Up until 2005 Peter Mak was involved as pedagogy teacher in the instrumental teacher education of the Bachelor of Music of the Prince Claus Conservatoire. The programme’s pedagogy section consisted of modules developed by Peter including ‘Didactics’, ‘Learning processes’, ‘Study skills’, and ‘Exceptional learners.’ These modules, all thoroughly developed and described by Peter, formed a neatly rolled-out set of tuition for the students in the programme. The content and set-up of the modules were based on the latest developments and insights in education. All modules were underpinned by authentic sources from the field and were easy to read. During the past decade Peter’s influence and ideas for the instrumental teacher education remained of great importance. As a committed colleague he was always interested to look into issues and ideas related to the curriculum and stayed an important critical friend. But possibly most distinguished was his between-the-lines plea for all present and future teachers to approach each individual learner with respect and dignity.
DOCUMENT
Hoofdstuk 2 uit Position paper Learning Communities van Netwerk learning Communities Grote maatschappelijke uitdagingen op het gebied van vergrijzing, duurzaamheid, digitalisering, segregatie en onderwijskwaliteit vragen om nieuwe manieren van werken, leren en innoveren. In toenemende mate wordt daarom ingezet op het bundelen van kennis en expertise van zowel publieke als private organisaties, die elkaar nodig hebben om te innoveren en complexe vraagstukken aan te pakken. Het concept ‘learning communities’ wordt gezien als dé oplossing om leren, werken en innoveren anders met elkaar te verbinden: collaboratief, co-creërend en contextrijk. Vanuit het Netwerk Learning Communities is een groep onafhankelijk onderzoekers van een groot aantal Nederlandse kennisinstellingen aan de slag gegaan met een kennissynthese rondom het concept ‘Learning Community’. Het Position paper is een eerste aanzet tot kennisbundeling. Een ‘levend document’ dat in de komende tijd verder aangevuld en verrijkt kan worden door onderzoekers, praktijkprofessionals en beleidsmakers.
DOCUMENT
Hoe kan in ons land innoveren, werken en leren beter worden verknoopt ten dienste van de grote maatschappelijke opgaven waar we voor staan? NWO, Regieorgaan SIA en Topsectoren hebben het initiatief genomen om meer (praktijkgericht) onderzoek te doen naar zogenoemde Learning communities en de kennis hierover beter te delen. De belangstelling voor Learning communities is enorm gegroeid en nu vaak al een vanzelfsprekend onderdeel van (regionaal-) economisch beleid. De nieuwe samenwerkingsverbanden hebben naar verwachting grote gevolgen voor de toekomst van individuele bedrijven, onderwijs- en kennisinstellingen alsook hun collectieve maatschappelijke impact. De grote maatschappelijke uitdagingen als de energie- en zorgtransitie vragen meer kennis, (menselijk) kapitaal en innovaties. Dit staat centraal in het Missiegedreven Topsectoren- en Innovatiebeleid (MTIB). Vraag daarbij is hoe medewerkers zich (toekomstbehendig) kunnen blijven ontwikkelen en wat de bijdrage van Learning communities kan zijn. Het ‘dichter tegen elkaar gaan organiseren van innoveren, werken en leren’ gebeurt in varianten als: Fieldlabs, Skills labs, Praktijkwerkplaatsen, Living labs, Centres of Expertise (CoE) en Centra voor Innovatief Vakmanschap (CIV). Over de grenzen van de afzonderlijke organisaties, domeinen en professies ontstaan nieuwe leer werkgemeenschappen met alle vragen en effecten vandien. Hoe kunnen we die meerpartijen samenwerkingen beter bouwen, beoordelen, betalen en borgen? Het NWO-onderzoeksprogramma Learning communities omvat onderzoeksprojecten in diverse werkcontexten (logistiek, energie, ICT e.a.). Gemeenschappelijke vraag in het programma: wat zijn de werkzame elementen van zo’n Learning community? Naast kennisontwikkeling door het onderzoeksprogramma wordt ook netwerkvorming gestimuleerd tussen onderzoekers en beleidsen praktijkprofessionals. De overtuiging is dat het potentieel in de driehoek innoveren-werken-leren beter kan worden benut. Voor de versterking van de kennisbasis onder het concept Learning communities hebben wij een inventarisatie gedaan naar benaderingen en zienswijzen. Learning communities worden door ons gepresenteerd als samenwerkingsverbanden tussen organisaties en andere (niet of minder georganiseerde) partijen, die het collectief vermogen vergroten van leren, werken en innoveren. Dit vermogen heeft zowel betrekking op het vermogen van de (beroeps)bevolking om zich aan te passen aan veranderende ONDERZOEKSPROGRAMMA EN NETWERK LEARNING COMMUNITIES 4 beroepen en werkpraktijken als het innovatie- en verdienvermogen van organisaties en bedrijven. We verkennen perspectieven op