In 2010 voerde Marco Snoek de eindredactie over een beleidshandboek van de Europese Commissie rond inductieprogramma's voor beginnende leraren. Dit inductie handboek is het resultaat van een peer learning proces waarin ervaringen vanuit verschillende landen rond inductieprogramma's gedeeld zijn. Het handboek geeft handvatten voor het ontwikkelen en implementeren van (beleid gericht op) systematische inductieprogramma's voor beginnende leraren. aan de orde komen doelen, ontwerpkenmerken, condities en voorbeelden van inductieprogramma's in een aantal landen.
MULTIFILE
As labour is becoming more and more knowledge controlled, it also getting closer to the individual person. We sometimes seem to forget this. To an increasing extent it is becoming a part of oneself and therefore of the personal identity. The increasing humanization of labour asks for an HRM-policy and an organizational context in which the individual is able to identify with the organization, colleagues, customers/clients and product. Heterononimous or abstract organizations, organizations in which the employees and civilians have been reduced to numbers and in which there is no real consideration for the individual differences, have to make way for organizational structures in which the individual feels (self) responsible again. The future lies with personal, tribally inspired organizations in which managers will be leaders and where employees and managers can show social commitment. Images like that of: the egocentric boss who by making swift career moves avoids responsibility for employee/co-worker and customer/client; of colleagues taking the day off without consultation or who are putting their phone through to someone else without saying so beforehand, meeting rooms which are not being cleaned up after use and the image of a Xerox machine not being refilled up with paper by anyone, are all too frequently dismissed as not being part of productivity.
In een artikel in ‘Public Service Review’ schetsen Justina Erculj en Marco Snoek de uitdagingen ten aanzien van lerarenkwaliteit en lerarenopleidingen in Europa. Daarbij vragen ze aandacht voor inductie van leraren (begeleiding van beginnende leraren), onderzoek als strategie voor professionele ontwikkeling, en voor kwaliteit van lerarenopleiders.
In een context van groeiend lerarentekort gecombineerd met vroegtijdige uitval van startende leraren, vormen de praktijkvragen van startende leraren, die als bevoegde beginnende leraren werken of als zij-instromer studeren, aanleiding voor voorgesteld project 'Goed beginnen met gedrag'. Deze vragen richten zich op ondersteuning hoe in de klas om te gaan met gedrag van leerlingen en op het vormgeven van klassenmanagement. Daarnaast heeft deze groep behoefte aan samen leren en aan feedback van experts en collega's. In het voorgestelde project werken het Windesheim-lectoraat ' Betekenisvolle en inclusieve leeromgevingen', het NHL Stenden-lectoraat 'Vitale vakdidactiek' en de pabo van de Windesheim Lerarenopleiding Basisonderwijs via Zij-instroom voor primair onderwijs samen met vijf schoolbesturen in Zwolle, Almere en Assen aan de volgende onderzoeksvraag: 'In hoeverre kan deelname aan Lesson Study (LS) een positieve bijdrage leveren aan het ondersteunen van startende leraren bij klassenmanagement- en gedragsvraagstukken?' LS is een aanpak waarin kleine lerarenteams collaboratief actiiviteiten ontwerpen, deze live uitvoeren, observeren, nabespreken, herontwerpen, waarna de cyclus zich herhaalt. Doelstelling van het project is om via LS gericht op klassenmanagement- en gedragsvraagstukken nieuwe kennis te verwerven over het hierin ondersteunen van startende leraren. Leraren en schoolbesturen kunnen deze kennis inzetten enerzijds in het dagelijks handelen in de klas en anderzijds in de inductie- en begeleidingstrajecten voor startende leraren georganiseerd door de scholen. Via de werkveld- en onderzoekspartners komt de kennis ten goede aan een breder werkveld en aan het onderwijs binnen en buiten de twee betrokken hogescholen. De beoogde resultaten van het project zijn: 1) een LS-aanpak voor startende leraren gericht op klassenmanagement- en gedragsvraagstukken, 2) kennis van successen en problemen bij implementatie van de LS-aanpak, 3) inzicht in de ervaren opbrengsten van de LS-aanpak, en 4) deelnemende starters voelen zich ondersteund en hebben kennisgemaakt met een aanpak die ze in hun verdere loopbaan kunnen blijven toepassen.
