Types
0Instelling
26Publicatiejaar
6Producttype
19Bestandstype
9Taal
5Onderzoeksthema's
13Publicaties met bestand/URL
2Projectstatus
3CINOP Expertisecentrum verkent de thematiek van een leven lang leren van verschillende kanten. Een van de invalshoeken is de rol van het roc. Hoe kan een roc individuen ondersteunen in de loopbaanvorming voor een leven lang leren? In Roc als loopbaancentrum. Een beroepspedagogisch perspectief - een verkennende studie voor het Expertisecentrum van CINOP en de Haagse Hogeschool/TH Rijswijk - heeft Jan Geurts "() een poging gewaagd om de idealen en principes nader te formuleren en te preciseren waaraan een roc dient te voldoen om te functioneren als loopbaancentrum." Al in zijn intreerede als lector pedagogiek van de beroepsvorming aan de Haagse Hogeschool/TH Rijswijk (2004) stelt Geurts, dat roc's de omslag moeten maken van opleidingenfabriek naar loopbaancentrum. Een keuze voor een uitdagende visie is van belang, maar Geurts stelt dat een loopbaancentrum zich vooral in de praktijk moet bewijzen. Zonder een goede balans tussen idealen en realiteit wordt onderwijsvernieuwing het doel, terwijl het een middel moet zijn om de maatschappelijke functie van het mbo beter waar te maken. Volgens hem horen roc's bij onderwijsvernieuwing niet uit te gaan van meer marktwerking of vraagsturing, zoals nu meestal gebeurt, maar op de eerste plaats van een verhoging van hun eigen professioneel handelen. Hij werkt hiervoor een beroepspedagogisch perspectief uit. De kern vormt een pleidooi voor een herwaardering van het beroepsbegrip. Zo onstaat een vast en inspirerend oriëntatiepunt voor leerling, school en bedrijf als het gaat om het ontwerpen en realiseren van succesvolle loopbanen. Het geschetste perspectief ziet Geurts tevens als een kans voor revitalisering van niet alleen het initiële, maar ook het postinitiële beroepsonderwijs.
BOEK
In contacten met ROC's valt me meer en meer op dat de aandacht voor de loopbaan van de leerling fors is toegenomen. Elk ROC heeft een loopbaancentrum of is dit aan het inrichten. Tegelijkertijd valt ook op dat de aandacht sterk persoonsgericht is en dat er weinig oog is voor de schoolinterne en - externe omgeving waarvan bekend is dat deze veel invloed heeft op de feitelijke loopbaanontwikkeling. Er mag dan ook worden gezegd dat de huidige invulling van loopbaanleren de problematiek te zeer individualiseert en daarom zorgt voor een onvoldoende invulling van de maatschappelijke functie van ROC's. Deze scholen zouden geen loopbaancentrum moeten willen hebben, maar wel zijn. In dit artikel pleit ik voor een geïntegreerde benadering van de loopbaan van mbo'ers waarin zowel een individuele als institutionele optiek een plaats hebben bij het bekijken welke actoren en factoren een stimulerende dan wel remmende invloed hebben in de opleiding tot, sorry, leren van vakmanschap. Een beroepentheoretisch perspectief biedt volgens mij houvast voor deze benadering. Ik werk nader uit wat onder talentvol vakmanschap moet worden verstaan en hoe je het leren hiervan zo kunt organiseren dat een ROC in samenwerking met bedrijven en instellingen zorgdraagt voor goede loopbaanontwikkeling. Talentvol vakmanschap komt ,kort gezegd, erop neer dat niet allerlei eisen van buiten maar het eigen talent van de leerling de basis horen te vormen voor het verrichten van beroepsprestaties. Er wordt zo een band gelegd tussen interne en externe eisen die voor het beroepsonderwijs ongebruikelijk is. Het leren van dit vakmanschap verschilt nogal van het vakmanschap waarop nu meestal wordt gekoerst. ROC's die als loopbaancentrum willen gaan functioneren, zullen dan ook veel werk moeten verzetten voordat ze zover zijn. Hier staat wel fors wat tegenover, nl. middelbaar beroepsonderwijs waarop studenten, docenten, management en omgeving trots kunnen zijn.
ARTIKEL
Het lectoraat Armoede Interventies heeft op vijf locaties van het RoC een vragenlijst afgenomen onder studenten aangaande hun financiële zelfredzaamheid en hun economische zelfstandigheid. In deze rapportage worden hiervan de uitkomsten beschreven en een vergelijking gemaakt tussen de populatie jongeren die in Amsterdam wonen en die daarbuiten wonen.
