Begin 2018 is in Zuid Kennemerland en Purmerend/Beemster in het kader van het tegengaan van schoolverzuim onder jongeren in deze regio het team Breed Inzetbare Professionals opgericht. Een Breed Inzetbare Professional (BIP) is in staat het kind door de hele keten heen te begeleiden. Voor het kind betekent dit dat er sprake is van een beperking van de vele schakelmomenten. In plaats van het kind dat door de keten beweegt langs verschillende professionals, beweegt het kind zich samen met één Breed Inzetbare Professional door de keten. Deze wijze van interdisciplinair samenwerken rond het van school verzuimende kind is nieuw in Nederland.
De afgelopen jaren hebben we veel kennis opgedaan over de samenwerking met informele zorgers. In dit project willen we dit verder onderzoeken en vertalen naar de curricula van de opleidingen Sociaal Werk en Verpleegkunde. Doel We willen de kennis over informele zorg in de opleidingen Sociaal Werk en Verpleegkunde en in de beroepspraktijk versterken, met als doel om: Interprofessionele crossovers te versterken (Toekomstige) beroepskrachten beter toe te rusten om samen met informele zorgers adequate ondersteuning te bieden aan mensen met chronische ziektes of beperkingen Te voorkomen dat informele zorgers zelf in de problemen raken Beoogde resultaten Een werkgroep waar ontmoeting plaatsvindt tussen (toekomstig) sociaal werkers en verpleegkundigen, informele zorgers en docenten. Een profiel met generieke en (discipline en sector) specifieke competenties die van belang zijn in de professionele samenwerking met informele zorgers. Concrete verbeteringen van de curricula van de opleidingen Sociaal Werk en Verpleegkunde. Een leergang of e-learning module voor deskundigheidsbevordering van docenten. Looptijd 01 oktober 2021 - 01 juli 2022 Aanpak In eerdere projecten zijn er competentieprofielen ontwikkeld waarin beschreven werd welke competenties van belang zijn in de professionele samenwerking met informele zorgers in situaties waarin sprake is van dementie, niet aangeboren hersenletsel of een licht verstandelijke beperking. In dit onderzoek bekijken we welke competenties generiek zijn. En welke competenties specifiek gelden voor de sociaal werker of de verpleegkundige. Deze inzichten gebruiken we om (kennis over) informele zorg in de opleidingen Social Work en Verpleegkunde te verstevigen.
Werken in sociale wijkteams vraagt om integrale aanpak van professionals die zowel wat betreft niveau (mbo/hbo/wo) als vakinhoud (zorg/onderwijs) diverse achtergronden hebben. Daarvoor zijn zowel vakspecifieke competenties nodig, alsook vaardigheden om verbindingen te leggen tussen werelden van onderwijs en zorg, en in wijkteams rondom kind en gezin effectief en resultaatgericht samen te werken. Opleidingsprogramma’s in mbo, hbo en wo voor pedagogiek en educatie zijn nog onvoldoende toegerust om studenten voor te bereiden op deze integrale werkwijze. Geïnspireerd door CDKM en de Nijmeegse beweging Ieder Talent Telt willen onderwijsinstellingen in onze regio daarom de samenwerking van docenten/studenten van verschillende opleidingen en onderzoekers bij grootstedelijke thema’s in het sociale domein bewerkstelligen. Ze zoeken naar mogelijkheden om via projectonderwijs rijke leeromgevingen in te richten waarin studenten multilevel en interdisciplinair leren samenwerken, in verbinding met professionals in het onderwijs, de zorg en de gemeente. Vanuit dit gedeelde urgentiebesef worden er binnen leerwerkplaatsen in Nijmegen gemeenschappelijke leeractiviteiten aangeboden die: • recht doen aan expertise en leerdoelen van studenten van verschillende opleidingen, • invulling geven aan de maatschappelijke opdracht die opleidingen/instituten willen vervullen (zoals verwoord in de strategische agenda van CDKM Nijmegen), • verbindingsmogelijkheden tussen opleidingen verkennen, door te kijken naar doorgaande lijnen in curricula, eindtermen, entree-eisen, om zo de doorstromingsmogelijkheden van studenten te bevorderen, • als voorbereiding kunnen dienen voor deelname aan multi/inter/transdisciplinaire teams in het werkveld van zorg en onderwijs. Het onderzoek betreft de volgende vragen: 1. Wat is de perceptie van studenten, docenten en wijkprofessionals op interdisciplinair en multilevel leren in de context van het sociale domein? 2. In welke mate zijn studenten van verschillende opleidingen succesvol in het behalen van hun leerdoelen in deze onderwijsvorm, zowel op het gebied van vakspecifieke als generieke kennis en vaardigheden?
Kennis Maken met de Stad Enschede: het ontwikkelen en benutten van kennis en kunde voor échte vraagstukken, en het op die manier ‘real life’ leren en ontwikkelen van competenties van studenten die helpen de uitdagingen van de toekomst te lijf te gaan. Dat is de gezamenlijke intentie die we als consortium van Gemeente Enschede, Universiteit Twente, Saxion Hogeschool, ArtEZ/AKI en ROC van Twente al jarenlang vormgeven, en die we nóg meer willen gaan waarmaken, gestructureerd en structureel. De stad als rijke leeromgeving, ingebed in de onderwijsprogramma’s van de verschillende kennisinstellingen - en van A tot Z verankerd, niet alleen organisatie intern maar ook uitgedragen in samenwerking tussen de verschillende organisaties. Dat vraagt een solide implementatieplan, dat we vanaf eind 2021 gaan maken en per 2023 uitvoeren. In dat plan - en bij de totstandkoming ervan - gebruiken we de beproefde ervaring met verschillende multi- en interdisciplinaire onderwijsvormen. Met die vormen ervaren we dat studenten motivatie vinden doordat zij veel ruimte krijgen om zelf invloed uit te oefenen op datgene waaraan ze willen werken, naar welk resultaat ze toewerken en hoe en met wie ze daaraan werken. Bovendien bereidt het ze optimaal voor op hoe ze om kunnen gaan met een ongewisse toekomst met vraagstukken die te complex zijn om vanuit één discipline op te lossen. Op basis van een samen met de stad vorm te geven onderzoeksagenda (passend bij de speerpunten van de stad) ontwikkelen we onze gezamenlijke, interdisciplinaire, opleidingsvormen, en we maken het gezamenlijk implementatieplan. De basis daarvan is het ‘radermodel’ uit het document ‘CDKM Instellingsbrede visie op verbinding met de samenleving’. Voor de verschillende ‘raders’ inventariseert het in te zetten projectteam wat al bestaat aan werkvormen, en brengt ze de huidige en de gewenste activiteiten (binnen en tussen onze instellingen) in kaart, inclusief een financieringsmodel daarvoor.