Het aantal kinderen dat slachtoffer is van kindermishandeling en huiselijk geweld is hoog en al jaren constant. Met de komst van moderne digitale technologieën wordt voorzichtig verkend of er oplossingsrichtingen liggen ten aanzien van dit probleem. Hoewel technologieën zoals big data en machine learning potentie hebben in het analyseren van grote hoeveelheden data en dus ook in het mogelijk (eerder) signaleren van kindermishandeling, zijn er de nodige programmatische en ethische overwegingen waar rekening mee dient te worden gehouden. Indien mogelijke toepassingen nader worden verkend, is het tevens van belang dat professionals binnen het sociale domein ook kennis hebben van de werking van de diverse vormen van digitale technologie en dat er wordt intensief wordt samengewerkt met de verschillende domeinen waarin de technologie nader wordt ontworpen.
Op welke wijze kan het lectoraat FAI zijn onderzoeksterrein positioneren in genoemd referentiekader en bijdragen aan het versterken van het businessmodeldenken? Om dit te schetsen wordt in het volgende hoofdstuk verder ingezoomd op de relatie tussen businessinnovatie en het belang van onderzoek aan de hand van een doorkijk naar de nieuwe rol van de accountant in de veranderende wereld. Hoewel het door het lectoraat uitgevoerde onderzoek zich niet uitsluitend richt op de beroepsgroepaccountants, is voor deze openbare les bewust gekozen om de veranderende wereld van één beroepsgroep eruit te lichten in plaats van een generiek verhaal neer te zetten. Ik heb gekozen voor de beroepsgroep accountants omdat ik zelf onderdeel van deze professie ben, al geruime tijd werkzaam ben in deze branche en onlangs ben gepromoveerd in deze discipline. Diverse rapporten en documenten geven aan dat de professionals de noodzaak tot innovatie van het vak onderkennen. Is mijn verhaal ook voor ‘niet-accountants’ interessant?Jazeker, de veranderingen waar accountants voor staan doen zich namelijk in vergelijkbare vormen ook voor in aangrenzende beroepen (zoals controllers) en bij andere zakelijke dienstverleners (bijvoorbeeld notarissen, assurantietussenpersonen). Zorgprofessionals (zoals fysiotherapeuten en apothekers) zullen mogelijk parallellen zien wat betreft de invloed van ICT op bestaande processen (procesoptimalisatie, e-health) en de invloed van regulering in de branche op hun businessmodellen. Ten slotte wordt, voor diegenen die nog relatief onbekend zijn met lectoren en lectoraten, in hoofdstuk 3 kort de rol en plaats van het lectoraat in de kennisinfrastructuur in Nederland toegelicht.
De gymzaal is de allermooiste werkplek die er bestaat. Maar het kan in onze ogen nog mooier en beter. Op welke wijze kan technologie, in het bijzonder augmented reality, iets toevoegen aan het bewegingsonderwijs? Welke meerwaarde heeft het voor leerlingen en voor docenten? Aan welke toepassingen kun je denken? En wat zijn de randvoorwaarden?
Logitimo staat voor Logistieke Toepassingen In Maatschappelijke Opgaven. Daarbij wordt gedacht aan de grote transities op het gebied van klimaat, veiligheid, gezondheid en voeding. Vanaf de start in 2017 heeft Logitimo gefungeerd als ‘kraamkamer’ voor nieuwe initiatieven, die niet vanuit elk van de lectoraten afzonderlijk tot stand komen. Drie ontwikkelde inhoudelijke thema’s blijven ook in de komende periode geagendeerd: - Logistiek en Circulaire Economie, gericht op de bijdrage die de logistieke discipline en de logistieke sector (kunnen, c.q. hebben te) leveren aan de transitie naar een circulaire economie; - Adaptieve Veiligheidslogistiek, gericht op de bijdrage van de logistieke discipline en sector aan de opgaven waarvoor de krijgsmacht zich gesteld ziet; - Leapfrog & reverse logistics innovation, gericht op de mogelijkheden die ‘emerging markets’ kunnen bieden bij het testen en verbeteren van (vooralsnog E-health-) innovaties, die in ‘mature markets’ vaak geen kans krijgen, omdat daar minder noodzaak voor is. In aanvulling op deze lijnen wil Logitimo zich zelf verder innoveren. Met bedrijfsleven, overheid en opleidingen willen wij een nieuwe ‘sustainable logistics practice’ ontwikkelen vanuit een ecologische opzet. In dat kader ontwikkelt Logitimo ‘doorlevingsprojecten’: het is niet meer genoeg dat onderzoekers, studenten en het publiek op grond van onderzoek wéten wat gedaan moet worden. Zij moeten vooral ook intrinsiek betrokken zijn. Een ‘doorlevingsproject’ is meer dan alleen een opdracht of onderzoek, maar staat voor een aanpak waarin gestreefd wordt naar persoonlijke en/of groepsverbondenheid, leidend tot een actieve en wellicht zelfs activistische instelling c.q. aanpak. De Logitimo-deelnemers hebben vastgesteld dat dit samenwerkingsverband vruchtbaar is waar het gaat om het entameren van nieuwe onderzoektrajecten van hoge kwaliteit alsmede het beschikbaar stellen van de resultaten daarvan ten behoeve van de beroepspraktijk en – steeds meer – het onderwijs. Vandaar dat zij deze aanvraag indienen om deze samenwerkingsconstructie te kunnen continueren.
