Huiselijk geweld lijkt sterk toe te nemen tijdens de Covid-19 pandemie. Wat opvalt in de berichtgeving, is dat er stelselmatig wordt uitgegaan van mannelijke daders en vrouwelijke slachtoffers. Is dit wel terecht? In dit artikel beschrijven Vivienne de Vogel en Kasia Uzieblo dat ook vrouwen huiselijk geweld plegen en gaan ze in op de weerstand in de maatschappij om vrouwen als pleger én om mannen als slachtoffer te zien van huiselijk geweld. The prevalence of domestic violence seems to be increasing during the COVID-19 pandemic. In most media coverage and calls for preventive initiatives from professionals and policy, males are consistently portrayed as perpetrators of domestic violence and females and children as victims, also by leading organizations like the WHO. However, research has clearly shown that there are more types of domestic violence, like sibling and elder abuse and that women are also capable of serious violence towards their family. The current article aims to summarize the literature on gender and domestic violence, and to discuss the societal reluctance to acknowledge females as potential perpetrators, and males as potential victims.
DOCUMENT
Veilig Thuis - ontstaan uit een fusie van de AMK's (Advies- en Meldpunten Kindermishandeling) en de Steunpunten Huiselijk Geweld - pakt in 26 regio's huiselijk geweld aan. Wat voor meldingen komen hier binnen? En welke lessen kunnen daaruit worden geleerd?
LINK
We zagen in de coronaperiode een grote toename van online communicatie in de hulpverlening. Het landelijk Expertise- en behandelcentrum Fier heeft al vijftien jaar ervaring met anonieme chathulp bij huiselijk geweld en kindermishandeling, ChatmetFier.nl. Christa Nieuwboer doet al net zo lang onderzoek naar online hulpverlening en zag tijdens de lockdowns een grote behoefte aan deskundigheidsbevordering. In dit artikel slaan we de handen ineen om professionals te ondersteunen bij deze voor hen soms nieuwe en onbekende communicatievorm. Want enerzijds is het een pluspunt dat zorg en hulp veel toegankelijker worden door online communicatie; anderzijds is het risico dat de ondersteuning gebrekkig is en de drempel naar hulp juist hoger wordt.
LINK
Het doel van dit onderzoek was de samenwerking tussen de zorg-, straf- en bestuursketen te optimaliseren voor gezinnen waar huiselijk geweld plaatsvindt. Dit met als uiteindelijk doel om geweld in deze gezinnen duurzaam te beëindigen. De eerste onderzoeksvraag was hoe de samenwerking binnen het Zorg- en Veiligheidshuis geoptimaliseerd kan worden, passend bij de visie van gefaseerde ketenzorg. De tweede onderzoeksvraag richtte zich op de impact van de verbeteracties: de gespreksleidraad en de deelname van cliënten aan multidisciplinaire overleggen. Wat leren we hieruit over de samenwerking rond huiselijk geweld en over het proces van het onderzoek?
MULTIFILE
In deze bijdrage doen de auteurs verslag van een verkennend onderzoek naar het verband tussen huiselijk geweld en dierenmishandeling én de Nederlandse situatie met betrekking tot hulp voor en ondersteuning van slachtoffers én hun huisdieren.
DOCUMENT
Flyer Meldcode Huiselijk Geweld en Kindermishandeling
DOCUMENT
Voor u ligt een methodiekbeschrijving van de Carrouselgroep. Dit is een groepstraining voor mannen die betrokken zijn bij huiselijk geweld. Deze training werd door Reclassering Nederland ontwikkeld. In opdracht van Reclassering Nederland is door lector Janine Janssen van het lectoraat Veiligheid in Afhankelijkheidsrelaties van het Expertisecentrum Veiligheid van Avans Hogeschool deze methodiekbeschrijving tot stand gekomen.
DOCUMENT
In Nederland is er relatief weinig belangstelling voor de relatie tussen huiselijk geweld en georganiseerde misdaad. Onderzoek naar beide fenomenen is sterk gecompartimentaliseerd. In deze bijdrage wordt stil gestaan bij de vraag waarom dat zo is en waarom dat anders zou moeten zijn. Als redenen voor dat gebrek aan interesse wordt onder meer aandacht besteed aan morele vragen over de betrokkenheid van het slachtoffer van huiselijk geweld bij zware criminaliteit. Aandacht is echter nodig, aangezien het samengaan van huiselijk geweld en georganiseerde criminaliteit bijdraagt aan de complexiteit van de aan te pakken problemen.
DOCUMENT
Is het wenselijk dat professionals die huiselijk geweld of kindermishandeling hebben meegemaakt, hun ervaringen inzetten in het werken met cliënten met vergelijkbare problematiek? Cliënten en (aankomend) professionals in ons onderzoek denken hier positief over. Zij menen dat dit van meerwaarde is voor cliënten, doordat professionals met ervaringen met huiselijk geweld, gemakkelijker een vertrouwensband opbouwen met cliënten, beter aansluiten bij wat cliënten nodig hebben en ook een positief voorbeeld en hoop aan cliënten geven. Voor professionals zelf draagt het bij aan een diepere verwerking en herstel, en geeft het voldoening om de eigen negatieve ervaringen om te zetten in iets positiefs voor een ander. Voor de teams waar deze professionals werken, levert dit eveneens een verrijking op. Wel noemden de geïnterviewden enkele voorwaarden. Zo moet het inzetten van de ervaringskennis in het belang van cliënten zijn: het moet bijdragen aan verwerking en herstel. Hoe dat er dan precies uitziet, bleek lastig te verwoorden. Intuïtie en inschatting van de behoeften van cliënten bleken daarin een grote rol te spelen. Een andere belangrijke voorwaarde was dat professionals hun eigen ervaringen voldoende verwerkt hebben, zodat het risico op valkuilen zoals projectie en vermenging van beleving en emoties tussen cliënten en professionals zo klein mogelijk is. Belangrijk daarbij is dat er visie, draagvlak en kaders zijn binnen de organisaties waar deze professionals werken. Dit helpt een veilig klimaat en ruimte voor reflectie te creëren om ervaringskennis in te zetten.
MULTIFILE
Vanaf 1 januari 2019 treedt er een wijziging in het Besluit verplichte meldcode in werking. Vanaf dat moment is een afwegingskader onderdeel van de Meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling. Iedere beroepsgroep beschikt over een specifiek op haar eigen beroepsuitoefening toegesneden afwegingskader ‘op basis waarvan de professionals het risico op en de aard en ernst van het huiselijk geweld of de kindermishandeling wegen en dat hen in staat stelt te beoordelen of sprake is van dusdanig ernstig huiselijk geweld of ernstige kindermishandeling, dan wel een vermoeden daarvan, dat een melding bij Veilig Thuis is aangewezen’. Het hanteren van een afwegingskader is verplicht in de stappen 4 en 5 van de Meldcode. Een andere belangrijke verandering is dat in stap 5 de professional naast melden bij Veilig Thuis tegelijkertijd zelf hulp kan (blijven) bieden of organiseren, al dan niet in samenwerking met Veilig Thuis. Het eerdere onderscheid tussen óf hulpverlenen óf melden vervalt dus als na toepassing van het afwegingskader de conclusie is dat melden bij Veilig Thuis is aangewezen. Het afwegingskader wordt onderdeel van de professionele standaarden van de beroepsgroep, waaronder ook de beroepscode valt.
DOCUMENT