Evaluation of the effect of Problem Based Learning course
DOCUMENT
Evaluation of the effect of Problem Based Learning course
DOCUMENT
This paper presents the implementation Problem-Based Learning (PBL) design in entrepreneurship and innovation management education, with a focus on enhancing students' innovative behavior and entrepreneurial orientation through the usage of different digital tools. A survey was conducted among 118 students from Germany, the Netherlands, and Poland. The findings of the study demonstrate that engaging in PBL activities has a positive impact on students’ digital tool usage, innovative behavior, and entrepreneurial orientation. Additionally, the results provide support for the full mediating role of students’ innovative behavior in the relationship between PBL activities and students’ entrepreneurial orientation. As a result, based on this research, we encourage Higher Education Institutions to incorporate digital tool usage into PBL open-source educational resources, thereby integrating effective skill sets into innovation and entrepreneurship education
DOCUMENT
Two trends can be witnessed in educational game design: Problem-Based Learning and Drill & Practice Training approach. The general assumption appears to favor Problem-Based approach above Drill & Practice, in regard to players' motivation. However, the differences between the approaches are seldom studied. The authors examined the motivational impact of one game consisting of a Problem-Based-, and a Drill & Practice learning mode. The first presents players with an ill-defined problem and offers various solutions to a challenge. In the Drill & Practice mode, there is only one correct answer. Secondary school students played the game and completed a pre- and post-test questionnaire about their experienced regulatory style for studying mathematics. Results suggest that the Problem-Based mode may decline the experience of feeling controlled by others to engage in mathematics learning. In comparison, players of the Drill & Practice mode reported increased intrinsic motivations towards mathematics.
DOCUMENT
This paper argues for a Problem Based Learning (PBL) design that promotes digital tool usage in entrepreneurship and innovation management education, in order to develop students’ innovative behavior and entrepreneurial orientation. Survey data were collected from 89 students in Germany, the Netherlands, and Poland. The results of the study show that PBL activities positively impact students’ digital tool usage, innovative behavior, and entrepreneurial orientation. The results also provide support for the full mediating role of students’ innovative behavior in the relationship between PBL activities and students’ entrepreneurial orientation. Therefore, based on this research we encourage Higher Education Institutions to integrate effective skill sets into innovation and entrepreneurship education by integrating the usage of digital tools into PBL open-source educational resources.
DOCUMENT
The Learning Technology Research Institute (LTRI) and the Association for Learning Technology (ALT) are two organisations within the UK that focus on ICT in the field of learning and teaching. Chapter of report on the Exchange Study Trip 2002, organised by SURF from the 21st till the 26th of April 2002.
DOCUMENT
Abstract Purpose: The pharmacology and clinical pharmacology and therapeutics (CPT) education during the undergraduate medical curriculum of NOVA Medical School, Lisbon, Portugal, was changed from a traditional programme (i.e. discipline-based, lectures) to a problem-based learning (PBL) programme (i.e. integrated, case-based discussions) without an increase in teaching hours. The aim of this study was to investigate whether this change improved the prescribing competencies of final-year medical students. Methods: Final-year students from both programmes (2015 and 2019) were invited to complete a validated prescribing assessment and questionnaire. The assessment comprised 24 multiple-choice questions in three subdomains (working mechanism, side-effects and interactions/contraindications), and five clinical case scenarios of common diseases. The questionnaire focused on self-reported prescribing confidence, preparedness for future prescribing task and education received. Results: In total, 36 (22%) final-year medical students from the traditional programme and 54 (23%) from the PBL programme participated. Overall, students in the PBL programme had significantly higher knowledge scores than students in the traditional programme (76% (SD 9) vs 67% (SD 15); p = 0.002). Additionally, students in the PBL programme made significantly fewer inappropriate therapy choices (p = 0.023) and fewer erroneous prescriptions than did students in the traditional programme (p = 0.27). Students in the PBL programme felt more confident in prescribing, felt better prepared for prescribing as junior doctor and completed more drug prescriptions during their medical training. Conclusion: Changing from a traditional programme to an integrated PBL programme in pharmacology and CPT during the undergraduate medical curriculum may improve the prescribing competencies of final-year students.
