huis.”

persoon

Vera van Stokkom

Wat is een gezonde lunch (voor kinderen op de basisschool)?
Een gezonde lunch bevat niet alleen voedingsstoffen uit de verschillende voedselgroepen, zoals vezels, koolhydraten en vitamines. Dit eetmoment laat kinderen ook kennismaken met de verschillende smaken en texturen van groenten en fruit.

Gelijk gezond

Binnen het project ‘Succesfactoren voor het eten van een gezonde lunch op de basisschool’ onderzoekt Van Stokkom de verschillende soorten maaltijden die praktijkpartner TommyTomato in het onderzoek aan basisscholen biedt. Vervolgens bekijkt ze wat het eetgedrag is van de scholieren. Het mes snijdt aan twee kanten: het heeft invloed op het verminderen van reststromen van eten, en op het verkleinen van de sociaaleconomische verschillen tussen kinderen. “Ik noem de onderzoekslijn waar dit project onder valt ook wel ‘gelijk gezond’. Gelijke kans voor gezondheid op jonge leeftijd voor alle kinderen.”

project

Succesfactoren voor het eten van een gezonde lunch op de basisschool

Gezond (leren) eten is niet vanzelfsprekend voor elk kind. Via schoollunchprogramma’s kunnen alle kinderen in aanraking komen met gezonde voeding en dit heeft positieve effecten op bijvoorbeeld schoolprestaties, met name voor kinderen uit lagere sociaal economische posities. Tegelijk blijkt dat het in de praktijk lastig is om een gezonde lunch met groenten aan te bieden op school. TommyTomato B.V. in Haarlem bedacht een innovatieve oplossing om kinderen op school gezonder en meer groenten te laten eten. Zij bieden een variatie van lunchmaaltijden aan op basisscholen met daarin minimaal 60% van de aanbevolen dagelijkse hoeveelheid aan groente. De maaltijden komen warm aan en worden direct uit het bakje gegeten. Ruim 200 scholen in verschillende regio’s hebben de aanpak van TommyTomato omarmd. Al meer dan 20.000 kinderen eten de lunchmaaltijden en TommyTomato heeft de ambitie om 100.000 kinderen te bereiken met hun maaltijden voor eind 2025. Om met deze aanpak groenteconsumptie te verhogen is het essentieel dat de lunches daadwerkelijk geconsumeerd worden. Uit eerdere observaties is opgemerkt dat niet alle maaltijden altijd (volledig) worden gegeten. De mate waarin maaltijden worden gegeten en factoren die daar invloed op hebben, zijn niet duidelijk. Het doel van dit KIEM MV onderzoek is inzicht verkrijgen in kritische factoren die van invloed zijn op de consumptie van groenterijke lunchmaaltijden op basisscholen. Dit inzicht ondersteunt TommyTomato, en mogelijk andere lunchaanbieders, om deze factoren mee te nemen in hun aanpak en het aanbod en waar nodig aan te passen. Daarnaast leveren inzichten verdere onderbouwing over het potentieel van gezonde schoollunches om de dagelijkse groenteconsumptie te verhogen. Dit KIEM MV onderzoek legt de basis voor de validatie en doorontwikkeling van de oplossingsrichting van TommyTomato. Het bredere maatschappelijke doel is om bij meer scholen gezonde schoollunches aan te bieden, groenteconsumptie te verhogen en toegankelijk te maken voor iedereen.

Afgerond

Om in kaart te krijgen wat kinderen precies eten tijdens de lunch, ging Vera in het onderzoek in zee met TommyTomato. Rosalinde Kuiper van TommyTomato is betrokken bij het onderzoek: “Veel onderwerpen waar wij in de dagelijkse werkzaamheden niet aan toekomen of de kennis niet voor hebben, worden door Vera opgepakt in haar onderzoek. Zij haalt kwantitatieve gegevens op door de retourboxen te onderzoeken, en gaat in gesprek met onze doelgroep om tot waardevolle inzichten en conclusies over het eetgedrag van kinderen te komen. Daarmee kunnen wij ons aanbod optimaliseren, om de scholen en kinderen beter te bedienen en de afvalstromen te verkleinen. Een win-winsituatie dus!”

