Background: An adaptation of multisystemic therapy (MST) was piloted to find out whether it would yield better outcomes than standard MST in families where the adolescent not only shows antisocial or delinquent behaviour, but also has an intellectual disability. Method: To establish the comparative effectiveness of MST‐ID (n = 55) versus standard MST (n = 73), treatment outcomes were compared at the end of treatment and at 6‐month follow‐up. Pre‐treatment differences were controlled for using the propensity score method. Results: Multisystemic therapy‐ID resulted in reduced police contact and reduced rule breaking behaviour that lasted up to 6 months post‐treatment. Compared to standard MST, MST‐ID more frequently resulted in improvements in parenting skills, family relations, social support, involvement with pro‐social peers and sustained positive behavioural changes. At follow‐up, more adolescents who had received MST‐ID were still living at home. Conclusions: These results support further development of and research into the MST‐ID adaptation.
Depression is a highly prevalent and seriously impairing disorder. Evidence suggests that music therapy can decrease depression, though the music therapy that is offered is often not clearly described in studies. The purpose of this study was to develop an improvisational music therapy intervention based on insights from theory, evidence and clinical practice for young adults with depressive symptoms. The Intervention Mapping method was used and resulted in (1) a model to explain how emotion dysregulation may affect depressive symptoms using the Component Process Model (CPM) as a theoretical framework; (2) a model to clarify as to how improvisational music therapy may change depressive symptoms using synchronisation and emotional resonance; (3) a prototype Emotion-regulating Improvisational Music Therapy for Preventing Depressive symptoms (EIMT-PD); (4) a ten-session improvisational music therapy manual aimed at improving emotion regulation and reducing depressive symptoms; (5) a program implementation plan; and (6) a summary of a multiple baseline study protocol to evaluate the effectiveness and principles of EIMT-PD. EIMT-PD, using synchronisation and emotional resonance may be a promising music therapy to improve emotion regulation and, in line with our expectations, reduce depressive symptoms. More research is needed to assess its effectiveness and principles.
Background The Self-Expression Emotion Regulation in Art Therapy Scale (SERATS) was developed as art therapy lacked outcome measures that could be used to monitor the specific effects of art therapy. Although the SERATS showed good psychometric properties in earlier studies, it lacked convergent validity and thus construct validity. Method To test the convergent validity of the SERATS correlation was examined with the EES (Emotional Expressivity Scale), Emotion Regulation Strategies for Artistic Creative Activities Scale (ERS-ACA) and Healthy-Unhealthy Music Scale (HUMS). Patients diagnosed with a Personality Disorder, and thus having self-regulation and emotion regulation problems (n = 179) and a healthy student population (n = 53) completed the questionnaires (N = 232). Results The SERATS showed a high reliability and convergent validity in relation to the ERS-ACA approach strategies and self-development strategies in both patients and students and the HUMS healthy scale, in patients. Hence, what the SERATS measures is highly associated with emotion regulation strategies like acceptance, reappraisal, discharge and problem solving and with improving a sense of self including self-identity, increased self-esteem and improved agency as well as the healthy side of art making. Respondents rated the SERATS as relatively easy to complete compared to the other questionnaires. Conclusion The SERATS is a valid, useful and user-friendly tool for monitoring the effect of art therapy that is indicative of making art in a healthy way that serves positive emotion regulation and self-development.
266 woorden Op school kan de situatie zich voordoen dat de leerkracht onvoldoende tegemoet kan komen aan de extra ondersteuning die leerlingen met autisme nodig hebben. De klas kan te groot zijn, de leerkracht kan handelingsverlegen zijn, etc.. In dit projectplan wordt onderbouwd wat de relevantie is voor de dagelijkse praktijk van de leerkracht en de leerling met autisme en daaraan gerelateerde problemen. Tevens wordt onderbouwd waarom beeldende therapie theoretisch en empirisch kan bijdragen als creatieve oplossing voor kinderen met aan autisme gerelateerde problemen die in de klas extra aandacht vragen. Deze kinderen hebben een andere manier van informatie verwerken, kunnen zich vaak verbaal moeilijk uiten en hebben vaak sociale problemen. Deze kinderen lopen risico op verslavingsproblematiek (33%) en eenzaamheid, angst en depressie op volwassen leeftijd (80%). Kunstvormen in een leeromgeving bieden andere mogelijkheden voor kinderen om zich te uiten en om samen te werken. In dit projectplan wordt beschreven waarom het zinvol is te onderzoeken wat de effectiviteit is van beeldende therapie voor kinderen met autisme in primair (speciaal) onderwijs, ter preventie van risicogedrag. Het behandelprogramma ‘Zelf in beeld, beeldende therapie voor kinderen met autisme (bijlage 1) lijkt veelbelovende resultaten op te leveren (Schweizer, 2020). Om een indruk van de resultaten van praktijkgericht onderzoek naar ‘Zelf in beeld’ te krijgen kunt u de korte animatie bekijken (3 min): https://youtu.be/cVAAzRHZnb0 In dit vervolgproject wordt verkend in hoeverre ‘Zelf in beeld’ van toegevoegde waarde van kan zijn voor kind, leerkracht en ouders, binnen de setting van Speciaal Onderwijs. Dit project heeft een innovatief karakter omdat er een nieuwe vorm van (preventief) werken binnen passend onderwijs wordt toegepast en onderzocht.
