Sportverenigingen in Nederland dragen bij aan een gezonde leefstijl, sociale cohesie en inclusieve sportdeelname. Ondanks dat de sportparticipatie toeneemt, hebben de clubs het moeilijk om hun ledental op peil te houden. Diverse ontwikkelingen spelen daarbij een rol. De focus van het onderzoek in dit proefschrift richt zich op twee maatschappelijke ontwikkelingen, ‘individualisering’ en ‘digitalisering’. In zeven studies wordt antwoord gegeven op twee onderzoeksvragen: 1) hoe het clubgevoel van leden van sportvereniging kan worden geconceptualiseerd in termen van definitie, voorspellers en opbrengsten en 2) hoe sociaalnetwerksites van sportverenigingen kunnen bijdragen het ontwikkelen van het clubgevoel van leden? Die studies vormen samen een multimethode onderzoek. Resultaten laten zien dat clubgevoel verwijst naar de gevoelsband van leden met hun club op basis van participatie, relevantie en de sociale wereld van de club. Clubgevoel hangt samen met bindingsaspecten zoals de intentie om je in te zetten voor de club en te blijven. Sociaalnetwerksites van sportverenigingen kunnen helpen om dit clubgevoel te ontwikkelen, bij voorkeur door de kanalen in te zetten voor informatie en interactie over de club, de sport en de leden. De online kanalen vormen samen de virtuele community van de vereniging die, afhankelijk van de aanpak door de club en de leden, verschillende verschijningvormen kan hebben. Met hun virtuele community bieden sportverenigingen, naast de accommodatie, ook een ónline ontmoetingsplek voor sport en andere activiteiten waarmee ze het clubgevoel onder hun leden kunnen bevorderen. Met dit proefschrift geeft Nanny Kuijsters inzichten voor de ontwikkeling van virtuele community’s voor verenigingen, professionals en geïnteresseerden in de georganiseerde sport.
Paper submitted and accepted by World Future Review.
LINK
Virtual training systems provide highly realistic training environments for police. This study assesses whether a pain stimulus can enhance the training responses and sense of the presence of these systems. Police officers (n = 219) were trained either with or without a pain stimulus in a 2D simulator (VirTra V-300) and a 3D virtual reality (VR) system. Two (training simulator) × 2 (pain stimulus) ANOVAs revealed a significant interaction effect for perceived stress (p =.010, ηp2 =.039). Post-hoc pairwise comparisons showed that VR provokes significantly higher levels of perceived stress compared to VirTra when no pain stimulus is used (p =.009). With a pain stimulus, VirTra training provokes significantly higher levels of perceived stress compared to VirTra training without a pain stimulus (p <.001). Sense of presence was unaffected by the pain stimulus in both training systems. Our results indicate that VR training appears sufficiently realistic without adding a pain stimulus. Practitioner summary: Virtual police training benefits from highly realistic training environments. This study found that adding a pain stimulus heightened perceived stress in a 2D simulator, whereas it influenced neither training responses nor sense of presence in a VR system. VR training appears sufficiently realistic without adding a pain stimulus.
In this project, the AGM R&D team developed and refined the use of a facial scanning rig. The rig is a physical device comprising multiple cameras and lighting that are mounted on scaffolding around a 'scanning volume'. This is an area at which objects are placed before being photographed from multiple angles. The object is typically a person's head, but it can be anything of this approximate size. Software compares the photographs to create a digital 3D recreation - this process is called photogrammetry. The 3D model is then processed by further pieces of software and eventually becomes a face that can be animated inside in Unreal Engine, which is a popular piece of game development software made by the company Epic. This project was funded by Epic's 'Megagrant' system, and the focus of the work is on streamlining and automating the processing pipeline, and on improving the quality of the resulting output. Additional work has been done on skin shaders (simulating the quality of real skin in a digital form) and the use of AI to re/create lifelike hair styles. The R&D work has produced significant savings in regards to the processing time and the quality of facial scans, has produced a system that has benefitted the educational offering of BUas, and has attracted collaborators from the commercial entertainment/simulation industries. This work complements and extends previous work done on the VIBE project, where the focus was on creating lifelike human avatars for the medical industry.