UNLABELLED: Public library makerspaces intend to contribute to the development of children from marginalized communities through the education of digital technology and creativity and by stimulating young people to experience new social roles and develop their identity. Learning in these informal settings puts demands on the organization of the makerspace, the activities, and the support of the children. The present study investigates how children evaluate their activities and experiences in a public library makerspace both in the after-school programs and during school visits. Furthermore, it examines the effectiveness of the training program for the makerspace coaches. The study covers self-evaluations by children ( n = 307), and interviews with children ( n = 27) and makerspace coaches ( n = 11). Children report a lot of experiences concerning creating (maker skills, creativity) and maker mindset (motivation, persistence, confidence). Experiences with collaboration (helping each other) were mentioned to a lesser extent. Critical features of the training program for makerspace coaches were (i) adaptation to the prior knowledge, skills and needs of makerspace coaches, (ii) input of expert maker educators, (iii) emphasis on learning by doing, (iv) room for self-employed learning, and (v) collaboration with colleagues. SUPPLEMENTARY INFORMATION: The online version contains supplementary material available at 10.1007/s41979-022-00070-w.
Background: Healthy urban environments require careful planning and a testing of environmental quality that goes beyond statutory requirements. Moreover, it requires the inclusion of resident views, perceptions and experiences that help deepen the understanding of local (public health) problems. To facilitate this, neighbourhoods should be mapped in a way that is relevant to them. One way to do this is participative neighbourhood auditing. This paper provides an insight into availability and characteristics of participatory neighbourhood audit instruments. Methods: A scoping review in scientific and grey literature, consisting of the following steps: literature search, identification and selection of relevant audit instruments, data extraction and data charting (including a work meeting to discuss outputs), reporting. Results: In total, 13 participatory instruments were identified. The role of residents in most instruments was as ‘data collectors’; only few instruments included residents in other audit activities like problem definition or analysis of data. The instruments identified focus mainly on physical, not social, neighbourhood characteristics. Paper forms containing closed-ended questions or scales were the most often applied registration method. Conclusions: The results show that neighbourhood auditing could be improved by including social aspects in the audit tools. They also show that the role of residents in neighbourhood auditing is limited; however, little is known about how their engagement takes place in practice. Developers of new instruments need to balance not only social and physical aspects, but also resident engagement and scientific robustness. Technologies like mobile applications pose new opportunities for participative approaches in neighbourhood auditing.
A decade ago many gushed at the possibilities of 3D printers and other DIY tech. Today makers are increasingly shaking off their initial blind enthusiasm to numerically control everything, rediscovering an interest in sociocultural histories and futures and waking up to the environmental and economic implications of digital machines that transform materials. An accumulation of critique has collectively registered that no tool, service, or software is good, bad, or neutral—or even free for that matter. We’ve arrived at a crossroads, where a reflective pause coincides with new critical initiatives emerging across disciplines.What was making? What is making? What could making become? And what about unmaking? The Critical Makers Reader features an array of practitioners and scholars who address these questions. Together, they tackle issues of technological making and its intersections with (un)learning, art and design, institutionalization, social critique, community organizing, collaboration, activism, urban regeneration, social inequality, and the environmental crisis.
MULTIFILE
In veel Afrikaanse landen zien we een inperking van de maatschappelijke ruimte (‘civic space’). Deze ruimte is cruciaal om in democratische staten transparantie, vrijheid van meningsuiting en verantwoording van bestuur te realiseren. In een steeds sterke digitaliserende maatschappij wordt toegang tot digitale middelen een mensenrecht. Daar waar regeringen proberen hun burgers en organisaties dat recht tot digitale informatievoorziening en –uitwisselingen te ontnemen komen de Sustainable Development Goals in het gedrang. Doel African Digital Rights Network (ADRN) wil inzicht verkrijgen in de stakeholders ne technologieën die betrokken zijn net het openen of onderdrukken van de online maatschappelijke ruimte (‘civic space’). Het netwerk beoogt bij te dragen aam empowerment van burgers om hun digitale mensenrechten uit te oefenen. Resultaten ADRN heeft een vergelijkende studie van 10 Afrikaanse landen uitgevoerd naar het gebruik van digitale technologieën voor het openen of