Types
0Instelling
26Bestandstype
9Taal
5Publicatiejaar
12Thema's
14Producttype
14Publicaties met bestand / URL
2Projectstatus
3Projectverslag Hogeschool Utrecht, Instituut voor ICT. In dit document wordt een onderzoek beschreven naar de mogelijkheid om een virtuele wereld in te zetten voor het onderwijs over duurzaamheid voor (eerstejaars) ICT studenten. Hierbij zijn de volgende produkten opgeleverd: - Een verslag van een onderzoek naar bestaande virtuele omgevingen waarinn duurzaamheid centraal staat, naar competenties voor duurzaamheid en naar de toetsing van gedragsaspecten. - Een lijst competenties met betrekking tot duurzaamheid die eerstejaarsstudenten ICT zouden moeten verwerven. - Een virtuele wereld (GreenIT op het Virtyou grid in OpenSIM)) waarin opdrachten door studenten uitgevoerd kunnen worden. Deze wereld zal overigens in de komende maanden buiten het kader van dit project nog verder uitgebreid worden. Uit het uitgevoerde onderzoek naar de effecten op attitude en gedrag van studenten, blijkt een positief effect op studenten die intensief met duurzaamheid bezig zijn Het doel van het project is daarmee naar het oordeel van betrokkenen royaal gehaald. Zij willen in het bijzonder de leden van de SIG Virtuality bedanken voor hun enthousiasme en inzet.
DOCUMENT
Het gaat hier om de conceptversie van een verhaal over leerobjecten, waarom we ze nodig hebben en hoe we ze daadwerkelijk kunnen inzetten in gedistribueerde leeromgevingen.
DOCUMENT
De vraag is of onderwijsinstellingen voorzien in leeromgevingen die verlangde competenties voor digitalisering versterken. Meerdere auteurs menen dat dit niet het geval is. Anders dan bij sectoren die eerder grensverleggende ICT-innovaties ondergingen, is het grootste deel van de processen in en rond leeromgevingen in het onderwijs, marginaal en niet fundamenteel door en voor de ICT-revolutie veranderd. Dat staat op gespannen voet met intensiteit en belang van ICT-gebruik in de samenleving, zoals bij jongeren. De dissertatie wil een bijdrage leveren aan het overbruggen van de kloof en een grotere verantwoordelijkheid van het onderwijs bereiken voor digitale competenties. Het onderzoek beperkt zich tot het hbo. De eerste twee hoofdstukken van de dissertatie bestaan uit literatuurverkenningen over de betekenis van ICT en digitale competenties. Voor het empirische deel werden leertheoretische uitgangspunten geformuleerd in vier categorieën: inhoud, drijfveren, interactie en omgeving. De onderzoeksopzet voorzag in een verkennende en een verdiepende studie bij de opleiding Small Business & Retail Management van Hogeschool Zuyd. De verkennende studie geeft een beeld van de opleiding vanuit drie perspectieven: 1) formuleringen in beleid en formeel beschreven, 2) percepties van docenten, management, beleidsmakers en instanties en 3) ervaringen van studenten. De verdiepende studie leidde tot 49 bevindingen. Deze resulteerden in 12 ontwerpprincipes voor leeromgevingen die betrekking hebben op besturende, primaire en ondersteunende processen. De principes kunnen vorm geven aan leeromgevingen die digitale competenties van hbo-studenten voor een gedigitaliseerde samenleving versterken. Zij kunnen er tevens aan bijdragen slagvaardigheid met ICT te vergroten.
MULTIFILE
In dit artikel een aanta gedachten overhet bouwen en onderhouden va virtuele leeromgevingen in het toerisme waarin speciaal aandacht voor impliciet leren.
DOCUMENT
Net als bij het nieuwe werken, vergt ook het nieuwe leren een integrale aanpak om de ontwikkelingen in het onderwijs en verwachtingen van leerlingen zo goed mogelijk te ondersteunen met een fysieke en virtuele leeromgeving. Wat betekent dit voor de FMer?
DOCUMENT
De insteek van het CoE S2M is om vanuit vraaggestuurd onderzoek van bedrijven samen met professionals en studenten een voedingsbodem voor een passend onderwijsaanbod (bijvoorbeeld trainingen, (bij)scholingstrajecten, hybride leerkrachten en flexibele leerroutes) te creëren. Dit literatuuronderzoek naar alternatieve leeromgevingen en werkvormen heeft de volgende doelstellingen: • het identificeren van best practices op het gebied van inspirerende en activerende werkvormen passend bij de doelstelling van het CoE S2M en bij het NHL Stenden DBE onderwijsmodel; • het identificeren van best practices van inspirerende en activerende leeromgevingen passend bij de doelstelling van het CoE S2M en bij het NHL Stenden DBE onderwijsmodel; • de toepasbaarheid van deze werkvormen en leeromgevingen bij de doelstelling van het CoE S2M en het DBE onderwijsmodel.
