Sinds 15 jaar vindt er binnen het HBO in Nederland onderzoek plaats. Er is tot op heden weinig aandacht voor de ethische risico's en de specifieke context van dit soort praktijkgericht sociaalwetenschappelijk onderzoek.
In voorliggend sectorstudierapport gaat het om geweld jegens minderjarigen die in de periode van 1945 tot heden zijn geplaatst in instellingen voor minderjarigen met een licht verstandelijke beperking (LVB). Tegenwoordig heten deze instellingen orthopedagogische behandelcentra (OBC). Voorheen werden deze instellingen behandelinstituten, instellingen voor licht verstandelijk gehandicapte jeugdigen, zwakzinnigeninrichtingen of ‘debieleninternaten’ genoemd.1 In de periode van 1945 tot heden zijn er ook minderjarigen met een LVB geplaatst in instellingen in andere sectoren, zoals GGZ-instellingen, Justitiële Jeugdinrichtingen en residentiële instellingen die niet specifiek gericht zijn op minderjarigen met een LVB. Geweld jegens minderjarigen met een LVB in die sectoren is onderzocht in de andere sectorstudies van de Commissie Onderzoek naar Geweld in de Jeugdzorg, verder te noemen commissie. In dit hoofdstuk wordt allereerst de LVB-sector omschreven, net als de doelgroep van jongeren die in instellingen in deze sector geplaatst werden en worden. Daarna volgt een overzicht van de ontwikkelingen in de sector in de periode van 1945 tot heden, met speciale aandacht voor het financiële en wettelijke kader waarbinnen de OBC’s werken en gewerkt hebben. Vervolgens beschrijven we het onderzoeksproces en de specifieke onderzoekskeuzes voor deze sectorstudie en sluiten we af met de opbouw van dit rapport.
In het Utrechts Archief is er een zaal waarin een film wordt vertoond van het straatleven aan het begin van de vorige eeuw. Als bezoeker word je bij binnenkomst gescand en vervolgens geprojecteerd in de filmbeelden. In het fotomuseum kunnen bezoekers middels fysieke hendels de selectie manipuleren van de 80.000 digitale fotos uit de collectie. Het Rijksmuseum biedt via een zogenaamde widget de mogelijkheid iedere dag een ander kunstwerk op je desktop te hebben. In TwentseWelle is een digitaal panorama gebouwd waar je als bezoeker middenin staat, kijkend naar een landschap vanuit het perspectief van opgejaagd wild. Stuk voor stuk zijn dit voorbeelden waarin nieuwe technologie en nieuwe media worden ingezet om het publiek te bedienen in hun interesse voor cultuur en kennis. In die zin zijn ze exemplarisch voor de ontwikkeling waarin technologie en nieuwe media door cultureel erfgoed instellingen worden ingezet om een belangrijke taakstelling in te vullen, namelijk die van cultuur- en kennisoverdracht naar het publiek.
Het Raak Pro project Terugschakelen naar ketendenken liet een aantal zaken zien: 1. Het is lastig MKBers bij onderzoek te betrekken; 2. Via de zgn. Leaderfirm benadering lukt dit wel bedrijven bij voor hen relevant onderzoek te betrekken, 3. Op basis van een eigen benchmakronderzoek naar international airport-seaportregio's komt Amsterdam als een sterke mainport naar voren. De benchmark leverde een aantal aanbevelingen om de NL mainport te versterken. In deze Top Up maken we gebruik van de Leaderfirm benadering om de Benchmark die éénmalig was uitgevoerd in de Raak Pro Terugschakelen naar ketendenken te verrijken, kwalitatief en kwantitatief uit te breiden en te verdiepen. (doorwerking richting beroepspraktijk) In dit Top Up project doen we dat door studenten in een zgn. afstudeeratelier bij het benchmark onderzoek te betrekken en hen i.s.m. onderzoekers de benchmark te laten uitvoeren (doorwerking richting onderwijs). De verrijkte benchmarkt vormt een belangrijk focuspunt binnen het lectoraat Mainport Logistiek en zorg voor nieuwe publicaties (doorwerking richting onderzoek en werkveld)