Types
0Instelling
26Bestandstype
9Taal
5Publicatiejaar
12Thema's
14Producttype
14Publicaties met bestand / URL
2Projectstatus
3Dit rapport biedt een diepgaand inzicht in de belangrijke rol die de kinderopvang speelt in de eerste 1000 dagen van een kind's leven. Deze periode, die begint vóór de geboorte en duurt tot het kind twee jaar oud is, vormt de essentiële basis voor de biologische, sociale, motorische en cognitieve ontwikkeling van een kind. Het is een tijd waarin de fundamenten worden gelegd voor de toekomst van elk kind. Uit ons onderzoek blijkt het belang van de kinderopvang als een unieke kans om actief bij te dragen aan de ontwikkeling van kinderen. Tijdens hun verblijf in de kinderopvang krijgen kinderen niet alleen een veilige en liefdevolle omgeving, maar worden ze ook gestimuleerd met activiteiten die hun ontwikkeling bevorderen. Daarnaast fungeert de kinderopvang als een waardevolle bron van ondersteuning voor ouders, waar ze advies kunnen vragen en worden doorverwezen naar relevante hulpbronnen en diensten. Tenslotte benadrukt het rapport ook het belang van de kinderopvang als werkgever. Pedagogisch medewerkers hebben behoefte aan een ondersteunende werkomgeving met collega's waarop ze kunnen vertrouwen. Een redelijke werkdruk, kansen voor persoonlijke ontwikkeling en samenwerking met ouders en jeugdgezondheidszorg worden als essentieel beschouwd voor het succes van de kinderopvang.
MULTIFILE
Dit rapport is geschreven door een speciale commissie die een kwaliteitsvisie beschrijft voor de Nederlandse kinderopvang. Aanbevelingen uit het rapport zijn overgenomen door minister Asscher voor toekomstig beleid.
DOCUMENT
Jonge kinderen leren vanuit nieuwsgierigheid. Hun aandacht wordt getrokken, ze gaan waarnemen, handelen, spelen. Het spel wordt steeds complexer en zo ontwikkelen ze zelfsturing: bijvoorbeeld keuzes maken, plannen, opruimen, doorzetten en op je beurt wachten. Dat is de basis voor cognitief leren, denk aan taalontwikkeling en het vermogen om te rekenen. De kinderopvang, peuterspeelzaal, gastouderopvang en basisschool spelen hierbij een belangrijke rol. Maar vrij spelen of het volgen van een educatief programma, waarbij juist begeleiders de sturing in handen hebben zijn niet altijd het meest effectief. Begeleid spelen in een rijke leeromgeving is dat wel. In het project Leren van Spel werken hogescholen, instellingen voor voor-en vroegschoolse educatie, scholen voor primair onderwijs, publieke instellingen, kennisinstellingen en beroepsvereningen samen aan ontwikkeling van kennis, vaardigheden en praktische tools voor het creëren van leeromgevingen voor jonge kinderen van 3 tot 7 jaar. Op de website www.lerenvanspel.nl vind je kennis en tools die je kunt inzetten om kinderen optimaal laten leren van spel.
DOCUMENT
In 2020 zijn KION, ROC Nijmegen (opleiding Pedagogisch Werk), HAN (opleidingen Ad Pedagogisch Educatief Professional (Ad PEP) en Pedagogiek) en het iXperium Centre of Expertise Leren met ict een samenwerkingsverband aangegaan vanuit de ambitie om de (aankomend) pedagogisch medewerkers en docenten Pedagogisch Werk te bekwamen in het gebruik van ict in hun vak. De partners streven ernaar om pionier te zijn in de ontwikkelingen in de kinderopvang met inzet en het gebruik van ict, waarbij onderwijs, onderzoek en werkveld samenwerken. Het uiteindelijke doel van de samenwerking is het creëren van een ict-ondersteunde speel- en ontwikkelomgeving voor kinderen van 0 tot 13 jaar, mede in het kader van het bevorderen van inclusie en het verminderen van kansenongelijkheid. In het kader van deze samenwerking is een competentieset voor spelend leren en ontdekken met digitale middelen voor medewerkers in de kinderopvang ontwikkeld. Deze competentieset is gebaseerd op en een aanvulling op competentiesets voor leren en lesgeven met ict die zijn ontwikkeld voor het onderwijs. De competentieset heeft betrekking op medewerkers in de kinderopvang in uitvoerende en aansturende rollen (pedagogisch medewerkers, pedagogisch coaches, locatie- en clustermanagers) en op alle typen kinderopvang (kinderdagopvang, VVE, buitenschoolse opvang). De competentieset is opgesteld voor en binnen de context van het samenwerkingsverband tussen KION, ROC Nijmegen, het iXperium en de HAN, maar ook nuttig en bruikbaar voor andere instellingen en organisaties op het gebied van de kinderopvang.
LINK
Begin dit jaar heft Academie Diedenoort FM aan de Hogeschool van Arnhem en Nijmegen, tijdens een studiemiddag een toelichting gegeven op het vakgebied facility management aan een aantal financiële managers van organisaties die zich bezighouden met kinderopvang. In die branche staat het fm-vakgebid nog in de kinderschoenen en liggen er kansen voor facilitaire professionals.
DOCUMENT
Verslag van een project rondom het introduceren van tekstloze prentenboeken in de kinderopvang. Doel van het project? Pedagogisch medewerkers, kinderen en ouders kennis laten maken met dit type boeken en het belang benadrukken van vroeg beginnen met (thuis) lezen. Ouderbetrokkenheid, leesopvoeding en taalstimulering in verschillende velden -thuis en op de kinderopvang- stonden centraal.
DOCUMENT
Deze handreiking draagt bij aan de bewustwording rond armoede en geeft ideeën en praktische tips hoe professionals in de opvang kunnen omgaan met kinderen die in armoede leven. Professionals kunnen ieder op hun eigen manier en passend bij de eigen locatie gebruik maken van de informatie uit deze handreiking.
DOCUMENT
Er is recent veel zorg over de zgn. ‘zorgkinderen’ in de reguliere Nederlandse kinderopvang, omdat hun aantal is gestegen en ook hun problematiek ernstiger lijkt te zijn. In een sequentiële mixed-methods-aanpak is een kwantitatieve vragenlijststudie uitgevoerd onder pedagogisch medewerkers, gevolgd door een kwalitatieve analyse van focusgroepen met kinderopvangprofessionals.
In Studie 1 zijn, aansluitend op het ‘Job Demands en Resources’-model, in een vragenlijstonderzoek (N= 446) risicofactoren en protectieve factoren in kaart gebracht voor pedagogisch medewerkers. Een ‘moderated mediation’-model voor welbevinden en voor burnout liet zien dat het aandeel zorgkinderen op de groep, gemedieerd via ervaren werkbelasting en handelingsverlegenheid, een voorspeller is van lager welbevinden en gevoelens van emotionele uitputting van deze professionals. Steun vanuit team en organisatie blijkt een protectieve factor.
Aansluitend bij de gevonden relaties uit Studie 1, is in Studie 2 verkend in zes focusgroepen (N= 20) welke concrete ervaringen van pedagogisch medewerkers en staf hebben op hun werk met kinderen met een extra zorgbehoefte. De uitkomsten uit beide deelstudies zijn ten slotte in een breder kader geplaatst met aandacht voor implicaties voor de praktijk.
MULTIFILE