Welkom bij Publinova!
Publinova is hét landelijke platform voor open praktijkgericht onderzoek. Publinova is een samenwerking tussen de Nederlandse hogescholen, Vereniging Hogescholen, SIA en SURF.
Uitgelichte redactie-artikelen
Uitgelichte producten
Werken aan onderwijskwaliteit vanuit leidinggevend perspectief: verkennend onderzoek naar onderwijskundig leiderschap en behoefte aan professionalisering van onderwijsmanagers
Dit onderzoek verkent het werken aan onderwijskwaliteit door onderwijsmanagers bij Hogeschool Rotterdam en hun professionaliserings- en ondersteuningsbehoeften op het gebied van onderwijskundig leiderschap. Het onderzoek is uitgevoerd door middel van interviews langs drie invalshoeken: 1. sturing geven aan het proces van werken aan onderwijskwaliteit; 2. planmatig werken aan onderwijskwaliteit; 3. deskundigheidsbevordering voor onderwijsmanagers ten behoeve van het versterken van onderwijskwaliteit. Deze invalshoeken zijn gebaseerd op de kennisbasis Onderwijskwaliteit en Leiderschap waarin vier principes zijn beschreven die bepalend zijn voor het realiseren van onderwijskwaliteit. Onderwijskundig leiderschap is het vierde principe, en wordt in dit praktijkgerichte onderzoek verkend via semigestructureerde interviews met negen onderwijsmanagers
DOCUMENT
Diamant van ons Platteland, deelproject Beeldvorming en Communicatie
Boeren komen regelmatig negatief in het nieuws en dat is medebepalend voor de beeldvorming en publieke opinie, terwijl ze een waardevolle plek in hun fysieke en sociale omgeving innemen. Hoe kunnen ze zich verhouden tot deze beelden en frames, daarover een constructief gesprek voeren en pro-actief hun verhaal vertellen? De materialen van deelproject Beeldvorming en Communicatie, onderdeel van Diamant van ons Platteland, helpen hierbij.
MULTIFILE
Staan we met taal vooraan? De toepassing van de training Met Taal Vooraan (MTV) in de praktijk
De training Met Taal Vooraan wordt door logopedisten aangeboden aan pedagogisch professionals op peuterspeelzalen en is ontworpen om de communicatie en taalvaardigheid van peuters te stimuleren. De training beoogt logopedisten de vaardigheden bij te brengen die nodig zijn om pedagogisch professionals te begeleiden in het bevorderen van taalontwikkeling bij jonge kinderen. Sinds 2020 is een train-de-trainer-cursus geïntroduceerd, waarin logopedisten tools krijgen om de training Met Taal Vooraan aan te bieden aan pedagogisch professionals. Het huidige onderzoek richt zich op het in kaart brengen van de implementatie van deze training door logopedisten die de cursus tussen 2020 en 2024 hebben gevolgd. Er werd informatie verzameld over de toepassing van de training in de praktijk, de mate van implementatie, en de belemmerende en bevorderende factoren die logopedisten ervaren bij het overbrengen van de cursus naar pedagogisch professionals.
DOCUMENT
Activating inner development in tourism
The *Inner Capacity Building for Sustainable Tourism Change (ICB for STC)* project investigated how inner development approaches can support transformative change in the tourism sector. Conducted by researchers from Inholland University of Applied Sciences and Breda University of Applied Sciences, the study explored the application of the Inner Development Guide (IDG) framework within a professional tourism context. A participatory workshop, grounded in systems thinking, transformative learning, and the relationship between inner and outer transformation, was designed and implemented with stakeholders connected to Amsterdam’s tourism sector. The findings demonstrate that engaging tourism professionals in self-reflection and dialogue around personal values, emotions, and mental models is both valuable and challenging. Participants often shifted discussions toward external policy issues rather than exploring their own perspectives, highlighting the need for sustained engagement, clear facilitation, and sufficient time to foster meaningful inner work. Preparatory individual interviews proved essential for establishing trust, creating psychological safety, and enabling constructive dialogue among participants with diverse and sometimes conflicting viewpoints. Furthermore, the study revealed that the translation of research design into practical facilitation is a critical determinant of outcomes, as seemingly small adaptations in workshop delivery can substantially influence participant engagement and learning. The project is situated within the broader context of persistent sustainability challenges in tourism, where technical and policy-based interventions alone have proven insufficient to address systemic environmental and social issues. Drawing on systems thinking and the Iceberg Model, the research argues that lasting transformation requires addressing the underlying mental models, beliefs, and values that shape tourism practices. By strengthening inner capacities such as self-awareness, openness, and relational thinking, tourism professionals may become better equipped to contribute to systemic and regenerative change. The study concludes that inner development should be viewed as a long-term, collective learning process that complements structural and institutional sustainability initiatives.
