De trauma-experts is het vast niet ontgaan. De Nederlandse vertaling van het boek 'The body keeps the score' werd in 2016 onder de titel 'Traumasporen' uitgebracht. De auteur van dit boek, Bessel van der Kolk, is oprichter van het Trauma Centrum in Brookline, Massachusetts en hoogleraar in de psychiatrie aan Boston University. Op 21 september 2018 was hij in Nederland en werd een congres gewijd aan zijn inzichten over het herstel van lichaam, brein en geest na overweldigende ervaringen.
Research showed that more than 30% of patients with Posttraumatic Stress Disorder (PTSD) do not benefit from evidence- based treatments: Trauma-Focused Cognitive Behavioral Therapy (TF-CBT) or Eye Movement Desensitization and Reprocessing (EMDR). These are patients with prolonged and multiple traumatization, with poor verbal memory, and patients with emotional over-modulation. Retelling traumatic experiences in detail is poorly tolerated by these patients and might be a reason for not starting or not completing the recommended treatments. Due to lack of evidence, no alternative treatments are recommended yet. Art therapy may offer an alternative and suitable treatment, because the nonverbal and experiential character of art therapy appears to be an appropriate approach to the often wordless and visual nature of traumatic memories. The objective of this pilot study was to test the acceptability, feasibility, and applicability of trauma-focused art therapy for adults with PTSD due to multiple and prolonged traumatization (patients with early childhood traumatization and refugees from different cultures). Another objective was to identify the preliminary effectiveness of art therapy. Results showed willingness to participate and adherence to treatment of patients. Therapists considered trauma-focused art therapy feasible and applicable and patients reported beneficial effects, such as more relaxation, externalization of memories and emotions into artwork, less intrusive thoughts of traumatic experiences and more confidence in the future. The preliminary findings on PTSD symptom severity showed a decrease of symptoms in some participants, and an increase of symptoms in other participants. Further research into the effectiveness of art therapy and PTSD is needed.
In deze handreiking bieden wij richtlijnen voor het behandelen van vrouwen in de (gemengde) klinische forensische zorg. Deze zijn gebaseerd op literatuuronderzoek, een enquête (ingevuld door 295 professionals), interviews met 22 professionals en 11 patiënten (acht vrouwelijke, drie mannelijke), twee expertmeetings met professionals en een expertmeeting met vrouwelijke patiënten en een pilot onderzoek in drie forensische instellingen. In het eindrapport Behandelen van vrouwen: Een vak apart? Ontwikkeling van een handreiking voor het behandelen van vrouwen in de klinische forensische zorg1 wordt de onderbouwing van deze richtlijnen vanuit de literatuur en het door ons uitgevoerde onderzoeksproject uitgebreid besproken. We vinden het belangrijk te benadrukken dat meerdere van de richtlijnen in deze handreiking evenzogoed voor mannen in de klinische forensische zorg waardevol kunnen zijn. Gender-responsief werken betekent rekening houden met genderverschillen, maar ook zo goed mogelijk afgestemd op het individu, of dit nu een vrouw, man of andere genderidentiteit is. Toch vonden we het nodig om specifieke richtlijnen te formuleren voor vrouwen, aangezien tot nu toe de meeste aandacht binnen de forensische zorg, zowel vanuit de wetenschap als de praktijk, uit is gegaan naar mannen. Onderzoek is nog beperkt, maar laat wel zien dat de meeste (risicotaxatie)instrumenten en forensische behandelmethoden minder bruikbaar zijn voor vrouwen en dat aanpassingen of aanvullingen gewenst zijn. Daarnaast denken we dat extra aandacht voor vrouwen van belang is gezien hun duidelijke minderheidspositie in forensische instellingen. We willen graag alle patiënten en professionals die hebben meegewerkt aan het onderzoeksproject (enquête, interviews, expertmeetings en pilot onderzoek) hartelijk bedanken. Hun input was bijzonder waardevol. Ook danken we de leden van de begeleidingscommissie Marije Keulen-de Vos, Marike Lancel, Jeroen Kampkes, Tiemenna Oosterhof, Anne-Marie Slotboom, en Jeantine Stam voor hun constructieve meedenken en Juul Depla en Els Russchenberg, die in het kader van hun onderzoeksstage veel werk hebben verzet. We hopen dat deze handreiking kan bijdragen aan een zo effectief mogelijke behandeling van vrouwen in de klinische forensische zorg in het belang van deze vrouwen, hun directe omgeving (met name eventuele kinderen), de professionals die met hen werken en de maatschappij.