RAPPORT
Lespakket 3: Vroegsignalering - Docentenhandleiding - Casus Cliënt Vos - Casus Cliënte Kruit - Casus dochter Broere - Zelfbeoordelingslijst competenties - Quizvragen - Powerpoint Dementie, delier & depressie - Signaleringskaart - Vervolgstappen
ANDERSOORTIG MATERIAAL
Lespakket 2: Belevingsgerichte zorg - Docentenhandleiding - Zelfbeoordelingslijst competenties - Gedicht van dochter - Alzheimerdagboekfragment - Powerpoint belevingsgerichte zorg - Overzicht IKbeleving - Observatieformulier - Behoeftenbloem - Communicatietips
ANDERSOORTIG MATERIAAL
Lespakket 6: Activiteiten ondernemen - Docentenhandleiding - Powerpoint Activiteiten ondernemen - Powerpoint Suggesties voor activiteiten - Powerpoint De plezierige activiteitenmethode - Behoeftenbloem - Casussen - Stappenplan Activiteiten - Ideeën en invulschema - Draaiboek Plezierige Activiteitenmethode - Handboek Plezierige Activiteiten
ANDERSOORTIG MATERIAAL
Lespakket 4: Omgaan met familieleden - Docentenhandleiding - Zelfbeoordelingslijst - Rollen Mantelzorgers - Kaart Will, skill, thrill, bill - Vragenlijst EDIZ - MantelScan - Samenwerkingsrelaties - 14 probleemvelden mantelzorgers - Factsheets LDP - Betrokkenheid mantelzorgers - 5-stappenmodel - Casus Allard - Casus van Vliet - Vragenlijst zorgrelatie - Dementie en regie - Van thuis naar verpleeghuis - Transities en dementie
ANDERSOORTIG MATERIAAL
Lespakket 5: Omgaan met probleemgedrag - Docentenhandleiding - Tien communicatietips - Drieluik Probleemgedrag - Powerpoint Probleemgedrag - Casus mevrouw Kop - ABC-observatielijst - ABC-verandering - Casus meneer Groen - Richtlijn Gedragsproblemen
ANDERSOORTIG MATERIAAL
In 2020 gingen KION, ROC Nijmegen, HAN en iXperium samenwerken om (aankomende) pedagogisch medewerkers en docenten te trainen in het gebruik van digitale technologie die de ontwikkeling van kinderen bevordert. Ze richtten zich op drie thema’s: spelenderwijs leren met ict, hoe je dit organiseert, en het stimuleren van digitale geletterdheid. Samen volgden ze technologische ontwikkelingen en werkten aan onderwijsvernieuwing, onderzoek en het opleiden van medewerkers op een onderbouwde manier. Het doel van de samenwerking was om een bijdrage te leveren zodat kinderen, ongeacht hun achtergrond, gelijke toegang hebben tot technologie en de kans krijgen om digitale vaardigheden te ontwikkelen. De samenwerking heeft geleid tot concrete resultaten en inzichten die gebruikt worden in de opleidingen Pedagogisch Werk, Ad PEP en HBO Pedagogiek. Bij KION is een speciaal programma opgezet om medewerkers verder te trainen. De samenwerking wordt gezien als vernieuwend en succesvol, met duidelijke resultaten die bijdragen aan blijvende vernieuwingen. Dankzij een sterke focus op samenwerking, duidelijke afspraken en praktijkgericht onderzoek, hebben de deelnemers duurzame verbeteringen bereikt. Door samen te werken en kennis te delen, is er een belangrijke bijdrage geleverd aan de ontwikkeling van ict-gebruik in de kinderopvang en pedagogische opleidingen.
RAPPORT
Dit onderzoeksrapport bestaat uit 2 deelonderzoeken: Deelonderzoek I: De (on)mogelijkheid van het aanleren van een menslievende houding. Zorg voor mensen met een verstandelijke beperking als casus. In deze bijdrage staat de leer- en trainbaarheid van een menslievende houding centraal. Is het mogelijk een menslievende houding aan te leren of is het een kwestie van karakter waarbij geldt; ‘je hebt het of je hebt het niet?’ Welke aspecten van het onderwijs/trainingsprogramma van ROC en HBO opleidingen (die studenten opleiden om te gaan werken in de zorg)zijn essentieel om het opbouwen van een relatie met cliënten vanuit aandachtigheid en medemenselijke betrokkenheid te stimuleren? De focus van deze aspecten ligt respectievelijk bij de student zelf, de docent of praktijkbegeleider, dan wel bij de stage- of onderwijsinstelling. Aan het eind van het artikel zullen concrete aanbevelingen worden gedaan aan ROC en HBO opleidingen om het ontwikkelen van een professionele houding van de studenten op basis van menslievendheid een plaats te geven binnen het curriculum. Deelonderzoek II: Menslievende professionalisering binnen het ROC en HBO curriculum. In deze bijdrage staat de aandacht voor menslievende professionalisering in het curriculum van ROC/MBO (Sector Zorg en Welzijn) en HBO (Sociale Studies) centraal. In eerder onderzoek werd gefocust op de leer- en trainbaarheid van een menslievende houding. Dat onderzoek heeft een reeks van onderwerpen opgeleverd die binnen een onderwijsprogramma aan bod moeten komen om het opbouwen van relaties met cliënten vanuit aandachtigheid en menslievende betrokkenheid te stimuleren, ontwikkelen en onderhouden. In dit artikel wordt in kaart gebracht op welke wijze vier beroepsopleidingen binnen het ROC (Maatschappelijke Zorg) en HBO (Maatschappelijk Werk en Dienstverlening, Sociaal Pedagogische Hulpverlening en Pedagogiek) de menslievende professionalisering van toekomstige beroepskrachten vormgeven. Aan het eind van het artikel zullen concrete aanbevelingen worden gedaan om de menslievende professionalisering verder te verbeteren. Dit onderzoeksrapport ligt tevens ten grondslag aan het trainingspakket: Ondersteuning aan mensen met een verstandelijke beperking: 4 trainingen in werken met sociale netwerken en aansluiten bij cliënten en hun ouders. Dit trainingspakket is ontwikkeld door het lectoraat Zorg voor Mensen met een Verstandelijke Beperking van de Hogeschool van Arnhem en Nijmegen.
BOEK