Gestuwd door een snelle groei en een oplevende conjunctuur bevindt Amsterdam zich vrij plots in een periode van groot optimisme. Bijbouwen is het devies. Tegelijkertijd kenmerkt de stad zich door sociale polarisatie, fragmentatie en hardnekkige maatschappelijke problemen. Kunnen we de fysieke uitdagingen koppelen aan sociale, economische en ecologische doelstellingen om zo aan een meer inclusieve stad te bouwen? Optimisme gaat vaak gepaard met grote haast terwijl juist nu zorgvuldigheid is geboden in de uitbouw en verdichting van de stad. Episodes uit het verleden bieden belangrijke lessen en inspiratie voor de hedendaagse uitdagingen.
MULTIFILE
Bijna de helft van de Nederlandse volwassenen voelt zich eenzaam. Tussen 2012 en 2022 is het percentage dat zich matig of sterk eenzaam voelt toegenomen van 39% naar 49%. Het percentage volwassenen dat zich sterk eenzaam voelt, nam toe van 8 naar 14% (VZinfo, 2023). De inrichting van de openbare ruimte kan bijdragen aan het verlichten van gevoelens van eenzaamheid. Het doel van dit onderzoek is om te achterhalen welke kenmerken van de openbare ruimte het sterkst samenhangen met gevoelens van eenzaamheid onder jongvolwassenen.
LINK
Ruimte voor werk in de stad houden of krijgen, is voor MKB-ers problematisch. Dat ervaart het MKB en wordt onderkend door de gemeenten. Met alle aandacht voor woningbouw, dreigt de ruimte voor werk tussen wal en schip te vallen. Uit eerder onderzoek blijkt dat om verschillende redenen behoud en ontwikkeling van werkruimten in onze steden essentieel is om maatschappelijke opgaven aan te pakken. Specifiek uitdagend voor ondernemers is hoe zij in de gebiedsontwikkeling – die veelal de transformatie van monofunctioneel bedrijventerrein naar stadswijk met wonen behelst – een positie krijgt. Beloftevol zijn de collectief georganiseerde vormen van bedrijfshuisvesting die eveneens bijdragen aan de economische en duurzame stedelijke ontwikkeling, dikwijls ontstaan op plekken die in transformatie zijn. In ons onderzoek verkennen we alternatieve wijzen van exploitatie en ontwikkeling van gebouwen en gebieden vanuit de kracht van het lokale MKB. Twee gebieden staan centraal: het Rotterdamse Keilekwartier en Utrechtse Werkspoorkwartier. Hier maken MKB-ers als collectief ruimte voor werk en beïnvloeden de procesgang van gebiedsontwikkeling. Om de praktijkvraag ‘Hoe kan locatiegebonden collectief ondernemerschap bijdragen aan de procesgang van gebiedsontwikkeling en ook ruimte voor werk veiligstellen?’ te beantwoorden gaan we stapsgewijs het concrete praktijkgeval in context verkennen, beginnende in de Rotterdam. Omdat het een opschalingsvraagstuk betreft, willen we praktijklessen te leren door te variëren in de context. Vervolgens verbinden we de twee praktijkgevallen onderling, om te eindigen met een sessie waarin ook de context van een vijftal gemeentelijke overheden wordt ingebracht. De praktijkvraag raakt aan verschillende praktijken: ruimtelijke ontwikkeling; vastgoed; economisch beleid en het gemeentelijk instrumentarium. Hiertoe bundelen we kennis uit drie lectoraten van drie hogescholen. Het is een opmaat voor een langdurige samenwerking op het thema ruimte voor werk. De inzichten voor onze praktijken uit de KIEM ontsluiten we in een open acces whitepaper.
