Types
0Instelling
26Bestandstype
9Taal
5Publicatiejaar
12Thema's
14Producttype
14Publicaties met bestand / URL
2Projectstatus
3Een buurt gezond maken én houden is niet eenvoudig. Je hebt er veel kennis voor nodig over de gezondheid, de behoeften, de gewoontes en de ideeën van bewoners. Ook moet je weten hoe gezond de leefomgeving is én wat daaraan verbeterd kan worden. Hoe staat het met de kwaliteit van de huizen, is er genoeg groen en hoe staat het met
de gezelligheid en burenhulp?
Bewoners kunnen een belangrijke bijdrage leveren bij het zoeken naar antwoorden op deze vragen. Een goede manier daarvoor is ‘burgerwetenschap’.
MULTIFILE
Wijkbewoners weten vaak goed waarom hun leefomgeving ongezond is en hoe die verbeterd kan worden. Een experiment in Amsterdam Slotermeer laat zien dat burgerwetenschappers informatie naar boven kunnen halen die anders verborgen blijft. Bewoners doen graag mee, maar er moet wel iets tegenover staan.
LINK
Door klimaatverandering worden in stedelijke gebieden steeds vaker normen en/of acceptatiegrenzen voor neerslag, hitte en droogte overschreden. Gemeenten en waterschappen hebben de taak om te zorgen voor een klimaatbestendige inrichting. Daarbij is de samenwerking met bewoners voor hen essentieel. Om de stap naar uitvoering te kunnen maken hebben professionals van gemeenten en waterschappen behoefte aan inzicht in effecten op microniveau (straten/gebouwen), lokale ervaringen en beleving door burgers, en hoe burgers betrokken kunnen worden bij maatregelen. Eén van de manieren om samen te werken met burgers is door hen te betrekken bij het in kaart brengen van risico's en maatregelen: burgerwetenschap. Burgerwetenschap en in het bijzonder participatieve monitoring is een vakgebied dat sterk in opkomst is. Het is een methode waarbij onderzoekers, professionals en maatschappelijke actoren zoals vrijwilligers en bewoners samenwerken om in lokale projecten data te verzamelen en te duiden.
DOCUMENT
De leefomgeving heeft invloed op gedrag en gezondheid. Zowel in positieve als negatieve zin. Burgers voeren steeds vaker zelf metingen in hun leefomgeving uit, bijvoorbeeld naar de luchtkwaliteit of geluid. En dat vaak met een reden. Dit biedt een uitgelezen kans om een betere connectie te maken tussen cijfers en beleving. En het juiste gesprek met elkaar te voeren: waar willen we heen?
DOCUMENT
Het strategisch project Citizen Science for a Healthy Lifestyle is gestart op 1 november 2019. Het project had als doel: kennis, ervaring, scholing en internationalisering op het thema Citizen Science for Healthy Lifestyle bevorderen. Deze strategische fonds heeft op concrete wijze vorm en inhoud gegeven aan de visie en doelen van het CoE HA. Deze aanvraag heeft mede geleid tot het benoemen van Citizen Science als belangrijke enabler/versneller binnen de visie van het CoE HA. In jaar 1 lag het accent op scholing (expert conference/workshop etc.) en de opzet van een 3-tal pilots. In jaar 2 werd de opgedane kennis en ervaring verwerkt in ontwikkelde onderwijs modules Citizen Science. De Hanzehogeschool stelt zich tot doel waarde en impact te cre ren in Noord-Nederland, met de inzet van onderwijs, onderzoek en innovatie. De strategie van het Centre of Expertise Healthy Ageing (CoE HA) belicht drie thema’s: 1) gelijkheid en participatie in gezondheidszorg, 2) gezonde leefstijl en omgeving, en 3) kwetsbaarheid en passende zorg. Zowel als onderzoek/innovatiestrategie en als middel om burgers en gemeenschappen te betrekken, speelt Citizen Science for health een belangrijke rol in het mogelijk maken en versnellen van processen binnen de drie thema’s. Citizen Science kan gedefinieerd worden als een vorm van onderzoekssamenwerking en co-creatie die burgers betrekt bij onderzoek en innovatie om concrete vraagstukken aan te pakken, en die dus vereist dat niet-professionele bijdragers onderdeel van de samenwerking zijn.
