Burgerparticipatie en interactieve beleidsontwikkeling zijn niet meer weg te denken uit de manier van werken van Nederlandse gemeenten (WRR, 2012). Bewonersbijeenkomsten zijn hierbij, ondanks alle online mogelijkheden, een bekende en frequent toegepaste methode voor interactie tussen gemeente en burgers. Bestuurskundig onderzoek naar burgerparticipatie richt zich vaak op de tevredenheid van burgers en overheid met de resultaten, de samenwerking, de vorm en het democratisch gehalte van projecten (Jong, 2012). Dit onderzoek wil vanuit het perspectief van de organisatiecommunicatie naar bewonersbijeenkomsten kijken.
In een bijdrage aan de kennisbasis voor lerarenopleiders, ontwikkeld door de VELON en de Vrije Universiteit, gaan Marco Snoek en Jurriën Dengerink (VU) in op stakeholders en spelbepalers in beleidsdiscussies rond lerarenkwaliteit en lerarenopleidingen. Aan de orde komen vragen zoals: Hoe is het beleid voor lerarenopleidingen gesitueerd binnen het Ministerie? Onder welke wetgeving vallen de lerarenopleidingen? Wie zijn betrokken bij beleidsontwikkeling? En hoe is de kwaliteitsborging van lerarenopleidingen georganiseerd?
Een integrale ontwikkeling van stedelijk vernieuwingsbeleid verdient boven alle andere benaderingen de voorkeur. Tegelijkertijd lijkt nu juist deze vorm van beleidsontwikkeling een onbereikbaar doel. Welke mechanismen belemmeren dit streven naar integraal beleid en hoe kunnen beleidsmakers zich los maken van sectorale denkwijzen? Een nieuwe visie op bewonersparticipatie binnen interactieve beleidsvorming kan het pijlerdenken doorbreken.
MULTIFILE
In dit onderzoek brachten we actuele kennis in kaart over effectief reclasseringstoezicht.Doel Doel van het project was om een systematisch overzicht te maken van werkzame elementen voor reclasseringstoezicht. Dit zijn elementen die aantoonbaar bijdragen aan het verminderen van recidive, voorkomen van uitval, versterken van motivatie voor verandering en verbeteren van het functioneren van delinquenten op verschillende leefgebieden. Resultaten Een onderzoeksrapportage met een overzicht van werkzame elementen voor reclasseringstoezicht. Een Engelse versie van de onderzoeksrapportage: Effective practices in probation supervision: a systematic literature review. Een publieksversie van het onderzoeksrapport waarin de belangrijkste bevindingen zijn samengevat. Een artikel voor een wetenschappelijk tijdschrift (in ontwikkeling). Looptijd 01 oktober 2019 - 31 augustus 2020 Aanpak Er is in de afgelopen jaren veel onderzoek gedaan naar reclasseringstoezicht, in Nederland maar vooral ook in het buitenland. Onderzoekers voerden een systematisch literatuuronderzoek uit van de nationale en internationale onderzoeksliteratuur over reclasseringstoezicht vanaf het jaar 2000 en beoordeelden hoe onderbouwd de conclusies zijn. Relevantie voor werkveld en onderwijs Het overzicht van bewezen werkzame elementen voor toezicht op delinquenten is bijzonder nuttig, voor het werkveld en voor hbo-opleidingen die toekomstige forensisch sociale professionals opleiden. Het kan richting geven aan deskundigheidsbevordering, aan beleidsontwikkeling van de reclassering, en ondersteunt keuzes die reclasseringswerkers dagelijks moeten maken in hun begeleidingscontacten met reclasseringscliënten.
