Hoe kunnen we een eerlijker toetscultuur creëren voor nieuwkomers in het Nederlandse rekenonderwijs? In dit boekje zijn de praktijkopbrengsten van het onderzoeksproject ‘Multi-Assessment: meertalig toetsen van nieuwkomers bij rekenen’ te vinden. Vijf basisscholen geven een rijke beschrijving van de nieuwe toetspraktijken die zij hebben ontwikkeld en uitgevoerd om beter zicht te krijgen op het rekenpotentieel van hun leerlingen. Voorafgaand aan deze beschrijvingen vind je een korte inleiding vanuit de theorie en afsluitend geven we de belangrijkste conclusies vanuit het onderzoek en een blik op de toekomst mee. Hiermee willen we leerkrachten inspireren die aan de slag willen met het eerlijker toetsen van meertalige leerlingen in hun rekenonderwijs. Ook is het boekje interessant voor schoolleiders, bestuurders en beleidsmakers die willen gaan voor gelijke kansen van nieuwkomers in het (reken)onderwijs en een indruk willen krijgen van de rol die meertalig toetsen daarin kan spelen. Deze publicatie komt voort uit het onderzoeksproject ‘Multi-assessment: meertalig toetsen van nieuwkomers bij rekenen van lectoraat Meertaligheid en Onderwijs van de Hogeschool Utrecht.
DOCUMENT
Deze factsheet legt uit hoe een lerarenteam een ervaringsreconstructie uit kan voeren. Het doel van deze ervaringsreconstructie is kwaliteitsverhoging van rekenonderwijs door in de didactiek aansluiting te zoeken bij de context van de leerling en zijn of haar omgeving.
DOCUMENT
Dit rapport is het verslag van een literatuurstudie naar rekenonderwijs in cluster 2 en heeft tot doel uitgangspunten voor rekenonderwijs aan deze doelgroep vast te leggen. De checklist in dit rapport biedt aanknopingspunten om het rekenonderwijs in cluster 2 in beeld te brengen en afstemming op de onderwijsbehoeften van leerlingen met auditieve beperkingen mogelijk te maken. De didactische aanpak vraagt hierbij nog veel aandacht. Tot nu toe is er weinig tot geen onderzoek gedaan in Nederland naar de gecijferdheid van dove en slechthorende kinderen (zie bijvoorbeeld Crasborn e.a. 1999; Gehoor in onderzoek 2010, maar ook Van Dijk 1968). De lectoraten Gecijferdheid en Dovenstudies van het Kenniscentrum Educatie van de Faculteit Educatie van Hogeschool Utrecht hebben het initiatief genomen om een verkennend onderzoek te doen naar de rekenwiskunde vaardigheden bij dove en slechthorende kinderen in het speciaal basis onderwijs. Een school1 voor dove kinderen was bereid aan dit onderzoek mee te werken.
