Types
0Instelling
26Bestandstype
9Taal
5Publicatiejaar
12Thema's
14Producttype
14Publicaties met bestand / URL
2Projectstatus
3Zoals reeds vermeld in het artikel 'Formatief evalueren' van Weeldenburg & Slingerland (2019) dient formatief evalueren beschouwd te worden als een essentieel onderdeel van het bewegingsonderwijs om het leren van leerlingen te stimuleren en ondersteunen. Echter lijkt evalueren binnen het bewegingsonderwijs in het basisonderwijs vaak gezien te worden als een 'papieren tijger'. In dit artikel wordt daarom een aantal praktische methodes toegelicht waarmee formatieve evaluatie toegepast kan worden in de lessen. Hierbij wordt ingegaan op manieren waarmee de formatieve procescyclus van het geven van feedup, feedback en feedforward ingepast kan worden in de lessen, zonder daarbij de leerkracht te veel te belasten. Praktische handvatten omtrent leerdoelkaarten, zelfevaluatie en peerevaluatie worden in dit stuk besproken.
DOCUMENT
Om het samen werken en leren van innovatieve leerwerkomgevingen in het HBO, zoals professionele werkplaatsen, te verbeteren, is behoefte aan inzicht in de werkzame factoren in de samenwerking tussen verschillende actoren uit verschillende organisaties. Het Ontwikkelinstrument Lerend en Onderzoekend Samenwerken (O-LOS) is ontwikkeld om deze evaluatie in de praktijk te ondersteunen. Op basis van een pilotstudie werd onderzoek gedaan naar de volgende vraagstelling: Op welke wijze kan de samenwerking in innovatieve leerwerkomgevingen worden geëvalueerd en versterkt, gebruikmakend van het instrument O-LOSI De resultaten bieden handvatten voor structurele toepassing van het O-LOS in de praktijk.
DOCUMENT
Dit artikel beschrijft een onderzoek naar werkzame elementen in de samenwerking binnen innovatieve leeromgevingen, professionele werkplaatsen (PW) genoemd. In PW werken onderwijs en beroepspraktijk samen aan complexe vraagstukken waarbij de ontwikkeling van betrokkenen en de innovatie van de beroepspraktijk centraal staan. Op basis van literatuuronderzoek, verkennende interviews met 11 sleutelfiguren en een meervoudige casestudie waarin vanuit 4 cases 75 betrokkenen participeerden, is het model Lerend en Onderzoekend Samenwerken in PW ontwikkeld. Het model omvat zes elementen en laat zien dat het lerend en onderzoekend samenwerken centraal staat in een PW en zich ontwikkelt binnen een grensoverstijgende en ontwikkelingsgerichte cultuur. Betrokkenen in een PW leren gezamenlijk doordat ze samenwerken in de dienstverlening en hierbij waarde hechten aan het delen van verschillende perspectieven. Door facilitering van mensen en middelen en door de samenwerking vorm te geven vanuit een gezamenlijke visie, kunnen betrokkenen elkaar leren kennen en afstemmen op welke manier zij samen kunnen bijdragen aan de innovatie van de beroepspraktijk. Hiervoor zijn zowel het opbouwen van relaties als het expliciteren en verdelen van taken en verantwoordelijkheden essentieel. Het model, dat een systemisch perspectief kent, biedt uitgangspunten en handvatten om de samenwerking binnen een PW te evalueren en te versterken.
MULTIFILE
De school als lerende organisatie wordt door steeds meer professionals, beleidsmakers en academici gezien als de ideaaltypische organisatievorm voor het omgaan met een veranderende externe omgeving en voor het faciliteren van verandering en innovatie. Literatuur over lerende organisaties beschrijft echter voornamelijk de theoretische principes ervan. De praktische hoe-vraag krijgt aanzienlijk minder aandacht. De centrale vraagstelling van dit lectoraat is daarom als volgt: hoe kan het lerend leiderschap in scholen worden ontwikkeld en vervolgens bijdragen aan de realisatie van integraal, duurzaam en kennisgedreven lerende onderwijsorganisaties? Leiderschap omvat in dit lectoraat alle leidingnemende actoren in de organisatie, dus ook teacher leaders.
