De rol van advies in mkb-financiering is cruciaal, omdat twee van de drie ondernemers gebruik maakt van extern financieel advies (Van der Veen, Van Teeffelen, Ibrahimovic en Lentz, 2015). Hoe goed zijn adviseurs op de hoogte van nieuwe financieringsvormen en het combineren daarvan? Vier typen financieel adviseurs zijn met elkaar vergeleken: bankiers, accountants, MKB Kredietcoaches en onafhankelijke financieringsadviseurs. Elk van de vier steekproeven betreft adviseurs die relatieve voorlopers zijn in hun beroepsgroep bij mkb-financiering. Het onderzoek is onder een beperkte groep van 166 respondenten uitgevoerd. De uitkomsten bieden een eerste indruk, gezien de kleine omvang en selecte steekproeftrekking. Bankiers lijken meer bekend met financieringsvormen die zij zelf verstrekken. Meer dan andere adviseurs gaat hun voorkeur uit naar bancaire financieringsvormen. Verder lijken accountants minder kennis te hebben van een aantal financieringsvormen dan de andere adviseurs. Het betreft hier onder meer de verschillende vormen van risicokapitaal, crowdfunding en factoring. Ook weten accountants minder af van gestapeld financieren en wijken af in hun financieringskeuzes voor werkkapitaal en productontwikkeling. Dat MKB Kredietcoaches – zelf ook accountants - in kennis, advies en keuzes van financiering meer overeenkomen met bankiers en zelfstandig financieel adviseurs, houdt vermoedelijk verband met de specifieke financieringsopleiding die zij hebben gevolgd.
Onder scheikundedocenten, chemiedidactici en lerarenopleiders is consensus over de centrale rol die het micro/macro concept zou moeten spelen in een nieuw te ontwerpen scheikundeprogramma voor havo en vwo. Bovendien kan worden geconcludeerd dat naast aandacht voor de plaats van het heen-en-weer denken in het te ontwikkelen lesmateriaal ook de wijze waarop scheikundedocenten in hun lessen dienen om te gaan met dit begrip belangrijk geacht wordt. Om ons een beeld te kunnen vormen van de didactische aspecten van het heen-en-weer denken is het van belang beter zicht te krijgen op de inzichten van scheikundedocenten in het gebruik van micro- en macro-scheikunde.
Het grote aantal spin-off bedrijven dat in de regio Twente actief is, was een van de belangrijke redenen om in Twente het Fraunhofer Project Center (of kortweg FPC) op te richten. Nu een aantal van deze bedrijven hun productie flink gaat opschalen, is het belangrijk dat zij daarbij volop gebruik kunnen maken van de kennis en expertise van de partners in het FPC op gebieden als productietechniek en precisie-assemblage. Sinds dit voorjaar ligt de coördinatie van dit laatste expertisegebied bij het lectoraat NanoPhysics van Saxion University of Applied Science. Het lectoraat NanoPhysics van Cas Damen houdt zich in het onderzoek bezig met de toepassing van chips in speciale producten, met name in sensoren. Daarbij richt het zich op chips die niet gebaseerd zijn op micro-elektronica, maar op fotonica, MEMS (micro-elektromechanische systemen) en microfluïdica. Onderwerpen van onderzoek zijn de aansturing en uitlezing van deze chips, het (grootschalig) testen ervan en de integratie in grotere eenheden (assemblage).
MULTIFILE