DOCUMENT
De prestaties voor rekenen-wiskunde moeten omhoog. “Begin bij de leraar” is daarbij het devies van de vier rekenlectoren in Nederland. De vier rekenlectoren hebben daarom afgesproken om met hun praktijkgerichte onderzoek de professionalisering van de praktijkprofessional in het basisonderwijs centraal te zetten. En met de praktijkprofessional bedoelen ze zowel de leerkracht, de remedial teacher, de intern begeleider als de zorgcoördinator. In dit artikel stellen de vier rekenlectoren zich voor, geven ze hun kijk op het rekenonderwijs en wat er nodig is om de rekenprestaties van leerlingen te verbeteren
DOCUMENT
In 2009 is bij alle brugklasleerlingen van de scholen van de Stichting BOOR de DIA-taal toets afgenomen in het kader van het ontwikkelen van taalbeleid. In 2010 zijn de scholen begonnen met het ontwikkelen van rekenbeleid en rekenonderwijs. Daartoe is het APS gevraagd de scholen te begeleiden. Om het beginniveau van de eerstejaars leerlingen te bepalen is aan het lectoraat Gecijferdheid van de Hogeschool Utrecht gevraagd om de ABC-toets voor rekenen in het voortgezet onderwijs af te nemen. Dit is uitgevoerd in het najaar van 2010. In totaal hebben 15 scholen en 1780 leerlingen deelgenomen aan de toets. De scholen hebben alle in november 2010 een schoolrapportage ontvangen. Daarin staan de resultaten van de leerlingen op leerling-niveau. Op basis daarvan kunnen de scholen hun onderwijsaanbod afstemmen op de onderwijsbehoeften van de leerlingen. In deze bovenschoolse rapportage vergelijken we de resultaten van de scholen met de landelijke norm en met elkaar
DOCUMENT
De resultaten van TIMSS 2019 zijn weer verschenen. De media staan bol van redeneringen en conclusies over wat de uitkomsten zeggen over de staat van ons (reken)onderwijs. Een belangrijk aspect blijft daarbij onderbelicht, namelijk een analyse van wat kinderen in deze tijd nu eigenlijk nodig hebben om zich te ontwikkelen tot gecijferde burgers, die met zelfvertrouwen omgaan met de kwantitatieve kant van de wereld om ons heen.
DOCUMENT
In this paper we describe values in mathematics education in the Netherlands, in a context where both government and teachers are merely focused on test results. At the same time, newly proposed core goals emphasise mathematics education’s socializing function. These new core goals also focus on mathematical attitudes and relating mathematics and the world outside school. This paper describes an exploration to come to a model that can be used to both clarify the role of values in mathematics education and can be used to design education that aligns with this value-oriented character. We present the development of this model as it evolved in discussions with experts such as teacher educators, mathematics specialists, and primary school teachers. It developed from a linear model, via an adapted version making it too complex, to a model that is more focused on the relation between the main elements. The final model represents relations between ‘mathematics’, ‘values’, and ‘the world’ and names the connections between these aspects ‘mathematical literacy’, ‘citizenship’, and ‘value-based mathematics’. By developing this model, we experienced that its use shifted from a descriptive model, via a model that helps communicating about value based mathematics to a mental model. The final model can be used for future design research, where the first step will be establishing the present status of values in mathematics education.
DOCUMENT
In de ‘Periodieke peiling van het Onderwijsniveau reken-wiskundeonderwijs’ in 2005 wordt geconstateerd dat basisschoolleerlingen niet goed scoren op samengestelde bewerkingsopdrachten. Fouten ontstaan onder meer, omdat leerlingen geen uitwerkingsstappen noteren. We hebben onderzocht of de kwaliteit van uitwerkingen verbetert als leerlingen leren om dit type opdrachten gestructureerd uit te werken. Daartoe werd in een experimentele groep gewerkt volgens een structureringsplan. De controlegroep maakte in dezelfde periode dezelfde opdrachten, maar dan zonder specifieke ‘structureringsstappen’. Uit de resultaten blijkt dat op een school die niet gewend is leerlingen te leren rekenstappen netjes op te schrijven, stevige winst geboekt kan worden door te oefenen op samengestelde bewerkingsopdrachten. Is er op school al wel aandacht voor, dan treedt geen verbetering op door onze structureringsaanpak.
DOCUMENT
geen samenvatting beschikbaar
DOCUMENT
Digitale reken-wiskundemethodes hebben steeds meer te bieden. Ze kunnen een enorme verrijking van het reken-wiskundeonderwijs zijn en de mogelijkheden van de leerkracht vergroten als het gaat om het volgen, ondersteunen en uitdragen van leerlingen, ook als het gaat om de wereld binnen de school halen en leerlingen motiveren. Het werk van de leerkracht wordt er wel complexer door. Hoe rijk de digitale materialen en mogelijkheden ook zijn, uiteindelijk zal voor het ontwikkelen van begrip, inzicht, denken en redeneren de leerkracht onmisbaar blijven.
DOCUMENT