LINK
Learning objects are bits of learning content. They may be reused 'as is' (simple reuse) or first be adapted to a learner's particular needs (flexible reuse). Reuse matters because it lowers the development costs of learning objects, flexible reuse matters because it allows one to address learners' needs in an affordable way. Flexible reuse is particularly important in the knowledge economy, where learners not only have very spefic demands but often also need to pay for their own further education. The technical problems to simple and flexible are rapidly being resolved in various learning technology standardisation bodies. This may suggest that a learning object economy, in which learning objects are freely exchanged, updated and adapted, is about to emerge. Such a belief, however, ignores the significant psychological, social and organizational barriers to reuse that still abound. An inventory of these problems is made and possible ways to overcome them are discussed.
DOCUMENT
Hoe kan in ons land innoveren, werken en leren beter worden verknoopt ten dienste van de grote maatschappelijke opgaven waar we voor staan? NWO, Regieorgaan SIA en Topsectoren hebben het initiatief genomen om meer (praktijkgericht) onderzoek te doen naar zogenoemde Learning communities en de kennis hierover beter te delen. De belangstelling voor Learning communities is enorm gegroeid en nu vaak al een vanzelfsprekend onderdeel van (regionaal-) economisch beleid. De nieuwe samenwerkingsverbanden hebben naar verwachting grote gevolgen voor de toekomst van individuele bedrijven, onderwijs- en kennisinstellingen alsook hun collectieve maatschappelijke impact. De grote maatschappelijke uitdagingen als de energie- en zorgtransitie vragen meer kennis, (menselijk) kapitaal en innovaties. Dit staat centraal in het Missiegedreven Topsectoren- en Innovatiebeleid (MTIB). Vraag daarbij is hoe medewerkers zich (toekomstbehendig) kunnen blijven ontwikkelen en wat de bijdrage van Learning communities kan zijn. Het ‘dichter tegen elkaar gaan organiseren van innoveren, werken en leren’ gebeurt in varianten als: Fieldlabs, Skills labs, Praktijkwerkplaatsen, Living labs, Centres of Expertise (CoE) en Centra voor Innovatief Vakmanschap (CIV). Over de grenzen van de afzonderlijke organisaties, domeinen en professies ontstaan nieuwe leer werkgemeenschappen met alle vragen en effecten vandien. Hoe kunnen we die meerpartijen samenwerkingen beter bouwen, beoordelen, betalen en borgen? Het NWO-onderzoeksprogramma Learning communities omvat onderzoeksprojecten in diverse werkcontexten (logistiek, energie, ICT e.a.). Gemeenschappelijke vraag in het programma: wat zijn de werkzame elementen van zo’n Learning community? Naast kennisontwikkeling door het onderzoeksprogramma wordt ook netwerkvorming gestimuleerd tussen onderzoekers en beleidsen praktijkprofessionals. De overtuiging is dat het potentieel in de driehoek innoveren-werken-leren beter kan worden benut. Voor de versterking van de kennisbasis onder het concept Learning communities hebben wij een inventarisatie gedaan naar benaderingen en zienswijzen. Learning communities worden door ons gepresenteerd als samenwerkingsverbanden tussen organisaties en andere (niet of minder georganiseerde) partijen, die het collectief vermogen vergroten van leren, werken en innoveren. Dit vermogen heeft zowel betrekking op het vermogen van de (beroeps)bevolking om zich aan te passen aan veranderende ONDERZOEKSPROGRAMMA EN NETWERK LEARNING COMMUNITIES 4 beroepen en werkpraktijken als het innovatie- en verdienvermogen van organisaties en bedrijven. We verkennen perspectieven op de inrichting, opbrengsten en de relationele dynamiek in Learning communities. We benadrukken dat Learning communities bestaan uit verschillende actoren, partijen en groeperingen – ook wel praktijken genoemd – en dat juist op de grens tussen deze praktijken geleerd wordt. Een Learning community ontwikkelt zich gaandeweg op verschillende systeemniveaus van samenwerking. We gaan in op het belang van een constructief klimaat van samenwerking waarvoor vaak (proces) begeleiding nodig is. Op basis van de verschijningen, uitkomsten en dynamiek hebben we een aantal kernprincipes