In the literature about web survey methodology, significant eorts have been made to understand the role of time-invariant factors (e.g. gender, education and marital status) in (non-)response mechanisms. Time-invariant factors alone, however, cannot account for most variations in (non-)responses, especially fluctuations of response rates over time. This observation inspires us to investigate the counterpart of time-invariant factors, namely time-varying factors and the potential role they play in web survey (non-)response. Specifically, we study the effects of time, weather and societal trends (derived from Google Trends data) on the daily (non-)response patterns of the 2016 and 2017 Dutch Health Surveys. Using discrete-time survival analysis, we find, among others, that weekends, holidays, pleasant weather, disease outbreaks and terrorism salience are associated with fewer responses. Furthermore, we show that using these variables alone achieves satisfactory prediction accuracy of both daily and cumulative response rates when the trained model is applied to future unseen data. This approach has the further benefit of requiring only non-personal contextual information and thus involving no privacy issues. We discuss the implications of the study for survey research and data collection.
DOCUMENT
DOCUMENT
In april '07 vond in de VS het congres 'Computers in Libraries' plaats. Gerard Bierens en Liesbeth Mantel signaleren de opvallendste trends. 'De bibliotheekcatalogus gaat onherroepelijk onder het mes.'
DOCUMENT
1e alinea column: Organisaties bestaan in feite omdat ze goedkoper dan de markt samenwerking organiseren. Dit eenvoudige gegeven ligt onder vrijwel alle analyses van de impact van Internet: Internet verlaagt de externe markttransactiekosten. Interne coördinatiekosten van de organisatie moeten dus naar beneden op straffe van verdampen van de organisatie. Dat dat proces in volle gang is getuigen de vele kostenbesparingsprogramma's en reorganisaties bij (grote) ondernemingen. Die zullen ook niet meer ophouden, voorspel ik je en uiteindelijk zullen de meeste corporates hele andere organisatieatie vormen krijgen, gebaseerd op P2P crowdsouring en zelfsturing. Hier trend 1 van 6.
LINK
Cybercrime as a service is lowering the barrier to entry for crime. Aspiring criminals can access cybercrime services through the clear web using search engines. One such cybercrime service is booters, web platforms that offer affordable distributed denial of service attacks for hire. Law enforcement agencies have tried to counter this trend by running online ad campaigns on platforms like Google. For these campaigns to effectively divert and deter potential cybercriminals, they must first reach the intended audience. Yet, it remains uncertain whether this is the case. This study assesses Google online search data from two campaigns deployed in the Netherlands in 2021 to determine whether the campaigns actually reached potential cybercriminals. The results indicate that certain online searches likely had criminal intent, implying that the campaigns – to some extent – successfully reached the intended population. Furthermore, the findings reveal that online searches can serve to identify active booters, providing valuable assistance to law enforcement agencies in taking down such services.
DOCUMENT
Tegenwoordig worden veel techbedrijven in Silicon Valley beschuldigd van het creëren van problemen in plaats van ze op te lossen. Er wordt bijv. gerefereerd aan de Russische inmenging in de presidentsverkiezingen in de VS. De macht en invloed van techbedrijven is zeer groot geworden. Amazon bepaalt hoe mensen winkelen, Google hoe ze kennis verwerven, Facebook hoe ze communiceren.
