In 2007 is het project Monitoring Veilig Ondernemen van start gegaan. Doel van dat project is de veiligheid in en rond ondernemingen op bedrijventerreinen en in winkelgebieden in kaart te brengen en te monitoren. De start van het project heeft plaatsgevonden in de vorm van een pilot waarin de mogelijkheden en beperkingen van een veiligheidsmonitor door middel van een webenquete in kaart zijn gebracht. Deze pilot is gehouden onder een selectie van drie bedrijventerreinen en twee winkelgebieden in Twente. De onderzoekstechnische mogelijkheden en beperkingen zijn beschreven in het hoofdstuk Methodologische evaluatie van dit rapport.
MULTIFILE
Dit onderzoek is een eerste verkenning in Nederland naar de impact op slachtoffers van online delicten, de behoeften van slachtoffers en de verantwoordelijkheden van politie, justitie en andere instanties bij de afhandeling van dergelijke delicten. Daarbij is er bijzondere aandacht voor de vraag in hoeverre en hoe de situatie en behoeften van slachtoffers van online criminaliteit afwijken van de situatie en behoeften van slachtoffers van traditionele offline delicten. Immers, als daar meer zicht op is wordt ook duidelijk of het bestaande slachtofferbeleid – dat ontwikkeld is voor traditionele offline delicten – voorziet in de behoeften van slachtoffers van online criminaliteit. Onder de noemer ‘online criminaliteit’ vallen diverse delicten die kunnen worden onderverdeeld in twee categorieën: cybercriminaliteit en gedigitaliseerde criminaliteit. Onder cybercriminaliteit vallen delicten waarbij de ICT-structuur zelf doelwit is én waarbij voor het plegen van dat delict ICT van wezenlijk belang is voor de uitvoering. Voorbeelden zijn het hacken van een database met persoonsgegevens of het platleggen van een website van een bank met een zogenaamde DDoS-aanval. Dit soort delicten wordt ook wel cyber dependent crimes genoemd. Onder gedigitaliseerde criminaliteit vallen traditionele offline delicten die ook online kunnen worden gepleegd. Voorbeelden zijn fraude via internet en de verspreiding van kinderpornografisch materiaal. Dit soort delicten wordt ook wel cyber enabled crimes genoemd. LinkedIn: https://www.linkedin.com/in/rutgerleukfeldt/
Ondanks het feit dat het Schadefonds inmiddels 40 jaar bestaat, lijkt het erop dat veel slachtoffers de weg naar het Schadefonds niet weten te vinden. Onderzoek in 2008 wees uit dat het Schadefonds een vijfde van de werkelijke doelgroep bereikt (Hoogeveen & van Burik, 2008). De belangrijkste oorzaak voor het beperkte doelgroepbereik is volgens dit onderzoek dat het bestaan van het Schadefonds onvoldoende bekend is. In een recent uitgevoerd onderzoek wordt ingeschat dat het potentiële bereik van het Schadefonds verdrievoudigd kan worden (Leiden, Scholten & Ferwerda, 2016). Er is dus een groot aantal slachtoffers dat geen beroep doet op een tegemoetkoming in de geleden schade terwijl zij daar wel recht op hebben. De rol van de ketenpartners, of instanties die mogelijk kunnen (door)verwijzen naar het Schadefonds, is echter onbekend. Dit onderzoek heeft als doel het Schadefonds inzicht te geven in de rol van de samenwerkingspartners inzake de doorverwijzing naar het Schadefonds. Op basis van de uitkomsten willen de onderzoekers concrete aanbevelingen doen aan het Schadefonds ter verbetering van de doorverwijzing door haar samenwerkingspartners zodat meer slachtoffers de weg weten te vinden naar het Schadefonds.