gedefinieerd. Wat betreft verduurzaming van de communities pleiten wij voor een andere manier van denken. In plaats van een focus op de bestendiging van een tijdelijke (organisatie)structuur, gaat het dan over het verduurzamen van het proces van samenwerkend leren, werken en innoveren dat in gang is gezet. Ook waardevolle activiteiten en interacties die hun doorwerking of spin-off hebben buiten de Learning community zorgen voor bestendiging en verduurzaming van het samenwerkend leren. De verkenning van de kennisbasis voor de Learning communities heeft ook nieuwe onderzoeksvragen opgeleverd voor academisch en praktijkgericht onderzoek. Naast de verkenning van de kennisbasis heeft een expertgroep Instrumenten gewerkt aan een inventarisatie waarmee de concepten uit de kennisbasis op een praktische wijze kunnen worden vertaald in instrumenten om Learning communities (door) te ontwikkelen. De tips en selectie van instrumenten en aanbevelingen zijn samengebracht rond de verschillende ontwikkelingsfasen van Learning communities te weten starten, ontwerpen, uitvoeren en verduurzamen. Er zijn heel veel instrumenten die ‘facilitators’ van Learning communities en anderen kunnen gebruiken bij het opzetten en begeleiden ervan. Actuele vraag is dus in hoeverre en op welke wijze een digitaal platform het aanbod van - en de vraag naar - dergelijke instrumenten beter bij elkaar kan brengen. Er is daarom een verkenning gedaan naar (het ontwerp van) een digitaal platform vanuit zowel de vraagkant maar ook de aanbodkant van instrumenten (de onderzoekers en ontwikkelaars van instrumenten). Hoe het concept Learning communities verder ‘carrière zal maken’ hangt in belangrijke mate af van de vraag of deze veranderingen in het ‘landschap van leren en innoveren’ beter kunnen worden geborgd dan tot dusver middels projecten (en tijdelijke projectfinanciering). De onderlinge afhankelijkheid tussen bedrijven, kennis- en onderwijsinstellingen wordt hoe dan ook steeds groter en daarmee de noodzaak om samenwerking op een nieuwe en meer duurzame manier te organiseren. De Learning communities-benadering komt ook terug in verschillende recente Groeifondsprojecten en regionaal-economische innovatiestrategieën, wat als een bewijs kan worden gezien van de hoge verwachtingen van de benadering. Met onze ervaringen en inzichten doen wij tenslotte enkele suggesties voor de agendering van het thema in het nieuwe Kennis- en Innovatieconvenant (2024-2027). Wij benadrukken daarbij dat de bestaande Learning communities tot nu vooral (tijdelijke) ‘hulpstructuren’ zijn gebleken die niet hebben geleid tot fundamentele aanpassing van de primaire processen van de ONDERZOEKSPROGRAMMA EN NETWERK LEARNING COMMUNITIES 5 betrokken onderwijsinstellingen, organisaties en bedrijven. Wij verwachten dat in de toekomst de vernetwerking in (regionale) innovatie-ecosystemen meer radicale consequenties gaan hebben voor die ‘staande organisaties’ en de wijze waarop werkend leren wordt georganiseerd, gefinancierd en beoordeeld. Om ons hierop beter voor te bereiden doen wij een aantal aanbevelingen ten behoeve van een nieuwe onderzoeksagenda, professionaliseringsagenda en transitieagenda die verder richting en invulling kunnen geven aan deze maatschappelijke beweging. Een beweging waaromheen de verwachtingen hooggespannen zijn en waaraan wij gezamenlijk middels deze publicatie met plezier een bijdrage hebben geleverd.
DOCUMENT
Het plan van aanpak gepresenteerd in deze handreiking is bedoeld als leidraad voor het ontwerpen, ontwikkelen, implementeren en evalueren van verschillende Learning Communities binnen het RAAK-5 project Het Nieuwe Telen: gas erop! Het is bedoeld om zowel inzichten als instrumenten te bieden aan coördinatoren en facilitatoren voor de implementatie van de lokale Learning Communities gedurende het project. Deze handreiking is een noodzakelijke aanvulling op het project vanwege de prominente rol van Learning Communities binnen het project, maar ook omdat er geen wetenschappelijk gebaseerde ontwerpprincipes voor LC’s te vinden zijn. Er zijn veel projecten die Learning Communities uitvoeren, maar een grondige zoektocht naar literatuur en internetbronnen resulteerde niet in ontwerpprincipes.
DOCUMENT