Types
0Instelling
26Bestandstype
9Taal
5Publicatiejaar
12Thema's
14Producttype
14Publicaties met bestand / URL
2Projectstatus
3Vroegsignalering van armoede past bij de preventieve taken van de jeugdgezondheidszorg en ook van de geboortezorg. Maar hoe pak je zoiets in de praktijk aan?
DOCUMENT
Factsheet over de verkenning van de meerwaarde van een kennismakingsspreekuur met de jeugdgezondheidszorg tijdens de zwangerschap bij de verloskundige. In Delft is geëxperimenteerd met een kennismakingsspreekuur van de jeugdgezondheidszorg (JGZ) op de verloskundigenpraktijk. Vanuit het idee dat dit een laagdrempelige manier is voor aanstaande ouders om kennis te maken met de jeugdverpleegkundige, te bespreken hoe het nu gaat en eventueel samen te kijken of extra hulp en ondersteuning nodig is. Hier laten we zien hoe dit kennismakingsspreekuur is vormgegeven, wat we in deze pilot hebben geleerd en geven we aandachtspunten mee voor vervolg en verdere opschaling. Deze pilot is voortgekomen uit een groter onderzoek naar de samenwerking rondom prenatale huisbezoeken in Delft. Voor meer informatie, zie de [onderzoekspagina](https://www.kennisnetwerkjeugdhaaglanden.nl/onderzoek-prenataal-huisbezoek).
DOCUMENT
Inleiding: Bij Positieve Gezondheid ligt de focus op het versterken van veerkracht en het vermogen om regie over de eigen gezondheid te behouden. GGD GHOR Nederland heeft het gedachtegoed van Positieve Gezondheid omarmd. Dit praktijkgerichte onderzoek richt zich op de mening van jeugdgezondheidszorg (JGZ)-professionals over het concept ‘Positieve Gezondheid’ en de vraag in hoeverre de toepassing ervan al zichtbaar is in de dagelijks praktijk. Methode: Beide doelstellingen werden respectievelijk door middel van een survey (n= 97) en semigestructureerde interviews (n= 12) nagestreefd. Resultaten: Uit de schriftelijke bevraging blijkt dat JGZ-professionals het positief vinden dat het concept ‘Positieve Gezondheid’ de regie over de eigen gezondheid van het individu benadrukt. Ze vragen zich ook af of iedereen wel in staat is om de eigen regie te voeren. Uit de kwalitatieve analyse blijkt dat de houding van JGZ-professionals tegenover het concept positief is. Bovendien wordt op vier van de zes dimensies (in het bijzonder Lichaamsfuncties, Kwaliteit van leven, Dagelijks leven en Meedoen) door de meeste respondenten daadwerkelijk ingezet tijdens een consult. De hoeveelheid aan bestaande methodieken, zoals de Gezamenlijk Inschatten van Zorgbehoeften (GIZ)-methodiek, en tijdgebrek worden als belemmeringen genoemd.
DOCUMENT
Inleiding: De JGZ nodigt op specifieke leeftijden alle ouders uit voor fysieke consulten om de ontwikkeling van het kind te volgen. Na validering van de Structured Problem Analysis of Raising Kids (SPARK) ontstond de mogelijkheid om de zorg te differentiëren op basis van de verschillende behoeften van gezinnen. Methode: Dit onderzoek startte met de ontwikkeling van een zorgpad met e-consulten voor peuters met laag risico. Na implementatie werden gezondheid en ontwikkeling van het kind gevolgd via door ouders ingevulde vragenlijsten. Ter evaluatie werd een consult op de leeftijd van 30 maanden uitgevoerd en werden gebruikerservaringen van ouders en jeugdverpleegkundigen uitgevraagd. Resultaten: Het bleek in de dagelijkse praktijk haalbaar om ouders en kinderen met een laag risico op opvoedings- en ontwikkelingsproblemen e-consulten aan te bieden, die hen ondersteunen. Binnen de projectduur zijn 106 e-consulten op 24 maanden, 81 op 30 maanden en 59 op 36 maanden uitgevoerd. Ouders waren zeer tevreden over de e-consulten, in tegenstelling tot jeugdverpleegkundigen. Beschouwing: Dit onderzoek liet veelbelovende mogelijkheden zien voor digitale zorg in de JGZ. Het perspectief van ouders motiveerde jeugdverpleegkundigen om door te gaan met e-consulten. Door te beginnen met een digitaal aanbod voor ouders en kinderen met laag risico, kan tijd vrijkomen om in te zetten voor ouders en kinderen met meer zorgbehoeften en hoger risico. Vervolgonderzoek naar de effectiviteit van e-consulten ten opzichte van fysieke consulten volgt. E-health; ouderschap; gezondheid van kinderen; ouderperspectief; relatie verpleegkundige-gezin
DOCUMENT
Dit rapport biedt een diepgaand inzicht in de belangrijke rol die de kinderopvang speelt in de eerste 1000 dagen van een kind's leven. Deze periode, die begint vóór de geboorte en duurt tot het kind twee jaar oud is, vormt de essentiële basis voor de biologische, sociale, motorische en cognitieve ontwikkeling van een kind. Het is een tijd waarin de fundamenten worden gelegd voor de toekomst van elk kind. Uit ons onderzoek blijkt het belang van de kinderopvang als een unieke kans om actief bij te dragen aan de ontwikkeling van kinderen. Tijdens hun verblijf in de kinderopvang krijgen kinderen niet alleen een veilige en liefdevolle omgeving, maar worden ze ook gestimuleerd met activiteiten die hun ontwikkeling bevorderen. Daarnaast fungeert de kinderopvang als een waardevolle bron van ondersteuning voor ouders, waar ze advies kunnen vragen en worden doorverwezen naar relevante hulpbronnen en diensten. Tenslotte benadrukt het rapport ook het belang van de kinderopvang als werkgever. Pedagogisch medewerkers hebben behoefte aan een ondersteunende werkomgeving met collega's waarop ze kunnen vertrouwen. Een redelijke werkdruk, kansen voor persoonlijke ontwikkeling en samenwerking met ouders en jeugdgezondheidszorg worden als essentieel beschouwd voor het succes van de kinderopvang.
