Types
0Instelling
24Bestandstype
9Taal
5Publicatiejaar
12Thema's
14Producttype
14Publicaties met bestand / URL
2In 2018 heeft NRO een notitie geschreven over de positie van het vakdidactisch onderzoek in Nederland met aanbevelingen voor het (vak)didactisch onderzoek (Ulrich & Huiskamp, 2018). Vervolgens heeft een werkgroep van onderzoekers onder auspiciën van NRO een position paper en eerste lijnen van vervolgacties geschetst waaronder het ontwikkelen van een onderzoeksagenda en verdere netwerkvorming NRO (sept 2019). Het bleek lastig de visie en positie van het beroepsonderwijs hierin te verwerken, vanwege te grote verschillen met (vak)didactisch onderzoek in het funderend onderwijs (Alfa, Bèta en Gamma). In een vervolggesprek met het landelijk Netwerk lectoren, practoren en hoogleraren Beroepsonderwijs zijn mogelijkheden verkend om in een parallel traject te werken aan versterking van didactisch onderzoek voor het beroepsonderwijs. In voorliggende notitie exploreren we kenmerken waarop het funderend onderwijs en beroepsonderwijs overeenkomsten dan wel verschillen vertonen, en welke consequenties dit heeft voor curricula en het didactisch repertoire van docenten beroepsonderwijs. Dit mondt uit in een schets van (vak)didactische onderzoeksvragen voor het beroepsonderwijs in Nederland en een legitimering van een al dan niet separate onderzoekagenda op dit terrein1 voor funderend onderwijs en beroepsonderwijs.
DOCUMENT
Jaarverslag van het lectoraat Beroepsonderwijs.
DOCUMENT
Instellingen in het beroepsonderwijs staan voor grote uitdagingen. Zo is verbetering nodig van de samenwerking met en de aansluiting op de arbeidsmarkt, groeit de noodzaak voor flexibele opleidingstrajecten die passen bij de diverse fasen in een leer- en levensloopbaan en is het van belang maatwerk te bieden aan studenten en kansengelijkheid te bevorderen. In veel gevallen is technologie (mede) aanleiding van deze uitdagingen en tegelijkertijd kan technologie oplossingen bieden. Digitale transformatie wordt niet gedreven door technologie, maar door strategie. Leiderschap en leidinggevenden spelen daarin een belangrijke rol. Uit diverse onderzoeken blijkt dat transformationeel leiderschap, (digitale) competenties van leidinggevenden en gedeeld leiderschap nodig zijn om deze digitale transformatie mede mogelijk te maken. Dit roept de vraag op welke competenties het vraagt om leiding te geven aan digitale onderwijstransformatie in het complexe ecosysteem van het beroepsonderwijs. Om deze vraag te beantwoorden, heeft iXperium een competentieraamwerk ontwikkeld voor leidinggeven aan digitale transformatie in het beroepsonderwijs. Dit raamwerk bestaat uit vijf hoofddimensies met daaronder subdimensies en competenties: richting geven aan digitale onderwijstransformatie; bevorderen van een innovatieve, lerende cultuur; herinrichten van de organisatie voor digitale transformatie; zelf digitaal geletterd zijn; professioneel handelen. Daarbij beschrijven de eerste drie dimensies het leiderschap dat nodig is en de laatste twee dimensies gaan over persoonlijke competenties van leidinggevenden. Dit raamwerk biedt handvatten voor beroepsonderwijsinstellingen om na te gaan of het benodigde leiderschap voor digitale transformatie voldoende aanwezig en belegd is. Daarnaast kan het raamwerk als onderbouwing dienen voor een instrument waarmee individuele leidinggevenden na kunnen gaan waar zij staan en welke competenties zij verder kunnen ontwikkelen. iXperium beschikt over verschillende werkvormen, instrumenten en professionaliseringsactiviteiten die bij (onderdelen van) dit raamwerk kunnen helpen om de competenties voor leidinggeven aan digitale transformatie in de praktijk te brengen. Denk bijvoorbeeld aan: een werkvorm voor visievorming op het gebied van onderwijs met ict en digitale geletterdheid een werkvorm voor het in kaart brengen van (interacties tussen) actoren en factoren die een rol spelen bij het realiseren van ambities op het gebied van digitale onderwijstransformatie een werkvorm voor het vormen van gezamenlijke beelden en het stellen van prioriteiten in competenties van docenten op het gebied van onderwijs met ict een professionaliseringstraject voor leidinggeven aan digitale
LINK