Belangrijkste resultaten:
• Citizen Science is mede door deze strategische fonds aanvraag en van de drie enablers geworden in de nieuwe CoE HA strategische koers 2021-2026;
• Opstart pilots van Living Lab Beweegvriendelijk Vinkhuizen, Living Lab Oldambt Tijd voor Toekomst en Meer Gezonde Jaren Appingedam. Mede door blijvende investering en honorering van Living Labs Sport en Bewegen van ZonMw; Het gaat hier om een netwerksubsidie (8 maanden), lokale verankering (12 maanden) en experiment subsidie (5 maanden);
• Integratie Citizen Science in Erasmus+ capacity building project Sustainable Wellbeing (SUSWELL);
• Ontwikkeling SPRONG-aanvraag op het thema Citizen Science (deadline 31 mei 2022);
• Diverse scholingsactiviteiten en workshops (master HAP, bachelor, docent-onderzoekers van de Healthy Ageing schools, studiedagen) hebben in 2020, 2021 en 2022 plaatsgevonden;
• Studie tweedaagse over Citizen Science gehouden voor studenten en docent-onderzoekers CoE HA en KC Noorderruimte;
• Samenwerking met Stanford University en Our Voice: Citizen Science for Health Equity network gerealiseerd;
• Positioning statement Citizen Science geschreven in NL en EN;
• Lid geworden van European Citizen Science Association (ECSA);
• Scholingsmateriaal ontwikkeld voor studenten en docent-onderzoekers van de vijf schools vallend onder Healthy Ageing;
• Ontwikkeling NWO-subsidie aanvraag maatschappelijk verdien vermogen over citizen-student Science voor studenten welzijn tijdens en na de Corona pandemie (deadline voorjaar 2022);
• Postdoc aanstelling Citizen Science vanuit het CoE HA.
• Met de Citizen Science scholingsactiviteiten zijn in totaal 270 bachelor studenten, 145 master studenten, 279 docent-onderzoekers, 109 professionals en 180 burgers bereikt verspreid over de verschillende pilots.
Aanbevelingen:
• Mede op basis van de impact van praktijkgericht onderzoek op praktijk, onderwijs en onderzoek (PRIME-model pagina 29), doorgaan met onderwijs en praktijk ontwikkelingen. De bijdrage aan het wetenschappelijke/onderzoeksdomein op Citizen Science verdient de
komende jaren extra aandacht;
• Mede op basis van bevindingen visitatie terugkoppeling CoE HA (6-7 april 2022), verder doorontwikkelen tot herkend en erkend expertisecentrum op Citizen Science in de context van (publieke) gezondheidsdomein;
• De komende jaren verder investeren in mensen en middelen in Citizen Science zodat het een van de leidende aanpakken wordt binnen onderwijs-onderzoek binnen het CoE HA zodat de Hanze zich ontwikkelt tot een expertisecentrum (o.a. m.b.v. SPRONG);
• Komende jaren verder kennis en expertise ontwikkelen op Citizen Science door eigen
onderzoek (promovendi/postdocs) en scholing;
• Citizen Science integreren in relevante onderzoeksprojectaanvragen;
• Citizen Science verder integreren in de drie inhoudelijke thema’s van het CoE HA;
• Citizen Science onderwijsmodules en scholingen implementeren in het onderwijs van studenten (bachelors, masters) en bij- en nascholing van docent-onderzoekers.
DOCUMENT
Achtergrond
Klimaatverandering leidt steeds vaker tot overschrijding van acceptatiegrenzen
voor neerslag, hitte en droogte. Het creëren van een klimaatbestendige inrichting
in samenwerking met bewoners is essentieel voor gemeenten en waterschappen.
Bewoners voelen zich vaak betrokken bij de inrichting van hun straat, en richten hun tuin in op een manier die bij hun leefstijl past. In de 10 onderzochte wijken beslaan tuinen ongeveer 10 -40% van het stedelijk oppervlak.
Vraagarticulatie
Voorafgaand aan het onderzoek bleek dat professionals van gemeenten en
waterschappen vooral behoefte aan inzicht hadden in:
• Effecten van extreem weer op het niveau van wijken, straten en gebouwen;
• Lokale ervaringen, beleving van extreem weer en gedrag van burgers;
• Hoe burgers betrokken kunnen worden bij een klimaatbestendige inrichting van wijken en straten.
Hoofdvraag en doelstelling
Hoe kunnen professionals van gemeenten en waterschappen met inzet van burgers klimaatadaptatie in stedelijk gebied in praktijk brengen? Het doel is om een praktisch toepasbare werkwijze te ontwikkelen voor ‘burgerparticipatie in klimaatadaptatie’.
Aanpak
Het onderzoek is uitgevoerd in 10 living labs waarin is geëxperimenteerd met metingen, beleving en participatie ten behoeve van klimaatadaptatie op wijkniveau. Hierbij zijn verschillende benaderingen uit de burgerwetenschap toegepast. Professionals en bewoners hebben samen metingen uitgevoerd (participatieve monitoring), gegevens verzameld over fysieke en sociale kwetsbaarheid en op diverse manieren inzicht gecreëerd voor een lokale aanpak.
Door middel van een vergelijkingskader zijn Living labs tijdens het proces vergeleken, bijgesteld en geëvalueerd.
