BackgroundTo reduce homelessness, it is important to gain a better understanding of the differences between homeless people who remain in institutions and those who gain and can sustain independent housing. This longitudinal study explores differences in housing transitions and differences in changes in health and self-determination between formerly homeless people still living in institutions 2.5 years later and those now living in independent housing in the Netherlands.MethodsThis study mapped the housing transitions of 263 participants from when they entered the social relief system (SRS) to 2.5 years later when they were in independent housing or institutions. These individuals were compared at the 2.5-year mark in terms of gender, age and retrospectively in terms of duration of homelessness. They were also compared with regard to changes in psychological distress, perceived health, substance use and self-determination.ResultsTwo and a half years after entering the SRS, 81% of participants were independently housed and 19% still lived in institutions. People in institutions had a longer lifetime duration of homelessness, were more often men, and their number of days of alcohol use had decreased significantly more, whereas independently housed people had shown a significant increase in their sense of autonomy and relatedness.ConclusionFormerly homeless people living in independent housing and in institutions show few health-related differences 2.5 years after entering the SRS, but changes in autonomy and relatedness are distinctly more prevalent, after the same period of time, in those who are independently housed.
Since the financial and administrative liberalisation from the government in the late 1980s and the 1990s, the Dutch housing associations have been very dynamic, regarding the considerable extension of both commercial and social activities, the increased reliance and dependence on market circumstances, and the large number of amalgamations, creating bigger organisations. In recent years the Dutch social housing sector is under increased pressure as a consequence of the credit crunch, increased tax levies and the national implementation in the sector of EU regulations on ‘Services of General Economic Interest’. Factors like these are likely to have an effect on the organisational strategies of housing associations, the main providers of social housing in the Netherlands. The direction and the size of these effects, however, are not well known. A recent inquiry among housing associations sheds more light on this. In this paper, we make use of a classification including a socialcommercial dimension and a dimension between so-called ‘prospectors’ and ‘defenders’. This classification proves to be an adequate tool to describe the recent developments in the sector. It is concluded that, in general, housing associations are focussing more on traditional social housing tasks and ‘defending’ strategies, implying a shift back compared to the trend in recent decades.
Due to societal developments, like the introduction of the ‘civil society’, policy stimulating longer living at home and the separation of housing and care, the housing situation of older citizens is a relevant and pressing issue for housing-, governance- and care organizations. The current situation of living with care already benefits from technological advancement. The wide application of technology especially in care homes brings the emergence of a new source of information that becomes invaluable in order to understand how the smart urban environment affects the health of older people. The goal of this proposal is to develop an approach for designing smart neighborhoods, in order to assist and engage older adults living there. This approach will be applied to a neighborhood in Aalst-Waalre which will be developed into a living lab. The research will involve: (1) Insight into social-spatial factors underlying a smart neighborhood; (2) Identifying governance and organizational context; (3) Identifying needs and preferences of the (future) inhabitant; (4) Matching needs & preferences to potential socio-techno-spatial solutions. A mixed methods approach fusing quantitative and qualitative methods towards understanding the impacts of smart environment will be investigated. After 12 months, employing several concepts of urban computing, such as pattern recognition and predictive modelling , using the focus groups from the different organizations as well as primary end-users, and exploring how physiological data can be embedded in data-driven strategies for the enhancement of active ageing in this neighborhood will result in design solutions and strategies for a more care-friendly neighborhood.
A-das-PK; een APK-straat voor rijhulpsystemen Uit recent onderzoek en vragen vanuit de autobranche blijkt een duidelijke behoefte naar goed onderhoud, reparatie en borging van de werking van Advanced Driver Assistance Systems (ADAS), vergelijkbaar met de reguliere APK. Een APK voor ADAS bestaat nog niet, maar de branche wil hier wel op te anticiperen en haar clientèle veilig laten rijden met de rijhulpsystemen. In 2022 worden 30 ADAS’s verplicht en zal de werking van deze systemen ook gedurende de levensduur van de auto gegarandeerd moeten worden. Disfunctioneren van ADAS, zowel in false positives als false negatives kan leiden tot gevaarlijke situaties door onverwacht rijgedrag van het voertuig. Zo kan onverwacht remmen door detectie van een niet bestaand object of op basis van verkeersborden op parallelwegen een kettingbotsing veroorzaken. Om te kijken welke gevolgen een APK heeft voor de autobranche wil A-das-PK voor autobedrijven kijken naar de benodigde apparatuur, opleiding en hard- en software voor een goed werkende APK-straat voor ADAS’s, zodat de kansrijke elementen in een vervolgonderzoek uitgewerkt kunnen worden.
Het ‘Living Lab, Eerst een Thuis’ van gemeente Utrecht en regiogemeenten geeft dakloze mensen directe toegang tot stabiele huisvesting met ambulante begeleiding. De Hogeschool Utrecht voert actieonderzoek uit. We achterhalen kritische succes- en faalfactoren bij huisvesting, begeleiding en landen in de wijk en zorgen ervoor dat we tussentijds samen kunnen leren en experimenteren. Doel Door dit project krijgen we inzicht in wat werkt bij het huisvesten, begeleiden en helpen landen in de wijk van dakloze mensen. Daarmee willen we de kans op duurzaam herstel van de bewoners vergroten. Leergang Housing First Housing First is bekend als model en systeemaanpak voor het beëindigen van dakloosheid. Wil je weten waar dit precies over gaat? Ben je benieuwd naar wat er bij de implementatie en doorontwikkeling komt kijken? Wil jij met Housing First een effectieve bijdrage leveren aan het beëindigen van dakloosheid? Meld je dan aan voor onze nieuwe Leergang Housing First die in januari '23 van start gaat en wordt verzorgd door Housing First Nederland en Hogeschool Utrecht. Resultaten Inzicht in de kritische succes- en faalfactoren op de thema’s begeleiding, huisvesting en landen in de wijk; Het vergroten van de kans op duurzaam herstel van mensen die na een periode van dakloosheid weer zelfstandig gaan wonen. Looptijd 01 april 2021 - 31 augustus 2023 Aanpak We organiseren groepssessies met bewoners, begeleiders en ketenpartners bij de verschillende projecten die onder het Living Lab vallen. Daarbij kijken wat goed gaat en wat beter kan en vertalen we de opgehaalde informatie naar interventies of actiepunten.