Types
0Instelling
26Bestandstype
9Taal
5Publicatiejaar
12Thema's
14Producttype
14Publicaties met bestand / URL
2Projectstatus
3Dit rapport is onderdeel van het project 'Bokashi: naar een betere onderbouwing en documentatie voor de praktijk' en het resultaat van het onderzoek dat is uitgevoerd binnen Werkpakket 3: 'Economische Waarde'. In dit werkpakket zijn de duurzaamheidsaspecten (economisch, sociaal en ecologisch) van organische stromen en het verwerken tot bodemverbeteraars nader gekwantificeerd, waarbij wij ons richtten op bokashi (gefermenteerde organische reststromen) en compost. Om het onderzoek zoveel mogelijk aan te laten sluiten bij de praktijk is ervoor gekozen om een kosten-baten analyse uit te voeren aan de hand van een concrete casus met een concrete vraag: het regionaal recyclen van organische stromen van de Reinigingsdienst (RD) Maasland. RD Maasland heeft als ambitie om in de komende jaren de organische stromen op regionaal niveau te recyclen en daarmee bij te dragen aan vitalisering van de bodem door het verhogen van het gehalte organische stof. Daarvoor kan de dienst zich richten op het toepassen van compost of bokashi. In het onderzoek hebben we daarom de toepassingsmogelijkheden van compost en bokashi naast elkaar gezet. Het rapport begint met een algemene beschouwing van praktijkervaringen met bokashi als potentieel alternatief voor compostering. Vervolgens wordt aan de hand van de casus RD Maasland ingegaan op de huidige organische stromen en de bewerking daarvan in een deelgebied van RD Maasland en worden de kosten en baten doorgerekend van de huidige ketens ten opzichte van alternatieve ketens met regionale bewerking. Daarbij richten wij ons op bermmaaisel/ bladeren en de productie van compost en bokashi voor de verbetering van de bodemvitaliteit. Ter inspiratie volgt een beschrijving van regionale bewerking van stromen door een samenwerking van gemeentes en agrariërs in Friesland. Daarna volgt een concluderende paragraaf, waarin een mogelijk pad wordt geschetst voor de ontwikkeling van circulair terreinbeheer in het werkgebied van de reinigingsdienst Maasland gebaseerd op economische en andere duurzaamheidsaspecten. Het rapport sluit af met een reflectie op de opschalings- en toepassingsmogelijkheden elders in Nederland.
DOCUMENT
Brochure voor eigenaren van erfgoedpanden waarmee zij zelf onderzoek kunnen doen naar waarden, cijfers en wensen over verduurzaming van hun gebouw. Het resultaat is documentatie om in gesprek te gaan met professionals zoals een adviseur of de gemeente.
DOCUMENT
De maatschappij vraagt in toenemende mate om gegevens die de werkzaamheid en het effect van vaktherapie aantonen. Tevens is er – vooral vanuit de beroepsgroepen – een vraag naar het expliciteren van de werkingsmechanismen van de vaktherapieën. Een bijdrage aan het beantwoorden van beide vragen kan op basis van casusbeschrijvingen gegeven worden, mits die beschrijvingen van voldoende, wetenschappelijke kwaliteit zijn. De CAse REport Anthroposophic Art Therapy (CARE-AAT) richtlijn is ontwikkeld als richtlijn voor dergelijke casusbeschrijvingen. Een documentatiemethode die op deze richtlijn gebaseerd is, maakt het voor kunstzinnig therapeuten mogelijk de noodzakelijke informatie tijdens het behandeltraject te verzamelen.
DOCUMENT
Weblogs en wiki's zijn lichtgewicht applicaties en kunnen los van elkaar ingezet worden, maar ze gaan ook heel goed samen. Er is sprake van een duidelijke samenhang tussen de functionaliteiten van weblogs en wiki's. Weblogs zijn namelijk uitermate geschikt voor het communiceren van actuele dynamische content (nieuws), een wiki kan daarbij fungeren als aanvullende documentatie- of naslagruimte (achtergronden). En dan is er, niet te vergeten, nog het rss-protocol. Dit werkt als bindmiddel voor de content van beide systemen, het is de centrale schakel tussen zenders en ontvangers van informatie. Wiki's worden door de enorme hype rondom weblogs enigszins overschaduwd, maar zeker in bedrijfsomgevingen zijn wiki's uitermate geschikt voor collectieve taken.
