Optimizing protein intake is a novel strategy to prevent age associated loss of muscle mass and strength in older adults. Such a strategy is still missing for older adults from ethnic minority populations. Protein intake in these populations is expected to be different in comparison to the majority of the population due to several socio-cultural factors. Therefore, the present study examined the dietary protein intake and underlying behavioral and environmental factors affecting protein intake among older adults from ethnic minorities in the Netherlands. We analyzed frequency questionnaire (FFQ) data from the Healthy Life in an Urban Setting (HELIUS) cohort using ANCOVA to describe dietary protein intake in older adults from ethnic minorities in the Netherlands (N = 1415, aged >55 years, African Surinamese, South Asian Surinamese, Moroccan, and Turkish). Additionally, we performed focus groups among older adults from the same ethnic minority populations (N = 69) to discover behavioral and environmental factors affecting protein intake; 40-60% of the subjects did not reach minimal dietary protein recommendations needed to maintain muscle mass (1.0 g/kg bodyweight per day (BW/day)), except for Turkish men (where it was 91%). The major sources of protein originated from animal products and were ethnic specific. Participants in the focus groups showed little knowledge and awareness about protein and its role in aging. The amount of dietary protein and irregular eating patterns seemed to be the major concern in these populations. Optimizing protein intake in these groups requires a culturally sensitive approach, which accounts for specific protein product types and sociocultural factors.
De overheid trekt zich terug en legt steeds meer verantwoordelijkheid bij de burger. Dat is reden tot zorg, want door bezuinigingen op bijvoorbeeld de rechtsbijstand kan de toegankelijkheid van het recht in het gedrang komen. Maar er zijn ook kansen. Voortschrijdende digitalisering stelt mensen in staat zelf oplossingen te zoeken bij juridische problemen. Dit kan meer keuzevrijheid en meer zelfstandigheid betekenen, hoewel onzekerheid over dit palet aan mogelijkheden evenzeer op de loer ligt. Een mogelijk bijeffect is dat er nog meer juridische problemen ontstaan, omdat door onzekerheid of onwetendheid kan worden besloten geen rechtszaak te starten, geen aanvraag in te dienen of niet tot actie over te gaan wanneer rechten worden geschonden. Een ding staat vast: het beroep op de eigen kracht van de burger neemt toe. Maar in hoeverre zijn burgers zelfstandig in staat gebruik te maken van het recht en hun rechtspositie te beschermen? De vraag is niet nieuw. Sinds het einde van de negentiende eeuw is hier aandacht voor. Deze aandacht verloopt in golfbewegingen en verandert in de loop der tijd van accent en betekenis. In het huidige tijdsbestek, waarin een transitie gaande is van verzorgingsstaat naar participatiesamenleving is de vraag opnieuw actueel. Als mensen meer op zichzelf zijn aangewezen en zelf oplossingen moeten zoeken voor hun juridische problemen, hoe zet je hen dan in hun kracht? De vraag wat legal empowerment kan betekenen voor de toegankelijkheid van het recht in de Nederlandse participatiesamenleving staat hier centraal. In het eerste hoofdstuk worden de belangrijkste ontwikkelingen in de literatuur over de toegankelijkheid van het recht beschreven. De nadruk ligt hierbij op gebruikers van het recht en het daadwerkelijk kunnen gebruiken van het recht. Dit kader helpt om het concept legal empowerment te kunnen plaatsen. Vervolgens wordt in het tweede hoofdstuk een analyse gemaakt van de achtergrond, de kenmerken en de toepassing van legal empowerment om het begrip beter te kunnen duiden. De lessen die we hieruit kunnen trekken, worden in het laatste hoofdstuk toegepast op de situatie in Nederland, met name op thema’s als de terugtredende overheid, decentralisatie, digitalisering en juridische dienstverlening.