Types
0Instelling
26Publicatiejaar
6Producttype
19Bestandstype
9Taal
5Onderzoeksthema's
13Publicaties met bestand/URL
2Projectstatus
3Dit artikel is eerder verschenen in European Journal of Pain en wordt met toestemming van dat tijdschrift in een Nederlandse vertaling twee delen in TBV gepubliceerd.
ARTIKEL
Dit artikel is eerder gepubliceerd in het European Journal of Pain en wordt met toestemming van dat tijdschrift in een Nederlandse vertaling in twee delen in TBV gepubliceerd.
ARTIKEL
Pijn aan het bewegingsapparaat staat in onze samenleving op de eerste plaats van oorzaken voor ziekteverzuim. Bij aspecifieke chronische lage rugpijn kunnen lichamelijke inspanningen op het werk zoals dynamische en statische functionele capaciteit verlaagd zijn en de aanleiding zijn voor ziekteverzuim. Volgens het promotieonderzoek van Sandra Jorna-Lakke is bij deze groep patiënten aanvullend onderzoek nodig door middel van gestandaardiseerde functionele capaciteitstesten.
ARTIKEL
Fysiotherapie en/of manuele therapie spelen een belangrijke rol in de zorg voor mensen met lage rugpijn. Om de kwaliteit van deze zorg te verbeteren is een richtlijn ontwikkeld die vervolgens geïmplementeerd dient te worden. Technologische innovaties zoals serious games kunnen een rol spelen bij de implementatie van deze richtlijn. In een gerandomiseerde gecontroleerde studie is onderzocht in hoeverre een serious game de implementatie van een richtlijn lage rugpijn bevorderd. Achtenveertig fysiotherapeuten/manueel therapeuten zijn at random toegewezen aan een serious game groep of een groep die voorlichting kreeg over de richtlijn. Uitkomstmaten in deze studie zijn de mate van adherentie aan de richtlijn (vignettentoets), ervaren knelpunten van implementatie, de mening van de deelnemer over de wijze van implementeren, en de mate waarin de richtlijn is gelezen en wordt toegepast in de praktijk naar eigen inschatting van de deelnemer. Na zes weken follow-up is er geen significant effect gevonden van de serious game op de mate van adherentie aan de richtlijn (0,4 punten op 100 puntsschaal; 95% betrouwbaarheidsinterval -4,0 tot 4,8) ten opzichte van de voorlichtingsgroep. Ook voor de andere uitkomsten werden geen statistisch significante effecten gevonden. Het introduceren van een serious game had derhalve geen groter effect op de mate van adherentie aan de richtlijn lage rugpijn dan voorlichting.
ARTIKEL
Lage rugpijn is de meest voorkomende klacht in de fysiotherapiepraktijk en heeft een aanzienlijke sociaaleconomische impact. Onderzoek laat zien dat gestratificeerde fysiotherapeutische zorg op basis van prognostische screening de (kosten)effectiviteit van de behandeling ten goede komt. De grootste uitdaging ligt echter in het bereiken van duurzame gedragsverandering bij de patiënt. Onderzoek laat namelijk zien dat de effectiviteit van de fysiotherapeutische behandeling in grote mate afhankelijk is van de mate waarin patiënten bewust hun gedrag en levensstijl veranderen en geadviseerde oefeningen, beweeggedrag en zelfmanagement vaardigheden (blijven) opvolgen. Het probleem is echter dat therapietrouw vaak relatief laag is. Eerder onderzoek heeft laten zien dat therapietrouwe patiënten een lager risico hebben op nieuwe episodes van rugpijn. E-health, geïntegreerd binnen de reguliere ‘face-to-face’ behandeling (blended care), biedt nieuwe mogelijkheden om therapietrouw te bevorderen en de patiënt te ondersteunen bij gedragsverandering en het stimuleren van zelfregie. Dergelijke e-health applicaties voor blended care zijn nog zeer beperkt voorhanden en worden nog weinig gebruikt. Het UMC Utrecht heeft onlangs een prototype e-Exercise lage rugpijn ontwikkeld in samenwerking met NIVEL, HelloFysio, en de Academische Werkplaats eerstelijns Fysiotherapie, waarbij de eerste fasen van de CEHRES Roadmap voor de ontwikkeling van eHealth applicaties is doorlopen. Patiënten, fysiotherapeuten, en experts waren hierin nauw betrokken. Het ontwikkelde prototype van de e-Exercise lage rugpijn interventie is in een pilot studie (n=40) onderzocht op toepasbaarheid en bruikbaarheid. Het consortium wil e-Exercise lage rugpijn in het beoogde RAAK-PRO project op basis van de pilot studie verbeteren en in een cluster gerandomiseerde trial de (kosten-)effectiviteit op de korte en lange termijn onderzoeken in vergelijking met gebruikelijke zorg (conform huidige richtlijn). Naar verwachting is de blended interventie (kosten-) effectiever in het verbeteren van pijn, fysiek functioneren, en het stimuleren van therapietrouw en zelfregie. Daarnaast zal naar verwachting de kans op nieuwe episodes van rugklachten verminderen.