MULTIFILE
Thuisbatterijen als publiek goed
Het Nederlandse elektriciteitsnet staat onder druk. Zonnepanelen, warmtepompen en laadpalen vragen meer van een infrastructuur die daar niet voor gebouwd is. De congestie is het hardst voelbaar op het middenspanningsnet — de regionale bottlenecks waar jarenlange wachtrijen voor nieuwe aansluitingen uit volgen.
Tegelijkertijd neemt het aantal thuisbatterijen snel toe. Die batterijen kúnnen onder deel zijn van de oplossing — maar worden op dit moment meestal aan
gestuurd op individueel financieel voordeel, zonder rekening te houden met de lokale netconditie. Dat maakt ze in potentie onderdeel van het probleem.
Het NOGIZMOS project heeft onderzocht of dat anders kan. In een pilot in Ansen (Drenthe) testten we zes verschillende stuurmodellen voor negen thuisbatterijen,
gekoppeld aan de meetdata van de lokale netbeheerder. We vroegen bewoners en coöperatieleden wat ze wilden, en we verkenden met Enexis’ innovatieteam wat een duurzaam samenwerkingsmodel vraagt.
De uitkomst is helder: Gecoördineerde thuisbatterijen kunnen meetbaar bijdragen – niet alleen aan netbalans op lokaal niveau, maar zelfs aan congestiebeheer op het middenspanningsniveau.
Dat laatste was tot nu toe niet empirisch was aangetoond. De techniek werkt dus. Maar: de institutionele infrastructuur ontbreekt nog om dit toe te passen. Compensatiemechanismen, communicatieprotocollen en samenwerkingsvormen
moeten energiegemeenschappen, netbeheerders en overheid nu samen opstellen om samen op te kunnen trekken. Dit document legt uit wat we gevonden hebben en in welke richting onze bevindingen wijzen om oplossingen te vinden voor de huidige uitdagingen voor het Nederlandse net.
DOCUMENT
Veerkracht, verbeelding en vernieuwing: patronen van innovatie in 33 innovatielabs-projecten
Wat kunnen we doen om de culturele en creatieve sector op langere termijn
wendbaarder en weerbaarder te maken? Makers, culturele instellingen en
andere creatieve partijen gingen met die vraag aan de slag binnen het pro-
gramma Innovatielabs. Tijdens twee edities onderzochten zij hoe innovatie-
projecten een verschil kunnen maken bij actuele én toekomstige opgaven
in de sector. Van een fundamentele heroverweging van de eigen rol in het
culturele landschap tot de ontwikkeling van innovatieve, sectoroverstijgende
samenwerkingsplatforms. Er is nagedacht hoe instellingen publieksdata kunnen
delen om hun doelgroepen beter te bereiken, hoe technologie kan worden
ingezet om andere, nieuwe doelgroepen te bereiken en hoe samengewerkt
kan worden met niet-menselijke actoren voor een duurzamere toekomst.
Het zijn natuurlijk mooie uitkomsten, maar met de afzonderlijke resultaten van
deze projecten alleen komen we er niet. Willen we de sector echt beter uit-
rusten voor de toekomst, dan moeten we ook aandacht besteden aan de
borging en inbedding van de opgedane kennis en ervaringen, op zo’n manier
dat anderen erop kunnen voortbouwen. Met dat doel voor ogen, hebben
we onderzoekers van verschillende kennisinstellingen gevraagd om de 33
Innovatielabs-projecten te volgen. Aan de hand van thema’s brachten zij
dwarsverbanden tussen de doelen en de gehanteerde methoden van deze
initiatieven in kaart. Het onderzoek, dat is gefinancierd door Regieorgaan SIA,
bleek op zichzelf ook een experiment en leertraject. Want hoe organiseer
je kennisontwikkeling en -uitwisseling door en tussen al deze verschillende
betrokkenen en hoe zorg je ervoor dat de belangrijkste opbrengsten sector-
breed kunnen worden gedeeld?
