In een hybride virtueel klaslokaal (HVC) zijn docenten en/of studenten zowel fysiek als digitaal synchroon bij een onderwijsonderdeel aanwezig. De online studenten danwel docenten kunnen thuis zijn, of bevinden zich bijvoorbeeld in een authentiek werksituatie of ergens in het buitenland. Hybride virtuele klaslokalen zijn ontworpen om studenten op locatie en studenten op afstand aan elkaar te verbinden. De fysieke en digitale onderwijsactiviteiten lopen synchroon aan elkaar. Het kan daarmee ook digitaal aanschuifonderwijs genoemd worden. Wat zijn de voordelen van het HVC? Wanneer gebruik je het en wanneer gebruik je het niet? Op welke manier gebruik je het dan en welke consequenties heeft dit voor het didactische repertoire? Welke technische opstellingen horen hierbij? Het lectoraat Teaching Learning & Technology heeft onderzoek gedaan naar de inzet van HVC in het onderwijs en vanuit interviews met docenten en ondersteuners praktische handvaten ontwikkeld op zowel didactisch als technisch niveau. Deze zijn te lezen in het onderzoeksrapport.
MULTIFILE
In november 2012 kregen alle brugklasleerlingen van het Leeuwarder Lyceum een iPad uitgereikt. Dit nieuwe ‘device’ is de aanjager van onderwijsvernieuwingen op het gebied van digitalisering van lesmateriaal. Sowijs volgde de implementatie van de iPad en vroeg zich af: hoe is het iPadgebruik na een half jaar? Hoe wordt de tablet gebruikt, welke verwachtingen liggen er en welke kansen zijn er voor de toekomst? Dit onderzoek is de volgende stap in onze reeks onderzoeken naar de implementatie van nieuwe kennismedia in het middelbaar en hoger onderwijs
DOCUMENT
Hoger-onderwijsinstellingen zien ‘de stad’ steeds meer als een interessante leer- en onderzoeksomgeving, vol met boeiende vragen en uitdagingen. Tegelijkertijd zijn stedelijke beleidsmakers en andere urban stakeholders op zoek naar manieren om studenten en onderzoekers te betrekken bij hun strategieën, beleid en praktijk. Hoe komen de stad, onderwijs en onderzoek samen? Er gebeurt al van alles, maar hoe werkt deze samenwerking eigenlijk, en hoe kan het beter?
DOCUMENT
Meertaligheid in het onderwijs is eerder regel dan uitzondering. Door toegenomen mobiliteit en nieuwe media komen tegenwoordig bijna alle kinderen in aanraking met meerdere talen en dialecten. Thuis, op straat, in de speeltuin en op TikTok gebruiken ze ál hun talen. Op school gebruiken ze vooral Nederlands. Wat zou er gebeuren als we in het klaslokaal ook ruimte zouden scheppen voor de thuistalen van kinderen?
LINK
Door te tuinieren kunnen leerlingen in de buitenlucht hun zintuigen laten prikkelen. Geen klassieke busopstelling in een klaslokaal, maar tussen de planten en insecten op ontdekking gaan. Eerder onderzoek met bewegingssensoren toonde aan dat de leerlingen gemiddeld 28% van de tijd behoorlijk tot zeer actief bewegen en 38% van de tijd licht actief bewegen. Dit illustreert dat de schooltuin kansen biedt voor leerlingen om actief te leren. Maar hoe ervaren leerlingen het leerproces in de schooltuin en wat is hen het meest bijgebleven? Die vraag stond centraal tijdens een photovoice onderzoek op de schooltuin, in het najaar van 2023.
DOCUMENT
Centraal staat de vraag van vijf basisscholen hoe de breed geïmplementeerde mobiele technologie didactisch wordt ingezet door leerkrachten en hoe deze inzet versterkt kan worden. Op basis van deze verkenning kunnen geïnformeerde beslissingen genomen worden ten aanzien van het ontwerpen, uitvoeren en evalueren van de innovatieve didactische inzet van mobiele technologie op de scholen. De huidige situatie is in kaart gebracht aan hand van de iPAC vragenlijst. Vervolgens zijn de resultaten besproken in focusgroepen met leerkrachten, leerlingen en de leidinggevenden. Uit het onderzoek blijkt dat de inzet op dit moment veelal gebonden is aan de gangbare onderwijsmethodesoftware, instructie van de leerkracht en voor het digitaal maken van verwerkingsopdrachten in het klaslokaal. Maar leerkrachten zien zeker meer kansen en benoemen in het rapport ondersteunende factoren.
DOCUMENT
Verbondenheid is een cruciale factor die van belang is voor studiesucces in het hoger onderwijs. Met dit casestudy onderzoek is gekeken naar de totstandkoming van verschillende vormen van binding bij een klas Informatica-studenten aan Hogeschool Inholland. Ondanks contextuele afhankelijkheden biedt dit onderzoek inzichten en inspiratie over wijzen waarop een onderwijsorganisatie en haar medewerkers hierin verschil kunnen maken en tot waar hun invloed rijkt. Door het bijhouden van een logboek heeft de betrokken docentonderzoeker en ook studiebegeleider een opvallend succesvolle klas de bevindingen hiervan geanalyseerd. Daardoor is een beeld ontstaan van de verschillende soorten van verbondenheid en hoe deze te beïnvloeden zijn. Het resultaat van de analyse zijn een drietal soorten van verbondenheid, te weten sociale verbondenheid, academische verbondenheid en klasgemeenschap. Bij sociale verbondenheid blijkt dat studenten goed samenwerken in een groep, zich aan afspraken houden met elkaar, respectvol zijn naar elkaar en actief communiceren met elkaar, meer verantwoordelijkheid nemen voor hun handelen en elkaar opzoeken om de successen te vieren. Bij academische verbondenheid blijkt dat de rol en het gedrag van de docent invloed heeft op de verbondenheid door aandacht geven en tijd nemen, alert te zijn op studievoortgang en student te confronteren met consequenties, te durven kiezen voor creatieve oplossingen. Bij klasgemeenschap kan gekeken worden wat de docent en de organisatie kan doen om de verbinding met de klas te vergroten; ook hier speelt aandacht geven en tijd nemen een belangrijke rol, veiligheid bieden, daarnaast confronteren met consequenties en zorg voor studenten als de organisatie niet goed werkt en durven kiezen om studenten te kunnen laten excelleren. Meer onderzoek bij andere succesvolle klassen kan meer duidelijkheid geven of de bevindingen van het onderzoek bij deze ene succesvolle klas herkend worden en of er nog andere factoren een rol kunnen spelen.
DOCUMENT