Frontline professionals such as social workers and civil servants play a crucial role in countering violent extremism.Because of their direct contac twith society,first liners are tasked with detecting individuals that may threaten national security and the democratic rule of law. Preliminary screening takes place during the pre-crime phase. However, without clear evidence or concrete indicators of unlawful action or physical violence, it is challenging to determine when someone poses a threat. There are no set patterns that can be used to identify cognitive radicalization processes that will result in violent extremism. Furthermore, prevention targets ideas and ideologies with no clear framework for assessing terrorism-risk. This article examines how civil servants responsible for public order, security and safety deal with their mandate to engage in early detection, and discusses the side effects that accompany this practice. Based on openinterviews with fifteen local security professionals in the Netherlands, we focus here on the risk assessments made by these professionals. To understand their performance, we used the following two research questions: First, what criteria do local security professionals use to determine whether or not someone forms a potential risk? Second, how do local security professionals substantiate their assessments of the radicalization processes that will develop into violent extremism? We conclude that such initial risk weightings rely strongly on ‘gut feelings’ or intuition. We conclude that this subjectivitymayleadto prejudiceand/oradministrativearbitrariness in relationtopreliminary risk assessment of particular youth.
In dit hoofdstuk wordt het Nederlandse beleid geschetst van het tegengaan van radicalisering en het voorkomen van terroristisch geweld. Hierin neemt het ‘Actieprogramma integrale aanpak Jihadisme’ een belangrijke plaats in. Besproken wordt wat er goed gaat en wat de ontwikkelingsvragen zijn. Het hoofdstuk eindigt met een beschouwing over de behoefte aan sociale innovatie. Aangezien een aantal preventieve interventies behoorlijk ingrijpend kunnen zijn, is het zaak om bij de uitvoering te letten op eenduidigheid en adequate rechtsbescherming.
MULTIFILE
De afgelopen jaren richt terrorismebestrijding zich meer op het anticiperen op de dreiging die ervan uitgaat. Vroegsignalering van afwijkend gedrag onder jongeren is daarom een belangrijk onderdeel van de aanpak geworden. Eerstelijns professionals die in de haarvaten van de samenleving hun werk doen, worden aangespoord om radicaliseringsprocessen naar gewelddadig gedrag in een vroeg stadium te signaleren. Een rol die ook is toegewezen aan de wijkagent. Tot op heden is echter weinig bekend over hoe lokale politieagenten deze taak naar eigen inzicht oppakken. Ook verschenen in de Sdu uitgave Het tijdschrift voor de Politie 2020(3), 32-35.
LINK