Op dit moment wordt op vele plaatsen gezocht naar nieuw middelbaar beroepsonderwijs. Een drietal zaken vormt hiervoor de aanleiding. In de eerste plaats sluit het middelbaar beroepsonderwijs onvoldoende aan op de zich wijzigende behoeften van individuen en bedrijven. Gezien een aantal bijzondere problemen, zoals de terugloop van het leerlingaantal, de sterk gedifferentieerde behoeften van het bedrijfsleven en snelle veroudering van kennis, geldt dit in het bijzonder voor de technische opleidingen (Geurts en Van Oosterom, 2000). In de tweede plaats speelt dat de kennismaatschappij van tegenwoordig vraagt om een herziening van de taak en de positie van de school. Een volgende en reactieve rol is onvoldoende. Verwacht wordt dat de school als kenniscentrum kan optreden waarbij naast overdracht, ook ontwikkeling van nieuwe kennis aan de orde is (Ministerie van OC&W, 2000). Dit vereist een actieve (meedenkende) en initiërende opstelling zowel binnen de school (tussen leerlingen, docenten en management) als naar buiten (relatie van school met de omgeving). In de derde plaats vormt de inzet tot versterking van de beroepskolom, een belangrijke aanleiding tot vernieuwing. Onlangs is de ambitie geformuleerd dat het beroepsonderwijs in relatief korte tijd moet uitgroeien tot een volwaardig alternatief voor het meer theoretisch onderwijs (avo/universiteit). Hiervoor is een "doorstroomagenda beroepsonderwijs" opgesteld (Ministerie van OC&W, maart 2001). De aard en cumulatie van eisen zijn volgens mij zodanig dat ze vragen om een integraal herontwerp van het middelbaar beroepsonderwijs. De school dient te veranderen van een opleidingenfabriek in een loopbaancentrum. Er kan niet worden volstaan met partiële bijstellingen. Idealiter zorgen de peilers van het stelsel dat met de Wet Educatie en Beroepsonderwijs (WEB) in januari 1996 van kracht werd, ervoor dat het systeem zichzelf tijdig vernieuwt. De Stuurgroep Evaluatie WEB (juni 2000) levert allerlei aanwijzingen dat dit nog veel te weinig het geval is. Zo lijkt de kwalificatiestructuur, de peiler als het gaat om de verbetering van de aansluiting tussen onderwijs en arbeidsmarkt, noodzakelijke vernieuwingen eerder te belemmeren dan te bevorderen. De vormgeving blijkt vooral geënt te zijn op de redelijk stabiele industriële maatschappij en prikkelt actoren te weinig tot een eigen dynamiek waarmee tijdig aangesloten zou worden op nieuwe ontwikkelingen. Voorop staat nog steeds de idee van een school als opleidingenfabriek. Volgens de commissie Boekhoud moeten echter niet langer standaardprogramma's en diploma's centraal staan in het beroepsonderwijs, maar de school- en beroepsloopbaan van de deelnemers. De huidige kennismaatschappij vraagt om een school als centrum voor loopbaanontwikkeling. In dit artikel sta ik in paragraaf 2 kort stil bij de huidige kwalificatiestructuur van het middelbare beroepsonderwijs en haar bijdrage aan de afstemming tussen de wensen en talenten van leerlingen en de behoefte aan gekwalificeerd personeel. Duidelijk wordt gemaakt dat er nogal wat onvolkomenheden zijn die een effectief en efficiënt functioneren in de weg staan. Vervolgens wordt in paragraaf 3 een nieuw kader voor beroepsgericht leren gepresenteerd dat houvast moet bieden bij het herontwerpen. Hoe kan het middelbare beroepsonderwijs de juiste weg vinden, die loopt van opleidingenfabriek naar loopbaancentrum? Ter illustratie van de mogelijkheden die er zijn, ga ik in paragraaf 4 in op de hoofddimensies die Axis hanteert voor herontwerp van het technische beroepsonderwijs. Technische scholen voor mbo, maar ook voor hbo en vmbo, tonen zich op dit moment enthousiast om op basis hiervan aan de slag te gaan met een ingrijpende vernieuwing van hun onderwijs. Het Ministerie van OC&W heeft hiervoor inmiddels de nodige experimenteerruimte gegeven. De projecten die zijn op te vatten als creatieve netwerken waarin scholen en hun omgeving het beroepsonderwijs van de nabije toekomst zelf maken, worden beknopt besproken in paragraaf 5. Na deze uitstap naar het werk van Axis, plaats ik in paragraaf 6 vanuit de ontwikkelde kijk op herontwerp van het beroepsonderwijs enkele kanttekeningen bij het onlangs door het COLO - de vereniging van kenniscentra beroepsonderwijs bedrijfsleven (voorheen landelijke organen) - uitgebrachte plan voor een nieuwe, competentiegerichte kwalificatiestructuur. Daarna wijs ik in paragraaf 7 op het vanuit innovatieoogpunt meer dan interessante experimenteerplatform dat de herontwerpprojecten mbo kortgeleden hebben opgericht. Dit platform kan als een overgangsgebied tussen oud en nieuw onderwijs worden gezien. Tot slot, pleit ik in paragraaf 8 voor een nieuw innovatiebeleid dat goed aansluit op het uitgewerkte pleidooi voor een integraal herontwerp van het middelbaar beroepsonderwijs. Essentieel voor succes is volgens mij dat het vernieuwen niet wordt opgezet als een proces van veranderd worden, maar als een proces van zelf veranderen.