LINK
The objective of this paper is a reflective discussion on the validity of the construct Information Literacy in the perspective of changing information and communication technologies. The research question that will be answered is: what is the impact of technological developments on the relevance of the Information Literacy concept? Technological developments that will be discussed are: - content integration (federated search engines) - amateur publishing (user generated content) - use of social networks to find information - personalisation and push technology - loss of context / fragmentation of information. Research methods: desk research and critical analysis of the results that were found. The analysis of the influence of the discussed technologies on the Information Literacy concept is represented by arrow diagrams. Findings: The Information Literacy concept refers to a set of sub skills varying from retrieval skills to critical use of scholar information. Changing technologies reduce the significance of the more instrumental sub skills of the Information Literacy concept. On the other hand, higher order cognitive skills (for instance critical evaluation of resources and analysis of content) become more and more important for students and professionals who try to solve their information problems. The paper concludes with a description of the facets of the Information Literacy concept that need extra attention in the education of the knowledge workers of the future. [De hier gepubliceerde versie is het 'accepted paper' van het origineel dat is gepubliceerd op www.springerlink.com . De officiële publicatie kan worden gedownload op http://www.springerlink.com/content/n32j3um878720h40/abstract/]
DOCUMENT
Background The caesarean delivery (CD) rate has risen in most countries over the last decades, but it remains relatively low in the Netherlands. Our objective was to analyse the trends of CD rates in various subgroups of women between 2000 and 2010, and identify the practice pattern that is attributable to the relative stability of the Dutch CD rate. Methods A total of 1,935,959 women from the nationwide Perinatal Registry of the Netherlands were included. Women were categorized into ten groups based on the modified CD classification scheme. Trends of CD rates in each group were described. Results The overall CD rate increased slightly from 14.0% in 2000–2001 to 16.7% in 2010. Fetal, early and late neonatal mortality rates decreased by 40–50% from 0.53%, 0.21%, 0.04% in 2000–2001 to 0.29%, 0.12%, 0.02% in 2010, respectively. During this period, the prevalence of non-vertex presentation decreased from 6.7% to 5.3%, even though the CD rate in this group was high. The nulliparous women with spontaneous onset of labor at term and a singleton child in vertex presentation had a CD rate of 9.9%, and 64.7% of multiparouswomen with at least one previous uterine scar and a singleton child in vertex presentation had a trial of labor and the success rate of vaginal delivery was 45.9%. Conclusions The Dutch experience indicates that external cephalic version for breech presentation, keeping the CD rate low in nulliparous women and encouraging a trial of labor in multiparous women with a previous scar, could help to keep the overall CD rate steady
MULTIFILE
Dit Trendrapport Open Educational Resources 2013 beschrijft de trends op het gebied van open educational resources (OER) en open onderwijs in binnen- en buitenland, geschreven vanuit de context van het Nederlandse hoger onderwijs. Dat gebeurt aan de hand van vijftien artikelen van Nederlandse experts op het gebied van open en online onderwijs. Ook bevat het vijftien korte intermezzo’s met spraakmakende voorbeelden.
DOCUMENT
De markt van groepsvakanties en groepsuitjes is sterk in beweging. Mensen gaan steeds meer in groepsverband op pad in wisselende samenstelling. Het aanbod kent steeds meer spelers naast de traditionele groepsaccommodaties. Ook op het gebied van marketing is de sector in beweging met een veelheid aan boekingsplatforms en groepsaccommodatie-ondernemers die het heft in eigen hand nemen. En tot slot kent ook de belangenbehartiging een roerige tijd met de oprichting van de stichting Groepsaccommodaties Nederland (GAN). GAN is een jonge brancheorganisatie die staat voor de belangenbehartiging en promotie van de op dit moment ca. 100 leden, allemaal ondernemers met één of meerdere groepsverblijven. Gelet op al deze ontwikkelingen heeft GAN het initiatief genomen om te komen tot een nieuwe strategische visie voor de groepsaccommodaties. Waar staat deze bedrijfstak voor, wat komt er op de ondernemers af en hoe kunnen ze hierop inspelen? Voor de ontwikkeling van deze visie heeft GAN samenwerking gezocht met het Centre of Expertise Leisure, Tourism and Hospitality (CELTH) en de Hogescholen Breda University of Applied Sciences (BUas; voorheen bekend als NHTV) en NHL Stenden, die hiervoor ook haar European Tourism Futures Institute heeft ingezet. De onderwijsinstellingen hebben met inzet van docenten en studenten diverse deelonderzoeken uitgevoerd die als ‘bouwstenen’ voor het proces op weg naar de visie beschouwd kunnen worden. Aanvullend is nog een schriftelijke enquête gehouden onder (450) groepsaccommodaties in Nederland (respons 34%).
DOCUMENT