This Curious Hands Tool can be used for designing STEAM education. The design guidelines in the tool stimulate ands-on learning, the creative process and situated learning activities. The tool distinguishes between different types of STEAM education: technology-focused STEAM, problem- focused STEAM and research- focused STEAM. Depending on the type of STEAM you want to design, it offers practical design guidelines. This tool is developed and tested in various educational practices; it is part of a PhD research ‘Curious hands for E-labs’ (2019-2025).
LINK
In this empirical study, the one-day project Robot Love Design-a-thon was designed for an interdisciplinary group of preservice teachers (in arts, sciences, and primary education), and evaluated through observations and learner reports. An analysis of the observations and the learner reports showed that having to go through a complete design process in a single day worked well: it facilitated the exchange of ideas and critical discussions between students concerning the project’s socially engaged theme ‘Tenderness and Technology’. In addition, interdisciplinary collaboration emerged as an important learning outcome. All students found working in mixed teams a relevant and educational experience as they could profit from each other’s expertise.
DOCUMENT
Het lectoraat Innoverend ondernemen verbonden aan De Haagse Hogeschool heeft op 12 november 2015 een seminar georganiseerd over nieuwe businessmodellen en de nieuwe economie. Van deze dag hebben we een verslag gemaakt middels deze uitgave. Een interessant naslagwerk voor alle ruim 150 deelnemers van dit seminar, die kunnen teruglezen wat ze deze dag hebben geleerd, maar ook kunnen leren van de workshops waarin ze niet hebben geparticipeerd. Daarnaast is deze uitgave leerzaam voor iedereen die geïnteresseerd is in nieuwe businessmodellen vanuit verschillende perspectieven, waarin theorie en praktijk samen komen.
DOCUMENT
This chapter offers an account of a workshop in arts-based learning called “Metamorphoses of Organic Forms”. This detailed description of a particular practice may inform a discussion of ways in which artful approaches, in general, may come to matter in STEAM education, with implications for both educational research and practice. Added to that, the chapter argues that such art-based practices can also be relevant more widely in the context of sustainability education, such as on the theme of climate change. Precisely because the content of the art workshop at hand is not prima facie linked to it, there is an unexpected potential to take up such a tangential theme in an unusual way. Typically, participants feel invigorated to enter new territory – both spatial and mental. On a meta-level, the session can also be seen as a practice in facing complexity, uncertainty, not knowing. The chapter suggests that such artful educational practices have intrinsic merit if we are to equip new generations with skills to live in and endure “post-normal times”. In the workshop “Metamorphoses of Organic Forms”, participants are invited to imagine how forms in nature might either evolve or disintegrate over time. The workshop lends itself to follow-up lessons in biology and natural history. The outcome is not given. Participants go through a shared process step by step, following a sequence that is outlined for them as they go along. They are encouraged to imagine how natural phenomena might grow or decay in time and they do this in a series of short sessions where they sculpt works in clay. Such a practice in art-based environmental education is arguably a form of “poor pedagogy”. This educational activity is primarily and fundamentally an open-ended process. Rather than requiring an extensive methodology, its practice requires participants to surrender themselves to a process that will be unique each time it is performed. Such a practice is an expression of a view on education that is not centred on the transmission of knowledge but rather looks at attention as education and the education of attention.
DOCUMENT
In 2019 is het eerste ‘Atelierboek’ verschenen . Inmiddels zijn er een paar jaar verstreken en zijn er tal van nieuwe ateliers ontstaan. Met dit nieuwe atelierboek worden er middels meer dan 30 portretten de rijkdom en variëteit aan ateliers binnen onze hogeschool getoond. De portretten zijn ingedeeld als volgt: ateliers op de locaties van NHL Stenden, externe ateliers en ateliers waarbij de faciliteiten sterk bepalend zijn. Deze portretten laten zien aan welke vraagstukken wordt gewerkt, hoe wordt samengewerkt met het werkveld en onderzoekers en wat de meerwaarde is van de ateliers. Tevens bevat dit atelierboek een aantal verdiepende artikelen die vertellen over het werken en leren in ateliers. De bijdrage in hoofdstuk 1 gaat over: wat beoogt NHL Stenden met ateliers, waarin verschillen de ateliers en enkele ervaringen met ateliers. Na de portretten in hoofdstuk 2 wordt in hoofdstuk 3 het ‘Waardecreatiemodel Atelier’ en een model met ontwerpdimensies gepresenteerd. Beide bieden handvatten voor het ontwerpen en evalueren van ateliers. In hoofdstuk 4 wordt er ingezoomd op de effecten van de fysieke ruimte op het leren. Daarna wordt in hoofdstuk 5 ingegaan op de uitkomsten van (lopend) onderzoek naar ateliers.
DOCUMENT
Deze publicatie is als volgt opgebouwd. In hoofdstuk 1 wordt het onderwerp ingeleid en wordt uitgelegd hoe deze publicatie tot stand is gekomen. In hoofdstuk 2 wordt een impressie gegeven van de verschillen en overeenkomsten tussen de ateliers. In hoofdstuk 3 gaat Mathijs Rutten, directeur Facility Management, in op de vraag wat er nodig is om al die ateliers ook echt een plekje te geven in de gebouwen van de hogeschool. Daarna komt in hoofdstuk 4 Siebren Baars aan het woord. Hij is - naast zijn functie als docent-onderzoeker - een ervaren architect die verschillende schoolgebouwen heeft ontwikkeld. Hij gaat in op rol die de fysieke onderwijsomgeving van gebouwen ateliers speelt in het onderwijs. De 31 ateliers zijn beschreven in hoofdstuk 5 en worden voorafgegaan door een inleiding van Frank Scholten. In hoofdstuk 6 beschrijven Roelien Wierda en Ron Barendsen hun ervaringen tijdens de ontwikkeling van het InnovationLab. Tenslotte gaat Gerry Geitz in hoofdstuk 7 in op de relatie tussen ateliers en Design Based Education
DOCUMENT
VHL University of Applied Sciences (VHL) is a sustainable University of AppliedSciences that trains students to be ambitious, innovative professionals andcarries out applied research to make a significant contribution to asustainable world. Together with partners from the field, they contribute to innovative and sustainable developments through research and knowledge valorisation. Their focus is on circular agriculture, water, healthy food & nutrition, soil and biodiversity – themes that are developed within research lines in the variousapplied research groups. These themes address the challenges that are part ofthe international sustainability agenda for 2030: the sustainable developmentgoals (SDGs). This booklet contains fascinating and representative examplesof projects – completed or ongoing, from home and abroad – that are linked tothe SDGs. The project results contribute not only to the SDGs but to their teaching as well.
DOCUMENT
Snelle technologische ontwikkelingen bieden kansen voor de maritieme sector. Zij maken de scheepvaart efficiënter, veiliger en schoner. De techniek heeft regelgeving en professionals nodig die ook klaar zijn voor de toekomst. Het lectoraat Maritime Law voert praktijkgericht onderzoek uit op de scheidslijn van recht en (maritieme) techniek samen met studenten, docenten, het bedrijfsleven en kennisinstellingen.
MULTIFILE
Ladies and gentlemen, this is quality awareness. Like brushing your teeth, quality is a daily personal obligation.
DOCUMENT