Mensen laten in het dagelijks leven steeds meer digitale sporen achter in computers, tablets en smartphones die waardevol kunnen zijn voor de opsporing en voor de bewijsvoering in strafzaken. Naast sporen die we bewust achterlaten, zoals berichten, foto’s en video’s, laten onze handelingen ook allerlei sporen na waarvan we ons veelal niet bewust zijn. Tezamen bieden al deze sporen een kijkje in het dagelijks activiteitenpatroon van een gebruiker. Het digitaal forensisch onderzoek dat zich hierop richt, wordt aangeduid als pattern-of-life forensics. Dit onderzoek is een waardevolle aanvulling voor het toetsen en opstellen van scenario’s, maar tegelijkertijd is het ook een complex onderzoeksgebied vanwege de snelle ontwikkelingen in hardware en software.In dit artikel geven we een aantal voorbeelden van pattern-of-life forensics aan de hand van rechterlijke uitspraken, experimenten die zijn uitgevoerd met smartphones en onderzoek dat is gepubliceerd in de literatuur. In het bijzonder hebben we ons daarbij gericht op het aantonen of een handeling met voorbedachte raad is verricht, op het aantonen van eigenaarschap van een smartphone en op de betrouwbaarheid van digitale sporen als die worden betwist. Juist het dagelijkse patroon van activiteiten dat door middel van pattern-of-life forensics wordt vastgesteld, kan bij uitstek vergeleken worden met observaties uit andere bronnen zoals beveiligingscamera’s, andere inbeslaggenomen bewijsstukken en/of getuigenverklaringen.
MULTIFILE
Dit is alweer de vijfde editie van het congres Met het oog op behandeling. De afgelopen jaren hebben we gezien dat de maatschappelijke belangstelling voor mensen met een licht verstandelijke beperking (LVB) sterk toeneemt. Dit jaar is er zelfs een Interdepartementaal Beleidsonderzoek gedaan door diverse ministeries over de positie van mensen met een LVB in de Nederlandse samenleving. In het onderzoeksrapport wordt gepleit voor het verbeteren van de communicatie tussen algemene voorzieningen en deze burgers. Voor alle professionals in het brede sociaal domein wordt aanbevolen dat zij meer kennis en vaardigheden moeten hebben voor hun hulp- en dienstverlening aan mensen met een LVB. Dat geldt voor alle professionals in het sociaal domein en in het bijzonder voor professionals die werken voor cliënten met een LVB waarbij sprake is van ernstige gedragsproblematiek en psychische problemen. In dat geval moet je kunnen omgaan met ‘onbegrepen gedrag’ en agressie en wil je beschikken over de beste, actuele kennis op dat gebied.
De versnippering van de internationale samenleving vermindert de kans op een overkoepelend model van global governance. Meer waarschijnlijk is het ontstaan van bepaalde processen van bestuur die zich ontwikkelen als reactie op specifieke mondiale vraagstukken. Dit artikel beschrijft het proces van implementatie van de US Foreign Corrupt Practices Act (FCPA) als een voorbeeld van een dergelijk bijzonder proces. Het FCPA 'model' wordt gekenmerkt door samenwerking en onderhandeling tussen de publieke en private sector. In dit model is het samenwerken voor het bieden van maatschappelijke veiligheid gebaseerd op wederzijds belang. De mogelijkheid van onderhandelde regelingen heeft een positief effect op het management van corruptie door bedrijven, dat zich verspreidt over de hele invloedsfeer van de onderneming. Tegelijkertijd biedt het de overheid toegang tot de informatie die nodig is om corruptie op te sporen, te onderzoeken en te vervolgen. Het in kaart brengen van dergelijke processen biedt nuttige inzichten over nieuwe benaderingen die nodig kunnen zijn om goed bestuur voor een veilige wereld te bereiken. ABSTRACT The fragmentation of international society reduces the likelihood of a single overarching model of global governance. More likely, is the emergence of particular processes of governance that develop in response to specific global issues. The paper describes the process of implementing the US Foreign Corrupt Practices Act (FCPA) as an example of one such particular process. The FCPA 'model' is characterized by co-operation and negotiation between the public and private sector. In this model, partnering for the provision of security is based on mutual self- interest. The possibility of negotiated settlements has a positive effect on the management of corruption by corporations with a ripple effect throughout the corporations' sphere of influence. At the same time, it provides governments with access to the information necessary to detect, investigate and prosecute corruption. Mapping such processes provides useful insights about new approaches that may be needed to attain good governance for a safe world.
