LINK
Intelligent environments can offer support to people with early-stage dementia, who often experience problems with maintaining their circadian rhythm. The focus of this work is developing a prototype of an Intelligent Environment for assisting these people with their daily rhythm while living independently at home. Following the four phases of the Empathic Design Framework (Explore, Translate, Process, and Validate), the needs of people with dementia and their caregivers were incorporated into the design. In the exploration phase, a need assessment took place using focus groups (N=12), observations (N=10), and expert interviews (N=27). Then, to determine the requirements for a prototype of an intelligent environment, the second phase, Translate, used three co-creation sessions with different stakeholder groups. In these sessions, Mind Maps (N=55) and Idea Generation Cards (N=35) were used. These resulted in a set of 10 requirements on the following topics: context-awareness, pattern recognition, adaptation, support, personalization, autonomy, modularity, dementia proof interaction, costs, data, and privacy. Finally, in the third phase, the requirements were applied to a real-life prototype by a multidisciplinary design team of researchers, (E-Health) tech companies, designers, software engineers with representatives of eight organizations. The prototype serves as a basis for further development of Intelligent Environments to enable people with dementia to live longer independently at home.
Om tegemoet te komen aan de eisen die gesteld worden aan werknemers in de huidig snel veranderende samenleving heeft de NHL Stenden Hogeschool gekozen voor een nieuw onderwijsconcept, namelijk Design Based Education (DBE). DBE is gebaseerd op het gedachtegoed van Design Thinking en stimuleert iteratieve en creatieve denkprocessen. DBE is een student-georiënteerde leeromgeving, gebaseerd op praktijk-, dialoog-, en vraaggestuurde onderwijsprincipes en op zelfsturend, constructief, contextueel en samenwerkend leren. Studenten construeren gezamenlijk kennis en ontwikkelen een prototype voor een praktijkvraagstuk. Student-georiënteerde leeromgevingen vragen andere begeleidingsstrategieën van docenten dan zij gewend zijn. Van docenten wordt verwacht dat zij studenten activeren gezamenlijk kennis te construeren en dat zij nauw samenwerken met werkveldprofessionals. Eerder onderzoek toont aan dat docenten, zelfs in een student-georiënteerde leeromgeving, geneigd zijn terug te vallen op conventionele strategieën. De overstap naar een ander onderwijsconcept gaat dus blijkbaar niet vanzelf. Collectief leren stimuleert docenten de dialoog aan te gaan met andere docenten en werkveldprofessionals met als doel gezamenlijk te experimenteren en collectief te handelen. De centrale vraag van het postdoc-onderzoek is het ontwerpen en ontwikkelen van (karakteristieken van) interventies die collectief leren van docenten en werkveldprofessionals stimuleren. Het doel van het postdoconderzoek is om de overstap naar DBE zo probleemloos mogelijk te laten verlopen door docenten te ondersteunen DBE leeromgevingen te ontwikkelen in samenwerking met werkveldprofessionals en DBE te integreren in hun docentactiviteiten. De onderzoeksmethode is Educational Design Research en bestaat uit vier fasen: preliminair onderzoek, ontwikkelen van prototypes, evaluatie en bijdrage aan de praktijk. Het onderzoek is verbonden aan het lectoraat Sustainable Educational Concepts in Higher Education en wordt hiërarchisch en inhoudelijk aangestuurd door de lector. Docenten, experts, werkveldprofessionals en studenten worden betrokken bij het onderzoek. Dit onderzoek kan zowel binnen als buiten de hogeschool een bijdrage leveren omdat steeds meer hogescholen kiezen voor een ander onderwijsconcept.
“KITT, activate super pursuit mode!” Actiefilms zijn kenmerkend vanwege de hoeveelheid stunts die erin voorkomen. Auto’s die crashen of elkaar net missen ontbreken hierin niet. Momenteel worden de stunts nog gedaan door getrainde stuntprofessionals wat de nodige risico’s met zich meebrengt. Naast de veiligheidsrisico’s spelen inschattingsfouten en menselijke communicatie een grote rol. Daarom is vanuit het mkb actief in de filmindustrie de vraag ontstaan hoe (gevaarlijke) stunts met voertuigen & beweegbare objecten veiliger, accurater en nauwkeuriger uitgevoerd kunnen worden. In deze KIEM worden de mogelijkheden van technologische toepassingen vanuit de Mobiliteit / Automotive Branche, zoals teleoperatie (het op afstand besturen van een voertuig) en autonome applicaties voor het mkb actief in de filmindustrie onderzocht. De vraag die centraal staat luidt daarom: “Wat is de potentie van technologieën als teleoperatie en autonomie binnen de Nederlandse Filmindustrie voor het uitvoeren van gevaarlijke en nauwkeurige voertuigstunts?” De vraag wordt beantwoord door zowel op schaal als op 1:1 voertuigen teleoperatie & autonome applicaties te ontwikkelen voor een specifieke stunt. Door te werken aan 1 scenario, te weten het net missen van twee voertuigen die op een kruispunt afrijden, bouwen we kennis op over de geschiktheid van teleoperatie en autonomie voor het mkb in de stuntindustrie. De resultaten van deze KIEM zullen worden vastgelegd en gepubliceerd en kunnen de basis vormen voor vervolg onderzoeken zoals een RAAK-mkb onderzoek.
This project addresses the critical issue of staff shortages and training inefficiencies in the hospitality industry, particularly focusing on the hotel sector. It connects with the urgent need for innovative, and effective training solutions to equip (inexperienced) staff with hospitality skills, thereby improving service quality and sustainable career prospects in the hotel industry. The project develops and tests immersive technologies (augmented and virtual reality, AR/VR) tailored to meet specific training needs of hotels. Traditional training methods such as personal trainings, seminars, and written manuals are proving inadequate in terms of learning effectiveness and job readiness, leading to high working pressure and poor staff well-being. This project aims to break this cycle by co-creating immersive training methods that promise to be more engaging and effective. Hotelschool The Hague has initiated steps in this direction by exploring AR and VR technologies for hotel staff training. This project builds on these efforts, aiming to develop accessible, immersive training tools specifically designed for the hotel sector. Specifically, this project aims to explore the effectiveness of these immersive trainings, an aspect largely overlooked in the rapid development of immersive technology solutions. The central research question is: How do immersive AR and VR training methods impact job readiness and learning effectiveness in the hotel sector? The one-year KIEM project period involves co-creating, implementing, and evaluating immersive training in collaboration with Hotelschool The Hague and Hyatt Andaz Amsterdam Prinsengracht Hotel in real-life settings. The partnership with Warp Industries, a leader in immersive technology, is crucial for the project’s success. Our findings will be co-created and multiplied through relevant sector associations such as House of Hospitality. This project aligns with the MV’s Impact Level 1: Transitions by promoting innovative training strategies that can lead to a fundamental shift in the hospitality industry, thereby enhancing social earning capacities.