Bij mensen met lage rugpijn zijn veranderingen gerapporteerd in motoriek en sensoriek. Ook zijn er veranderingen beschreven in het brein bij mensen met lage rugpijn. Er is nog veel onbekend over de relatie tussen klinische tests en veranderingen in het brein. Dit onderzoek is daarop gericht.

Bij mensen met lage rugpijn zijn veranderingen gerapporteerd in motoriek en sensoriek. Ook zijn er veranderingen beschreven in het brein bij mensen met lage rugpijn. Er is nog veel onbekend over de relatie tussen klinische tests en veranderingen in het brein. Dit onderzoek is daarop gericht.
Lage rugpijn is de meest voorkomende klacht in de fysiotherapiepraktijk en heeft een aanzienlijke sociaaleconomische impact. Onderzoek laat zien dat gestratificeerde fysiotherapeutische zorg op basis van prognostische screening de (kosten)effectiviteit van de behandeling ten goede komt. De grootste uitdaging ligt echter in het bereiken van duurzame gedragsverandering bij de patiënt. Onderzoek laat namelijk zien dat de effectiviteit van de fysiotherapeutische behandeling in grote mate afhankelijk is van de mate waarin patiënten bewust hun gedrag en levensstijl veranderen en geadviseerde oefeningen, beweeggedrag en zelfmanagement vaardigheden (blijven) opvolgen. Het probleem is echter dat therapietrouw vaak relatief laag is. Eerder onderzoek heeft laten zien dat therapietrouwe patiënten een lager risico hebben op nieuwe episodes van rugpijn. E-health, geïntegreerd binnen de reguliere ‘face-to-face’ behandeling (blended care), biedt nieuwe mogelijkheden om therapietrouw te bevorderen en de patiënt te ondersteunen bij gedragsverandering en het stimuleren van zelfregie. Dergelijke e-health applicaties voor blended care zijn nog zeer beperkt voorhanden en worden nog weinig gebruikt. In het gehonoreerde RAAK-project is allereerst binnen de samenwerking van de Academische Werkplaats eerstelijns Fysiotherapie het ontwikkelde prototype e-Exercise lage rugpijn geoptimaliseerd. Dit is gedaan op basis van onderzoek naar de toepasbaarheid en de bruikbaarheid beoordeeld door de eindgebruikers (patiënten, fysiotherapeuten, en experts). Hierbij zijn de eerste fasen van de CEHRES Roadmap voor de ontwikkeling van eHealth applicaties doorlopen en is het prototype in een pilot studie (n=40) onderzocht op toepasbaarheid en bruikbaarheid. Op dit moment onderzoekt het consortium de (kosten-)effectiviteit van e-Exercise lage rugpijn op de korte en lange termijn in vergelijking met gebruikelijke zorg (conform huidige richtlijn) in een cluster gerandomiseerde trial. Naar verwachting is de blended interventie (kosten-) effectiever in het verbeteren van pijn, fysiek functioneren, en het stimuleren van therapietrouw en zelfregie. Daarnaast zal naar verwachting de kans op nieuwe episodes van rugklachten verminderen.
Chronic non-specific low back pain is assumed to be a multifactorial affliction, implying that a number of different risk factors contribute to its development and persistence. After onset, prognostic factors can potentially predict the future course. Risk factors for the development of chronic pain (i.e. transition from acute to chronic pain) are well documented in the literature. However, when pain becomes persistent, less knowledge is available on the risk factors for future outcome. Increased knowledge on the prognostic factors for chronic complaints will allow to better inform and advise patients, by supporting clinical decisions about the type of treatment and identifying patients at risk of a poor outcome. The objective of this thesis was to describe the clinical course of chronic non-specific low back pain in patients referred to a rehabilitation centre in tertiary care, to identify prognostic factors for recovery, and to analyse the influence of various outcomes and statistical techniques on the development of a prognostic model. This study included 1,760 patients with chronic non-specific low back which completed a 2-month multidisciplinary treatment and were followed up at 5- and 12-months. In summary, the clinical course of patients with chronic nonspecific low back pain who did not recover during primary and secondary care seemed to improve after a rehabilitation program, with success rates up to 60% at 12-months follow-up depending on the definition of recovery. Younger age, being female, being married or living with one adult, lower pain intensity and disabilities, higher quality of life (physical and mental) and a higher work participation increased the change for recovery. Karin Verkerk is senior lecturer and researcher at the Department of Health Care of the Rotterdam University of Applied Sciences.
NIET BEKEND