City authorities worldwide have sought to rejuvenate and diversify their tourism product offerings by dispersing visitors into less familiar and frequented locales. Despite calls to understand such ‘new tourism areas’ (NTAs) in urban areas, few researchers have examined visitor responses to the implementation of NTA strategies, particularly outside Europe. This quantitative approach considers the profiles, attitudes and behaviours of NTA visitors in an Asian city that was undertaking dispersal efforts pre-pandemic in the context of mass inbound Chinese visitation. Distinct profiles are found for NTA visitors relative to other city arrivals in response to Hong Kong’s branding propositions. It is found that NTAs appeal to repeat visitors seeking cosmopolitan experiences and may help tourist dispersal and product differentiation, though the proposition that NTA visitors are more highly educated was not supported
LINK
Het doel van dit project is het onderzoeken of CO2 en kosten kunnen worden gereduceerd in twee zorginstellen door het Specifiek Ziekenhuis Afval (SZA) anders te verzamelen en verwerken. Dit praktijkgerichte onderzoek wordt mogelijk door een samenwerking van Windesheim, Flynther, Dermatologisch Centrum en Isala. SZA wordt verzameld in speciale vaten en getransporteerd naar speciale verbrandingsovens in Dordrecht, waar het afval inclusief het vat onder hoge temperatuur wordt verbrand. Dit leidt tot een hoge CO2 uitstoot en onnodig hoge afvalkosten voor zorgpartijen. Tijdens de voorbereidende interviews voor dit onderzoek hebben respondenten uit de zorgsector al verschillende suggesties gedaan om de hoeveelheid afval te reduceren: • Alleen medisch afval in het vat stoppen, geen andere afvalstromen; • Vaten zo veel mogelijk vullen voordat deze worden vervangen; • Beter scheiden van SZA. Een deel van het SZA hoeft niet onder speciale omstandigheden te worden verbrand, door deze apart in te zamelen kan het in de buurt van de zorginstelling worden vernietigd in plaats van in Dordrecht. • Gebruik van andere soorten vaten die gemaakt zijn uit karton of dunner kunststof. Vanuit Flynther en het Dermatologisch centrum is de praktijkvraag; “Als door diverse partijen wordt aangegeven dat er kan worden bespaard, waarom hebben partijen uit de zorg hier dan geen of nauwelijks aandacht voor? Zijn er nog meer manieren om SZA te reduceren?” De praktijkvraag van dit onderzoek is:Op welke wijze kunnen zorginstellingen door aanpassingen in het inzamelen van SZA, de hoeveelheid CO2 uitstoot en kosten binnen deze afvalstoom reduceren?Om deze vraag te beantwoorden worden de mogelijkheden zoals hierboven beschreven getoetst en de impact bepaald. Daarnaast wordt gekeken hoe het SZA inzamelingsproces moet worden aangepast om deze besparing te realiseren. Ook wordt onderzocht wat beperkende factoren zijn voor deze besparingen. De onderzoeksvragen worden beantwoord door een verkennend onderzoek dat wordt gebaseerd op twee case studies.
In West-Europa verdwijnt jaarlijks ruim 4.000 ton afgedankt beschermfolie in de afvalverbrandingsoven of op de vuilstort. In plaats van te worden hergebruikt, verdwijnen daarmee waardevolle grondstoffen uit de materialenkringloop. Onaanvaardbaar vinden ook producenten van beschermfolies maar een alternatief voor het slecht recyclebare foliemateriaal bestaat nog niet. Innovaties met nieuwe, hoogwaardig recyclebare materialen zijn noodzakelijk. Een mogelijke oplossing om recycling mogelijk te maken, is de toepassing van een speciale bio-based coating die eenvoudig te scheiden is van de textiele versterking. Daarmee wordt separate verwerking van de coating en de textiele versterking mogelijk. Chemische recycling van de coating resulteert in een hoogwaardige grondstof voor nieuwe producten. Zoals nieuwe coating maar ook als milieuvriendelijk oplosmiddel waarmee huidige fossiele oplosmiddelen kunnen worden vervangen. In een 1-jarig verkennend onderzoeksproject gaan Avans Hogeschool en mkb-bedrijf Aero Coated Fabrics onderzoeken in hoeverre het mogelijk is om beschermfolie te verwerken tot nieuwe hoogwaardige grondstoffen door toepassing van een bio-based coating. Het beoogde resultaat is het aantonen van de doeltreffendheid van dit recyclingproces van beschermfolies in een laboratorium omgeving.
Het lectoraat ‘Supply Chain Finance’ (SCF) en het lectoraat ‘Netwerken in Circulaire Economie’ (NICE) van Windesheim richt zich in samenwerking met een ziekenhuis en MedHemScience B.V. op de volgende onderzoeksvraag: ‘kan het gebruik van bloed- en weefselzakken verduurzaamd worden door recycling, hergebruik en/of preventie van gebruik?’ Ziekenhuizen gebruiken steeds meer kunststof disposables zoals bloed- en weefselzakken, infuuszakken, tubes etc.. Uit onderzoek blijkt dat een groot deel van de kunststof disposables na éénmalig gebruik terecht komt in het Specifiek Ziekenhuis Afval (SZA).Deze afvalstroom wordt in speciale vaten ingezameld, afgevoerd en verbrand. De voordelen van disposables zijn evident; de verpakkingen voldoen aan de eisen en de steriliteit is geborgd. Vanuit het oogpunt van circulariteit is het éénmalig gebruik van kunststof disposables en daarna verbranding echter onwenselijk. Doel van dit haalbaarheidsproject is om kennis op te doen over de mogelijkheden om (het gebruik van) disposables in het ziekenhuis te verduurzamen. Op basis daarvan kan worden vastgesteld of het in principe haalbaar is om een nieuwe werkwijze en/of productconcept te ontwikkelen voor disposables zodat deze duurzamer gebruikt kunnen worden. We voeren een case study uit naar kunststof bloed- en weefselzakken. We verkennen de mogelijkheden van recycling, hergebruik en preventie van disposables. Dit project beoogt te resulteren in nieuwe inzichten in de mogelijkheden van duurzamer gebruik van bloed- en weefselzakken, waarmee de hoeveelheid SZA afval bij ziekenhuizen en de verbranding van éénmalig gebruikte disposables gereduceerd kan worden. Hiermee leveren de consortium partijen een substantiële bijdrage aan de circulaire economie.