Het hebben van werk is een belangrijk gegeven. Voor de betrokkene zelf is het een bron van inkomen, van contacten en van eigenwaarde, voor de samenleving worden er producten en diensten geleverd. Maar op de markt van vraag en aanbod van arbeid gaat niet alles goed. Er staan groepen aan de kant, niet alle talenten worden benut en bij lage arbeidsparticipatie is het moeilijk rond te komen. Daarnaast zijn er vacatures die moeilijk vervulbaar zijn. Er is een "mismatch" op de arbeidsmarkt. In het lectoraat Grootstedelijke Ontwikkeling van De Haagse Hogeschool willen we meer weten hoe in Den Haag de maatschappelijke vraagstukken leven en aangepakt worden. In een eerdere publicatie "Zeker in de stad"(2008) keken we bijvoorbeeld naar de armoede in de Schilderswijk. Waar veel armoede is, is een lage arbeidsparticipatie. Dit stelt vragen naar het functioneren van de Haagse arbeidsmarkt. In dit rapport gaat Wim Vreeburg, lid van de kenniskring van het lectoraat, in op het functioneren van de Haagse arbeidsmarkt. U gaat een aantal mismatches tegenkomen. De publicatie start met een samenvatting waarin zeven mismatches naar voren komen. In het slothoofdstuk (8) komt een mogelijke aanpak van deze knelpunten aan de orde en een blik op de toekomst. De hoofdstukken 1 tot en met 7 vormen de onderbouwing van de geconstateerde mismatches. Lezers die uitsluitend geïnteresseerd zijn in de Haagse praktijk kunnen zich richten op hoofdstukken 4 tot en met 7. En reacties zijn natuurlijk welkom.
In dit werkdocument is een aantal data bij elkaar gezet ter verder analyse van sociale uitsluiting op met name het economisch –structurele domein, waarbij onderscheid gemaakt wordt in materiele deprivatie en onvoldoende toegang tot social rights/(overheids)voorzieningen. Maar sociale uitsluiting heeft ook een sociaal culturele invalshoek met name dan onvoldoende. Met aparte samenvatting.
De Twente Index bestaat vijf jaar en viert daarmee het eerste lustrum. De eerste uitgave ontstond in 2005, analoog aan de Silicon Valley Index. Beide publicaties hebben tot doel om betrouwbare, feitelijke informatie te verschaffen over de regionale economie en kwaliteit van leven. De Twente Index wordt - zeker na vijf uitgaven - daadwerkelijk een vergelijkend economisch jaarbeeld, zoals de ondertitel aangeeft. Wij kunnen dit jaar het lustrum van de index helaas niet uitbundig vieren. De wereldwijde crisis heeft vanaf medio 2008 zware gevolgen voor onze regionale economie. Wij hadden dan ook geen andere keuze dan het speciale thema te wijden aan deze crisis. Achter de wolken echter schijnt de zon. Daarom hebben wij in het speciale thema ook aandacht geschonken aan de regionale kansen en uitdagingen ná de crisis.
In de context van groeiende personeelstekorten in de (wegen)bouw en ontoereikende nieuwe instroom vanuit de opleidingen vragen mkb-ondernemers zich af hoe zij voor de toekomst aan goed gekwalificeerd personeel kunnen komen. Ondernemers proberen creatief aan mensen te komen, die zij wellicht nog op kunnen leiden, zodat zij kunnen voldoen aan technologische veranderingen die er in de toekomst in de wegenbouw gaan komen. In combinatie met de motivatie om maatschappelijk verantwoord te ondernemen (MVO), heeft mkb-ondernemer Sallandse Wegenbouw in de regio Twente het eigen werkleerbedrijf ‘Dynamisch op Weg’ opgezet, dat zich richt op het voorbereiden van jongeren zonder startkwalificatie op een BBL-opleiding. Bij gebleken geschiktheid kunnen zij via InfraVak, een opleider voor de wegenbouw, de opleiding gaan volgen bij één van de aangesloten mkb-wegenbouwondernemers. Bij succesvolle afronding zijn zij verzekerd van een baan. Jongeren zonder startkwalificatie, zoals voortijdig schoolverlaters, hebben een kwetsbare positie op de arbeidsmarkt als het gaat om werk en inkomen. Door het combineren van een voortraject met de bestaande BBL-opleiding voor deze jongeren wil de Sallandse Wegenbouw zijn vraag naar personeel en zijn MVO-doelstellingen verenigen. De jongeren worden gedurende het voortraject en hun opleiding bijgestaan door jobcoaches vanuit ‘de Kern’ een maatschappelijk dienstverlenende organisatie, die wil weten, hoe zij de beste begeleiding kunnen bieden. Het ROC van Twente draagt zorg voor overplaatsing van de uitgevallen jongeren. De lectoraten Arbeid & Gezondheid en Arbeidsdeskundigheid van de Hogeschool van Arnhem en Nijmegen (HAN) zijn gevraagd te onderzoeken of dit totale samenwerkingsinitiatief ‘haalbaar’ is en wat het kan gaan opleveren. Met betrokken partners willen we onderzoeken in hoeverre deze samenwerking resultaten oplevert die voor de Kern, het ROC, de Sallandse Wegenbouw, Infravak, de HAN en de jongeren betekenisvol zijn. Daarvoor worden indicatoren vastgesteld voor proces- en uitkomstevaluatie en een eerste inzicht in het proces van samenwerken gegeven.
In het RAAK-project Begeleid Leren is voor onderwijs- en GGz-professionals een toolkit ontwikkeld. De toolkit biedt instrumenten voor het begeleiden van jongeren met psychische problemen bij het kiezen, verkrijgen en behouden van een reguliere opleiding. Het aantal bezoeken aan de website www.begeleidleren.nl (ongeveer 96.000x in 2015) geeft aan dat er voldoende belangstelling voor de toolkit bestaat. De ervaring heeft ons de afgelopen periode wel geleerd dat het gratis beschikbaar stellen van het Toolkit materiaal via de website aan professionals die niet thuis zijn in het Begeleid Leren-concept, in zichzelf niet voldoende is. Het materiaal wordt bekeken en ook wel gedownload, maar professionals (die geen onderdeel waren van het project) geven aan het moeilijk te vinden om het direct te begrijpen en in de praktijk te benutten. Om hierop een antwoord te formuleren en daarmee de toolkit beter te ontsluiten voor professionals die niet aan het project hebben deelgenomen, wordt een online introductiecursus ontwikkeld, getest en beschikbaar gesteld. Een online cursus, zodat professionals de cursus in eigen of in werktijd kunnen volgen op momenten dat het hen het beste schikt. Een online cursus is ook direct beschikbaar en toegankelijk voor professionals in geheel Nederland. De cursus gaat bestaan uit 6-8 modules van een uur. De cursus wordt ook via het onderwijscurriculum beschikbaar gesteld aan studenten.