DOCUMENT
Projecten in het hbo kenmerken zich meestal door een strakke rolverdeling, een flinke hoeveelheid documentatie en een watervalaanpak. De resultaten met een Agile-werkwijze zijn echter bemoedigend. Studenten zijn enthousiast door de continue focus op werkende software en de verbeterde communicatie in het team. De testaanpak en de tooling vereisen nog wel extra aandacht in de onderwijssituatie. Studenten op het hbo en de universiteit leren de praktijk van softwareontwikkeling vaak via projecten. In de typische doorlooptijd van achttien weken staat een groot probleem centraal dat moet uitmonden in een gerealiseerd systeem. Binnen het thema ‘realtime en embedded systemen’ is dat een systeem met hardware aangestuurd door (embedded) software. Andere onderwerpen zijn bijvoorbeeld een beveiligingsapplicatie, een computergame en een toepassing op gedistribueerde middleware. Voor de uitvoering van deze projecten gebruiken de studenten traditioneel relatief zware processen als Rup (Rational Unified Process), TSP (Team Software Process) of het watervalmodel. De sterke opkomst van Agile-methodes in het bedrijfsleven was voor de opleidingen informatica en technische informatica van Saxion in Enschede een signaal om na te denken over de projectaanpak in de specialisatiethema’s. Dit artikel beschrijft de invoering van Agile in het onderwijs bij Saxion. De hogeschool kreeg daarbij ondersteuning van Alten PTS.
MULTIFILE
Alle professionals in de publieke gezondheidszorg, en vooral diegenen die belast zijn met de uitvoering van beleid, zijn erg gebaat bij goed beschreven voorbeelden van effectieve interventies. Over een interventie wil je weten onder welke condities, bij welke doelgroep de gehanteerde aanpak een bepaald effect zal hebben. Om daarin keuzes te maken is het erg handig om overzichten van beschikbare interventies te hebben, met hun potentiele effectiviteit. In het brede veld van de openbare gezondheidszorg (dus inclusief jeugdzorg, reclassering, re-integratie, wijkzorg) zijn er intussen verschillende databases die een inventarisatie geven van effectieve interventies, of in ieder geval van de mate van bewijs voor effectiviteit. De ontwikkeling van die databases heeft een positief effect gehad op de nauwkeurigheid waarmee de interventies worden beschreven. Maar zelfs nu nog is er vaak meer documentatie te vinden over het uitgevoerde onderzoek rond de interventie, dan over de feitelijk uitvoering en aanpak ervan. De uitgebreide beschrijving van de interventie wordt meestal niet opgenomen in wetenschappelijke rapportages. Er is meer aandacht voor de methodologie van het onderzoek dan voor de methodologie van de interventie. En dat is jammer, want een goed evaluatieonderzoek evalueert meer dan alleen de uitgevoerde interventie. Juist ook de beoordeling van de gehanteerde uitgangspunten is erg waardevol.
DOCUMENT
The COVID-19 pandemic has sparked the debate on strengthening European-level cooperation and solidarity in tackling the disease. The debate has focused on several questions: Given the common threat to public health, is conferral of more competences upon the EU (1) desirable and (2) feasible? As for desirability: Can the EU better achieve the public health goals than Member States can and is there an added value in increasing EU competences? As for feasibility: Can a competence increase be carried out in practice - given the cross-country differences in the organizational and managerial features of national healthcare systems? Healthcare systems are influenced by the underlying normative aspirations, historic legacies, and level of economic development of the given country. They are characterized by a high degree of government intervention and absorb a significant share of public funds, so no wonder this sector is politically sensitive. So concretely, if more powers are to be conferred upon the EU, what exactly should these powers consist of, bearing in mind the principles of subsidiarity and proportionality?
