For children with asthma, physical activity (PA) can decrease the impact of their asthma. Thus far, effective PA promoting interventions for this group are lacking. To develop an intervention, the current study aimed to identify perspectives on physical activity of children with asthma, their parents, and healthcare providers. Children with asthma between 8 and 12 years old (n = 25), their parents (n = 17), and healthcare providers (n = 21) participated in a concept mapping study. Participants generated ideas that would help children with asthma to become more physically active. They sorted all ideas and rated their importance on influencing PA. Clusters were created with multidimensional scaling and cluster analysis. The researchers labelled the clusters as either environmental or personal factors using the Physical Activity for people with a Disability model. In total, 26 unique clusters were generated, of which 17 were labelled as environmental factors and 9 as personal factors. Important factors that promote physical activity in children with asthma according to all participating groups are asthma control, stimulating environments and relatives, and adapted facilities suiting the child’s needs. These factors, supported by the future users, enable developing an intervention that helps healthcare providers to promote PA in children with asthma.
Several studies have suggested that precision livestock farming (PLF) is a useful tool foranimal welfare management and assessment. Location, posture and movement of an individual are key elements in identifying the animal and recording its behaviour. Currently, multiple technologies are available for automated monitoring of the location of individual animals, ranging from Global Navigation Satellite Systems (GNSS) to ultra-wideband (UWB), RFID, wireless sensor networks (WSN) and even computer vision. These techniques and developments all yield potential to manage and assess animal welfare, but also have their constraints, such as range and accuracy. Combining sensors such as accelerometers with any location determining technique into a sensor fusion systemcan give more detailed information on the individual cow, achieving an even more reliable and accurate indication of animal welfare. We conclude that location systems are a promising approach to determining animal welfare, especially when applied in conjunction with additional sensors, but additional research focused on the use of technology in animal welfare monitoring is needed.
MULTIFILE
Background: Remote coaching might be suited for providing information and support to patients with coronary artery disease (CAD) in the vulnerable phase between hospital discharge and the start of cardiac rehabilitation (CR).Objective: The goal of the research was to explore and summarize information and support needs of patients with CAD and develop an early remote coaching program providing tailored information and support.Methods: We used the intervention mapping approach to develop a remote coaching program. Three steps were completed in this study: (1) identification of information and support needs in patients with CAD, using an exploratory literature study and semistructured interviews, (2) definition of program objectives, and (3) selection of theory-based methods and practical intervention strategies.Results: Our exploratory literature study (n=38) and semistructured interviews (n=17) identified that after hospital discharge, patients with CAD report a need for tailored information and support about CAD itself and the specific treatment procedures, medication and side effects, physical activity, and psychological distress. Based on the preceding steps, we defined the following program objectives: (1) patients gain knowledge on how CAD and revascularization affect their bodies and health, (2) patients gain knowledge about medication and side effects and adhere to their treatment plan, (3) patients know which daily physical activities they can and can’t do safely after hospital discharge and are physically active, and (4) patients know the psychosocial consequences of CAD and know how to discriminate between harmful and harmless body signals. Based on the preceding steps, a remote coaching program was developed with the theory of health behavior change as a theoretical framework with behavioral counseling and video modeling as practical strategies for the program.Conclusions: This study shows that after (acute) cardiac hospitalization, patients are in need of information and support about CAD and revascularization, medication and side effects, physical activity, and psychological distress. In this study, we present the design of an early remote coaching program based on the needs of patients with CAD. The development of this program constitutes a step in the process of bridging the gap from hospital discharge to start of CR.