MULTIFILE
De inzet van online tools voor online opvoedondersteuning heeft in 2020/2021 een vlucht gemaakt. De samenleving is in toenemende mate al digisociaal, de corona-epidemie werd een wake-up call voor alle organisaties in zorg en welzijn die plotseling online moesten gaan communiceren met cliënten.
LINK
In het Utrechtse voortgezet onderwijs is vastgesteld dat er sprake is van circa honderd leerlingen die langer dan twee maanden ‘thuiszitten’. De betrokken partners – het samenwerkingsverband Sterk VO, de afdeling leerplicht van gemeente Utrecht, de jeugdgezondheidszorg en de buurtteams jeugd en gezin – geven aan deze situatie onwenselijk te vinden. Tegen deze achtergrond gaven zij een analyse te willen laten uitvoeren van deze problematiek en advies te ontvangen om hier als kernpartners slagvaardiger in te kunnen opereren. Gebruik makend van dossier analyse en kwalitaiteve interviews is dit advies tot stand gekomen.
DOCUMENT
Bespreking proefschrift 'Uniform screening for atypical language development in Dutch child health care'
LINK
Dit is een evaluatieonderzoek naar de Pilot ”Jeugd- en gezinswerker naast de huisarts in Zwolle.” De gemeente Zwolle heeft als transformatiethema “Samenhang in de toegang (tot de jeugdhulp),” waarin gewerkt wordt aan het versterken van de samenwerking tussen sociale wijkteams, huisartsen, jeugdgezondheidszorg en onderwijs rondom de toegang tot specialistische jeugdhulp. De bedoeling hiervan is dat kinderen en ouders een sneller en beter passend antwoord krijgen op hun ondersteuningsvraag. Onderdeel hiervan is de pilot ‘jeugd- en gezinswerker naast de huisarts’: in een aantal huisartsenpraktijken zijn jeugd- en gezinswerkers uit de sociale wijkteams gepositioneerd ten behoeve van een betere samenwerking. Specifiek aan de werkwijze is bovendien dat de jeugd- en gezinswerkers een contextgerichte werkwijze hanteren. In dit onderzoek wordt inzicht gegeven in de bijdrage van deze vorm van samenwerking met de huisartsen, in vergelijking met de oude situatie. Ook wordt antwoord gegeven op de vraag wat het hanteren van een contextgericht model betekent voor gezinnen, in de samenwerking tussen jeugden gezinswerkers naast de huisarts, en wat helpend kan zijn in de samenwerking. Ten slotte wordt een beknopte vergelijking gemaakt met hoe andere gemeenten de toegang tot specialistische hulp regelen. De hoofdvraag is: Wat betekent de bijdrage van een contextgerichte jeugd- en gezinswerker naast een huisarts voor de gezinnen, voor de huisarts en voor het werk van de jeugd- en gezinswerker? Dit is onderzocht door middel van diepte-interviews en focusgroepen met ouders, huisartsen en jeugd- en gezinswerkers. Uit de resultaten blijkt dat de ouders, huisartsen en jeugden gezinswerkers positief zijn over de positie en hulp van de jeugd- en gezinswerker naast de huisarts. De jeugd- en gezinswerker: - is een nieuw jeugdberoep met specifiek vakmanschap; - heeft met de positionering naast de huisarts nieuwe mogelijkheden om te helpen bij opvoedproblemen; - is snel, laagdrempelig, persoonlijk en dichtbij; - heeft de school in de schijnwerper als verwijzer en vindplaats van jeugd; - is een schakel naar de ggz en draagt bij aan cultuurverandering; - geeft ouders ondersteuning bij alledaagse pedagogische vragen met een passend verklarings- en handelingskader; - is primair gericht op een klik, een goede relatie met jeugdigen en gezinnen, waarbij een brede blik en de dialoog centraal staan. Het is zinvol om de positieve ontwikkeling van het nieuwe jeugdberoep te onderstrepen door voorlichting aan huisartsen over de manier van werken van de jeugd- en gezinswerker. Ook met het geven van terugkoppelingen naar aanleiding van casuïstiek kan aan huisartsen inzage in de inhoud van het werk gegeven worden. Een constante kwaliteit kan gewaarborgd worden met opleiding, supervisie en tijd voor reflectie. Verder is het nodig om hulpverleningsnetwerken te faciliteren, waarin tijdig en afgestemd gespecialiseerde hulp ingezet kan worden. In die netwerken kan de jeugd- en gezinswerker vanuit de eigen context- en relatiegerichtheid bijdragen aan cultuurverandering en nieuwe taal voor gemeenschappelijke hulpverlening.
DOCUMENT