Het Handboek Cultuureducatie in de Pabo voert de lezer telkens verder in op het gebied van cultuureducatie in het primair onderwijs en op de pabo. Het bevat praktisch toepasbaar materiaal en reikt alle achtergrondinformatie aan die docenten en managers nodig hebben om binnen de Pabo zelf met het onderwerp aan de slag te gaan. En het bevat een schat aan teksten die gebruikt kunnen worden als studiemateriaal voor studenten.
DOCUMENT
Deze publieksversie richt zich op professionals uit het onderwijs of het culturele veld, die geïnteresseerd zijn om ‘lerend’ met elkaar samen te werken aan cultuureducatie. De publicatie bestaat uit zes onderdelen. In 'Onderzoek' introduceren we het onderzoek zoals wij dat uitvoerdden in de jaren 2017-2021. In ‘Vragen’ beantwoorden wij de vragen die ons gedurende het onderzoek vaak door betrokkenen gesteld werden. In ‘Tool’, introduceren wij de gesprekstool Ruimte die wij gedurende het onderzoek samen met betrokkenen ontwikkelden. Omdat betrokkenen daarnaast vaak behoefte aan voorbeelden hebben, presenteren wij vervolgens drie ‘Verhalen’ van leergemeenschappen. De ‘Processen’ maken zichtbaar hoe enkele leergemeenschappen te werk gingen. Tot slot presenteren we enkele ‘Werkvormen’ die betrokkenen, indien gewenst, kunnen gebruiken om meer grip te krijgen op een ‘lerend’ samenwerkingsproces.
DOCUMENT
De Kunstlinie is een kunstencentrum in Almere. Het heeft afdelingen voor muziek, dans en beeldende kunst die cursorisch onderwijs verzorgen. Ook is er een afdeling ‘Kunstdok’ die speciaal de contacten met de scholen onderhoudt en zorgt voor een passend aanbod en ondersteuning. En die bemiddelt tussen educatief aanbod van buiten. Het actieve aanbod betreft projecten en workshops waarmee leerlingen in het onderwijs zelf aan de slag gaan. Het receptieve aanbod betreft vooral voorstellingen en tentoonstellingen in de school of op locatie. In Almere zijn momenteel zes brede school samenwerkingsverbanden. Vanuit de gemeente wordt op de Kunstlinie een beroep gedaan ook voor deze brede scholen een aanbod te verzorgen. In de samenwerking met de brede scholen gaat het in dit geval om aanbod buiten schooltijd. Omdat het om laagdrempelig aanbod gaat, dat, vermoed ik, ook een meer sociaal karakter moet dragen, komt het aanbod dicht in de buurt van dat wat ook door de welzijnsinstelling wordt aangeboden. De Kunstlinie vraagt zich af hoe het zich kan profileren in het verband van samenwerkende partners van de brede school met een specifiek kunst en cultuuraanbod. Bij mij bestaat het vermoeden dat de visie van waaruit een brede school is opgezet een andere invulling en/of benadering van kunstonderwijs vraagt. Op welke manier geven de uitgangspunten van de brede school richting aan de ontwikkeling van cultuureducatie in deze schoolsoort ?
DOCUMENT
Verslag voor adviesraad Cultuureducatie met Kwaliteit Groningen
DOCUMENT
Interne tussenrapportage aan Stichting Kunst & Cultuur en Compenta-partners met betrekking tot het onderzoek naar de leergemeenschappen cultuureducatie in het kader van Cultuureducatie met Kwaliteit II
DOCUMENT
De laatste zes, zeven jaar heeft de overheid een actief beleid gevoerd ten aanzien van cultuureducatie in het primair onderwijs. In grote lijnen heeft de overheid aangestuurd op verankering van cultuureducatie in het beleid van de scholen, op meer vraaggericht werken door culturele instellingen en kunstenaars, en op stimuleren van directe samenwerking tussen scholen en het culturele veld. Dit beleid heeft inderdaad voor een verschuiving gezorgd. Een aantal scholen heeft cultuureducatie in het beleidsplan opgenomen of wil dat gaan doen. Er zijn meer directe samenwerkingsverbanden tussen scholen en het culturele veld tot stand gekomen (Hoogeveen & Van der Vegt, 2008). Het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen (OCW) heeft bij de uitvoering van dit beleid de gemeenten een actieve rol gegeven. OCW heeft daartoe een flankerend beleid in samenwerking met de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) en het Interprovinciaal Overleg (IPO) opgezet, waarbij gemeenten en provincies voor een deel het beleid konden toesnijden op de lokale situatie. Het gesprek tussen het culturele veld en de gemeenten over cultuureducatie in het primair onderwijs werd daardoor voor het eerst of opnieuw gevoerd. De context van de Regeling en het flankerend beleid leidde ertoe dat meningen opnieuw werden uitgewisseld, standpunten gewijzigd, afspraken gemaakt en financiën verdeeld. Is het optreden van spanning tussen gesprekspartners, die een door de rijksoverheid ingezet beleid gezamenlijk uit moeten voeren, een vaker voorkomend patroon? Dit is ongetwijfeld het geval. Interessanter is naar de mogelijke oorzaken hiervan te kijken. Spanningen komen vaak voort uit de verschillen in doeleinden, middelen en macht van de betrokken actoren. Ook kan er sprake zijn van een spanningsveld tussen sturen en samenwerken – tussen een hiërarchische en een collegiale beleidsstijl gehanteerd door de overheden op verschillende niveaus (Hitters & IJdens, 2005). Als startpunt neem ik het flankerend beleid bij de Regeling Versterking Cultuureducatie primair onderwijs (Regeling) in de periode 2004-2008. Het dient als voorbeeld om te onderzoeken, die optreden bij het invoeren van nieuw beleid, geïnitieerd door het Rijk en doorgevoerd op provinciaal en gemeentelijk niveau. Zijn er kenmerken van een op samenwerking gerichte beleidsstijl terug te vinden in het flankerend beleid en de uitvoering daarvan door OCW, de provincies en gemeenten en zijn dilemma's, die inherent zijn aan deze beleidsstijl, terug te vinden in het flankerend beleid en de uitvoering daarvan? Welke verschillen tussen de doeleinden, middelen en macht van de actoren leveren spanning op?
DOCUMENT
Het door Mocca geïnitieerde project MoccaTAC richt zich op de vraag of cultuuronderwijs kan zorgen voor meer kansengelijkheid in de stad. Geïnspireerd door het voorbeeld van SLiCE, van de Britse organisatie Curious Minds, nodigde Mocca deelnemers uit het culturele en het onderwijsveld uit om deel te nemen aan een leergemeenschap over kansengelijkheid. De resultaten van het onderzoek zijn te lezen in deze publicatie. Het doel van het onderzoek is tweeledig: het evalueren van de gebruikte vorm en het in kaart brengen van de bevindingen van de leergemeenschap over de aanpak van kansenongelijkheid met kunst- en cultuureducatie. De twee onderzoeksvragen zijn: Wat zijn de ervaringen van de deelnemers met de vorm en de in- houd van de leergemeenschap MoccaTAC? Welke opbrengsten leveren de onderzoeken van de deelnemers van de MoccaTAC-leergemeenschap op en hoe verhouden die zich tot de doelstellingen van het project (kansenongelijkheid in relatie tot kunst- en cultuureducatie)?
DOCUMENT
In de jaren 2017-2019 is er door onderzoekers van de Hanzehogeschool Groningen, in opdracht van K&C/Compenta onderzoek gedaan naar ‘leergemeenschappen cultuureducatie’.
DOCUMENT