The “Creating Age-friendly Communities: Housing and Technology” publication presents contemporary, innovative, and insightful narratives, debates, and frameworks based on an international collection of papers from scholars spanning the fields of gerontology, social sciences, architecture, computer science, and gerontechnology. This extensive collection of papers aims to move the narrative and debates forward in this interdisciplinary field of age-friendly cities and communities. (This book is a reprint of the Special Issue Creating Age-friendly Communities: Housing and Technology that was published in Healthcare)
MULTIFILE
Dit adviesrapport richt zich op de ervaringen en uitkomsten van het inzetten en het cultiveren van (bestaande) Learning Communities (LC’s) in het SIA-project ‘Het Nieuwe Telen: Gas erop!’. Na een korte inleiding op het project, LC’s, beschrijven we onze ervaringen met het cultiveren van LC’s. We trekken lessen en sluiten af met een advies gericht op het inzetten van LC’s voor innovatie, verduurzaming (in het onderwijs).
MULTIFILE
De Human Capital Agenda van GroenvermogenNL is de ‘enabler’ voor de ambitieuze activiteiten t.a.v. de productie en transport, op- & overslag van waterstof en de (grootschalige) toepassing ervan in de industrie en de overige toepassingsgebieden zoals mobiliteit & transport en de gebouwde omgeving. Belangrijke voorwaarde voor de realisatie van deze ambities is de voldoende beschikbaarheid van professionals met kennis en vaardigheden van waterstof en de toepassing ervan. Hiervoor moet nieuwe en noodzakelijke kennis snel beschikbaar komen in het reguliere onderwijs en voor de scholing en training van professionals die al werkzaam zijn. Eén van de werkstromen binnen de human capital agenda van GroenvermogenNL is de ontwikkeling en verduurzaming van learning communities rond waterstof. Learning communities zijn in transitieomgevingen een bruikbaar vehikel om derde-orde leren mogelijk te maken. In de energietransitie is zulk derde-orde leren of ook transformatief leren nodig. Dat vindt niet spontaan plaats maar vraagt om een gestructureerde manier van leren, waarin systematisch gewerkt wordt aan het conceptualiseren van complexe problemen, vraagarticulatie en het bedenken van oplossingsstrategieën. Een learning community kan dienen als innovatieruimte waarin kruisbestuiving plaatsvindt tussen verschillende types kennis en vaardigheden. Het project “Aanloopactiviteiten learning communities” is erop gericht om in de projectperiode (2022-2023) in grote lijnen twee met elkaar verweven hoofdactiviteiten uit te voeren, namelijk activiteiten die in de tweede fase zorgen voor daadwerkelijke opschaling én activiteiten die zorgen voor leren en kennisontwikkeling óver leren, werken en innoveren in learning communities. De projectperiode is een voorbereidingsjaar waarin in 6 regio’s gebouwd wordt aan een ecosysteem waarmee de HCA GroenvermogenNL gerealiseerd kan worden. Naast de regionale ontwikkeling zijn er 2 landelijke projecten, het onderhavige rond learning community-ontwikkeling en een project waarin gebouwd wordt aan een kennisplatform.
Verschillende maatschappelijke veranderingen dwingen de bouwbranche tot innovaties. Ondanks de potentie op het vlak van circulariteit en duurzaamheid van 3D-printen met kunststoffen kent deze technologie nog nauwelijks toepassingen in de bouw. Redenen hiervoor zijn achterblijvende materiaaleigenschappen en het verschil in cultuur tussen de bouwwereld en kunststofverwerkende industrie. Het bedrijf Phidias, richt zich op innovatieve en creatieve vastgoedconcepten. Samen met Zuyd Hogeschool (Zuyd) willen zij onderzoek doen naar het printen van bouwelementen waarbij de meerwaarde van 3D-printen wordt gezien in het combineren van materiaaleigenschappen. Zuyd heeft afgelopen jaren veel onderzoek gedaan naar het ontwikkelen van materialen voor 3D-printen (o.a. 2014-01-96 PRO). De volgende fase is de opgedane kennis toe te passen voor specifieke applicaties, in dit geval om de vraag van het MKB bedrijf Phidias te beantwoorden. Vanuit een ander MKB-bedrijf, MaukCC, ontwikkelaar van 3D printers, komt de vraag om de afstemming tussen materialen en hardware te optimaliseren. De combinatie van beide vragen uit het werkveld en de expertise bij Zuyd heeft geleid tot dit projectvoorstel. In deze pilotstudie ligt de focus voornamelijk op het 3D printen van één specifiek bouwkundig element met meerdere eigenschappen (bouwfysisch en constructief). De combinatie van eigenschappen wordt verkregen door gebruik te maken van twee (biobased) kunststoffen waarbij tevens een variatie wordt aangebracht in de geprinte structuren. Op deze manier kunnen grondstoffen worden gespaard. Het onderzoek sluit aan bij twee zwaartepunten van Zuyd, namelijk “Transitie naar een duurzaam gebouwde omgeving” en “Life science & materials”. De interdisciplinaire aanpak, op het grensvlak van de lectoraten “Material Sciences” (Gino van Strydonck) en “Sustainable Energy in the Built Environment” (Zeger Vroon) staat garant voor innovatief onderzoek. Integratie van onderwijs en onderzoek vindt plaats door studenten samen met een coach (docent) en ervaren professional aan dit onderzoek te laten werken in Communities for Development (CfD’s).
Due to their diverse funding sources, theatres are under increasing pressure to demonstrate impact on society. The Raad voor Cultuur (2023) for example advised the secretary of state to include societal impact as an additional evaluation measure next to artistic value. Many theaters, such as the Chassé Theater and Parkstad Limburg Theaters, have reformulated their missions to focus on impact of performances on visitors. This is a profound transformation from merely selling tickets and filling seats, and requires new measurement instruments to monitor, manage, and improve impact. Currently available instruments are insufficient, and effective monitoring is crucial to larger future projects that theaters are currently planning to systematically broaden impacts of performances on their communities. The specific goal of this project is to empower theaters to monitor and improve impact by developing a brief experience impact questionnaire, taking existing data from student projects conducted at the Chassé Theater about performing arts experiences on one hand, and experience impact theory innovations on the other, as starting points. We will develop potential items to measure and benchmark against established measures of valued societal outcomes, such as subjective well-being and quality of life. These will be measured in questionnaires developed with project partners Chassé Theater and Parkstad Limburg Theaters and administered before and after performances across a wide range of genres. The resulting data will enable comparison of new questionnaire items with benchmarked measures of valued societal outcomes. The final product of the project will be a brief impact questionnaire, which within several brief self-report instruments and just a few minutes can effectively be used to quantify the impact of a performing arts experience. A workshop and practice-oriented article will make this questionnaire implementable, thereby mobilizing the key enabling methodology of monitoring and impact measurement in the performing arts sector.