NHL Stenden hogeschool is een fusiehogeschool met een hoog ambitieniveau, waarbij onderwijs op basis van Design Based Education en onderzoek binnen de zwaartepunten Vital Regions, Smart Sustainable Industries en Service Economy met elkaar in verbinding staan en elkaar versterken. Binnen de hogeschool zijn inmiddels verschillende initiateven ontplooid op het gebied van de inrichting van de daarvoor benodigde onderzoeksinfrastructuur en het versterken van onderzoeksgroepen. Mede vanwege de coronacrisis is de (door)ontwikkeling hiervan vertraagd. Met de inzet van Impuls 2020 beoogt NHL Stenden hogeschool een versnelling van de noodzakelijke (door)ontwikkeling. Het overgrote deel van de subsidie zal ingezet worden voor de doorontwikkeling van het privacyimpact assessment en het onderzoeken en opstellen van een programma van eisen ten behoeve van advisering over een opslagdienst voor lopend onderzoek, een repository voor afgerond onderzoek en een Current Research Information System. Daarnaast zal de regeling ingezet worden voor beleidsontwikkeling en doorontwikkeling van het huidige ondersteuningsaanbod, informatievoorziening en het verhogen van bewustzijn onder onderzoekers. Een deel van de middelen zal worden ingezet om ondersteuning te bieden aan de versterking van twee beoogde penvoerderschappen voor de SPRONG-regeling: de onderzoeksgroepen Centre of Expertise Watertechnologie en het lectoraat Circular Plastics. SPRONG 2020 is vertraagd en in de tussenliggende periode moeten meerdere calls opgepakt worden. De regeling wordt ingezet voor activiteiten als netwerken, consortiumvorming en het opstellen van voorstellen binnen de KIA’s, waardoor de onderzoeksgroepen zich beter ontwikkelen naar krachtige onderzoeksgroepen. Impuls 2020 sluit aan bij de strategische keuzes van NHL Stenden hogeschool. Naast krachtige onderzoeksgroepen, die kennis en oplossingen ontwikkelen voor de drie genoemde zwaartepunten, dragen studenten van de hogeschool bij aan maatschappelijk relevant onderzoek. Kwalitatief hoogwaardig onderzoek vraagt om een effectief en efficiënt ondersteunend proces en goede voorzieningen. Met Impuls 2020 wordt juist deze gewenste versterking van de onderzoeksinfrastructuur en onderzoeksgroepen beoogd.
Het Centre of Expertise Groen is een Sprong-groep van de vier toonaangevende groene hogescholen: Aeres, HAS green academy, Van Hall Larenstein en Inholland. Als onderzoekscoalitie van de groene sector verbindt CoE Groen praktijkgericht onderzoek met onderwijs, beleid en de beroepspraktijk om complexe maatschappelijke uitdagingen in het groene domein aan te pakken en duurzame innovaties te bevorderen. In de periode 2025-2028 richt CoE Groen zich op drie transitielijnen: • Gezonde en duurzame voeding en voedselproductie • Gezonde en veerkrachtige leefomgeving voor mens, dier en natuur • Duurzaam innoveren, leren en ontwikkelen in transities CoE Groen zet in op het versterken van netwerkvorming, het stimuleren van transdisciplinaire samenwerking en het bevorderen van kennisdeling. De komende jaren verschuift de focus van het opbouwen van onderzoeksinfrastructuur naar het vergroten van impact vanuit het groene domein. CoE Groen vervult hierbij meerdere cruciale rollen: • Visievormer en -bewaker van praktijkgericht onderzoek in het groene domein • Operationele aanjager en uitvoerder van onderzoeksprojecten • Verbindingspunt voor kennis en implementatiestrategieën • Aanjager van samenwerkingsprocessen en kennisvertaling naar partners en onderwijs Door actief bij te dragen aan beleidsontwikkeling, innovatieagenda's en Nationaal Groeifonds-programma's, positioneert CoE Groen zich als onmisbare schakel in de groene kennisinfrastructuur. Het streven is de kloof tussen onderzoek, onderwijs en praktijk te overbruggen door het versterken van de agenderende rol, het intensiveren van cross-sectorale verbindingen, het ontwikkelen van innovatieve leeromgevingen en het vergroten van kennisleiderschap op kernthema’s door lectoren. Onze ambitie is groot. Over 4 jaar zijn we niet klaar. De integrale inzet van praktijkgericht onderzoek, cross-sectorale-, regionale- en internationale groei van onderzoeksprojecten, ondernemerschap en digitalisering verdienen blijvend onze aandacht. Wij streven naar verdere ontwikkeling, uitbouw en impact van praktijkgericht onderzoek. Als onderzoekscoalitie van de groene sector spelen we een cruciale rol bij het oplossen van maatschappelijke vraagstukken en het stimuleren van innovatie vanuit het groene domein.