de inrichting, opbrengsten en de relationele dynamiek in Learning communities. We benadrukken dat Learning communities bestaan uit verschillende actoren, partijen en groeperingen – ook wel praktijken genoemd – en dat juist op de grens tussen deze praktijken geleerd wordt. Een Learning community ontwikkelt zich gaandeweg op verschillende systeemniveaus van samenwerking. We gaan in op het belang van een constructief klimaat van samenwerking waarvoor vaak (proces) begeleiding nodig is. Op basis van de verschijningen, uitkomsten en dynamiek hebben we een aantal kernprincipes gedefinieerd. Wat betreft verduurzaming van de communities pleiten wij voor een andere manier van denken. In plaats van een focus op de bestendiging van een tijdelijke (organisatie)structuur, gaat het dan over het verduurzamen van het proces van samenwerkend leren, werken en innoveren dat in gang is gezet. Ook waardevolle activiteiten en interacties die hun doorwerking of spin-off hebben buiten de Learning community zorgen voor bestendiging en verduurzaming van het samenwerkend leren. De verkenning van de kennisbasis voor de Learning communities heeft ook nieuwe onderzoeksvragen opgeleverd voor academisch en praktijkgericht onderzoek. Naast de verkenning van de kennisbasis heeft een expertgroep Instrumenten gewerkt aan een inventarisatie waarmee de concepten uit de kennisbasis op een praktische wijze kunnen worden vertaald in instrumenten om Learning communities (door) te ontwikkelen. De tips en selectie van instrumenten en aanbevelingen zijn samengebracht rond de verschillende ontwikkelingsfasen van Learning communities te weten starten, ontwerpen, uitvoeren en verduurzamen. Er zijn heel veel instrumenten die ‘facilitators’ van Learning communities en anderen kunnen gebruiken bij het opzetten en begeleiden ervan. Actuele vraag is dus in hoeverre en op welke wijze een digitaal platform het aanbod van - en de vraag naar - dergelijke instrumenten beter bij elkaar kan brengen. Er is daarom een verkenning gedaan naar (het ontwerp van) een digitaal platform vanuit zowel de vraagkant maar ook de aanbodkant van instrumenten (de onderzoekers en ontwikkelaars van instrumenten). Hoe het concept Learning communities verder ‘carrière zal maken’ hangt in belangrijke mate af van de vraag of deze veranderingen in het ‘landschap van leren en innoveren’ beter kunnen worden geborgd dan tot dusver middels projecten (en tijdelijke projectfinanciering). De onderlinge afhankelijkheid tussen bedrijven, kennis- en onderwijsinstellingen wordt hoe dan ook steeds groter en daarmee de noodzaak om samenwerking op een nieuwe en meer duurzame manier te organiseren. De Learning communities-benadering komt ook terug in verschillende recente Groeifondsprojecten en regionaal-economische innovatiestrategieën, wat als een bewijs kan worden gezien van de hoge verwachtingen van de benadering. Met onze ervaringen en inzichten doen wij tenslotte enkele suggesties voor de agendering van het thema in het nieuwe Kennis- en Innovatieconvenant (2024-2027). Wij benadrukken daarbij dat de bestaande Learning communities tot nu vooral (tijdelijke) ‘hulpstructuren’ zijn gebleken die niet hebben geleid tot fundamentele aanpassing van de primaire processen van de ONDERZOEKSPROGRAMMA EN NETWERK LEARNING COMMUNITIES 5 betrokken onderwijsinstellingen, organisaties en bedrijven. Wij verwachten dat in de toekomst de vernetwerking in (regionale) innovatie-ecosystemen meer radicale consequenties gaan hebben voor die ‘staande organisaties’ en de wijze waarop werkend leren wordt georganiseerd, gefinancierd en beoordeeld. Om ons hierop beter voor te bereiden doen wij een aantal aanbevelingen ten behoeve van een nieuwe onderzoeksagenda, professionaliseringsagenda en transitieagenda die verder richting en invulling kunnen geven aan deze maatschappelijke beweging. Een beweging waaromheen de verwachtingen hooggespannen zijn en waaraan wij gezamenlijk middels deze publicatie met plezier een bijdrage hebben geleverd.
DOCUMENT
Het plan van aanpak gepresenteerd in deze handreiking is bedoeld als leidraad voor het ontwerpen, ontwikkelen, implementeren en evalueren van verschillende Learning Communities binnen het RAAK-5 project Het Nieuwe Telen: gas erop! Het is bedoeld om zowel inzichten als instrumenten te bieden aan coördinatoren en facilitatoren voor de implementatie van de lokale Learning Communities gedurende het project. Deze handreiking is een noodzakelijke aanvulling op het project vanwege de prominente rol van Learning Communities binnen het project, maar ook omdat er geen wetenschappelijk gebaseerde ontwerpprincipes voor LC’s te vinden zijn. Er zijn veel projecten die Learning Communities uitvoeren, maar een grondige zoektocht naar literatuur en internetbronnen resulteerde niet in ontwerpprincipes.
