De African Digital Rights Network (ADRN) heeft een nieuw rapport gepubliceerd waarin de toevoer en verspreiding van digitale surveillance technologie in Afrika in kaart is gebracht. Onderzoeker Anand Sheombar van het lectoraat Procesinnovatie & Informatiesystemen is betrokken bij het ADRN-collectief en heeft samen met de Engelse journalist Sebastian Klovig Skelton, door middel van desk research de aanvoerlijnen vanuit Westerse en Noordelijke landen geanalyseerd. De bevindingen zijn te lezen in dit Supply-side report hoofdstuk van het rapport. APA-bronvermelding: Klovig Skelton, S., & Sheombar, A. (2023). Mapping the supply of surveillance technologies to Africa Supply-side report. In T. Roberts (Ed.), Mapping the Supply of Surveillance Technologies to Africa: Case Studies from Nigeria, Ghana, Morocco, Malawi, and Zambia (pp. 136-167). Brighton, UK: Institute of Development Studies.
MULTIFILE
Waaraan ontleent een opbouwwerker zijn legitimiteit bij bewoners? Jeroen Gradener onderzocht dat in de Verenigde Staten, Zuid-Afrika en de Amsterdamse Bos en Lommer. ‘Je moet bewoners leiden, maar geen beslissingen voor hen nemen.’
LINK
In veel Afrikaanse landen zien we een inperking van de maatschappelijke ruimte (‘civic space’). Deze ruimte is cruciaal om in democratische staten transparantie, vrijheid van meningsuiting en verantwoording van bestuur te realiseren. In een steeds sterke digitaliserende maatschappij wordt toegang tot digitale middelen een mensenrecht. Daar waar regeringen proberen hun burgers en organisaties dat recht tot digitale informatievoorziening en –uitwisselingen te ontnemen komen de Sustainable Development Goals in het gedrang. Doel African Digital Rights Network (ADRN) wil inzicht verkrijgen in de stakeholders ne technologieën die betrokken zijn net het openen of onderdrukken van de online maatschappelijke ruimte (‘civic space’). Het netwerk beoogt bij te dragen aam empowerment van burgers om hun digitale mensenrechten uit te oefenen. Resultaten ADRN heeft een vergelijkende studie van 10 Afrikaanse landen uitgevoerd naar het gebruik van digitale technologieën voor het openen of onderdrukken van de online maatschappelijke ruimte (‘civic space’). Het project heeft onder andere geleidt tot de volgende publicatie: Mapping the Supply of Surveillance Technologies to Africa: Case Studies from Nigeria, Ghana, Morocco, Malawi, and Zambia Looptijd 01 mei 2020 - 20 april 2021 Aanpak ADRN organiseert een netwerk van onderzoekers, analisten, digitale rechtenorganisaties en activisten om de dynamiek van het openen en onderdrukken van de digitale maatschappelijke ruimte in kaart te brengen. Het netwerk bouwt op een interdisciplinaire onderzoeksaanpak o.l.v. het Institute for Development Studies, een vooraanstaand onderzoeksinstituut. Relevantie van het project Het onderzoek leidt tot aanbevelingen voor o.a. beleidsmakers en maatschappelijke organisaties ter bevordering van de digitale maatschappelijke ruimte. Daarnaast worden digitale tools en trainingsmateriaal gefaciliteerd voor het monitoren van ontwikkelingen en dreigingen van de digitale maatschappelijke ruimte. CofinancieringDit onderzoek wordt gefinancierd door UKRI - GCRF Digital Innovation for Development in Africa (DIDA)Meer weten? UKRI GCRF: African Digital Rights Network Website ADRN
De discussie over de transitie naar een circulair modesysteem richt zich doorgaans op verduurzaming van materialen en productieprocessen. Het is echter van groot belang om de emotionele waarde en culturele betekenis van mode, consumentengedrag en dus de sociale aspecten van duurzaamheid nadrukkelijker te belichten in onderzoek naar verduurzaming van de textiel- en mode-industrie (Walker 2006; Thorpe 2007; Chapman 2009). De verwachting is dat dit doorslaggevende factoren zijn bij de acceptatie van duurzame mode door de consument, maar er is meer onderzoek nodig om hier dieper inzicht in te verkrijgen. Het Nederlandse textielbedrijf Vlisco, dat sinds 1846 stoffen ontwerpt en produceert voor de West-Afrikaanse markt, is een interessante casus in dit kader. De diepgaande verankering van het merk Vlisco in de Afrikaanse cultuur en identiteit demonstreert hoe sterk de ‘emotionele duurzaamheid’ (Chapman 2009) van mode kan zijn. In dit project zullen de reststoffen van Vlisco door middel van ontwerpend onderzoek ‘ge-upcycled’ worden tot nieuwe kwaliteitsproducten, waarbij er een vergelijking zal worden gemaakt tussen de betekenis van duurzaamheid in een Afrikaanse context en in een westerse context. De hypothese is dat de ontwikkeling van meer inzicht in en kennis over ‘emotionele duurzaamheid’ in een Afrikaanse context, aan de hand van de grote emotionele waarde van de Vlisco-stoffen voor Afrikaanse consumenten, een essentiële bijdrage levert aan de westerse discussie over duurzaamheid, en specifiek over nieuwe circulaire design strategieën. De resultaten uit dit onderzoek zullen worden vertaald naar algemeen geldende inzichten en kennis over circulaire mode, die relevant zijn voor de sector als geheel.
Het platform Logistieke Toepassingen in Maatschappelijke Opgaven (Logitimo) bestaat inmiddels twee jaar en is een bij uitstek een open, effectieve en transparante omgeving gebleken voor netwerk-en coalitievorming voor praktijkgericht onderzoek op het gebied van logistiek. Het heeft langs twee lijnen bijgedragen aan focus en massa: - De ontwikkeling van een overkoepelende onderzoek-vraag, te weten: wat is de rol van de logistiek in een samenleving die (nagenoeg) volledig circulair functioneert? - Een bijdrage aan internationalisering door het stimuleren van ‘living lab’s’ in het buitenland (China en West-Afrika). Vele stakeholders zijn hierbij inmiddels betrokken, zowel binnen het HBO als ook in de relatie tussen het HBO, andere kennisinstellingen, bedrijven en overheden. Logitimo is een open omgeving, waar partijen op basis van ‘halen en brengen’ met elkaar samenwerken. Lectoren en andere onderzoekers van hogescholen kunnen elkaar via het platform beter vinden om informatie, c.q. ideeën uit te wisselen en gezamenlijke projecten te ontwikkelen. Daarnaast zal het platform naar verwachting ook steeds meer een goed ‘adres’ voor de ‘buitenwereld’ blijken om met de Logitimo-community (lectoren die bezig zijn met het slim en circulair inrichten van de keten) in contact te komen. Logitimo bouwt -hierbij - voort op de in de vorige periode ondernomen activiteiten en gerealiseerde doelen en richt zich op de ontwikkeling van een landelijke onderzoek-agenda, die gestalte krijgt bij elk van de hogescholen. Logitimo helpt bij het genereren van ideeën en faciliteren van het onderling contact van hogeschool-onderzoekers, bedrijven, overheden en andere kennisinstellingen en monitort de voortgang.