Hoogwaardig afvalhout van bewoners, bouwbedrijven en meubelmakers blijft momenteel ongebruikt omdat het te arbeidsintensief is om grote hoeveelheden ongelijke stukken hout van verschillende afmetingen en soorten te verwerken. Waardevol hout wordt waardeloos afval, tegen de principes van de circulaire economie in. In CW.Code werken Powerhouse Company, Bureau HUNC en Vrijpaleis samen met de HvA om te onderzoeken hoe een toegankelijke ontwerptool te ontwikkelen om upcycling en waardecreatie van afvalhout te faciliteren. In andere projecten hebben HvA en partners verschillende objecten gemaakt van afvalhout: een stoel, een receptiebalie, kleine meubels en objecten voor de openbare ruimte, vervaardigd met industriële robots. Deze objecten zijn 3D gemodelleerd met behulp van specifieke algoritmen, in de algemeen gebruikte ontwerpsoftware Rhino en Grasshopper. De projectpartners willen nu onderzoeken hoe deze algoritmen via een toegankelijke tool bruikbaar te maken voor creatieve praktijken. Deze tool integreert generatieve ontwerpalgoritmen en regelsets die rekening houden met beschikbaar afvalhout, en de ecologische, financiële en sociale impact van resulterende ontwerpen evalueren. De belangrijkste ontwerpparameters kunnen worden gemanipuleerd door ontwerpers en/of eindgebruikers, waardoor het een waardevol hulpmiddel wordt voor het co-creëren van circulaire toepassingen voor afvalhout. Dit onderzoek wordt uitgevoerd door HvA Digital Production Research Group, met bovengenoemde partners. HUNC heeft ervaring met stadsontwikkeling waarbij gebruik wordt gemaakt van lokaal gekapt afvalhout. Vrijpaleis biedt toegang tot een actieve, lokale community van makers met een sterke band met buurtbewoners. Powerhouse Company heeft ervaring in het ontwerpen met hout in de bouw. Alle drie kunnen profiteren van slimmere circulaire ontwerptools, waarbij beschikbaar materiaal, productiebeperkingen en impactevaluatie worden geïntegreerd. De tool wordt ontwikkeld en getest voor twee designcases: een binnenmeubelobject en een buitengevelelement. Bevindingen hiervan zullen leidend zijn bij de ontwikkeling van de tool. Na afronding van het project is een bètaversie gereed voor validatie door ontwerpers, bewonerscollectieven en onderzoek/onderwijs van de HvA.
Retailinnovatie in Rotterdam onderzoekt de innovatiekansen van bestaande MKB‐retail-ondernemingen met een fysieke vestiging in de Rotterdamse binnenstad. Daarnaast wordt de ontwikkeling van de binnenstad als relevante betekenisvolle context voor MKB‐retailers in Rotterdam onderzocht. Samen met MKB’ers en andere stakeholders worden nieuwe retailconcepten en diensten ontworpen, gedemonstreerd en getest. Centraal staat de vraag: Welke nieuwe concepten, diensten en toepassingen zijn op korte en middellange termijn nodig ter bevordering van innovatievermogen, concurrentiekracht en toekomstbestendigheid van bestaande MKB-retailondernemingen met een fysieke vestiging in de Rotterdamse binnenstad en hoe kan de ontwikkeling van het binnenstedelijke winkelgebied hieraan een bijdrage leveren? Belangrijkste doelstelling van dit project is versterking van de MKB‐retailers in de Rotterdamse binnenstad door ze te ondersteunen in het benutten van hun innovatiekansen. In vergelijking met grootwinkel-bedrijven hebben MKB‐ retailers onvoldoende middelen en spankracht om de actuele innovatie-opgave voortvarend op te pakken. Bovendien staat de positie van MKB‐retailers in de binnensteden onder druk door de zogenaamde filialisering van winkelketens. Innovatie dient nog een breder doel. Kleine retailers zijn medeverantwoordelijk voor het imago en de belevingskwaliteit van de Rotterdamse binnenstad. Ze geven samen met grootwinkel-bedrijven, horeca-ondernemingen en cultuur kleur aan de binnenstad. Vanuit Hogeschool Rotterdam wordt dit project gedragen door Kenniscentrum Creating 010, Willem de Kooning Academie, Instituut voor Communicatie, Media en Informatietechnologie en de opleiding Small Business & Retail Management. Een belangrijk deel van het onderzoeks‐ en ontwerpwerk wordt verricht door studenten binnen het curriculum van genoemde opleidingen. Ze worden daarbij gecoached door docentonderzoekers en lectoren en ze werken intensief samen met de consortiumpartners: zeven MKB-retailondernemers uit de Rotterdamse binnenstad en vier MKB’ers uit de creatieve zakelijke dienstverlening met bijzondere expertise op hert gebied van retailinnovatie. Het consortium wordt gecompleteerd door twee grootwinkelbedrijven, een vastgoedexploitant uit de Rotterdamse binnenstad, een ondernemersorganisatie en Stadsontwikkeling Rotterdam. Creating 010 draagt de wetenschappelijke verantwoordelijkheid voor het onderzoek.