De verwachtingen van e-health zijn hoog. Het aantal devices en apps groeit jaarlijks enorm terwijl het gebruik achterblijft. Een voorbeeld zijn activiteitenmeters, deze meten valide en op afstand fysieke activiteit. Ze zijn gebruiksvriendelijker dan de vragenlijsten en dagboekjes die nu veel gebruikt worden. Een doelgroep voor wie inzicht in fysieke activiteit van groot belang is zijn patiënten met chronische pijn. Zorgprofessionals en implementatiedeskundige van Het Rughuis en een eerstelijns paramedische praktijk willen samen met Zuyd Hogeschool als kennisinstelling werken aan een daadwerkelijke toepassing. Ze hebben behoefte aan concrete manieren en voorbeelden en instructies waarop ze een activiteitenmeter in het zorgproces betekenisvol kunnen inzetten. De centrale vraag binnen dit project is dan ook: Hoe zien voor de zorgprofessionals en patiënten hanteerbare toepassingen van een activiteitenmeter eruit als ondersteuning van diagnostiek en behandeling van een somatisch symptoomstoornis (wervelkolomgericht met pijn) gedurende het behandeltraject in Het Rughuis? De tweede vraagstelling is hoe de resultaten gebruikt kunnen worden om een generieke ontwikkelmethodiek en stappenplan voor andere technologieën te maken? Aan de hand van een action research design wordt samen met de eindgebruikers in een iteratief proces de methodiek en het stappenplan ontwikkeld. Deze aanvraag is innovatief omdat er in co-creatie met de eindgebruikers een ontwikkelmethode als 'blauwdruk' wordt ontwikkeld over te nemen stappen om technologische toepassingen, breder dan activiteitenmeters alleen, binnen de zorg betekenisvol te integreren zodat ze ook echt gebruikt worden.
Aanleiding In Nederland krijgen jaarlijks circa 40.000 mensen een beroerte. Verschillende professionals begeleiden hen bij de revalidatie: revalidatieartsen, verpleegkundigen, fysiotherapeuten, ergotherapeuten, logopedisten, bewegingsagogen, psychologen en maatschappelijk werkers. Deze professionals geven aan dat zij behoefte hebben aan behandelprogramma's die inspirerend zijn en de therapietrouw vergroten, die efficiënt en effectief zijn. Ze willen dat de behandeling thuis gedaan kan worden, terwijl ze toch de patiënt kunnen begeleiden/coachen én het behandelproces kunnen (blijven) monitoren. Door het grote aanbod van e-healthtoepassingen is het voor de professional echter moeilijk een goede keuze te maken. Doelstelling De centrale onderzoeksvraag van dit project is: In welke mate wordt de kwaliteit van behandelen door professionals verbeterd als gevolg van digitale ondersteuning van thuisrevalidatie voor patiënten die een CVA (Cerebro Vasculair Accident) hebben gehad? FAST@HOME wil thuis revalideren na een CVA mogelijk maken door op basis van de wensen van professionals, CVA-patiënten en mantelzorgers, een digitale omgeving te ontwikkelen vanuit state-of-the-art e-healthkennis en -toepassingen. Tegelijkertijd onderzoekt FAST@HOME de effectiviteit van de nieuwe behandelmethode. Naast de behoefte aan en noodzaak tot autonomie en zelfmanagement van patiënten na een CVA, is het voor de revalidatiesector essentieel om de komende jaren in te zetten op doelmatigheid en kostenreductie. De projectdeelnemers zullen dus ook de kosten van FAST@HOME onderzoeken. Beoogde resultaten Resultaten uit het onderzoek en de projecten worden gepubliceerd in 'peer-reviewed journals'. Via actieve en regelmatige verspreiding van nieuwe kennis tijdens seminars, workshops en trainingen en in publicaties worden ook andere professionals uit de revalidatiepraktijk bereikt. Het project wordt afgesloten met een congres voor belanghebbende stakeholders.