DOCUMENT
In 2020 is vanuit het SPRONG-Educatief programma van SIA en NRO het STEMnetwerk (Science, Technology, Engineering, Mathematics) gestart. Doel hiervan is het bouwen van een stevig landelijk lerend netwerk op het gebied van STEM-onderwijs, om de kwaliteit van dit onderwijs te verbeteren. In de onderwijspraktijk worden de ST-E-M namelijk nog vaak onafhankelijk van elkaar onderwezen en is er sprake van een breuklijn tussen het primair en voortgezet onderwijs; het ontbreekt aan een doorgaande leerlijn. Om vak- en sectoroverstijgend STEM-onderwijs te realiseren is een netwerksystematiek ontwikkeld die momenteel wordt geïmplementeerd. Deze systematiek bestaat uit het werken met een landelijk kernteam, regioteams en regionale professionele leergemeenschappen (PLGs), en het bevorderen van netwerkvorming met behulp van de sleutelfactoren hiervoor. Na twee jaar is het tijd om de balans op te maken. In deze bijdrage wordt ingegaan op de organisatie van het STEM-netwerk en de sleutelfactoren voor netwerkleren. Daarnaast wordt verslag gedaan van evaluaties van het STEM-netwerk aan de hand van de sleutelfactoren en wordt weergegeven hoe hiervan wordt geleerd.
DOCUMENT
In deze handreiking staat de nieuwe aanpak van jeugd- en gezinsprofessionals centraal, met name de wijze waarop ze zich die aanpak eigen maken. Aan de orde komen acht bouwstenen waarmee wijkteams samen een visie en aanpak op hun werk ontwikkelen en onderhouden, leren werken vanuit de eigen kracht van gezinnen, zorg dragen voor veiligheid, hun functioneren en resultaten kunnen monitoren. Kortom: met elkaar een cultuuromslag (blijven) maken in hun werk met ouders, jongeren en kinderen.
LINK
In de Stedelijke Taalaanpak Almere werken professionals samen in lerende netwerken om de taalvaardigheid van kinderen en jongeren te versterken. Rond een centraal taalthema en streefdoel bouwen zij gedurende minimaal een jaar kennis en ervaring op, die ze delen en toepassen in de praktijk. De publicatie Procesbegeleider van lerende netwerken: een praktische handreiking biedt concrete richtlijnen om deze netwerken effectief op te zetten, te begeleiden en duurzaam te verankeren. Met praktische en onderzoeksgestuurde inzichten draagt de aanpak bij aan een sterkere taalpraktijk en betere kansen voor jeugd.
DOCUMENT
Leerlingen brengen tijdens hun middelbare schooltijd vele uren door met hun medeleerlingen en leraren. Zij ontwikkelen zich tijdens deze periode tot jongvolwassenen, die klaar zijn voor een volgende stap in hun (school)loopbaan. In het onderwijs speelt toetsing voor leraren en leerlingen sinds jaar en dag een belangrijke en sturende rol. Toetsing geeft leerlingen en ouders inzicht in de voortgang van het leerproces, maar is voor scholen ook een middel om de kwaliteit van het onderwijs te bewaken. Negatieve toetservaringen kunnen echter leiden tot een gebrek aan motivatie, zelfvertrouwen en zin in leren. In 2018 constateerde de Onderwijsraad bovendien een disbalans in de huidige toets- en examenpraktijk tussen het toetsen van het leren en het toetsen voor het leren. Om tot een evenwichtige balans te komen tussen onderwijzen, leren en toetsen, uiten scholen steeds meer hun behoefte aan kennis over de vormende en lerende functie van toetsing – het formatief evalueren. Ook stellen zij de vraag hoe formatief evalueren zich verhoudt tot beslissingen over overgang en diplomering. De informatie en kennis over formatief evalueren is inmiddels echter zo overweldigend, dat het voor leraren lastig is de essentie te doorzien en (als team) de juiste eerste stap te zetten. Het doel van dit thematisch overzicht is (teams van) leraren handvatten te bieden bij de implementatie van formatief evalueren. Voor dit doel is beschikbare en recente kennis gebundeld en focus aangebracht. Belangrijkste conclusies zijn dat formatief evalueren over succeservaringen voor alle leerlingen gaat, het niet kan zonder effectieve didactiek en een visie op leren voorwaardelijk is.
DOCUMENT