Chronische gewrichtsaandoeningen zijn veelvoorkomende aandoeningen waarmee patiënten bij de fysiotherapeut of oefentherapeut komen. Aandoeningen zoals artrose en reuma veroorzaken problemen in het dagelijks functioneren vanwege pijn en verminderde mobiliteit. Genezing is vaak niet mogelijk, maar het bevorderen van zelfmanagement kan verergering voorkomen. Oefentherapeuten en fysiotherapeuten spelen een centrale rol in het ondersteunen van zelfmanagement bij patiënten met gewrichtsaandoeningen. De inzet van online toepassingen, waaronder mobiele applicaties, en online platforms, die gericht zijn op het bevorderen van zelfmanagement (in dit voorstel gedefinieerd als Behavioral Intervention Technologies: BITs) kunnen patiënten met chronische gewrichtsaandoeningen ondersteunen. Echter, voor veel professionals is het onduidelijk hoe BITs kunnen worden ingezet om zelfmanagement te vergroten en hoe dit gecombineerd kan worden met fysieke begeleiding. Daarom onderzoeken we in dit tweejarige project de manier waarop oefen- en fysiotherapeuten coaching op zelfmanagement via BITs kunnen vormgeven. In werkpakket 1 brengen we met een review, observaties en een concept mapping in kaart welke elementen en randvoorwaarden van BITs belangrijk zijn voor het bevorderen van zelfmanagement. Zodra we inzicht hebben in deze elementen en randvoorwaarden wordt in co-creatie met stakeholders toegewerkt naar beroepsrollen en beroepscompetenties die voorwaardelijk zijn voor het gebruik van BITs. Met de input van deze onderzoeksactiviteiten ontwikkelen we samen met de doelgroep de AmSOS methodiek die professionals helpt bij het gebruik van BITs om zelfmanagement te bevorderen bij patiënten met chronische gewrichtsaandoeningen (WP2). Om te bepalen in hoeverre de methodiek bruikbaar is in de praktijk wordt in WP3 een haalbaarheidsstudie opgezet waarbij 25 eerstelijnsfysio- en/of oefentherapiepraktijken de AmSOS methodiek gaan gebruiken in de behandeling van patiënten met chronische gewrichtsaandoeningen. Omdat gewrichtsaandoeningen een substantieel onderdeel zijn van de curricula, maar tegelijkertijd weinig aandacht wordt besteed aan technologie en zelfmanagement, ontwikkelen we in WP4 een onderwijsmodule voor scholing van studenten en praktiserende oefen- en fysiotherapeuten.
De creatieve industrie is een spil in innoverend Nederland en design speelt daarbinnen een cruciale rol. Het hbo heeft een belangrijke positie in deze drive voor innovatie. Door ontwerpend onderzoek te enten op de praktijk draagt het hbo actief bij aan kennis over het creatieve ontwerpproces. Het Network Applied Design Research (NADR) wordt een initiatieforgaan met voorbeeldfunctie en best practices van praktijkgericht en ontwerp gerelateerd onderzoek: koers uitzetten, initiatief nemen; visie neerzetten door organisatie van events en output (ondernemend en onderzoekend) die een zuigende werking heeft door te doen/organiseren zodat massa gecreëerd kan worden. Doelen van dit netwerk zijn onder meer: toegepast design onderzoek te emanciperen en de zichtbaarheid ervan te vergroten, kennis te ontwikkelen en de ontwikkelde kennis makkelijker en breder te delen, het stimuleren van de kwaliteit van praktijkgericht onderzoek in de ontwerpende disciplines, netwerkvorming, het opzetten van een body of knowledge & skills en kenniskaart, organisatieverband voor interactie met stakeholders, invloed op beleid en instrumenten. Het netwerk bevestigt de speciale positie die praktijkgericht, ontwerpend onderzoek heeft binnen het totale onderzoekskader. De verkenning in opdracht van SIA naar de positie van praktijkgericht onderzoek in de creatieve industrie onderschrijft dit. NADR vertegenwoordigt hbo-lectoren die vanuit hun lectoraat actief zijn op het gebied van design waarbij wetenschappelijke disciplines als Natural Sciences & Engineering, Humanities, Behavioral & Social Sciences en Arts in meer of mindere mate worden geïntegreerd om een bijdrage te leveren aan het reframen en oplossen van diverse maatschappelijke thema’s als bijvoorbeeld gezondheidszorg of circulaire economie. De verbindende factor is ontwerpen gerelateerd onderzoek en het platform is open voor lectoraten die zich daarmee verwant voelen, van zorg- technische- duurzame- virtuele product ontwerpers tot gameontwerpers, architecten of meer op toegepaste kunst gerichte lectoraten, zolang het ontwerpend onderzoek en integratie van verschillende disciplines bij hen centraal staat.