Types
0Instelling
26Bestandstype
9Taal
5Publicatiejaar
12Thema's
14Producttype
14Publicaties met bestand / URL
2Projectstatus
3Het kenniscentrum Duurzame HavenStad van Hogeschool Rotterdam heeft als belangrijkste taak om toegepast onderzoek aan de Hogeschool naar een hoger plan te tillen, waarbij de aandacht voornamelijk uitgaat naar de inzet van vernieuwende technologie in de Rotterdamse stad en haven, en algemener, de Nederlandse delta. Met in het achterhoofd een ontwikkeling waarin veertig procent van de wereldbevolking momenteel binnen 200 km van een kustlijn woont, hetgeen in 2050 tot 60 procent zal zijn toegenomen is de Nederlandse delta bij uitstek een ideale locatie voor experimenten met de slimme omgang met water. Dit krijgt in het licht van een rijzende zeespiegel en globale opwarming ook een urgent karakter.
DOCUMENT
In dit artikel wordt het belang aangegeven van onderzoeksvaardigheden in het HBO. Met de komst van de lectoraten en de nieuwe positionering van het HBO is het belangrijk om een antwoord te vinden hoe het onderzoek binnen het HBO vormgegeven moet worden. Hierbij wordt gekeken naar de bruikbaarheid van verschillende onderzoeksmethoden en naar rollen die een student binnen een curriculum in het onderzoek kan hebben.
DOCUMENT
Om te kunnen functioneren in de huidige kennismaatschappij worden kritische en onderzoekende vaardigheden belangrijk geacht voor toekomstige professionals (De Boer, 2017). Hogescholen spelen een belangrijke rol in het opleiden van deze professionals en hebben mede daarom de wettelijke taak gekregen om onderzoek te doen en dit te integreren in het onderwijs (Griffioen & De Jong, 2015). Hoe dragen docenten, onderzoekers, onderzoek- en onderwijsmanagers in de dagelijkse praktijk bij aan het samenbrengen van onderzoek en onderwijs? Om deze vraag te beantwoorden werden N=61 interviews afgenomen met deze actoren binnen drie Nederlandse hogescholen. De resultaten laten zien dat de gedragsintenties die de respondenten bespreken verdeeld kunnen worden in drie categorieën: integratie van onderzoek in onderwijs; integratie van onderwijs in onderzoek; en het samenkomen van onderzoek en onderwijs. In de drie categorieën kan zowel ‘direct gedrag’ als ‘ondersteunend gedrag’ onderscheiden worden. Opvallend is dat de focus binnen de gedragsintenties ligt op het integreren van iets van onderzoek in het onderwijs, en in mindere mate van iets van onderwijs in het onderzoek. De implicaties van de resultaten en de opzet van het vervolgonderzoek worden bediscussieerd met het publiek tijdens het congres.
DOCUMENT
Bij zijn inauguratie presenteerde Luewton Agostinho een globale visie op watertechnologie, de fysische principes die hierbij betrokken zijn en de uitdagingen, behoeften en conflicten bij het wetenschappelijk en toegepast onderzoek
MULTIFILE
Dit onderzoek geeft inzicht in de belangrijkste waardensets die een rol spelen bij de aanpassing van de inrichting van het Vechtdalgebied. Hierdoor kunnen betere besluiten genomen worden over de inrichting van dit gebied. De methodiek die gehanteerd wordt, kan goed toegepast worden in soortgelijke projecten. In het onderzoek zijn uit een discoursanalyse met vijf verhaallijnen de achterliggende waarden gehaald. De vijf verhaallijnen zijn: natuur, landschap, waterveiligheid, economische ontwikkeling en regionale identiteit van het Vechtdal.