Dutch society faces major future challenges putting populations’ health and wellbeing at risk. An ageing population, increase of chronic diseases, multimorbidity and loneliness lead to more complex healthcare demands and needs and costs are increasing rapidly. Urban areas like Amsterdam have to meet specific challenges of a growing and super divers population often with a migration background. The bachelor programs and the relating research groups of social work and occupational therapy at the Amsterdam University of Applied Sciences innovate their curricula and practice-oriented research by multidisciplinary and cross-domain approaches. Their Centres of Expertise foster interprofessional research and educational innovation on the topics of healthy ageing, participation, daily occupations, positive health, proximity, community connectedness and urban innovation in a social context. By focusing on senior citizens’ lives and by organizing care in peoples own living environment. Together with their networks, this project aims to develop an innovative health promotion program and contribute to the government missions to promote a healthy and inclusive society. Collaboration with stakeholders in practice based on their urgent needs has priority in the context of increasing responsibilities of local governments and communities. Moreover, the government has recently defined social base as being the combination of citizen initiatives, volunteer organizations , caregivers support, professional organizations and support of vulnerable groups. Kraktie Foundations is a community based ethno-cultural organization in south east Amsterdam that seeks to research and expand their informal services to connect with and build with professional care organizations. Their aim coincides with this project proposal: promoting health and wellbeing of senior citizens by combining intervention, participatory research and educational perspectives from social work, occupational therapy and hidden voluntary social work. With a boundary crossing innovation of participatory health research, education and Kraktie’s work in the community we co-create, change and innovate towards sustainable interventions with impact.
Goed slapen is van belang voor de gezondheid, de alertheid en stressreductie van mensen. Echter kampen veel mensen met slaapproblemen, waarbij chronisch slecht slapen kan leiden tot o.a. cognitieve problemen (depressie en dementie) en het heeft een negatief effect op de kwaliteit van leven. Kwaliteit van slapen hangt samen met hoe de slaap wordt ervaren en of iemand voldoende uitrust en tevreden is over de slaap, echter is 63% van de Nederlanders ontevreden over de eigen slaapkwaliteit. Dit project richt zich op volwassenen met slaapproblemen. Door middel van co-creatie wordt er gewerkt aan een digitale slaapcoach, als verlengstuk van een slaapexpert. Uitgangspunt van de coach is de eerder ontwikkelde voedingscoach Halloliz. De nieuwe slaapcoach helpt bij het in kaart brengen van individuele factoren die de slaapkwaliteit verminderen, bij het verbeteren van slaapgedrag en bij het bestendigen hiervan. Er wordt gebruik gemaakt van Cognitive Behavior Therapy for Insomnia, waarbij het effect van interventies op slaapgedrag direct wordt verwerkt in een aangepast slaapplan. Het project richt zich op het ontwikkelen van een slaapcoach rekening houdend met adoptie en motivatie van de doelgroep om de coach te gebruiken. Adoptie hangt onder andere samen met de vorm en uitstraling van de slaapcoach, maar ook met de bereidheid van de gebruiker om het gedrag te veranderen. Daarnaast speelt motivatie een belangrijke rol bij het bestendigen van gedragsverandering. In het project wordt de patient journey in kaart gebracht en wordt uitgezocht hoe het ontwerp van de coach kan worden geoptimaliseerd richting adoptie, motivatie en uiteindelijk de gewenste gedragsverandering. Een consortium van experts in het ontwerpen (co-creatie) van eHealth oplossingen en gebruikersonderzoek zal het project uitvoeren. Deze worden bijgestaan door een klankbordgroep bestaande uit onder andere slaapexperts.