In dit onderzoeksrapport delen de onderzoekers hun bevindingen. Hierin
is niet alleen aandacht voor de resultaten, maar vooral ook voor de inno-
vatieprocessen die tot deze resultaten hebben geleid. Daarmee biedt het
rapport inzichten en handvatten om op voort te bouwen. Want als we iets van
Innovatielabs hebben geleerd, dan is het wel dat we alleen door gezamenlijke
kennisontwikkeling en -uitwisseling de uitdagingen die voor ons liggen het
hoofd kunnen bieden. Dit rapport markeert dan ook niet alleen het einde van Innovatielabs, maar ook een nieuw begin.
DOCUMENT
Quantum Sensing: NV-center Magnetometer
A significant portion of Dutch infrastructure, including gas, water, and electricity networks, is underground. The lack of clear mapping leads to uncoordinated digging, increasing the risk of damage and labor costs. Current detection methods like probes, sonar, and ground-penetrating radar have limitations, making accurate underground mapping a persistent challenge.
Here, the first steps in the development of a quantum magnetometer to detect the underground infrastructure better & faster than the current detection methods without the use of experts is presented.
IMAGE
Uitgelichte projecten
Empoweren van gezondheidsnetwerken voor betere ondersteuning aan mensen met een lage SES
Er is een groep mensen in Utrecht die niet voldoende profiteert van het aanbod op het gebied van gezondheids- en welzijnsinterventies. Met name mensen met een lage sociaaleconomische status (SES) en/of lage gezondheidsvaardigheden. Deze groep heeft vaker dan gemiddeld te maken met bestaansonzekerheid, door bijvoorbeeld armoede.

PLENTY
Succesvolle plantaardige, eiwitrijke voedselinnovaties zijn cruciaal om onze eiwittransitiedoelstellingen te halen. Met een streefdoel van 60% plantaardig eiwit in het dieet in 2030 (KIA LWV) blijft de eiwittransitie steken op zo’n 40%, ondanks het groeiende aanbod van nieuwe producten. De kans op marktfalen van voedselinnovaties ligt tussen 34%-80%, deels doordat consumenten bij testen aangeven wel een koopintentie te hebben voor het nieuwe product, maar deze niet omzetten naar daadwerkelijke aankoopgedrag. Klassieke methoden om (voedsel)innovaties bij consumenten te testen, zoals vragenlijsten, richten zich veelal op koopintenties en niet op koopgedrag, waardoor ze onvoldoende inzichten bieden voor optimalisatie van innovaties. Accuratere methoden, zoals gedragsobservaties, zijn vaak te ingewikkeld en duur voor startende, innovatieve ondernemers. Om toch aankoopgedrag te bevorderen, geven producenten aan behoefte te hebben aan handreikingen om de faalkans van hun innovaties te verkleinen. De eerste stap hiertoe is om innovatieve producten zo goed mogelijk zelfstandig te kunnen testen, voordat deze op de markt worden geïntroduceerd. Dit project draagt bij aan het aanpakken van de klimaatcrisis door in te spelen op de praktische behoeften van duurzame ondernemers. Het biedt hen tools om zelfstandig, vanuit eigen onderzoek, hun plantaardige en eiwitrijke voedselinnovaties beter af te stemmen op de wensen van hun doelgroep. Dit vergroot zowel de kans op marktsucces en kostenbesparing, én het helpt de eiwittransitie versnellen. Het project beoogt een praktisch handelingsperspectief te ontwikkelen voor ondernemers, bestaande uit kennis over verschillende consumententypes, plus een onderzoeksmethodiek met instructies over hoe ze zelfstandig effectief onderzoek kunnen doen om inzicht te verkrijgen in hoe hun voedselinnovaties kunnen worden aangepast aan de behoeften van de doelgroep. Door iteratieve toepassing en validatie van de onderzoeksmethodiek bij de praktijkpartners vindt doorwerking plaats tijdens het lopend onderzoek. Daarnaast wordt het beroepsonderwijs van HAS green academy en Hogeschool Utrecht betrokken voor directe doorwerking van leerervaring, kennis en inzichten.