DOCUMENT
Het onderhavige rapport geeft de inhoudelijke eindrapportage van de uitgevoerde werkzaamheden binnen het KIEM-VANG project met de titel ‘Hergebruik van thermoharde composieten. Onderzoek van mogelijke producten en toepassingen.’ Het project is bij het Nationaal Regieorgaan Praktijkgericht Onderzoek SIA aangevraagd en toegekend met als projectnummer PROVA.CE.01.006 en kenmerk 2015-765. De financiële eindrapportage met de verantwoording van uren en kosten wordt niet in dit document beschreven maar wordt separaat gerapporteerd. Met de omschrijving ‘hergebruik van thermoharde composieten’ wordt een geheel andere, nieuwe werkwijze nagestreefd om end-of-life (afval) producten van dit materiaal te verwerken dan er in de afgelopen decennia is gedaan. Doelstelling is om met zo weinig mogelijk bewerkingen (kosten) het end-of-life product om te zetten in versterkingselementen die in nieuwe producten kunnen worden gebruikt. Op deze manier wordt een economisch interessante oplossing nagestreefd om zoveel mogelijk van de nog aanwezige hoogwaardige materiaaleigenschappen te benutten in een nieuw product. Deze werkwijze past in het principe van de circulaire economie: Van Afval Naar Grondstof (VANG). Het huidige onderzoek is uitgevoerd onder leiding van de onderzoekers van het Lectoraat Kunststof Technologie (LKT) van de Hogeschool Windesheim. Hierbij waren ook studenten en het bedrijfsbureau van de technische studies betrokken. De deelnemende bedrijven in het project waren Poly Products, Bijl Profielen, Jansen Venneboer, Royal Haskoning DHV en MRCONSULT. De bedrijven Poly Products en Bijl Profielen vertegenwoordigen een lange ervaring in het ontwerpen en vervaardigen van composietproducten. Met Jansen Venneboer, Royal Haskoning DHV en MRCONSULT is er in het project veel kennis gekomen van infrastructurele toepassingen. Bovendien hebben deze bedrijven ook al ervaring met het toepassen van composietproducten. De resultaten van het project zullen op uitgebreide schaal in de belangstelling worden gebracht door middel van presentaties en publicaties, waarvan een aantal in het overzicht van referenties van deze rapportage gemeld wordt. De projectdeelnemers zien terug op een inspirerend en succesvol project en wensen u veel leesplezier toe.
DOCUMENT
Deze vier artikelen uit verschillende hoeken van de HU illustreren uiteenlopende ervaringen met de koppeling tussen onderwijs, onderzoek en beroepspraktijk. Uit hun verhalen blijkt dat deze verbindingen steeds meer vorm krijgen en dat de ervaringen met de HU als kennisinstelling vooral positief zin. Uitgegeven op het HU onderwijscongres 2008 als Passie & Precisie deel 02.
DOCUMENT
Een goede leerkracht is een nieuwsgierige leerkracht die zichzelf en zijn omgeving kritisch kan bekijken en beoordelen. Vanuit die overtuiging heeft de Pedagogische Academie van de Hanzehogeschool vanaf dit schooljaar een zelfstandige leerlijn praktijkgericht onderzoek in het curriculum opgenomen. Vanaf het huidige schooljaar leren studenten elk studiejaar opbouwend de kneepjes van toegepast onderzoek zodat zij straks in hun eigen schoolpraktijk kunnen werken aan de duurzame verbetering van hun eigen vaardigheden en de kwaliteit van het onderwijs.
DOCUMENT
Dit e-boek presenteert o.a. tien korte case studies van tweedejaars studenten over ondernemers die alles behalve gewoon zijn. Het bevat tevens een artikel over het onderwijsconcept social business [showcase social business] en een interview met Thijs Swinkels, eigenaar van Brownies & Downies.
DOCUMENT
Docenten van Fontys Hogeschool Bedrijfsmanagement, Educatie en Techniek (BEnT) hebben geëxperimenteerd (Gorissen, 2014) met Flipping the Classroom in relatie tot de taxonomie van Bloom. Bij dit concept worden lage kennisniveaus uit deze taxonomie voor de les aangesproken en in de les worden hogere kennisniveaus aangesproken. Bij het herontwerp van hun lessen zijn docenten ondersteund door workshops, gegeven door Fontys Educatief Centrum (FEC). Het onderzoek geeft inzicht in de ervaringen van docenten als ze Flipping the Classroom toepassen en dient als input voor FEC zodat toekomstige workshops nog beter aansluiten bij behoeften van docenten. De hoofdvraag is: Wat zijn ervaringen van docenten en studenten van een HBO-instelling met het toepassen van de taxonomie van Bloom in relatie tot Flipping the Classroom? Hiervoor zijn drie deelonderzoeken uitgevoerd, te weten een kwalitatieve analyse van de lesvoorbereidingen en individuele interviews met docenten en een kwantitatief onderzoek onder studenten over de door hun gevolgde lessen via dit concept. Resultaten laten zien dat docenten het concept correct toepassen en ze hiervoor activerende werkvormen en ICT tools inzetten. Docenten zijn enthousiast over de toepassing ondanks dat herontwerp tijdrovend is. Studenten kenden het concept vooraf niet maar hérkenden het wel, zowel voorafgaand als in de les. Vanwege de lage respons onder studenten kan alleen een voorzichtige conclusie getrokken worden dat het concept bijdraagt aan betere verwerking van de leerstof en dat het vaker toegepast mag worden. De belangrijkste aanbevelingen zijn gericht op kennisdeling tussen docenten die dit concept (willen gaan) toepassen in het onderwijs en nader onderzoek naar de invloed op de leerprestaties van de studenten.
DOCUMENT