This paper explores how so-called ‘Web3’ blockchain projects are materially and socially constituted. A blockchain is an append-only distributed database. The technology is being hyped as applicable for a whole range of industries, social service provisions, and as a fix for economic disparities in communities left behind by mainstream financial systems. Drawing on case studies from our ongoing research we explain how, despite being virtual, Web3 projects are dependent on clearly defined spaces of production from which they derive their speculative value. We conceptualise this relationship as Crypto/Space, where space and blockchain software are mutually constituted. We consider how Crypto/Spaces are produced in three ways: 1) how project developers are adopting a parasitic relationship with host locations to appropriate energy, infrastructure, and local resources; 2) how projects enable ‘virtual land grabs’ where developers are engaging in land acquisitions, and associated displacement of local people, with no real intention to use the land for the declared purpose; and 3) how blockchain technology and speculative finance imaginaries are inspiring new anarcho-capitalist crypto-utopian ‘Exit zones’, often in the Global South. Far from being a zero-sum virtual game world, we argue that cryptocurrency projects are parasitic, often requiring predation on poor and otherwise marginalised communities to appropriate resources, onboard new users and enable favourable regulation.
In the context of the participation society, roles and expectations of citizens and municipalities are vastly changing. While designers and design researchers explore the potentials of apps to empower citizens, municipalities are interested in data dashboards—accompanied by applications and community platforms—to increase civic participation in public (space) issues. In this paper, relevant criteria and design decisions are discussed through reflecting on the lessons learned from two civic apps that were designed by the authors and analysing prominent existing civic apps that have citizen empowerment as their objective.
MULTIFILE
In January 2022 the new Dutch Civic Integration programme was launched together with promises of improvements it would bring in facilitating the ‘integration’ of newcomers to the Netherlands. This study presents a critical discourse analysis of texts intended for municipalities to take on their new coordinating role in this programme. The analysis aims to understand the discourse in the texts, which actors are mobilized by them, and the role these texts and these actors play in processes of governmental racialization. The analysis demonstrates shifting complex assemblages are brought into cascades of governance in which all actors are disciplined to accept the problem of integration as a problem of cultural difference and distance, and then furthermore disciplined to adopt new practices deemed necessary to identify and even ‘objectively’ measure the inherent traits contributing to this problematic. Lastly, the analysis displays that all actors are disciplined to accept the solution of ‘spontaneous compliance’; a series of practices and knowledges, which move the civic integration programme beyond an aim of responsibilization, into a programme of internalization, wherein newcomers are expected to own and address their problematic ‘nature’, making ‘modern’ values their own.
In veel Afrikaanse landen zien we een inperking van de maatschappelijke ruimte (‘civic space’). Deze ruimte is cruciaal om in democratische staten transparantie, vrijheid van meningsuiting en verantwoording van bestuur te realiseren. In een steeds sterke digitaliserende maatschappij wordt toegang tot digitale middelen een mensenrecht. Daar waar regeringen proberen hun burgers en organisaties dat recht tot digitale informatievoorziening en –uitwisselingen te ontnemen komen de Sustainable Development Goals in het gedrang. Doel African Digital Rights Network (ADRN) wil inzicht verkrijgen in de stakeholders ne technologieën die betrokken zijn net het openen of onderdrukken van de online maatschappelijke ruimte (‘civic space’). Het netwerk beoogt bij te dragen aam empowerment van burgers om hun digitale mensenrechten uit te oefenen. Resultaten ADRN heeft een vergelijkende studie van 10 Afrikaanse landen uitgevoerd naar het gebruik van digitale technologieën voor het openen of onderdrukken van de online maatschappelijke ruimte (‘civic space’). Het project heeft onder andere geleidt tot de volgende publicatie: Mapping the Supply of Surveillance Technologies to Africa: Case Studies from Nigeria, Ghana, Morocco, Malawi, and Zambia Looptijd 01 mei 2020 - 20 april 2021 Aanpak ADRN organiseert een netwerk van onderzoekers, analisten, digitale rechtenorganisaties