DOCUMENT
Oratie uitgesproken bij installatie als lector 'educatieve functies van ICT' aan de Fontys Hogescholen, Lerarenopleiding Sittard. Het verhaal gaat over leerobjecten, waarom we ze nodig hebben en waarom een zinvolle inzet ervan niet binnen de vigerende inrichting van het onderwijs past maar een transformatie daarvan vraagt. Geschetst wordt hoe dit zou kunnen, inclusief de rol die onderwijsmodelleertalen daarin kunnen spelen.
DOCUMENT
EDUsummIT, de International Summit on Information Technology (IT) in Education, is een wereldwijde gemeenschap van onderzoekers, beleidsmakers en praktijkmensen die zich inzetten voor het ondersteunen van de effectieve integratie van ict in het onderwijs door het bevorderen van de actieve verspreiding en het gebruik van onderzoek. EDUsummIT werd in 2007 opgericht en brengt elke twee jaar toonaangevende internationale onderzoekers, praktijkmensen en belangrijke beleidsmakers samen om de kennis en praktijken van ict in het onderwijs te beoordelen en legt die bevindingen vast in een e-boek, gevolgd door talrijke publicaties in internationale tijdschriften, rapporten en door groepen en individuele deelnemers via internet en bovendien gepresenteerd op grote conferenties. Dit artikel beschrijft een nieuw model voor het ontwerpen en evalueren van leeromgevingen waarin digitale en fysieke ruimtes bewust worden geïntegreerd. Een internationale groep van wetenschappers op het gebied van leren met technologie, werkte samen aan dit model in het kader van de EDU-SummIT 22-23 ‘Moving forward to new educational realities in the digital era’. Lector Marijke Kral is een van de auteurs van het artikel. Het DTALE-model biedt handreikingen bij het denken over en ontwerpen van leeromgevingen, vanuit een leerontwerp waarin virtuele en fysieke ‘spaces’ doordacht worden geïntegreerd. Het leerontwerp staat centraal. De onderzoekers hebben de verbanden verkend tussen het leerontwerp, de integratie van fysieke en digitale ruimtes, de toepassing van digitale technologieën, de organisatorische structuur en de specifieke onderwijscontext. In het model zijn de technologie en (virtele) ruimtes uit elkaar gehaald. Technologie speelt namelijk een rol in beide ruimte en maakt ook een verbinding tussen die twee. Het model stimuleert een kritische reflectie op hoe de leeromgeving momenteel wordt bepaald en wat wenselijk is. Het model zet het leerontwerp centraal en haalt de inzet van technologie en het gebruik van virtuele en fysieke ‘spaces’ uit elkaar.
LINK
De vraag is of onderwijsinstellingen voorzien in leeromgevingen die verlangde competenties voor digitalisering versterken. Meerdere auteurs menen dat dit niet het geval is. Anders dan bij sectoren die eerder grensverleggende ICT-innovaties ondergingen, is het grootste deel van de processen in en rond leeromgevingen in het onderwijs, marginaal en niet fundamenteel door en voor de ICT-revolutie veranderd. Dat staat op gespannen voet met intensiteit en belang van ICT-gebruik in de samenleving, zoals bij jongeren. De dissertatie wil een bijdrage leveren aan het overbruggen van de kloof en een grotere verantwoordelijkheid van het onderwijs bereiken voor digitale competenties. Het onderzoek beperkt zich tot het hbo. De eerste twee hoofdstukken van de dissertatie bestaan uit literatuurverkenningen over de betekenis van ICT en digitale competenties. Voor het empirische deel werden leertheoretische uitgangspunten geformuleerd in vier categorieën: inhoud, drijfveren, interactie en omgeving. De onderzoeksopzet voorzag in een verkennende en een verdiepende studie bij de opleiding Small Business & Retail Management van Hogeschool Zuyd. De verkennende studie geeft een beeld van de opleiding vanuit drie perspectieven: 1) formuleringen in beleid en formeel beschreven, 2) percepties van docenten, management, beleidsmakers en instanties en 3) ervaringen van studenten. De verdiepende studie leidde tot 49 bevindingen. Deze resulteerden in 12 ontwerpprincipes voor leeromgevingen die betrekking hebben op besturende, primaire en ondersteunende processen. De principes kunnen vorm geven aan leeromgevingen die digitale competenties van hbo-studenten voor een gedigitaliseerde samenleving versterken. Zij kunnen er tevens aan bijdragen slagvaardigheid met ICT te vergroten.
DOCUMENT