Types
0Instelling
26Bestandstype
9Taal
5Publicatiejaar
12Thema's
14Producttype
14Publicaties met bestand / URL
2Projectstatus
3Van kinderen en jongeren wordt verwacht dat zij 24/7 scoren in een samenleving die weinig houvast biedt. Opvoeders en kinderen worstelen daarmee, maar staan er moederziel alleen voor. Maike Kooijmans betoogt vandaag in haar lectorale rede dat het collectieve kwesties zijn die om een gemeenschappelijke aanpak vragen. En de nadruk op prestaties moet hoognodig gerelativeerd.
LINK
Het functioneren van binnensteden wordt vaak afgemeten aan de mate van winkelleegstand. Maar ze blijken veel bredere en grotere economische motoren dan gedacht. 'De binnensteden van Den Bosch en Eindhoven leveren elk twintigduizend banen op. Dat is beduidend meer dan waar ik zelf rekening mee hield. Maar ook in een willekeurige middelgrote gemeente praat je al snel over tweeduizend banen voor alle lagen van de bevolking.' Aldus reageert lector ondernemende regio Cees-Jan Pen van Fontys Hogescholen op het (vrijwel) eerste grote onderzoek naar het economisch functioneren van Nederlandse binnensteden. Daarvoor nam Bureau Louter 81 stadscentra onder de loep. In totaal blijkt bijna één op de vijf banen (18 procent) binnen stedelijke gebieden in de binnenstad gelokaliseerd. Binnensteden zijn goed voor 11 procent van het totale aantal banen in Nederland. Een 'eyeopener', volgens de bij het onderzoek betrokken Pen. 'Lokaal wordt nog weleens getwijfeld waarom er miljoenen worden geïnvesteerd in de binnenstad. Dat antwoord is simpel. Het gaat gewoon om veel banen.'
LINK
Wat is er aan de hand als er zoveel problemen met prestaties zijn in het onderwijs? Dit is de inleiding van een bundel waarin fundamentele reflectie wordt beoefend. We leven in een meritocratische samenleving. Dit meritocratisch ideaal werkt als een stille ideologie door in het onderwijs(beleid). Dit hoofdstuk betoogt dat radicale bezinning op deze ideologie in het onderwijs en vooral nieuwe ‘verbeeldingskracht’ over onderwijs voorbij dat meritocratisch ideaal nodig is.
DOCUMENT
Prestaties, prestaties, prestaties. Het onderwijs lijdt aan prestatiepijn die alsmaar heviger wordt. Kunnen leerlingen, docenten en scholen de oplopende prestatieverplichtingen wel nakomen? Als we met nog meer inspanning voor betere prestaties nauwelijks verder komen, waarmee dan wel? Onderwijs voorbij de meritocratie kijkt voor het vraagstuk van prestaties naar het onderliggende meritocratisch ideaal van de eigen verdiensten en stelt dat ter discussie. Het meritocratisch ideaal is weliswaar aantrekkelijk, maar in de huidige samenleving en in het huidige onderwijs is dat ideaal tiranniek geworden. De meritocratie holt de solidariteit uit en ondermijnt de menselijke waardigheid. Aan de orde zijn vragen als: hoe heeft het meritocratisch ideaal zijn weg gevonden in het onderwijs? Wat is de betekenis ervan voor het werken aan gelijke kansen en waardoor schiet dit haar doel voorbij? Hoe kunnen scholen onderwijs en gelijke kansen realiseren voorbij de meritocratie? Wat zijn bruikbare en relevante alternatieven voor het eenzijdig streven naar eigen verdiensten? Wat hebben onderwijsbestuurders, schoolleiders, docenten en andere betrokkenen daarvoor te doen? Onderwijs voorbij de meritocratie bevat elf academische bijdragen en zes praktijkbijdragen die de verbeelding over goed onderwijs uitdagen en verrijken. De auteurs laten zich daarbij voeden door bronnen uit filosofie, pedagogiek en theologie. De bundel is voor moedige mensen in het onderwijs, de samenleving en de politiek.
LINK
Wat is nodig om boven jezelf uit te stijgen? Onderwijservaring met getalenteerde studenten leert dat het zinvol is om op systematische wijze een antwoord op deze vraag te formuleren. Pas dan is uit te leggen waarom sommige docenten in het hoger onderwijs er beter in slagen dan anderen om hun studenten te
laten uitblinken. Er is een model ontwikkeld dat helpt bij de bespreking van doceerstrategieën die studenten stimuleren om tot uitmuntende prestaties te komen. Een breder blikveld is nodig; de vraag wat prikkelt tot excelleren staat niet op zichzelf en is nauw verbonden met maatschappelijke ontwikkelingen.
