Types
0Instelling
26Bestandstype
9Taal
5Publicatiejaar
12Thema's
14Producttype
14Publicaties met bestand / URL
2Projectstatus
3Dit is hoofdstuk 5 uit het Handboek Vakdidactiek Levensbeschouwing en Religie. De geschiedenis van het schoolvak Godsdienst of Levensbeschouwing is nauw verbonden met de geschiedenis van de complexe relatie tussen onderwijs, overheid en religie. Zeker voor de Nederlandse situatie geldt dat het vak eeuwenlang een bijzondere status heeft gehad in het onderwijs. Die bijzondere status werkt door in de aard en vormgeving van het vak tot op de dag van vandaag – al zijn er duidelijk kenteringen zichtbaar.
DOCUMENT
Geschiedenis & samenleving is een studieboek speciaal voor de pabo, waarin studenten kennismaken met inhoud en didactiek van de vakken geschiedenis, maatschappelijke verhoudingen (o.a. staatsinrichting) en geestelijke stromingen. Dit boek bestaat uit twee delen: Kennisbasis Inhoud, waarin het geschiedenisverhaal vanaf de Tijd van Jagers en Boeren tot en met de Tijd van Televisie en Computer aan bod komt met de vesnaters van de Canon van Nederland Kennisbasis Didactiek waarin een overzicht van didactische aspecten van geschiedenisonderwijs wordt gegeven.
DOCUMENT
In dit artikel beschrijven de auteurs welke rol geschiedenis en cultuur kunnen spelen in de bedrijfsvoering. De geschiedenis van een bedrijf of organisatie draagt namelijk bij aan de cultuur ervan en kan dus expliciet worden ingezet om die cultuur te beïnvloeden.
LINK
Op 1 januari 2007 hield de gemeente Heel (L) op te bestaan. In de laatste gemeentegids uit 2006, wordt in een korte schets de geschiedenis van de drie kernen Heel, Wessem en Beegden uit de doeken gedaan.
DOCUMENT
Lee en Shemilt zetten op een rijtje hoe betekenisvolle vooruitgang in het geven van historische verklaringen eruit kan zien. Daarmee reiken ze criteria aan voor het evalueren van de verklaringen van leerlingen wat betreft de veranderingen en ontwikkelingen in het verleden. Lee en Shemilt (p.46-47) onderscheiden zes niveaus in het geven van verklaringen. Zij suggereren daarmee dus ook dat leerlingen beter kunnen worden in geschiedenis.
DOCUMENT
Het gebruik van historische begrippen door de geschiedenis (van ideeën) heen kan problemen opleveren als je kijkt naar het begrip zelf. Het begrip verandert met de tijd en is niet meer onderling inwisselbaar met hetzelfde begrip in een andere periode. Maar hoe is dan een geschiedschrijving (van ideeën) mogelijk als de begrippen die gebruikt worden niet hetzelfde zijn? Kuukkanen verdedigt de stelling dat een begrip bestaat uit een onveranderlijke kern en een veranderende, context en tijdsafhankelijke „schil‟. Hierdoor is praten over het veranderen van begrippen „conceptual change‟ mogelijk. Mocht echter de kern van het begrip veranderen dan gaat het niet meer om „change‟ maar om „replacement‟
DOCUMENT
In 2015 komt er een einde aan de tijdelijke afwijking in het examenprogramma geschiedenis voor de tweede fase, waarbij het centraal examen betrekking had op de domeinen A en C. Vanaf 2015 heeft het centraal examen betrekking op de domeinen A en B. Op basis van twee pilots (havo en vwo) in de periode 2004 - 2010 en het werk van een tussencommissie heeft een commissie in opdracht van het College voor Examens een syllabus gemaakt, in een havo- en een vwo-versie, voor het examen in 2015. Deze syllabus bevat een nadere specificatie van het examenprogramma. De consequenties van deze syllabus zijn zodanig, dat het wenselijk bleek ook de Handreiking voor het schoolexamen aan te passen. Deze aangepaste handreiking ligt nu voor u. Ze bevat suggesties en adviezen voor de inrichting van het schoolexamen. Die hebben een niet-voorschrijvend karakter. De handreiking opent met een beschrijving van de positie van het vak in de vernieuwde tweede fase en een weergave van de veranderingen ten opzichte van het nu nog vigerende examenprogramma