Types
0Instelling
24Bestandstype
9Taal
5Publicatiejaar
12Thema's
14Producttype
14Publicaties met bestand / URL
2Wat verwachten jongeren van ICT in het hoger onderwijs?
DOCUMENT
Er wordt te weinig aan ICT gedaan in het onderwijs, schreef Marcel Creemers in september in Automatisering Gids. Er dreigt een tekort aan mensen die een brug kunnen slaan tussen business en IT. Maar dat wil niet zeggen dat de docenten stilzitten, zegt Piet Alblas. Samen met het bedrijfsleven hebben hogescholen tal van netwerken in het leven geroepen om kennis te delen. Dat is niet voldoende maar wel een belangrijk begin.
DOCUMENT
Duurzaamheid speelt een steeds belangrijkere rol in onze hedendaagse samenleving. De Hogeschool Utrecht wil duurzaamheid dan ook integreren in de curricula van alle opleidingen. Dit artikel beschrijft hoe het Instituut voor ICT van de Hogeschool Utrecht een begin daarmee gemaakt heeft in het opleidingsprofiel Systeembeheer en welke resultaten daarmee bereikt zijn. Vooral de (in positieve zin) veranderde attitude van de bij de pilot betrokken studenten is daarbij opvallend
DOCUMENT
Het Raamwerk docentcompetenties onderwijs met ict voor het hoger onderwijs, dat in 2021 is ontwikkeld in opdracht van de zone Docentprofessionalisering van het Versnellingsplan Onderwijsinnovatie met ICT, beschrijft de relevante docentcompetenties bij het vormgeven van onderwijs dat maatwerk en flexibilisering mogelijk maakt met behulp van ict en dat aansluit bij de steeds veranderende samenleving. Om docenten en betrokkenen bij professionalisering handvatten te geven bij het inschatten van ontwikkelbehoeften en het vormgeven van professionalisering, zijn concrete beelden en uitwerkingen van de competenties nodig in gedragsindicatoren. In deze vervolgpublicatie staan de bijbehorende gedragsindicatoren beschreven met voorbeelden van aantoonbaar, concreet gedrag waarmee docenten kunnen laten zien dat zij de competenties uit het raamwerk beheersen. Hierbij is gebruik gemaakt van de eerder door het iXperium opgestelde sets aan gedragsindicatoren op basis-, senior- en masterniveau. Een gedragsindicator geeft daarmee antwoord op de vraag: wat moet je zien of horen om te herkennen dat iemand bepaalde competenties beheerst? De objectief waarneembare gedragsindicatoren bieden docenten en beoordelaars de mogelijkheid om de ontwikkeling van de persoon in kwestie op detailniveau inzichtelijk te maken en brengen in beeld in hoeverre hij of zij het concrete gedrag vertoont dat aansluit bij de beheersing van de competenties. Basis- en seniorniveau In de publicatie hieronder vind je de competenties voor docenten in alle sectoren. Het onderscheid tussen het basisniveau en seniorniveau zit in de gedragsindicatoren.
MULTIFILE
Er wordt heel wat onderzoek gedaan naar jongeren en de manier waarop ze gebruik maken van ICT. Vaak om een algemeen beeld te krijgen van wat voor media ze zo al gebruiken en hoeveel tijd ze ermee bezig zijn. Meestal wordt de kans dan niet benut om aan jongeren zélf te vragen wat hun ervaringen zijn met ICT, met name bij het leren. Hoe ze vanuit die ervaringen aankijken tegen het inzetten van ICT bij het doen van huiswerk en welke verwachtingen ze eigenlijk hebben van het gebruik van ICT op school. Vandaar dat in Australië1 en in Nederland – met steun van Kennisnet - in de afgelopen maanden onderzoek is gedaan naar de verwachtingen en de ervaringen van studenten, leerlingen en jonge, startende leraren met betrekking tot het leren met ICT in het onderwijs. Dit artikel beschrijft de belangrijkste resultaten van dit onderzoek.
DOCUMENT
Het Raamwerk docentcompetenties onderwijs met ict voor het hoger onderwijs, dat in 2021 is ontwikkeld in opdracht van de zone Docentprofessionalisering van het Versnellingsplan Onderwijsinnovatie met ICT, beschrijft de relevante docentcompetenties bij het vormgeven van onderwijs dat maatwerk en flexibilisering mogelijk maakt met behulp van ict en dat aansluit bij de steeds veranderende samenleving. Om docenten en betrokkenen bij professionalisering handvatten te geven bij het inschatten van ontwikkelbehoeften en het vormgeven van professionalisering, zijn concrete beelden en uitwerkingen van de competenties nodig in gedragsindicatoren. In deze vervolgpublicatie staan de bijbehorende gedragsindicatoren beschreven met voorbeelden van aantoonbaar, concreet gedrag waarmee docenten kunnen laten zien dat zij de competenties uit het raamwerk beheersen. Hierbij is gebruik gemaakt van de eerder door het iXperium opgestelde sets aan gedragsindicatoren op basis-, senior- en masterniveau. Een gedragsindicator geeft daarmee antwoord op de vraag: wat moet je zien of horen om te herkennen dat iemand bepaalde competenties beheerst? De objectief waarneembare gedragsindicatoren bieden docenten en beoordelaars de mogelijkheid om de ontwikkeling van de persoon in kwestie op detailniveau inzichtelijk te maken en brengen in beeld in hoeverre hij of zij het concrete gedrag vertoont dat aansluit bij de beheersing van de competenties. Basis-, senior- en masterniveau Heb je een educatieve master afgerond (of volg je deze), dan geeft onderstaande publicatie de gedragsindicatoren voor het masterniveau weer. De gedragsindicatoren op seniorniveau vind je ter vergelijking naast die voor docenten op masterniveau. Bij het opstellen van gedrag op masterniveau is ook gebruik gemaakt van internationale standaarden zoals de Dublin Descriptoren (Joint Quality Initiative, 2004) en de European Qualification Framework (European Commission, 2008) en de bijbehorende Nederlandse variant hiervan (NLQF3). Deze set is gevalideerd in gesprekken met interne en externe experts en praktijkvertegenwoordigers.