Performing Working
Het artistiek onderzoeksproject Performing Working onderzoekt enerzijds de verborgen performativiteit van werksituaties zoals een ziekenhuis - de emotionele, affectieve prestaties die worden verwacht van zorgpersoneel om de vele verschillende rollen te vervullen die het werk vereist-, en evenzeer van het niet-personeel: het werk dat gemoeid is met het vervullen van de rol van patiënt.
Anderzijds kijkt Performing Working naar de vele facetten van het werk dat bij (performance)kunst komt kijken, en probeert het de - vaak onzichtbare - arbeid van (performance)kunstenaars en kunstwerkers te beschrijven, en de vele rollen die ook zij moeten aannemen om in het complexe veld te werken, om erachter te komen wat er nodig is om dit werk te doen en wat dit werk duurzamer kan maken.
In Performing Working willen we de ambiguïteit van de labels ‘performing’ en ‘working’ ontrafelen, door een vruchtbare en productieve kruising van beide termen, en van de beide domeinen ‘zorg en welzijn’ en ‘kunst en cultuur’. Anders gezegd: we kijken door de lens van performance naar werk. Door gebruik te maken van methoden uit artistiek onderzoek en performance wil het project een breder maatschappelijk probleem aan de orde stellen: de onzichtbaarheid van het performatieve in het werk in de zorg, en de onzichtbaarheid van arbeid in kunst en performance.
In een spiegelwerking met het project bij Marres waarin we kijken naar de toeschouwer als werker tijdens het publieksprogramma Training the Senses, en beschouwen we in het onderzoek bij het UMCU het patiënt- zijn als een vorm van werk.
Naast een methode vanuit artistiek onderzoek is performance in dit project ook een vorm om het onderzoek te dissemineren; om dit publiek te maken.
Kennis- en praktijkpartnersPerforming Working is een transdisciplinaire samenwerking van HKU lectoraat Performatieve Maakprocessen en Avans lectoraat Cultural and Creative Industriesmet een academisch ziekenhuis (UMCU) en een culturele presentatie instelling (Marres, Huis voor Hedendaagse Cultuur), vanuit het werk van artistiek onderzoeker Philippine Hoegen.
Met ondersteuning van
ON the LINE - De kunst van digitaal burgerschap
In dit project werken we toe naar de volgende resultaten:
1. Een serie kunstwerken die de aanwezigheid en werking van digitale technologie in de bibliotheek bevraagt dmv vervreemding, humor, immersie en spiegeling. De kunstwerken laten bekwame internetgebruikers ervaren hoe het is om niet op hun routines te kunnen vertrouwen. We zetten hen aan tot reflectie op hun normen en routines op het gebied van digitale technologie en nodigen ze uit om te oefenen een lerende, kritische en proactieve houding aan te nemen.
2. Een empirisch onderzoek op basis waarvan bibliotheekmedewerkers zich bewuster worden van de implicaties van de digitale systemen die ingezet worden (van gratis wifi tot online uitleensysteem). Dit ook met het oog op de ontwikkeling en inzet van nieuwe systemen in de toekomst.