DOCUMENT
Deze publicatie presenteert de resultaten van het Smartest Connected Cargo Airport Schiphol (SCCAS)-project: een tweejarig onderzoek naar logistieke innovaties die de concurrentiepositie van Schiphol op de luchtvrachtketen versterken. In dit project hebben KLM Cargo, Schiphol Nederland, Cargonaut, TU Delft en Hogeschool van Amsterdam samen met diverse partijen in de luchtvrachtketen nieuwe inzichten ontwikkeld om het afhandelingsproces op Schiphol te stroomlijnen en de productkwaliteit in temperatuurgevoelige ketens zoals bloemen en farma beter te beheersen.In Europa heeft Schiphol een sterke positie: het is de derde vrachtluchthaven na Frankfurt en Parijs. Door de beperking van het aantal beschikbare slots op Schiphol krijgen andere luchthavens zoals Brussel, Luik en Luxemburg de kans om extra lading aan te trekken. Het is daarom de ambitie van Schiphol zich te ontwikkelen tot de Europese voorkeursluchthaven voor logistiek hoogwaardige goederenstromen zoals e-commerce, farmaceutische producten en bloemen, en zich te onderscheiden door een efficiënt en betrouwbaar afhandelingsproces. Om die positie te bereiken zet Schiphol in op vier concrete innovatiedoelstellingen:- verbetering van transparantie in de keten door het delen van informatie;- inzicht in logistieke prestaties op basis van volledige en betrouwbare data over zendingen;- efficiënte en betrouwbare aan- en afvoer van luchtvrachtzendingen (landside pickup & delivery);- procesverbeteringen in de supply chains van temperatuurgevoelige producten.
DOCUMENT
HRM heeft zich ontwikkeld to een volwaardige discipline met eigen opleidingen, vakbalden en wetenschappelijke tijdschriften. Onder de noemer van HRM gaat een groeiende internationale gemeenschap van onderzoekers schuil die dagelijks bezig is met het bestuderen van diverse aspecten van personeelsmanagement. Er wordt hierbij vooral gekeken naar het effect van HRM op het uiteindelijke bedrijfsresultaat van verschillende organisaties. Hoewel de gecombineerde resultaten een positieve reactive tussen HRM en prestaties laten zien, is er echter nog veel onduidelijk.
DOCUMENT
"Voedingsgedrag van jeugdvoetballers Deze kwalitatieve studie verkent welke factoren het voedingsgedrag van jeugdspelers in Nederlandse voetbalacademies beïnvloeden, met specifieke aandacht voor de sociale en fysieke omgeving binnen het COM-B-model. Ondanks het belang van adequate voeding voor groei, gezondheid en prestaties, blijkt de huidige voedingsinname van veel jeugdspelers onvoldoende. Uit de eerste negen interviews (spelers, ouders, coaches en performance staff) blijkt dat ouders en de thuissituatie de grootste invloed hebben op het voedingsgedrag van spelers. Coaches en clubs zien voor zichzelf een belangrijke rol, maar spelers ervaren hun invloed als beperkt. Daarnaast herkennen spelers wél de uitdagingen in hun omgeving, maar geven zij aan dat deze factoren hun gedrag nauwelijks beïnvloeden. Zij wijzen vooral op mentale capaciteiten zoals motivatie en discipline als bepalende factoren. De fysieke voedselomgeving van academies blijkt wisselend: sommige clubs bieden goede voorzieningen, maar er zijn ook voorbeelden van beperkte variatie, ongezonde opties en een gebrek aan duidelijke voedingsstructuur. Zowel ouders als staff signaleren dat de clubomgeving verbeterd kan worden. Deze voorlopige bevindingen laten zien dat effectieve voedingsinterventies niet alleen op kennis moeten inzetten, maar vooral op ondersteunende omgevingen en ouderbetrokkenheid, gecombineerd met aandacht voor motivatie en vaardigheden bij spelers. Verdere dataverzameling (beoogd: 30 interviews) is nodig om deze patronen te bevestigen en interventies gericht te ontwerpen."
DOCUMENT
In bepaalde single-core configuraties met één processor, b.v. embedded control systems zoals robotic applications die uit vele korte processen bestaan, kunnen de context switches van een proces een aanzienlijke hoeveelheid van de beschikbare processing power verbruiken. Het verminderen van het aantal context switches vermindert de executietijd en verhoogt daardoor de prestaties van de toepassing. Bovendien is de end-to-end executietijd van de processen langer dan strict noodzakelijk, b.v. omdat de processen moeten wachten op controllers die een taak uitvoeren. Door de regels voor synchrone communicatie via kanalen in de procesalgebraïsche specificatietaal Communicating Sequential Processes te versoepelen, kunnen we de end-to-end executietijd verkorten. In ons onderzoek definiëren we verschillende graafproducten, bewijzen we dat deze producten een prestatiewinst opleveren (onder bepaalde voorwaarden) en we werken de numerieke en combinatorische aspecten van deze graafproducten uit.
DOCUMENT