Types
0Instelling
26Bestandstype
9Taal
5Publicatiejaar
12Thema's
14Producttype
14Publicaties met bestand / URL
2Projectstatus
3Een dataset bestaande uit SCADA data van drie windturbines. Daarbij toegevoegd data van de Dutch Offshore Wind Atlas zodat deze in verband gebracht kan worden met de SCADA data. Als laatst is ook een klein praktisch onderzoek opgenomen. Dat onderzoekt aan de hand van machine learning of er op basis van de dataset kan worden geconcludeerd of er erosie aan de turbinebladen plaats heeft gevonden. NB: de dataset is gevoelig voor concurrentie. Daarom is de dataset geanonimiseerd en zijn de data dusdanig aangepast dat deze niet naar de reëele data en exploitant herleidbaar zijn.
MULTIFILE
We moeten goed beseffen dat het voor individuele spelers, van overheid tot buitenlandse private partijen, om vele redenen aantrekkelijk is besluiten uit te stellen, ook bij positieve business cases. “Dat afgesproken doelen daardoor in gevaar komen is duidelijk. Dat kunnen we accepteren of niet. In het eerste geval is het goed daar duidelijk over te zijn. Dus niet zowel de plaatsing van windturbines afwijzen en tegelijk beweren 100% duurzaam te willen zijn, wat ik recent op de radio hoorde. Want dat doet de geloofwaardigheid van de transitie veel kwaad.”
LINK
In deze studie wordt nagegaan of het energieverbruik van de stad Groningen in 2035 voor elektriciteit en warmte volledig verduurzaamd kan worden door middel van wind, zon of biomassa. Tevens wordt nagegaan wat dit zou betekenen voor de omgeving en wat het kost. De randvoorwaarde is dat de stad Groningen in 2035 volledig zelfvoorzienend is. Het energieverbruik dat noodzakelijk is voor mobiliteit (benzine en diesel) is in deze studie niet meegenomen.
Er worden drie scenario’s bestudeerd. Twee all-electric scenario’ s waarbij duurzame energieopwekking gebeurt door windturbines of zonnepanelen en aan de warmtevraag wordt voldaan via warmtepompen. Daarnaast een scenario met biomassa/biogas waarbij de benodigde elektriciteit wordt opgewekt in warmtekracht installaties. Uitgangspunt van de studie zijn gerealiseerde tijdafhankelijke gegevens voor de stad Groningen over 2012. Er wordt uitgegaan van de huidige stand van de techniek. De lezer wordt uitgedaagd op basis van eigen inzichten de gevolgen van technologische vooruitgang in de resultaten te verwerken.
DOCUMENT
Dankzij de enorme groei van zon en wind is steeds minder gas en kolen nodig voor de Nederlandse elektriciteitsproductie. De groei brengt ook uitdagingen. “Zo blijkt het stroomnet een beperkende factor bij de verdere uitbouw van zon en wind. Dat geldt nog meer voor de elektriciteitsvraag. Op steeds meer uren en dagen produceren windturbines en zonnepanelen meer elektriciteit dan we nodig hebben. Als gevolg daarvan is die elektriciteit op de markt niets waard en ontstaan zelfs negatieve prijzen. Beheerders van zon- en windparken schakelen dan af.”
LINK
Bij ‘Tolling Agreements’ blijven overheden eigenaar van energie-infrastructuur en wordt de capaciteit verhuurd. Deze oplossing uit de Verenigde Staten biedt volgens Martien Visser efficiency en zekerheid aan marktpartijen in een onzekere energiemarkt.
LINK
Lange tijd heeft Martien Visser geredeneerd dat Nederland prima zonder kernenergie zou kunnen. We hebben immers de Noordzee. Hij is daar sterk aan gaan twijfelen, omdat het domweg te riskant is teveel ballen in één mandje te leggen en erop te vertrouwen dat het wel goed komt.
LINK
Martien Visser roept de beleidsmakers op te gaan werken aan structurele verbeteringen van het huidige koperen plaatmodel. Dat zal in zijn ogen stroomproducenten en afnemers hopelijk aanzetten tot betere keuzes voor de locaties van toekomstige opwek en vraag. De maatschappelijke baten van verbeteringen zijn bovendien groot.
LINK
Louter investeren in netverzwaring is volgens Martien Visser niet de oplossing. “Laten we in plaats daarvan veel meer gaan werken aan het stimuleren van de vraag op momenten met veel aanbod.”
LINK
In 2030 zullen, zo is de verwachting, circa 50 miljard apparaten in wereldwijde netwerken zijn verbonden. Denk hierbij bijvoorbeeld aan smartphones, auto’s, televisies, productiemachines, koelkasten, windturbines, vliegtuigmotoren en medische implantaten. Gezamenlijk produceren deze ‘apparaten’ dan 175 zettabytes aan data en informatie. De onderling verbonden apparaten kunnen door middel van algoritmes en software en met behulp van data en informatie zelfstandig in deze netwerken communiceren en interacteren. Algoritmes, software en data vormen in gezamenlijkheid eveneens de basis voor de ontwikkeling en toepassing van Artificial Intelligence (AI). In gezamenlijkheid creëren onderling verbonden mensen, apparaten, algoritmes, software en data/informatie in de komende jaren een intelligent Europees digitaal ecosysteem. In de ontwikkeling en evolutie van dit digitale ecosysteem zullen bestaande door mensen uitgevoerde activiteiten en daarbij behorende kennis veranderen of verdwijnen. Nieuwe kennis en vaardigheden zijn noodzakelijk om binnen de Europese digitale ecologie als mens te kunnen leven, werken en leren.
DOCUMENT