Reststroom laten krimpen

Het onderzoek werpt nu al haar vruchten af. Waar TommyTomato in eerste instantie uit gesprekken met kinderen en docenten concludeerde dat variatie in aanbod belangrijk is, laat Van Stokkom met haar onderzoek zien dat er vaker dezelfde type maaltijden worden gegeten. Rosalinde Kuiper: “Dan passen wij ons aanbod aan om verspilling tegen te gaan. We willen dat maximaal 40% van de bezorgde maaltijden terugkomt. Gelukkig wordt dit percentage vaak al gehaald, maar het is natuurlijk beter als de reststroom nog verder krimpt.”

Vera van Stokkom kreeg in het onderzoek ondersteuning van een student van Hogeschool Inholland, die tegelijkertijd zijn scriptieonderzoek uitvoerde. Hij woog de maaltijdboxen die retour komen, en bekeek welke maaltijden wel, en welke niet worden gegeten.

“Niet alleen zie je hiermee dat kinderen vaak dezelfde type maaltijden eten. Je kunt hiermee ook vergelijken of er verschillen zijn tussen scholen en tussen verschillende leerjaren binnen een school. En die zijn er. Dat geeft ons best veel inzichten”, aldus Van Stokkom. “Dan is het mogelijk waardevol om ook te kijken hoe je scholen kunt ondersteunen bij het beter laten verlopen [= eten] van de maaltijden in de klas.”.

Van de ruim 1000 wegingen die we hebben uitgevoerd tussen oktober 2024 en juni 2025 bleek het grootste deel te gaan om pastamaaltijden en minder vaak om rijst- en aardappelmaaltijden. Ook na alle wegingen werd duidelijk dat er minder retour kwam van pasta, dan van aardappel. Daarnaast zagen we duidelijke (significante) verschillen tussen scholen in hoeveel er nog terugkwam van de maaltijden.

Dit geeft aan dat factoren op school, los van het aanbod en de aanpak van TommyTomato, invloed hebben op consumptie. Hierbij valt op dat de leraar en het beleid rondom de lunch best belangrijk is voor het eetgedrag van kinderen. Dit ga ik verder onderzoeken, met een focus op het onderwijzen van de toekomstige educatieve professionals en hoe zij gezondheid terug kunnen laten komen in de klas.”

“Herkenbaarheid lijkt ook een belangrijke rol te spelen in het eetgedrag van kinderen”, vervolgt Van Stokkom. “In mijn promotieonderzoek constateerde ik dat kinderen zoetere groenten over het algemeen beter accepteren. Maar eigenlijk ben ik positief verrast als ik kijk naar de data en hoeveel de kinderen eten.

Om de gesprekken met de betrokken partijen goed te voeren krijgt Vera van Stokkom hulp van een 2e praktijkpartner, Heartbeat Ventures. Met hen bespreek ik hoe ik het gesprek aanga over hoe we in de toekomst de onderzoeksresultaten daadwerkelijk in de praktijk kunnen implementeren."

Ideaal voor een eerste samenwerking

Van Stokkom kwam met de oprichter van TommyTomato in contact via een oud-student, die daar nu werkt. Vrij snel werd duidelijk dat een samenwerking relevant is voor beide partijen. De visie van TommyTomato sluit goed aan op het onderzoek van Van Stokkom, en TommyTomato heeft behoefte aan praktische inzichten.

Een nieuwe samenwerking aangaan kan wel spannend zijn, niet alleen voor de onderzoeker, maar ook voor de praktijkpartner. “Je moet een weg vinden in de samenwerking en de verwachtingen van de verschillende partijen. Resultaten kunnen tegenvallen voor de praktijkpartner, of juist voor de onderzoeker. Dat had het geval kunnen zijn bij de maaltijden; als bleek dat deze slecht gegeten werden, dan wil ik daar als onderzoeker transparant over kunnen rapporteren”, zegt Van Stokkom. “Begin bij nieuwe projecten en partners met een helder doel, weet waar je aan wil werken en hoe je dat wil doen. Bespreek vooraf ook de verwachtingen en de belangen. KIEM-subsidies helpen hierbij: ze zijn laagdrempelig en faciliteren verkennend en kortlopend onderzoek met een praktijkpartner.”

Om dit onderzoek uit te voeren vroeg Vera van Stokkom subsidie aan via de financieringsregeling KIEM Maatschappelijk Verdienvermogen (KIEM MV).

partij

Hogeschool Inholland

Hogeschool

Hogeschool Inholland


Publicatiedatum