en activisten om de dynamiek van het openen en onderdrukken van de digitale maatschappelijke ruimte in kaart te brengen. Het netwerk bouwt op een interdisciplinaire onderzoeksaanpak o.l.v. het Institute for Development Studies, een vooraanstaand onderzoeksinstituut. Relevantie van het project Het onderzoek leidt tot aanbevelingen voor o.a. beleidsmakers en maatschappelijke organisaties ter bevordering van de digitale maatschappelijke ruimte. Daarnaast worden digitale tools en trainingsmateriaal gefaciliteerd voor het monitoren van ontwikkelingen en dreigingen van de digitale maatschappelijke ruimte. CofinancieringDit onderzoek wordt gefinancierd door UKRI - GCRF Digital Innovation for Development in Africa (DIDA)Meer weten? UKRI GCRF: African Digital Rights Network Website ADRN
Hoe kan de verblijfskwaliteit en veiligheidsperceptie van de publieke ruimte versterkt worden door de toepassing van “interactieve objecten”? (objecten die met beeld, licht, geluid en sensoren real time reageren op de gebruikers en de ruimte daarop afstemmen). De ontwikkeling van deze zogenaamde responsieve ruimte staat nog in de kinderschoenen maar is beloftevol vanwege de meerwaarde voor de leefbaarheid en het onderscheidend vermogen van de plek en de bedrijven. In Co-ReUs worden drie verschillende mkb groepen samengebracht: stedenbouwbureaus, creatieve conceptontwikkelaars en lokale ondernemers. We gebruiken de ArenA-Boulevard als proeftuin: een als ongezellig ervaren ruimte (lage verblijfskwaliteit en slechte veiligheidsperceptie). De mkb-ers lossen hiermee hun eigen praktijkproblemen op: Stedenbouwbureaus houden zich bezig met het ontwerp van de publieke ruimte. Zij merken dat hun instrumentarium (herontwerp, herbestrating etc.) te kapitaalintensief en te weinig flexibel is om de verblijfskwaliteit en veiligheidsperceptie op dit soort plekken op te lossen. De bureaus hebben behoefte aan een lichter, gerichter en responsiever instrumentarium. Ze hebben echter beperkte (technologische) kennis hoe interactieve objecten precies een bijdrage kunnen leveren. Creatieve conceptontwikkelaars hebben een ander probleem: zij hebben wél de beschikking over interactieve objecten (geluid, beeld, licht, sensoren) maar die zijn vooral kunstzinnig en evenementiëel. De objecten zijn stuk voor stuk niet ontwikkeld vanuit een stedenbouwkundige opgave waardoor ze hiervoor geen panklare oplossing vormen. Lokale mkb-ers hebben ook een probleem: zij weten niet goed hoe zij op een gecoördineerde manier invloed kunnen uitoefenen op de activering van de publieke ruimte. Project Co-ReUs: 1) analyseert hoe de ruimte wordt gebruikt (nulmeting en Programma van Eisen voor de inzet van interactieve objecten; 2) ontwikkelt ruimtelijk-interactieve interventies in co-creatie met de drie mkb groepen. 3) deze worden op het plein geplaatst en nametingen brengen de effecten in beeld. Het resultaat is een actiegerichte Handleiding met Roadmap voor de ontwikkeling van responsieve publieke ruimtes.
PUBLIC PLAY SPACE promotes innovative and creative practices for the co-design of inclusive, cohesive and sustainable public spaces, through the use of games and digital technologies, in a transnational and European perspective, fostering the process of placemaking.Participation of citizens in the design of the public space is recognized as fundamental to build inclusive, cohesive and sustainable public space. As local governments grow more and more interested in civic participation, it becomes important to explore available methodologies addressing challenges related with participatory processes. Games have been proposed since the 1960s as a means of facilitating participatory processes by enabling cooperative environments to shape and support citizens’ interaction. The change led by Information and Communication technologies opens the debate on how advanced technologies, from video games to Virtual and Augmented Reality can help to open the process of co-creation to new audiences, enhancing citizen participation, both with respect to the design and space usage. PUBLIC PLAY SPACE aims to explore the process of development and use of innovative video-games for public space co-design through a wide range of actions targeted at education, knowledge production, debate rising and audience development; it will focus on the following actions:- On-line platform development;- State of the art book development;- 3 Creative & Capacity building workshops on advanced video-games co-development;- 3 Open-Game Events / Public space co-creation workshops with citizens (T: Neighbourhood associations, young people, citizens);- A Co-created touring exhibition on Games for placemaking, taking place in 6 cities;- 1 symposium on games for co-design;- Public Play Space experience book.