onderdrukken van de online maatschappelijke ruimte (‘civic space’). Het project heeft onder andere geleidt tot de volgende publicatie: Mapping the Supply of Surveillance Technologies to Africa: Case Studies from Nigeria, Ghana, Morocco, Malawi, and Zambia Looptijd 01 mei 2020 - 20 april 2021 Aanpak ADRN organiseert een netwerk van onderzoekers, analisten, digitale rechtenorganisaties en activisten om de dynamiek van het openen en onderdrukken van de digitale maatschappelijke ruimte in kaart te brengen. Het netwerk bouwt op een interdisciplinaire onderzoeksaanpak o.l.v. het Institute for Development Studies, een vooraanstaand onderzoeksinstituut. Relevantie van het project Het onderzoek leidt tot aanbevelingen voor o.a. beleidsmakers en maatschappelijke organisaties ter bevordering van de digitale maatschappelijke ruimte. Daarnaast worden digitale tools en trainingsmateriaal gefaciliteerd voor het monitoren van ontwikkelingen en dreigingen van de digitale maatschappelijke ruimte. CofinancieringDit onderzoek wordt gefinancierd door UKRI - GCRF Digital Innovation for Development in Africa (DIDA)Meer weten? UKRI GCRF: African Digital Rights Network Website ADRN
The pace of technology advancements continues to accelerate, and impacts the nature of systems solutions along with significant effects on involved stakeholders and society. Design and engineering practices with tools and perspectives, need therefore to evolve in accordance to the developments that complex, sociotechnical innovation challenges pose. There is a need for engineers and designers that can utilize fitting methods and tools to fulfill the role of a changemaker. Recognized successful practices include interdisciplinary methods that allow for effective and better contextualized participatory design approaches. However, preliminary research identified challenges in understanding what makes a specific method effective and successfully contextualized in practice, and what key competences are needed for involved designers and engineers to understand and adopt these interdisciplinary methods. In this proposal, case study research is proposed with practitioners to gain insight into what are the key enabling factors for effective interdisciplinary participatory design methods and tools in the specific context of sociotechnical innovation. The involved companies are operating at the intersection between design, technology and societal impact, employing experts who can be considered changemakers, since they are in the lead of creative processes that bring together diverse groups of stakeholders in the process of sociotechnical innovation. A methodology will be developed to capture best practices and understand what makes the deployed methods effective. This methodology and a set of design guidelines for effective interdisciplinary participatory design will be delivered. In turn this will serve as a starting point for a larger design science research project, in which an educational toolkit for effective participatory design for socio-technical innovation will be designed.
Fietsen is diepgeworteld in de Nederlandse cultuur en draagt bij aan een duurzame, gezonde en mobiele samenleving. Met de opkomst van nieuwe (elektrische) vervoersmiddelen, neemt ook de complexiteit van het verkeer toe en ontstaan er nieuwe veiligheidsuitdagingen. Om deze effectief aan te pakken, is het van groot belang om beleidsmakers en educatieve instellingen te voorzien van diepgaande inzichten in fietsgedrag en verkeerssituaties. Met dit project richten we ons op het leveren van deze inzichten door middel van geavanceerde AI-technologieën. De huidige software-oplossingen gericht op het verbeteren van de verkeersveiligheid zijn vaak beperkt in hun functionaliteit en toepassingsgebied. Ze richten zich voornamelijk op het tellen en volgen van verkeersdeelnemers, zonder de complexiteit van fietsverkeer te analyseren. Ons project onderscheidt zich door het gebruik van recente state-of-the-art AI-methoden om complexe verkeerssituaties en fietsgedrag automatisch te analyseren en te classificeren. Ons AI-gestuurde systeem maakt gebruik van Nederlandse videobeelden afkomstig van zowel statische camera's als camera's gemonteerd op fietsers. Hierdoor kunnen we onveilig fietsgedrag en risicovolle situaties herkennen en aanbevelingen doen aan beleidsmakers voor infrastructuuraanpassingen. Het implementeren van AI in opleidingen zoals ruimtelijke ordening zal leiden tot een verfrissend curriculum dat studenten future-proof opleidt. Samen werken we aan de ruimtelijke ontwikkeling van de toekomst. Bovendien kunnen de AI-tools worden gebruikt om lesmateriaal te ontwikkelen, waardoor zij beter inzicht krijgen in de factoren die bijdragen aan onveilige situaties en hoe zij hun gedrag kunnen aanpassen om het risico op ongevallen te verminderen. Het aanvragende consortium bestaat uit een multidisciplinair team van onderzoekers en studenten uit de AI, computer vision, verkeerspsychologie, verkeerskunde en ruimtelijke ontwikkeling, die samenwerken met publieke instellingen en commerciële partners aan een open-source intelligent softwaresysteem. Samengevat zal dit project niet alleen de huidige kennis over fietsgedrag en verkeersveiligheid uitbreiden, maar ook de manier waarop beleidsmakers en educatieve instellingen met deze kwesties omgaan transformeren.