Met het project HyMa-Tech beoogt het lectoraat Automotive Research van de HAN samen met haar partners een matrijstechnologie te ontwikkelen waarmee de potenties van 3D metaal printen en inductie verwarming beschikbaar worden voor MKB bedrijven. Een dergelijke matrijs beantwoordt de vraag van bedrijven naar effectievere productie, de mogelijkheid om flexibeler te kunnen opereren en klanten beter te bedienen. Doel van dit project is het combineren van technieken om daarmee matrijzen te ontwikkelen welke sneller geproduceerd kunnen worden en om de productie efficiëntie vergroten bij het vervaardingen van (vezelversterkte) thermoplastische kunststofproducten. Deze efficiëntie toename volgt uit het directer verwarmen en/of koelen van producten in de matrijs. Om cyclisch efficiënt te verwarmen is gekozen voor inductietechnologie. Koelelementen met een groot contactoppervlak dicht onder het matrijsoppervlak maken een snelle afkoeling mogelijk. Complexe geometrieën kunnen met Additive Manufacturing worden gerealiseerd. Daarnaast biedt deze techniek ook de mogelijkheid complexere vormmatrijzen efficiënter te vervaardigen en aanlooptijden te verkorten. Het toepassen van 3D metaalprinttechnologie leidt tot een belangrijke innovatie voor de ontwikkeling van persmatrijzen en de daarmee te produceren kunststofproducten. Voor het succesvol integreren van deze techniekcombinatie in een matrijs wordt gelet op het vloeigedrag van het thermoplastische composietmateriaal. Het voorspellen van het vloeipad door middel van simulatie biedt voordelen bij matrijsontwerp, gebruik tijdens productie en het bepalen van de eigenschappen van het eindproduct en is een integraal onderdeel van HyMa-Tech. Het ontwikkelen van 3D hybride matrijzen met inductie-verwarmingstechnologie voor toepassing van thermoplastisch materiaal is interessant voor alle betrokken partners. Kennis en kunde die gezamenlijk wordt opgedaan levert concurrentievoordeel op voor de betrokken MKB bedrijven, die sneller en flexibeler productaanvragen kunnen verwerken. In het bijzonder voor de elektrische mobiliteit sector zijn de voordelen aanzienlijk, omdat lichtgewicht oplossingen erg in trek zijn om energieverbruik van voertuigen te verlagen en daarmee de actieradius te vergroten.
Autonomous Guided Vehicles (AGV) worden hedendaags breed toegepast in verschillende sectoren als agri, logistiek en zorg. De taken die AGV’s verrichten zijn veelal gericht op het indoor transporteren van goederen en vereisen daarom een precieze en robuuste locatiebepaling. Indoor lokalisatie is een ‘key-technology’ daar het in allerlei toepassingsgebieden een fundamentele rol speelt. Tot op heden is er geen algemeen toepasbare techniek voorhanden en is het noodzakelijk om de omgeving uit te rusten met een op maat gemaakt lokalisatiesysteem wat duur, tijdrovend en inflexibel is. Een veelbelovende techniek is Magnetic-Simulataneous-Localisation-And-Mapping (MagSLAM). Deze techniek is berust op een verstoord aardmagnetisch veld door de aanwezigheid van vele ‘indoor’ ferromagnetische structuren. Deze verstoringen zijn specifiek voor de plek binnen het gebouw en zodoende als informatiebron gezien kunnen worden. Deze wijze biedt een aantal fundamentele voordelen ten opzichte van camera, radio of tag gebaseerde lokalisatiesystemen. Het doel van dit KIEM-project is een onderzoek naar de vraag in hoeverre we het magnetisch veld als informatieprovider kunnen gebruiken om het lokalisatievraagstuk voor AGV’s te kunnen helpen. De belangrijkste onderzoekvraag daarbij is “Hoe kunnen we de MagSLAM-technologie opwerken en inpassen in een AGV-systeem?” Daarbij rekening houdend met uitdagingen als kalibratie, fusie van sensordata (bijvoorbeeld odometrie) en het robuust zijn voor grote inductiestromen (bijvoorbeeld motoren en laadcircuits). Saxion en haar partners zetten zich de komende jaren in op de sleuteltechnologieën voor robotica als perception, navigation, cognition en artificial-intelligence welke allen integraal onderdeel vormen in dit KIEM project. Het project zal uit 4 fases bestaan: allereerst een inventarisatie van huidige MagSLAM-algoritmiek en AGVpositioneringssystemen (IST), een systeem- en gebruikerseisen onderzoek (SOLL) en tenslotte een analyse om de technologie op te werken en te passen (GAP).