Types
0Instelling
26Bestandstype
9Taal
5Publicatiejaar
12Thema's
14Producttype
14Publicaties met bestand / URL
2Projectstatus
3Veel forensische cliënten kampen met multiproblematiek. Zo heeft een aanzienlijk deel van hen te maken met problemen op het gebied van dagbesteding (opleiding of werk), financiën, huisvesting, mentale en fysieke gezondheid, en verslaving. Deze problemen hangen bovendien samen en versterken elkaar. Ze beperken de kansen van forensische cliënten op duurzame re-integratie en vergroten het risico op terugval in criminaliteit. Tijdens het begeleiden van forensische cliënten worstelen uitvoerend professionals regelmatig met deze multiproblematiek, omdat ze beperkte tijd, kennis en vaardigheden hebben en lokaal beleid en hulpverleningsaanbod verschillen. Een integrale visie op en aanpak van multiproblematiek onder forensische cliënten is dan ook nodig om duurzame bestaanszekerheid voor hen te realiseren.
DOCUMENT
De bestaanszekerheid in Nederland staat de afgelopen paar jaar hoog op de maatschappelijke agenda. Verschillende groepen mensen die onvoldoende bestaanszekerheid ervaren, worden meer en meer zichtbaar. Hoewel de reclasseringspopulatie in meerdere dwarsdoorsnedes oververtegenwoordigd is (waaronder alleenstaanden, lage inkomens, schuldenaren en daklozen), is een analyse van de bestaanszekerheid van de Nederlandse reclasseringspopulatie nog niet gedaan. Toch kan een gebrek aan bestaanszekerheid wel degelijk van invloed zijn op het reclasseringstraject én is menig reclasseringswerker wel betrokken bij het bevorderen van de bestaanszekerheid. In een publicatie van Smit (2019) wordt de mate van bestaanszekerheid in Nederland beschreven in de periode van 2016 tot 2019. Volgens Smit zijn er 2,6 miljoen huishoudens in Nederland die moeilijk rond kunnen komen, heeft één op de vijf huishoudens een betaalachterstand en zijn er 320.000 mensen in Nederland die werken en toch arm zijn (Smit, 2019; Schonewille andamp; Crijnen, 2019; Vrooman, Josten, Hoff, Putman andamp; Wildeboer Schut, 2018). Hoewel er in de pre-corona periode sprake is geweest van hoogconjunctuur, profiteerde niet iedereen daar in gelijke mate van. Dit heeft de kloof tussen arm en rijk verder vergroot. Met de huidige inflatiecijfers en stijgende kosten wordt deze kloof verder uitvergroot. Dit versterkt de maatschappelijke onrust en sociale ongelijkheid. Sociale ongelijkheid ontstaat volgens het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) door een overvloed van kapitaal bij sommige groepen en schaarste van kapitaal bij andere groepen. Daarbij wordt onderscheid gemaakt in vier verschillende vormen van kapitaal, namelijk: economisch kapitaal, persoonskapitaal, sociaal kapitaal en cultureel kapitaal. Het SCP definieerde in 2014 al zes sociale groepen met verschillende mate van kapitaal (Vrooman, Gijsberts andamp; Boelhouwer, 2014): (1) de gevestigde bovenlaag, (2) de jongere kansrijken, (3) de werkende middengroep, (4) de comfortabel gepensioneerden, (5) de onzekere werkenden en (6) het precariaat. Met name deze laatste twee groepen kennen een tekort aan kapitaal op meerdere van de vier hiervoor genoemde vormen van kapitaal. Dit zet de bestaanszekerheid van deze groepen onder druk. Juist de mensen die strafbaar gedrag vertonen bevinden zich onevenredig vaak in deze laatste twee groepen. Armoede, werkloosheid en een gebrek aan financiële zekerheid vormen stressoren die bij kunnen dragen aan (de herhaling van) strafbaar gedrag (Roeland, Visser andamp; Németh, 2021).
MULTIFILE
Voldoende werk en geld zijn essentieel voor een zeker bestaan, maar niet genoeg. De hulp en steun aan mensen kan beter. Aisa Amagir (HvA) en Monique Kremer (UvA) van het Kenniscentrum ongelijkheid bieden handreikingen voor de rijksoverheid, instanties en gemeenten.
