Er verandert veel in het welzijnswerk. Dit heeft gevolgen voor de sociaal werkers en de wijkbewoners die zij ondersteunen. Ondernemen in Welzijn laat zien welke veranderingen er gaande zijn, wat de gevolgen daarvan zijn en welke rol ondernemender gedrag en ondernemerschap daarbij kunnen spelen. Het brengt de ontwikkelingen in kaart als gevolg van de nieuwe kaders voor het werk (Wmo en Welzijn Nieuwe Stijl) en de bezuinigingen. Met uitgebreid casusmateriaal wordt deze andere aanpak tot op het niveau van de dagelijkse praktijk uitgewerkt. Ondernemen in Welzijn is daarmee geschikt voor studenten sociaal werk, welzijnswerkers in de praktijk en belangstellenden, bijvoorbeeld beleidsmedewerkers, die geïnformeerd willen worden over de gehele sector. Voor leidinggevenden en hrm-ers maakt Ondernemen in Welzijn inzichtelijk dat intern ondernemend werken ook een organisatieverandering vergt. Een individuele welzijnswerker kan wel ondernemend willen werken, maar bij blokkades door de organisatie, bijvoorbeeld een egalitaire teamcultuur, top-down management of te strakke procedures, lukt dit niet. Een omslag in de aanpak van het werk is echter hard nodig. Versterkte inzet van HRM-instrumenten en een andere stijl van leidinggeven zijn onontbeerlijk.
LINK
Rapport in het kader van het IZW-onderzoek, voorjaar 2011
DOCUMENT
Sociaal werk staat sinds enige tijd in het brandpunt van de grote omwentelingen in de verzorgingsstaat die voor een ‘kanteling’ naar een ‘participatiesamenleving’ zouden moeten zorgen. Naast de Wmo en de daarmee verbonden praktijkvernieuwingen zoals die als ‘bakens’ in Welzijn Nieuwe Stijl zijn benoemd, gaat het om de zogenoemde transities op het domein van arbeid en inkomen (Participatiewet), het domein van de jeugdzorg (Wet op de jeugdzorg, passend onderwijs), de zorg voor kwetsbaren (ouderen die niet meer zelfstandig zijn, licht verstandelijk gehandicapten, psychiatrische patiënten, mensen met een beperking − oftewel zij die voorheen op ondersteuning en begeleiding via de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (AWBZ) konden rekenen). Om deze grote verschuivingen soepel te laten verlopen speelt het sociaal beleid een cruciale rol. Het staat voor de uitdaging om vroegtijdig problemen op een breed terrein (armoede, schulden, opvoeding, sociaal isolement, werkloosheid) af te vangen, kwetsbare burgers ‘in hun kracht’ te zetten én op te vangen waar nodig en de veerkracht van de samenleving te versterken.
DOCUMENT
De praktijk van sociale professionals verandert sterk, onder andere door de Wmo en Welzijn Nieuwe Stijl. Professionals lossen niet langer vanuit hun spreekkamer problemen op, maar versterken met vroegtijdige, gerichte interventies de zelfredzaamheid van cliënten. ‘DichtErBij’ is de naam van de methodiek die de startfase van hulp- en dienstverlening én het vervolg aanpast aan deze nieuwe werkwijze. Hierbij wordt veel aandacht geschonken aan de kennis, vaardigheden en houding die de sociale professional in veranderende opdrachten nodig heeft. DichtErBij, het enige boek dat zich specifiek op dit onderwerp richt, is ontwikkeld in samenwerking met hogescholen en het werkveld. DichtErBij omvat een cyclische methode die de versterking van de eigen kracht van het cliëntsysteem actief beïnvloedt. Tijdens ieder contact met de cliënt staat een aantal kernvragen centraal: Hoe staat het probleem er voor? Welke oplossingen dienen zich aan? Wat is de beste stap die we kunnen zetten? En hoe reageert de cliënt op deze aanpak? De grondhouding van de professional krijgt veel aandacht. DichtErBij biedt achtergronden, een werkproces en essays over de inhoudelijke basis van de methodiek. Voorbeelden uit de actuele praktijk onderstrepen de heldere theorie.
DOCUMENT
Over Welzijn Nieuwe Stijl en het moreel kompas van de opbouwwerker
DOCUMENT
Dit boek beschrijft hoe beleidsmedewerkers en bestuurders van gemeenten en non-profitorganisaties kunnen bijdragen aan een sociaal domein dat de krachten van mensen beter benut. Het thema is outreachend werken: het vergroten van de kansen op preventie, herstel, sociale stijging en zelfredzaamheid van specifieke groepen mensen in zorgwekkende omstandigheden. Het onderzoek beschrijft vijf beloftevolle outreachende praktijken met/voor mensen in kwetsbare omstandigheden. De auteurs beschrijven de transitie van systeem- naar leefwereld, van top-down naar bottom-up aansturing van de sociale sector, van deductief naar inductief leren en ontwikkelen.
DOCUMENT
In de interviewserie met lectoren: filosoof Nico de Vos is dragend lector Participatie en Stedelijke Ontwikkeling. Zijn lectoraat onderzoekt de maatschappelijke impact van sport, kunst en gemeenschappen (community development). ‘Participatie moet niet alleen gericht zijn op de kwetsbare mensen in de samenleving.’ Een interview over andere manieren van samenleven, over nieuwe onderzoeksvormen en echte impact, in "de nulde lijn" van de Utrechtse samenleving.
LINK
Er is een nieuwe generatie ontmoetingsplekken aan het ontstaan die Huizen van de Wijk worden genoemd en die ‘nieuw welzijn proof’ zijn. Wat is hier zo nieuw aan? Gemeenten en welzijnsorganisaties zijn veelal initiator en sociale professionals moeten er nog altijd de boel bij elkaar houden.
LINK
Het Centrum voor Samenlevingsvraagstukken van Hogeschool Viaa heeft in 2018 en 2019 onderzoek gedaan naar het collectief werken door sociale wijkteams in Zwolle. Uit eerder onderzoek bleek dat Baken 5 van Welzijn Nieuwe Stijl (Bussemaker, 2010), die over een doordachte balans tussen collectief en individueel werken gaat, in de praktijk onvoldoende uit de verf komt. De hoofdvraag van het onderzoek luidt als volgt: Kunnen de individuele hulpvragen van inwoners in het sociaal wijkteam meer collectief benaderd of opgelost worden? Welke competenties hebben de sociaal werkers van het sociaal wijkteam (nodig) om meer collectief te werken en wat zijn hierin de kansen en belemmeringen?
DOCUMENT