Types
0Instelling
24Bestandstype
9Taal
5Publicatiejaar
12Thema's
14Producttype
14Publicaties met bestand / URL
2Projectstatus
3Samenvatting aanwezig in het Engels en Nederlands.
DOCUMENT
geen samenvatting aanwezig
DOCUMENT
Op 14 maart 2013 organiseerde Sietske Dijkstra van het lectoraat huiselijk geweld en hulpverlening in de keten een boekbespreking over 'Samenwerken en verbinden'. Bron van inspiratie hiervoor was het boek Together (2012) van Richard Sennett, een van de grote sociologen van deze tijd. De essentie van het boek: samenwerken is een van de essentiële elementen van goed werk. Volgens Sennett is dit ambacht - het vraagt immers oefening en vaardigheid - door economische en sociale ontwikkelingen onder druk komen te staan.
DOCUMENT
In dit boek worden drie grote thema's rondom honoursprogramma's besproken: de kenmerken van talent en de talentontwikkeling gericht op professionele excellentie, de inrichting van de leeromgeving in honoursprogramma's en honoursteaching. Het boek is primair gericht op docenten uit het hoger onderwijs, maar door het brede spectrum van onderwerpen kan het ook interessant zijn voor docenten in andere typen onderwijs, leidinggevenden in het onderwijs, beleidsmakers, onderwijskundigen, onderzoekers en anderen die geïnteresseerd zijn in het honoursonderwijs. Docenten kunnen de vele concrete aanwijzingen die de auteurs geven, gemakkelijk inpassen in hun eigen onderwijspraktijk. Aan dit boek hebben 38 docenten uit het hoger onderwijs meegeschreven onder redactie van Remco Coppoolse, Pierre van Eijl, en Albert Pilot. Dit bestand bevat hoofdstuk 1 t/m 6 en 8 t/m 13.
DOCUMENT
Een van de uitdagingen waar we voor staan, ligt in het opleiden van jongeren voor de arbeidsmarkt. Zorgwekkend is het aantal voortijdige schoolverlaters zonder startkwalificatie. Door een opeenstapeling van problemen lukt het ze niet hun opleiding af te maken en dreigen daardoor maatschappelijk af te glijden. Hun kansen op de arbeidsmarkt zijn gering. Rotterdam telt enkele duizenden van zulke risicojongeren. Om deze jongeren te helpen zijn innovatieve sociale professionals nodig. In deze openbare les constateert lector Toby Witte dat de zorgen welzijnssectoren versnipperd zijn georganiseerd en onvoldoende aanvullend functioneren.
DOCUMENT
Peer-coaching omvat een helpende relatie waarin twee mensen van gelijke status actief deelnemen en daarbij leren van elkaar. Binnen het hoger onderwijs wordt peer-coaching steeds vaker toegepast, waarbij studenten hun peers kunnen helpen en ondersteunen. Begrijpelijk want peer-coaching heeft bewezen positieve effecten voor zowel de coach als coachee. Bij het Studentsucces centrum (SSC), dat sinds 2020 is opgericht om de binding en het welzijn van studenten te versterken, is het bieden van ondersteuning middels peer-coaching een kernactiviteit. Binnen elk SSC zijn een of meerdere getrainde studenten actief als studentbuddy’s. In deze studie is gekeken naar de opbrengsten van de peer-to-peer begeleiding. Daarbij viel direct op dat de coaching die de buddies op dit moment bij het SSC bieden veelal van korte duur en gericht op oppervlakkige en praktische vragen en er derhalve niet echt sprake is van een coachings-traject. Daarbij blijft het aantal coaching-aanvragen laag, terwijl er bewijs is dat studenten wel ondersteuning zouden willen en nodig hebben op studie-gerelateerd en emotioneel gebied. Wat kan er volgens de studenten gedaan worden om de peer-coaching te intensiveren? Door te ontdekken hoe de studentbuddy’s en peers de coaching en alles wat daarbij komt kijken hebben ervaren, zijn waardevolle lessen geleerd worden voor de promotie en ontwikkeling van peer-to-peer begeleiding. Daartoe is er op exploratieve wijze onderzocht wat de behoeften, ervaringen en opbrengsten zijn van zowel de studentbuddy’s als de gecoachte peers. Er is onder andere gekeken naar de bekendheid van het SSC, hoe betrokken de studenten zich voelen bij het SSC, hoe tevreden de studenten zijn met het SSC en wat de peer-coaching doet met de persoonlijke en professionele ontwikkeling en het studiesucces. In totaal zijn tien student-buddy’s en zes peers geïnterviewd. Onder de geïnterviewde buddy’s is er een grote verscheidenheid aan de hoeveelheid gecoachte peers, de duur van de coaching trajecten en de inhoud ervan. De bekendheid van het SSC en met name de peer-coaching mogelijkheden die aangeboden worden, zijn als belangrijkste verbeterpunt in het licht van het relatief lage