MULTIFILE
Stichting SURF, de ict-samenwerkingsorganisatie van het hoger onderwijs en onderzoek, organiseerde in november 2003 de SURF Onderwijsdagen 2003. De SURF Onderwijsdagen zijn bedoeld voor iedereen die betrokken is bij ict in het (hoger) onderwijs. Naast uitgebreide sessies was er een informatiemarkt waarop bedrijven en instellingen voor hoger onderwijs hun producten en diensten presenteerden. Het thema dit jaar was 'Voorbij de vernieuwing'. In zes parallelsessies vonden meer dan vijftig presentaties plaats.
DOCUMENT
Ondanks alle commotie en discussies over het ‘nieuwe leren’ en het ‘rendement van ICT’ binnen het onderwijs, lijkt één ding bijzonder duidelijk: de trein is langzaam maar zeker in beweging: het gebruik van ICT in het onderwijs is de afgelopen jaren aantoonbaar toegenomen. De rollen en taken van docenten zijn duidelijk aan verandering onderhevig door de inzet van ICT op scholen en volgen in meer of mindere mate de ontwikkelingen die door de meeste wetenschappers op dit terrein worden beschreven. Nader onderzoek naar de veranderende rollen, naar wat dat betekent voor de schoolorganisatie en het leerproces zouden ertoe kunnen bijdragen die ontwikkelingen beter in de greep te houden. Binnen de school zou er meer aandacht onder docenten moeten komen voor het gebruik van ICT in hun eigen onderwijssituatie, de mogelijkheden en de moeilijkheden ervan en de manier waarop binnen school in samenwerking met collega’s hiermee wordt of zou moeten worden gewerkt.
DOCUMENT
Het primaire doel van het project ‘het Leren van de toekomst 3’ is de versterking van de innovatiekracht van de lerarenopleidingen voor het basisonderwijs door de inzet van innovatieve ICT-toepassingen en technologie om het onderwijs voor docenten, studenten en leerlingen toekomstgerichter te maken. Het begrip innovatiekracht is ten behoeve van dit onderzoek nader gedefinieerd om de onderzoeksinstrumenten uit te kunnen werken die deze innovatiekracht meetbaar moeten maken. Innovatiekracht heeft primair te maken met het vermogen, van zowel de opleiders als een opleiding als geheel, om het didactisch handelen te transformeren als reactie op een onvrede met de bestaande situatie, waarbij de mogelijkheden van technologie en ICT-toepassingen optimaal worden benut. Het project moet resulteren in overdraagbare kennis voor andere lerarenopleidingen voor het basisonderwijs met betrekking tot het experimenteren met en het onderzoeken en inzetten van innovatieve ICT-toepassingen en technologie, zodat deze opleidingen studenten optimaal kunnen voorbereiden in het zo goed mogelijk gebruik te maken van ICT in hun toekomstige onderwijsloopbaan.
DOCUMENT
ICT is veel meer dan een hulpmiddel bij onderwijs en opleiding: zij provoceert een voortdurend nieuwe kijk op de essentie van leren en daarmee ook op het leraarschap. Opvallend is dat ICT in onderwijs penetreert nog voordat er enig model of theorievorming over haar bijdrage gevormd is; dat is pragmatisch en opportunistisch. Sterker nog: als we achteraf kijken naar hervormingen van onderwijsopvattingen, dan worden ze vaak aangedreven door technologische innovaties op dat moment: de entree van de boekdruk, telecommunicatie, computersystemen en virtuele realiteit. Binnenkort zullen we ingrijpende invloeden zien vanuit de biotechnologie, genetische modificatie, nanotechnologie etcetera. De huidige stap van laptop naar het veelkunnende mobieltje is er slechts één van de lange rij ICT-hulpmiddelen die er nog aan gaan komen. Als we de trend van ICT in onderwijs doortrekken, dan valt te verwachten dat 'mobiel leren' vooral zal leiden tot 'ubiquitous learning': overal- en voortdurend leren. Het begrip 'learning by heart' krijgt opnieuw betekenis: niet alleen het 'van buiten' leren, maar het opbouwen van een relatie met het onderwerp dat je bestudeert. De persoon van de docent wordt nog belangrijker dan hij nu al is. Mobiele communicatie gaat haar eerste vruchten afwerpen bij het 'voortdurend leren' van de docent. Het mobieltje en de on-line PDA gaan hierin een cruciale rol spelen. De Fontys lerarenopleidingen nemen met enthousiasme deze voortrekkersrol op zich. Het lectoraat Educatieve Functies van ICT begeleidt docenten en promovendi hierbij.
DOCUMENT