Niet, anders en minder inkopen door de Rijksoverheid: de hefboom naar een circulaire economie
De Rijksoverheid beschikt over een uitzonderlijk krachtig instrument voor het initiëren, faciliteren en versnellen van de circulaire transitie: de eigen inkoopactiviteiten. De Rijksoverheid besteedt jaarlijks €15,2mrd aan het inkopen van producten, diensten en werken en is daarmee één van de grootste opdrachtgevers van Nederland, en dat in nagenoeg alle markten. Wil de Rijksoverheid de gestelde ambities van Nederland Circulair 2050 behalen, dan moet (onnodig) grondstoffengebruik verminderd en voorkomen worden. Dit kan bereikt worden door de circulaire strategieën refuse, rethink en reduce in te bedden in de inkooppraktijk. Vooralsnog is daar beperkt sprake van. De inkoopprofessional speelt een cruciale rol als change agent om refuse, rethink en reduce doeltreffend toe te passen in de inkoopactiviteiten van de Rijksoverheid. Om die rol adequaat uit te oefenen, geven de inkoopprofessional aan behoefte te hebben aan kennis, kunde en handvatten. Die behoefte vullen we in via dit onderzoeksvoorstel. De onderzoeksvraag is: Op welke manier en met welke middelen kunnen inkoopprofessionals de hogere circulaire (inkoop) strategieën refuse, rethink en reduce initiëren, faciliteren en versnellen binnen de inkoopactiviteiten van de Rijksoverheid? Dit onderzoek draagt bij aan een nieuwe inkooppraktijk binnen de Rijksoverheid door: • Casestudies/teachingcases te ontwikkelen over emergent practices,van refuse, reduce en rethink in de inkooppraktijk, • De behoefte van inkoopprofessionals te identificeren ten aanzien van capaciteiten, motivatie en mogelijkheden om refuse, rethink en reduce toe te passen, • Te leren binnen een living lab in de facilitaire dienstverlening met opdrachtgevers, inkoopprofessionals, marktpartijen en het onderwijs, • Handvatten en interventies te ontwerpen om deze hoge circulaire strategieën breed toe te passen. Dit onderzoek wordt voorgedragen door een consortium tussen het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, Ministerie van Buitenlandse Zaken, Ministerie van Defensie, Rijkswaterstaat, Expertisecentrum PIANOo, vakvereniging Nevi, Hogeschool Rotterdam, Erasmus Universiteit Rotterdam, en De Haagse Hogeschool.

Duurzaam Eiwitwijs
Een voedingspatroon met voldoende eiwit is belangrijk voor het behoud van spiermassa, spierkracht en zelfredzaamheid bij 65-plussers. Het is bekend dat veel 65-plussers niet voldoende eiwit consumeren, en dat zij zich daar vaak niet van bewust zijn. Ook is bekend dat de voeding van 65-plussers vooral dierlijke eiwitten bevat. De klimaatdoelstellingen vragen om een verschuiving richting een duurzamer voedingspatroon met meer plantaardig eiwit. Dit actuele onderwerp roept vragen op bij 65-plussers, diëtisten, het onderwijs en de voedingsmiddelensector, die hebben geleid tot de volgende onderzoeksvraag: “Hoe kunnen wij 65-plussers, diëtisten en het voedingsmiddelen-mkb ondersteunen met kennis, concepten en producten die 65-plussers helpen bij het bereiken van een optimale eiwitinname?”. Hierbij wordt gelet op gedragsdeterminanten (kennis, sociale omgeving, motivatie en vaardigheden) en rekening gehouden met de maatschappelijke vraag naar een duurzamer voedingspatroon. Om te onderzoeken welke kansen er zijn bij de doelgroep voor een meer duurzame eiwitinname zullen we een representatief consumentenpanel van 65-plussers opzetten en voor langere tijd actief betrekken bij de substudies. In kwalitatieve studies zullen we onderzoeken welke factoren een duurzaam eiwitrijk voedingspatroon en aandacht voor eetgewoontes bij 65-plussers bevorderen of belemmeren. Via het modelleren van voedingstoffeninnames onderzoeken we door middel van welke (hoeveelheden) producten een optimale eiwitinname kan worden bereikt, gebruik makend van meer duurzame eiwitbronnen en passend bij huidige eetgewoontes. In een gedragsdeterminantenstudie bestuderen we in welke gedragsfase 65-plussers zich bevinden t.a.v. verandering richting een duurzamer voedingspatroon. Tenslotte ontwikkelen en evalueren we kennis, concepten, producten en communicatiemiddelen die aansluiten bij strategieën om eetgedrag te veranderen richting een duurzame en optimale eiwitinname. Dit zullen we doen in samenwerking met het consumentenpanel, brancheorganisaties, partners uit het voedingsmiddelenbedrijfsleven, consumentenorganisaties en kennisinstellingen.

Vandaag op Publinova
49.877
Producten
6.399
Projecten
62.634
Personen
304
Partijen
144
Redactie-artikelen
Uitgelichte personen
Uitgelichte partijen
CoE Groen
Centre of Expertise, onderdeel van Hogeschool Van Hall Larenstein, HAS green academy, Aeres Hogeschool

© 2026 SURF



