MULTIFILE
Het Expertisecentrum Maatschappelijke Innovatie (EMI) heeft als visie het oplossen van complexe maatschappelijke vraagstukken op het gebied van wonen, werken, zorg en onderwijs. Het motto van EMI is: breng de kennis naar de wijk en de wijk naar de kennis en draag daarmee bij aan een rechtvaardige stad. Om de doelstellingen te behalen bevindt EMI zich langdurig in de wijk: op praktijklocaties in publieke ruimtes in de wijk Hillesluis. Eén van EMI haar fieldlabs op Rotterdam-Zuid is de WIECK, gevestigd in Speeltuin Hillesluis. Hier worden studenten in contact gebracht met de wijkgemeenschap. Dit leidt tot concrete klimaatadaptieve maatregelen die in de speeltuin worden geïmplementeerd. Zowel EMI als de WIECK zijn het onderwerp van een tweedelig onderzoek naar de manier waarop de hogeschool werkt aan maatschappelijke innovatie op Rotterdam-Zuid. ‘DoorontWIECKeling: van pionieren naar living lab’ is deelonderzoek twee en kijkt specifiek naar de WIECK: De doelstelling van dit onderzoek is om de activiteiten van de WIECK in kaart te brengen en vast te leggen wat nodig is om deze organisatorisch duurzaam te maken. Daarnaast ligt er binnen het onderzoek extra focus op de methodiek van het estafetteleren binnen de WIECK. Voor het exploratieve onderzoek is gebruikgemaakt van kwalitatieve analysemethoden. Continuïteit en documentatie blijken hele belangrijke factoren om de WIECK zijn mooie rol als (beginnend) living lab duurzaam draaiende te houden. De WIECK is een prachtig voorbeeld van hoe dit er in de praktijk uit kan zien, maar zal daarvoor zeker in de ontwikkeling tot een uitgebreider living lab ook echt gedragen moeten worden door de Hogeschool en (potentiële) partners. Er is toewijding nodig in tijd, energie en expertise om een stevigere basis voor de WIECK te creëren op allerlei vlakken.
DOCUMENT
Werkgevers in de Europese Unie gebruiken draagbare technologie, zoals smartphones, om er preventief voor te zorgen dat hun bedrijf geen besmettingshaard wordt. Door bron- en contactonderzoek en tracking van werknemers proberen zij dat te bereiken. Maar hoe zit dit in relatie tot de Europese AVG-regels? Stefania Marassi van de Haagse Hogeschool stelt dat er strikte voorwaarden moeten zijn om deze technologie te mogen gebruiken.
MULTIFILE
AIM: To obtain an overview of existing evidence on quality criteria, instruments, and requirements for nursing documentation.
DESIGN: Systematic review of systematic reviews.
DATA SOURCES: We systematically searched the databases PubMed and CINAHL for the period 2007-April 2017. We also performed additional searches.
REVIEW METHODS: Two reviewers independently selected the reviews using a stepwise procedure, assessed the methodological quality of the selected reviews, and extracted the data using a predefined extraction format. We performed descriptive synthesis.
RESULTS: Eleven systematic reviews were included. Several quality criteria were described referring to the importance of following the nursing process and using standardized nursing terminologies. In addition, some evidence-based instruments were described for assessing the quality of nursing documentation, such as the D-Catch. Furthermore, several requirements for formats and systems of electronic nursing documentation were found that refer to the importance of user-friendliness and development in consultation with nursing staff.
CONCLUSION: Aligning documentation with the nursing process, using standard terminologies, and using user-friendly formats and systems appear to be important for high-quality nursing documentation. The lack of evidence-based quality indicators presents a challenge in the pursuit of high-quality nursing documentation.
IMPACT: There is uncertainty in nursing practice about which criteria have to be met to achieve high-quality documentation. Aligning documentation with the nursing process, using standard terminologies, and using user-friendly formats and systems appear to be important. These findings can help nursing staff and care organizations enhance the quality of nursing documentation.
DOCUMENT