aantal coaching aanvragen, genoemd. De buddy’s zijn zelf vaak per toeval bekend geworden met het SSC en waren vaak voor hun rol als studentbuddy er nog niet bekend mee. Wel geven de meeste studentbuddy’s aan zich zeer betrokken te voelen bij het team en de peers die ze coachen, zich persoonlijk te hebben ontwikkeld en tevreden te zijn met de werkzaamheden. De buddy’s voelen zich meer zelfverzekerd, zijn sterker geworden in hun sociale vaardigheden en voelen zich meer thuis op de hogeschool. De geïnterviewde peers ontvingen individuele coaching bij plannen, motivatie vinden, studieopdrachten en wegwijs worden op de hogeschool. Alle peers gaven aan dat de peer-coaching belangrijk is en het hen helpt. Dat studentbuddy’s meer tijd hebben, makkelijker benaderbaar zijn en informeler communiceren dan bijvoorbeeld docenten en decanen, werden als voordelen genoemd. Ook de peers gaven aan dat het SSC niet heel bekend is onder de studenten. Ze gaven aan vaak doorverwezen te zijn door een docent of studieloopbaanbegeleider, of per toeval in contact zijn gekomen met een studentbuddy. De peers voelen zich zeer betrokken bij de studentbuddy, maar niet bij het SSC en zijn meestal niet bekend met andere activiteiten die het SSC aanbiedt. Tot slot geven de peers aan dat de peer-coaching heeft geholpen bij hun studievaardigheden, stressvermindering en ook meer thuis voelen op de hogeschool. In de literatuur worden voordelen van peer-coaching op de academische prestaties, het zelfvertrouwen, de motivatie bevorderen, maar ook praktische en emotionele ondersteuning beschreven. Wie zien in deze studie bij onze SSC’s dat, hoe kleinschalig of kortdurend dan ook, de peer-to-peer aanpak inderdaad deze voordelen oplevert. Gezien de aard van sommige hulpvragen, is langdurige coaching niet altijd noodzakelijk. Tevens laat deze studie zien dat het ook voordelen voor de studentbuddy’s zelf, zoals meer betrokken worden op de hogeschool en verbeterde vaardigheden, oplevert. Ondanks de behoefte aan peer-coaching en promotieactiviteiten van het SSC, weten studenten de weg naar het SSC nog niet goed te vinden. Er lijken grote verschillen te zijn in de vorm en inhoud van de peer-coaching tussen studentbuddy’s. Een duidelijkere afbakening en routekaart van hulpbronnen binnen de hogeschool, zou het SSC meer draagvlak en bekendheid binnen de organisatie kunnen opleveren. De geïnterviewde studenten gaven daarnaast als tips om vaker langs de klassen te gaan, gadgets in te zetten, de vindbaarheid online te vergroten en in de fysieke locaties te verduidelijken bij wie de student terecht kan.
DOCUMENT
VNO-NCW Noord is van mening dat, nu de economie groeit en de arbeidsmarkt steeds krapper wordt, hét moment is aangebroken om hier werk van te maken. In 2018 heeft VNO-NCW besloten om het thema ‘(er)ken je talent’ centraal te stellen. Binnen dit jaarthema heeft de werkgroep Talent Buitenspel zich beziggehouden met het onbenutte potentieel in onze arbeidsmarkt. Met de Inspiratieroute wil de werkgroep Talent Buitenspel werkgevers inspireren om op een andere manier te kijken naar het talent dat nu nog op de reservebank zit. De Inspiratieroute laat zien hoe je deze groep talent, de zogenaamde stille reserve, kunt vinden en binden.
MULTIFILE
In honoursonderwijs heeft de docent niet alleen de rol van onderwijsgever maar ook van coach voor studenten in hun proces van talentontwikkeling. Ook studieloopbaanbegeleiders, tutoren en studiementoren kunnen daar een speciale rol in vervullen. Coaching kan plaatsvinden in het kader van projectbegeleiding maar ook los daarvan in aparte bijeenkomsten en activiteiten gericht op bewustwording en omgaan met talenten. In dit hoofdstuk wordt ingegaan op oplossingsgericht coachen, waarderend coachen en zelfcoaching. Belangrijke punten daarbij zijn de Talentenwijzer en de Sterke-puntenbenadering. Tot slot geven we aanwijzingen voor het coachen van talenten.
DOCUMENT
Een nadeel van de toegenomen populariteit van talentmanagement is de grote mate van conceptuele onduidelijkheid (Collings & Mellahi, 2009). Op hoofdlijnen zijn er twee brede stromingen te onderscheiden (Visser, 2002). Binnen de eerste stroming ligt het accent op talent als zijnde een eigenschap. De tweede stroming richt zich vooral op de vraag wie er binnen een organisatie als een talent wordt beschouwd. Het hebben van talent staat hier dus niet gelijk aan het zijn van een talent. Dit artikel zet beide benaderingen helder tegen elkaar af.
DOCUMENT