DOCUMENT
Docenten in het beroepsonderwijs hebben te maken met frictie tussen twee werelden: onderwijs en arbeid. Je kunt die frictie constructief inzetten en zo het leren verder brengen. Dat stelt echter hoge eisen aan de docent. In de lerarenopleiding is nog maar weinig aandacht voor de specifieke aard van het beroepsonderwijs. Voor veel beroepsgerichte vakken bestaat zelfs geen lerarenopleiding. Rede, in verkorte vorm uitgesproken bij de openbare aanvaarding van het ambt van bijzonder hoogleraar Pedagogisch-didactische aspecten van het opleiden tot beroepsuitoefening vanwege Hogeschool Utrecht aan de Open Universiteit op vrijdag 29 maart 2019 door prof. dr. Elly de Bruijn.
DOCUMENT
Dit onderzoeksrapport beschrijft de resultaten van een compact, reflectief onderzoek naar de academische werkplaatsen beroepsonderwijs van het lectoraat Beroepsonderwijs, Kenniscentrum Leren en Innoveren (Hogeschool Utrecht).
DOCUMENT
Leerlingen in het beroepsonderwijs staan voor de taak ergens goed in te worden en hun scholen moeten hen daarbij helpen. Vanuit het lectoraat Didactiek van het beroepsonderwijs wordt gezocht naar antwoorden op vragen m.b.t. processen van competentie- en arbeidsidentiteitsontwikkeling bij leerlingen, processen van competentieontwikkeling en kenmerken van krachtige en competentiegerichte leeromgevingen.
DOCUMENT
Wie zich in het Nederlandse beroepsonderwijs waagt aan ingrijpende vernieuwingen, merkt al spoedig dat hij/zij zich in een verkeerde context bevindt. Het duurt niet lang of men krijgt het gevoel bezig te zijn met ondernemschap in het oude Rusland. Dit ondanks veel mooie woorden over de noodzaak van verbeteren, vernieuwen en innoveren. Er mag dan ook worden gesproken van een innovatieparadox in het beroepsonderwijs. Men wenst tegelijk wel en niet te vernieuwen. Het gevolg laat zich raden: stilstaan. In dit artikel werk ik deze paradox nader uit door het bespreken van ervaringen met herontwerp van het technisch beroepsonderwijs. Vervolgens geef ik aan hoe het beroepsonderwijs zou kunnen stoppen met stilstaan en zet ik tot slot het geheel in een breder kader door een verbinding te leggen tussen innovatie en economisch succes.
DOCUMENT
De onafhankelijke commissie ‘positionering hoger beroepsonderwijs’ heeft het rapport ‘Focus op professie’ aangeboden aan het bestuur van de Vereniging Hogescholen. Het rapport vormt belangrijke input voor de standpuntbepaling van de Vereniging Hogescholen ten aanzien van de toekomst van het hoger beroepsonderwijs, mede in het licht van de toekomstverkenning van het hoger onderwijs die minister Dijkgraaf van OCW in gang heeft gezet.
LINK
Voorstel voor symposium ORD 2014 Dit symposium wil een beeld geven van de ontwikkelingen in de praktijk van het beroepsonderwijs sinds het begin van deze eeuw. Onder beroepsonderwijs wordt al het onderwijs verstaan dat opleidt tot beroepsuitoefening zowel beroepsonderwijs voor laaggekwalificeerde functies als studies in het hoger onderwijs die opleiden tot arts, fysiotherapeut of accountant (Billett, 2011). In dit symposium beperken we ons tot het middelbaar en hoger beroepsonderwijs (mbo en hbo) waarbij de meeste aandacht uitgaat naar het mbo.
DOCUMENT