Daarna wordt ingegaan op de overeenkomsten en verschillen tussen het havo- en het vwoprogramma en op de verdeling van de leerstof over het centraal examen en het schoolexamen. Vervolgens worden de eindtermen voor het schoolexamen uitgelegd en toegelicht. De mogelijkheden voor toetsing van de eindtermen in het schoolexamen komen aan de orde evenals suggesties voor weging van de verschillende toetsen. Er wordt ingegaan op afstemmingsmogelijkheden met andere vakken in de tweede fase en op de mogelijkheden die scholen vanaf 2007 hebben om eigen onderdelen toe te voegen aan de onderdelen die in het schoolexamen wettelijk voorgeschreven zijn. Ten slotte zijn enkele onderdelen uit een eerdere brochure (2007) opgenomen, die hun geldigheid hebben behouden. Zo wordt voorbeeldmatig kort ingegaan op een doorlopende leerlijn van onderbouw naar tweede fase. 'Het ontstaan (en de gevolgen) van de industriële samenleving' is een beschrijving van een mogelijke invulling van een diachronisch thema, waarin verschillende kenmerkende aspecten van tijdvak acht aan de orde komen. Voor het hoofdstuk over het Programma van Toetsing en Afsluiting (PTA) is dankbaar gebruik gemaakt van de inbreng van collega's tijdens bijeenkomsten gewijd aan de inrichting van het schoolexamen in het kader van het SLO-project Kwaliteitsborging Schoolexamens.
DOCUMENT
Deze uitgave bundelt zestien essays die geschreven zijn door een groep van gevestigde historici en opkomend talent. Het is een rijke verzameling opstellen over landen, steden en regio’s. Samen illustreren ze de relevantie van onze sociaal-culturele, economische, demografische of politieke geschiedenis. Deze reikwijdte past goed bij Maarten Duijvendak, emeritus-hoogleraar Economische, sociale en regionale geschiedenis. In zijn onderwijs en onderzoek propageerde hij een ‘wijde horizon’ gecombineerd met een ‘scherpe blik’. De essays zijn, elk afzonderlijk en als gebundeld geheel, geïnspireerd op dit adagium.
LINK
Neemt de sociale sector haar geschiedenis wel serieus, wil ze haar verleden wel herkennen en koesteren? Zijn we wel trots op de weg die afgelegd is, op wat bereikt is? In dit artikel wordt stilgestaan bij enkele recente initiatieven om de geschiedenis van sociaal werk weer onder de aandacht te brengen, zoals een basisboek, een themanummer van de British Journal of Social Work en de Nederlandse en Vlaamse canon.
DOCUMENT
Kun je zeggen dat studenten “recht hebben” op geschiedenis? Ik vind van wel. De geschiedenis van hun toekomstige beroep hoort thuis in het curriculum van MWD, SPH, CMV, SJD, CT, HRM en Pedagogiek. Zeven colleges is echt het minimum. Dat heb je nodig om het ontstaan, de ontwikkeling en de veranderingen in het sociale beroepenveld in de historische, maatschappelijke en veranderende context uit te leggen. In vogelvlucht en daarbij kun je lijnen trekken naar de actualiteit. Met deze colleges, met studieopdrachten, onder andere met behulp van de Canon Sociaal Werk, en het bestuderen van een handboek, verwerven studenten een kennisbasis en een referentiekader (www.canonsociaalwerk.eu1; Bijlsma & Janssen, 2010; Van der Linde, 2010). Een voorwaarde hiervoor is wel dat het onderdeel wordt afgesloten met een kennistoets. Kennis die niet getoetst wordt, hoeft niet geleerd te worden. Dat weet elke student. Op deze kennisbasis kan in andere lessen worden voortgebouwd. Werkterreinen als jeugdzorg, gehandicaptenzorg, huiselijk geweld, maatschappelijke opvang, ouderenwerk, schuldhulpverlening, jongerenwerk, opbouwwerk hebben elk een fascinerende en leerzame geschiedenis. Binnen de hbo opleidingen staat de geschiedenis van de eigen beroepen en werkterreinen niet vanzelfsprekend in het curriculum. Enkele opleidingen hebben het vak in ere gehouden. De meeste hebben de geschiedenis geschrapt: “verleden tijd”. Of het is ooit geïntegreerd in een methodiek-onderdeel en daar geleidelijk verdwenen
DOCUMENT