De pilot ‘samenwerking justitie en sociaal domein gemeente Oss’ richt zich op inwoners uit de gemeente Oss die verdacht worden van een ZSM-waardig delict (een relatief licht strafbaar delict zoals diefstal, vernieling), behoefte hebben aan medische of psychische zorg en ondersteuning én bereid zijn mee te werken met de betrokken organisaties.Doel We willen nagaan wat de meerwaarde is van de samenwerking tussen het justitieel en sociaal domein in de gemeente Oss voor het functioneren van mensen die worden verdacht van een ZSM-waardig delict, voor de begeleiding en ten aanzien van recidive. Resultaten Met het onderzoek willen we de ontwikkeling op verschillende leefgebieden nagaan, een beeld schetsen van de ervaring van de verschillende betrokkenen van de pilot ten aanzien van de begeleiding en tot slot in kaart brengen in hoeverre de pilot invloed heeft op recidive. Looptijd 01 november 2022 - 31 december 2025 Aanpak Bestuderen van verschillende projectdocumenten Het interviewen van sleutelpersonen van de verschillende deelnemende organisaties (o.a. reclassering, GGZ, welzijnsorganisatie(s), Raad voor de Kinderbescherming, OM en politie) Het interviewen van mensen die deelnemen aan de pilot en hun begeleider op drie momenten en met een controlegroep bestaande uit mensen die in een reclasseringstoezicht lopen in een andere regio Het doen van dossieronderzoek van de mensen die deelnemen aan de pilot en van de controlegroep Data-analyse: politiegegevens over nieuwe overlastmeldingen, aanhoudingen, aangiftes etc van de pilotgroep en de controlegroep
Het project Gecijferdheid als Basisvaardigheid is gericht op het versterken van gecijferdheid onder de Nederlandse bevolking. Gecijferdheid vormt samen met geletterdheid en digitale vaardigheid, de drie basisvaardigheden in de 21ste eeuw die een individu nodig heeft om volwaardig te kunnen participeren in het dagelijks leven en in de maatschappij. We vragen met het project aandacht voor het belang van rekenen-wiskunde-statistiek-gecijferdheid in een leven lang ontwikkelen. Het project is een vervolg van Gecijferdheid Telt Mee. Doel Ongeveer 1 op de 6 personen van 16 jaar en ouder hebben moeite met gecijferdheid. Dit betekent dat zij het lastig vinden om te werken met rekenkundige informatie en ideeën die ingebed zijn in een context waarmee zij dagelijks te maken krijgen, bijvoorbeeld het doen van boodschappen, medische informatie interpreteren, reisplannen maken, belastingaangifte doen, etc. Het gaat met name om de interpretatie van cijfermatige gegevens en om statistische informatie die in tabellen en grafieken wordt weergegeven, het nemen van besluiten op basis van berekeningen waarbij er gewerkt wordt met cijfers, decimalen, percentages, fracties, en om het decoderen van getalsmatige visuele representaties. Werken aan het versterken van gecijferdheid is een blinde vlek in Nederland. Vandaar dat er een dringende noodzaak is om dit probleem uitgebreid onder de aandacht te brengen van beleidsmakers, onderzoekers, en docenten en vrijwilligers. Resultaten Het project bestaat uit de volgende onderdelen: conferenties en andere bewustwordingsactiviteiten, experttrainingen oftewel masterclasses, ontwikkelen van leermateriaal en onderzoek. Conferenties Om gecijferdheid op de kaart te zetten is een cyclus van jaarlijkse ééndaagse conferenties gestart (30 maart 2022 en 31 maart 2023) gericht op docenten, vrijwilligers, ontwikkelaars en beleidsmakers die betrokken zijn bij het verbeteren van basisvaardigheden onder volwassenen. Andere bewustwordingsactiviteiten We maken een rondgang langs relevante partijen, zowel op politiek, beleidsvoerend, als uitvoerend niveau en bespreken de mogelijkheden om gecijferdheid als basisvaardigheid te integreren in hun lopende en toekomstige plannen en activiteiten. Verder werken we aan de productie van brochures, filmpjes en webinars. Experttrainingen oftewel Masterclasses We ontwikkelen en verzorgen Masterclasses over het thema Gecijferdheid als Basisvaardigheid aan trainers, docenten, vrijwilligers en uitvoerders van overheidsbeleid. Onze doelgroep houdt zich bezig met het trainen en begeleiden van volwassenen in het sociale domein. Ontwikkelen en verspreiden van materialen Er wordt voortdurend nieuw materiaal ontwikkeld om onderwijsactiviteiten die gericht zijn op het versterken van gecijferdheid te ondersteunen. De website gecijferdheidteltmee.nl staat centraal in het onder de aandacht brengen van deze materialen. Onderzoek We doen onderzoek naar het thema gecijferdheid als basisvaardigheid. We voeren literatuur- en documentenanalyse uit met als doel om alle bestaande kennis over gecijferdheid te ordenen en toegankelijk te maken voor de Nederlandse beleids- en onderzoekscontext. Hierbij onderscheiden we drie relevante deelonderwerpen: 1) het concept gecijferdheid, 2) gecijferdheid in de samenleving en 3) succesvol beleid om gecijferdheid te verbeteren. Verder brengen we in kaart hoe het er nu voor staat op het gebied van gecijferdheid in Nederland. Dit onderzoek moet inzicht bieden in de stand van zaken wat betreft: 1) het bewustzijn op het gebied van gecijferdheid, 2) deskundigheid van betrokkenen zowel op beleids- als op uitvoerend niveau en 3) het aanbod aan activiteiten. Looptijd 01 november 2021 - 31 december 2023