Resultaat
Het onderzoek heeft geresulteerd in nieuwe kennis over meten, beleven en doen
ten aanzien van klimaatadaptie in de wijk. Dit biedt handvatten voor professionals van gemeenten en waterschappen om effectiever samen met inwoners te werken aan klimaatadaptatie. Door metingen in een variëteit aan wijken is nieuwe kennis ontwikkeld over de betekenis van de buitenruimte (groen en grijs) voor het hitteeilandeffect. Samen met inwoners is de bijdrage van woningtype en gedrag op hittestress gemeten. De ontwikkelde vragenlijst over beleving van klimaateffecten biedt publieke professionals een instrument voor inzicht op wijkniveau en intenties voor maatregelen. Klimaatadaptatie blijkt echter nog beperkt te leven onder inwoners en er is nog weinig bereidheid is om zelf initiatief te nemen. Bewoners ervaren weinig kennis en capaciteit in
de wijk om dit vraagstuk zelf op te pakken. Bewoners hebben een voorkeur voor initiatief vanuit de gemeente, maar worden wel graag betrokken. Tegelijkertijd nemen inwoners wel andere relevante initiatieven die raken aan klimaatadaptatie, zoals vergroening en verduurzaming van de wijk en woning. Klimaatadaptatie kan dan ook in cocreatie met andere thema’s in de wijk worden opgepakt. Om klimaatadaptatie daar een goede plek in te geven ligt er nog een uitdaging voor professionals op het uitwerken van kaders en doelen en het stimuleren van een sociale norm om inwoners actief invulling aan klimaatadaptatie te laten geven. Metingen zoals uitgevoerd in het onderzoek bieden publieke professionals daarbij concrete resultaten om in gesprek te gaan over wat acceptabel is en wat voor maatregelen nodig en mogelijk zijn.
LINK
We find cultural heritage important because it gives meaning to our living environment. It helps us to position ourselves in time. But what is heritage? Historical geographer Hans Renes called it ‘traces from the past that have a meaning in the present’. That meaning is not set in stone and does not have to be the same for everyone. Lecturer in Cultural Heritage Hester Dibbits, for example, advocates ‘heritage wisdom’, or the ability to see heritage as something that is not fixed, but that is constantly being redefined in an ongoing dialogue in society.
LINK
Op donderdag 19 september ontdekten we tijdens Bridge2Health Theetijd de kracht van burgeradviesgroepen. Berry van Holland ging het gesprek aan met Gera Nagelhout. Gera is bijzonder hoogleraar ‘Gezondheid en Welzijn van Mensen met een Lagere Sociaaleconomische Positie’ (Universiteit Maastricht) en lector Betrokken Wetenschap (Avans Hogeschool). Zij heeft haar kennis en ervaringen over burgeradviesgroepen met ons gedeeld.
Van waardevolle inzichten over de rol van burgers in wetenschappelijk onderzoek tot praktische tips voor het organiseren van een adviesgroep, er was voor iedereen wel iets te leren!
LINK
Traditional scientific research has produced valuable knowledge, yet its linear, top-down logic often fails to address the complexity of local communities. This results in a gap between knowledge and action, where interventions lack legitimacy and impact. Participatory Action Research (PAR) has emerged as an alternative, bringing residents, professionals, and researchers together in iterative cycles of action and reflection. The promise of PAR lies not only in its methods but in the attitudes and relationships that underpin it. This community case study explores how reciprocity, understood as mutual exchange, trust, and shared responsibility, can be cultivated in PAR. The study focuses on 3 Days Inside, an experiment in the city of Appingedam (Northeast of the Netherlands), a shrinking region marked by demographic decline, earthquakes from gas extraction, and declining trust in institutions. Here, proximity and reciprocity are prerequisites for meaningful participation. Researchers immersed for 3 days, working alongside residents in everyday settings. Participating activities included neighborhood walks, shared meals, and practical collaboration in community spaces. Data were collected on needs and opportunities to improve the healthy living environment through participatory observation, go-along interviews, shadowing, and systematic reflection, with logbooks structured around first-, second-, and third-person perspectives. The case showed PAR is a dynamic process that demands reflexivity, flexibility, and ethical sensitivity. Researchers had to let go of control, acknowledge own positioning and assumptions, and prioritize relationships over outcomes. Gestures of presence and participation proved more powerful than formal conversations. Yet, tensions emerged between relational and transactional practices, between systemic logics and lived realities, and between pursuing research goals and fostering reciprocity. Three days inside highlights that meaningful participation depends less on predefined methods and more on the researcher's attitude—openness, reflexivity, and willingness to share control. The case contributes to broader debates on participation by showing that social impact arises not only from knowledge but from the way knowledge is co-created with residents. For researchers, professionals, and policymakers, the findings underline that genuine participation requires long-term presence, trust-building, and relational ethics. Future research should examine the applicability of this approach in other contexts to strengthen its practical utility.
LINK
De laatste jaren is burgerwetenschap ofwel Citizen Science sterk in ontwikkeling. Burgers geven input voor onderzoeksvragen, beoordelen onderzoeksvoorstellen en voeren metingen of analyses uit. Meer handen voor de wetenschap dus, maar... wat kun je ermee en wat zijn de nadelen? Zijn alternatieve feiten zo gek nog niet? Maar hoe zit het dan met objectiviteit en de kwaliteit van de gegevens? Aan de hand van voorbeelden neemt Lea den Broeder u mee in de wereld van de Citizen Scientist. Discussieer mee over prikkelende stellingen en scherp uw gedachten.
DOCUMENT