DOCUMENT
Learning environment designs at the boundary of school and work can be characterised as integrative because they integrate features from the contexts of school and work. Many different manifestations of such integrative learning environments are found in current vocational education, both in senior secondary education and higher professional education. However, limited research has focused on how to design these learning environments and not much is known about their designable elements (i.e. the epistemic, spatial, instrumental, temporal and social elements that constitute the learning environments). The purpose of this study was to examine manifestations of two categories of integrative learning environment designs: designs based on incorporation; and designs based on hybridisation. Cross-case analysis of six cases in senior secondary vocational education and higher professional education in the Netherlands led to insights into the designable elements of both categories of designs. We report findings about the epistemic, spatial, instrumental, temporal and social elements of the studied cases. Specific characteristics of designs based on incorporation and designs based on hybridisation were identified and links between the designable elements became apparent, thus contributing to a deeper understanding of the design of learning environments that aim to connect the contexts of school and work.
LINK
n research (2010-2012) conducted by the research group Lifelong Learning in Music into instrumental lessons for elderly learners, a ‘Community of Practice’ (CoP; Wenger & Lave) was set up in which instrumental music teachers exchanged expertise and reflected together on their actions in lessons with elderly pupils. Meetings of the CoP centred on the exchange and development of knowledge. In 2012-2013 a follow-up study was conducted which looked into the transfer and development of knowledge within this CoP. Central in this follow-up study were the questions: “What learning takes place in the CoP?” and “Can collaborative learning contribute to the professional development of teachers?”
DOCUMENT
n research (2010-2012) conducted by the research group Lifelong Learning in Music into instrumental lessons for elderly learners, a ‘Community of Practice’ (CoP; Wenger & Lave) was set up in which instrumental music teachers exchanged expertise and reflected together on their actions in lessons with elderly pupils. Meetings of the CoP centred on the exchange and development of knowledge. In 2012-2013 a follow-up study was conducted which looked into the transfer and development of knowledge within this CoP. Central in this follow-up study were the questions: “What learning takes place in the CoP?” and “Can collaborative learning contribute to the professional development of teachers?”
DOCUMENT
As a consequence of restructuring instrumental music education in the Netherlands, Art Centres increasingly cease to facilitate instrumental music lessons. As a consequence, instrumental teachers are no longer employed in these Centres and have started working as independent entrepreneurs now. The question is how (future) teachers can share their knowledge, renew their profession and shape their professional development without being organised within institutions.In research conducted by the research group Lifelong Learning in Music into instrumental lessons for elderly learners we worked with a ‘Community of Practice’ (CoP; Lave & Wenger 1991). A group of recently graduated teachers provided instrumental lessons for elderly people. This group of teachers formed a CoP together with teachers with experience in teaching elderly students and the researchers in this study. Members worked within the CoP in varying formations in peer learning sessions and seminars. Meetings of the CoP centred on the exchange and development of knowledge. In this study I look into the transfer and development of knowledge within this CoP. The data used in writing this paper are the reflective dairies and logbooks written by the participants following the lessons with elderly students and the meetings of the CoP. The central question of this study is:“What learning took place in the Community of Practice?ResultsThe CoP is a rich learning environment. Learning takes place in a multitude of ways. Learning is stimulated by the multiformity of the group make-up and by using a variety of work forms. Equality is achieved when all the participants have the same opportunity to contribute to the CoP.Learning in the CoP is influenced by the way in which participants observe, formulate their observations and put these into words. When setting up a CoP as a learning environment attention should be paid to the ways in which reflection as a result of the observations and exchange can be stimulated further.The collaborative learning which takes place in the CoP is useful for the transfer and development of knowledge. Working with a CoP at the intersection of the professional practice and the professional training is of great value to all those involved.
DOCUMENT
From the article: "The educational domain is momentarily witnessing the emergence of learning analytics – a form of data analytics within educational institutes. Implementation of learning analytics tools, however, is not a trivial process. This research-in-progress focuses on the experimental implementation of a learning analytics tool in the virtual learning environment and educational processes of a case organization – a major Dutch university of applied sciences. The experiment is performed in two phases: the first phase led to insights in the dynamics associated with implementing such tool in a practical setting. The second – yet to be conducted – phase will provide insights in the use of pedagogical interventions based on learning analytics. In the first phase, several technical issues emerged, as well as the need to include more data (sources) in order to get a more complete picture of actual learning behavior. Moreover, self-selection bias is identified as a potential threat to future learning analytics endeavors when data collection and analysis requires learners to opt in."
DOCUMENT
Fysieke onderwijsruimtes worden niet alleen anders ingericht in het kader van de gewenste flexibiliteit in de onderwijsvormgeving, ook de beschikbare technologie wordt in die ruimtes belangrijker. Daarmee ontstaan nieuwe learning spaces in instituten voor hoger onderwijs die ook nieuwe mogelijkheden bieden voor het vormgeven van een grote variatie aan onderwijsleerpraktijken. Het verkennend onderzoek had als doel het in kaart brengen van de ontwikkelingen in Nederlandse hoger onderwijs met betrekking tot technologierijke learning spaces, en inzicht krijgen in het gebruik van deze technologierijke learning spaces in een aantal instituten die er gebruik van maken. Een van de inzichten uit het onderzoek is de indeling in vier verschillende typen op basis van het gebruik van de ruimte. In dit document zijn de uitkomsten van het onderzoek beknopt en visueel weergegeven.
DOCUMENT