Diverse partijen, zowel marktpartijen als kennisinstellingen, gaan in 2020 samenwerken in een pilot om te toetsen in hoeverre zij de plant kardoen (familie van de artisjok distel) in haar volle potentieel kunnen gebruiken voor diverse commerciële doeleinden, zoals bloemen, voedsel, composiet en een lamp. Er wordt in deze pilot onderzoek gedaan naar: - Gebruik van reststromen als bodemverbeteraar - Teelt van kardoen - Verwerking van kardoen
In het project werken onderzoekers van het Lectoraat samen met publieke organisaties toe naar een tool waarmee onderstromen in het publieke debat rondom issues eerder kunnen worden opgemerkt. We exploreren met welk algoritme we patronen in geruchtvorming en mobilisatie kunnen opsporen, en tevens hoe we de interactie tussen newsroom-analisten en de output van een monitoring tool het beste kunnen vormgeven.Doel Het doel van dit project is een brede en structureel toepasbare aanpak van het issuemanagement: Hoe kunnen de communicatieprofessionals van publieke organisaties potentiële issues op sociale media vroegtijdig opmerken? Resultaten We willen dit bereiken door enerzijds kennis en inzicht te vergaren en anderzijds de uitkomsten daarvan voor publieke organisaties te vertalen in praktische handgrepen: tools, handleiding, training. Looptijd 01 oktober 2022 - 30 september 2024 Aanpak Via cases ingebracht door de praktijkpartners en focusgroepen staan we in nauw contact met het consortium. In de eerste werkpakketten onderzoeken we de verschillende cases aan de hand van discoursanalyse. De inzichten die we hierbij opdoen, gebruiken we vervolgens om te bekijken hoe we de interactie tussen mens en machine het beste kunnen vormgeven en wel zo dat er ten behoeve van de communicatie en het management van issues via interactieve visualisaties steeds weer triggers afgegeven worden. Op basis van de opgedane inzichten richten we een interface in. Deze maakt het analisten en communicatieprofessionals mogelijk om vroegtijdig issues te signaleren.
Nederland is een waterland. Schoon oppervlaktewater is belangrijk voor de natuur, landbouw en voedsel‐ en drinkwaterproductie en het is daarom zeer belangrijk om verstoringen ervan goed te kunnen meten en begrijpen. Hoe eerder een verstoring van het aquatisch ecosysteem gemeten kan worden, hoe beter de mogelijkheden zijn voor waterbeheerders om het effect ervan te beperken door maatregelen te nemen. In dit project combineert het lectoraat Metabolomics van Hogeschool Leiden eMetabolomics en eDNA, zodat we ‘moleculaire foto’s’ van het onderwaterleven kunnen maken die een schat aan informatie bevatten. Met behulp van deze informatie kunnen we 1) de effecten van verstoringen eerder opsporen 2) de verstoringen beter begrijpen 3) aanknopingspunten identificeren om de verstoringen tegen te gaan. Hiertoe hebben we een consortium samengesteld waarin kennis op het wetenschappelijk gebied van analytische chemie, milieukunde, ecologie en biodiversiteit, bedrijven die actief zijn in deze werkvelden en potentiele eindgebruikers zijn samengebracht. Aan de hand van twee relevante casussen zullen wij eMetabolomics en eDNA technieken ontwikkelen en toepassen. De eerste casus is een relevante biologische verstoring door een invasieve exoot: de rode Amerikaanse rivierkreeft (Procambarus clarkii). De tweede casus een relevante chemische verstoring door het veel gebruikte insecticide thiacloprid. Het onderzoek zal gebruik maken van de laatste nieuwe technieken op het gebied van eMetabolomics en eDNA. Met deze technieken zullen rivierkreeften in detail worden onderzocht in, onder andere, aquaria. Daarnaast zal een belangrijk deel van het onderzoek plaatsvinden in het Levend Lab, een unieke proefopstelling van het Centrum voor Milieukunde van Universiteit Leiden dat bestaat uit 36 slootjes waarin de invloed van thiacloprid op het aquatisch ecosysteem zal worden onderzocht. De samenstelling van het consortium, de state‐of‐the‐art technologie die wordt toegepast én de setting waarin het onderzoek wordt uitgevoerd maken het project zeer aantrekkelijk voor zowel studenten als docenten, waardoor doorwerking in het onderwijs gegarandeerd is.