MULTIFILE
Wirwarverzorgingsstaat zorgt voor extra stress bij bestaansonzekerheid
De verzorgingsstaat is een extra stressfactor geworden in het leven van mensen die te maken hebben met bestaansonzekerheid. Mensen moeten beschikken over te veel ‘instantiekapitaal’: het vermogen om zelf de weg te vinden in de wirwar aan loketten en de juiste houding te tonen tegenover instanties. Een lichter en simpeler systeem van hulp, op basis van gedeelde verantwoordelijkheid, is nodig om kwetsbare mensen de steun te kunnen geven die zij nodig hebben.
De onderzoeksresultaten en aanbevelingen zijn gebundeld in dit onderzoeksmagazine ‘Bestaanszekerheid begint bij een betrouwbare overheid’, onder redactie van Aisa Amagir en Monique Kremer.
Het magazine bestaat uit artikelen over vertrouwen, goede hulp, niet-gebruik van voorzieningen, maatschappelijke initiatieven, cijfers en feiten, en portretten van mensen die te maken hebben met bestaansonzekerheid.
MULTIFILE
Reflecties op het WRR-rapport Grip. De auteurs, verbonden aan de Christelijke Hogeschool Ede, ervaren het pleidooi van de WRR als ‘oude wijn in nieuwe zakken’. Grip past naadloos in een decennialange trend van focus op het ideaal van de sterke, zelfredzame burger als autonoom individu. De WRR erkent weliswaar dat dit niet vanzelf gaat, dat persoonlijke controle ook gepaard moet gaan met randvoorwaarden, indirecte en collectieve controle, met een ondersteunende overheid, maar de laatmoderne levensopvatting blijft onbetwist overeind. Ondanks het nieuwe vocabulaire ademt het rapport nog steeds het (neo)liberale mensbeeld van het individu dat zijn levensproject wil vormgeven en daarbij door de staat gefaciliteerd moet worden. De auteurs pleiten voor een andere benadering van bestaanszekerheid. In de kern gaat het hen om een herwaardering van wat socioloog Hartmut Rosa (2022) ontvankelijkheid voor ‘onbeschikbaarheid’ noemt. Dat begint bij een ander mensbeeld, vraagt om een andere benadering van zekerheid en behoeft culturele oefenplaatsen.
DOCUMENT
Jongerenwerkers zijn vaak de eersten die signalen van armoede en schulden onder jongeren opvangen. Toch is hun rol in het bestrijden van geldproblemen zelden structureel georganiseerd of erkend in beleid. Dat moet anders bepleiten Stijn Sieckelinck, Wendy Wesseling en Jodi Mak.
LINK
Daags na de Tweede Kamerverkiezingen van november 2023 publiceerde de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR) een nieuw rapport met de titel Grip. Het maatschappelijk belang van persoonlijke controle. Ook de WRR constateert dat veel burgers te maken hebben met allerlei onzekerheden. Het gaat dan vooral om zekerheid met betrekking tot de maatschappelijke omgeving van mensen. Daarbij maakt de raad onderscheid tussen feitelijke onzekerheid en gevoelens van onzekerheid. De overheid moet bij het maken en uitvoeren van beleid meer inzetten op het vergroten van de grip van burgers. Burgers moeten zoveel mogelijk kunnen beschikken over de middelen, mogelijkheden en rechten om hun levensdoelen te kunnen realiseren. Wanneer mensen onvoldoende grip op hun leven ervaren, kan dat leiden tot meer gezondheidsproblemen, eerder overlijden, meer maatschappelijk onbehagen, en mogelijk zelfs complotdenken. In dit nummer van 'Beleid en Maatschappij' reflecteren diverse auteurs op de inhoud.
DOCUMENT
In de aanloop naar de verkiezingen lijkt het politieke sentiment samen te vallen in drie woorden: wonen, koopkracht en migratie. Deze thema’s domineren het debat – begrijpelijk, want ze raken direct aan bestaanszekerheid en de persoonlijke leefwereld. Maar onder deze urgente kwesties ligt een fundament dat te weinig aandacht krijgt: het klimaat.
LINK
Column ten behoeve van conferentie FNV werkt, 29 april 2015
- Hoe kunnen mensen investeren in hun toekomstige positie op de arbeidsmarkt, zodat ze onzekerheid wat beter de baas kunnen?
- Wat betekent deze aanslag op de bestaanszekerheid voor mensen aan de onderkant van de arbeidsmarkt, die verdrongen dreigen te worden door mensen met betere competenties?
- Wat betekent deze ontwikkeling voor de betekenis van werk in het leven van mensen? Waar halen mensen nog meer zekerheid vandaan? Hoe organiseren zij dat zelf? En wat betekent dat voor begrippen als solidariteit en emancipatie?
DOCUMENT